Donderdag 25/02/2021

Op jacht naar de graal

Het is een van de grootste successen ooit, en na het boek komt dit jaar de film 'The Da Vinci Code' van Dan Brown. Het Franse gehucht

Rennes-le-Château ondervindt de gevolgen van het wereldwijde succes van de occulte thriller: het graaltoerisme bloeit er volop.

Door René Zwaap

Het graf van plattelandspriester François Bérenger Saunière in Rennes-le-Château, een afgelegen dorpje in de Franse Languedoc, veertig kilometer ten zuiden van Carcasonne, is afgedekt met een betonnen plaat. Een maatregel tegen potentiële grafschenners, meteen ingesteld nadat er een tunnel in aanbouw naar de begraafplaats werd ontdekt. De laatste rustplaats van de in 1917 overleden Franse abbé Saunière is al jaren in trek bij de graaljagers, een bont gezelschap van schatgravers, avonturiers, complottheoretici, godsdienstwaanzinnigen en dwepers van allerlei slag. De priester zou het geheim van de graal, waarmee hij het Vaticaan zou hebben gechanteerd, in zijn graf hebben meegenomen.

Het graf van de eerwaarde werd onlangs verplaatst. In de internationale pers verschenen verhalen als zou dit te maken hebben met recente plannen om het lijk te ontvoeren. Een en ander zou samenhangen met het enorme succes van Dan Browns occulte thriller The Da Vinci Code, waardoor het mysterie van Rennes-le-Château meer dan ooit in belangstelling staat. Maar Joke Rameijer-Westerveld, een Nederlandse vrouw die sinds zes jaar in Rennes-le-Château woont en ook zetelt in de plaatselijke gemeenteraad, ontkent dit in alle toonaarden. "De verplaatsing van het graf van Saunière volgde op een verzoek van zijn familie, niet omdat er nu opeens een tunnel was ontdekt. Die tunnels bestaan al jaren. De afgelopen decennia hebben veel bewoners van het dorp, maar ook mensen van buiten, gegraven naar een schat. Ik heb weleens een kijkje mogen nemen bij al die onderaardse werkzaamheden. Het is doodeng, zoveel gangen je daar aantreft."

Graaljagers op zoek naar kostbare objecten maken overigens weinig kans iets naar hun gading te vinden: elke vierkante centimeter van Saunières landgoed werd afgegraven door de laatste Franse eigenaar, een zekere Henri Buthion, die voor dat doel zelfs dynamiet gebruikte. In 1994 verkocht Buthion het terrein aan vier Nederlandse zakenmannen, die het domein van Saunière inmiddels weer aan de gemeente Rennes-le-Château hebben afgestaan. De legende van abbé Saunière wil dat deze in het jaar 1891 op een schat stuitte, verborgen in de spelonken van een Visigotische tempel die onder de dorpskerk lag. De schat zou afkomstig zijn van de tempeliers of van de katharen, en zou niet alleen bestaan uit goud en oude munten, maar ook uit tal van religieuze topstukken. Er werd gesproken over de ark des verbonds, het heilige reliek uit de tempel van Salomo in Jeruzalem, maar ook over perkamenten rollen met gecodeerde boodschappen die alle geheimen van het christendom zouden bevatten. Saunière zou zo hebben ontdekt dat Jezus in werkelijkheid helemaal niet aan het kruis stierf, maar samen met Maria Magdalena in Zuid-Frankrijk een veilig onderkomen vond en nageslacht achterliet. Zo zou de Messias aan de wieg hebben gestaan van het eerste keizerlijke geslacht van West-Europa, de Merovingers, een vorstengeslacht dat later door de Franken (van onder anderen Karel de Grote) met zegen van de paus van de troon werd gestoten. Het mysterie van de graal zou hierop terugvoeren: de heilige graal, bezongen door de troubadours van de middeleeuwen, is volgens deze theorie een verbastering van sang réal, heilig bloed, het ware, door het Vaticaan verdonkeremaande verhaal over het leven van Jezus en de ware keizers van Europa.

Het probleem is dat de rollen waaruit dit blijkt nooit door Saunière bekend zijn gemaakt. Zelfs over het bestaan ervan heeft hij nooit gerept. De vraag is of ze ooit hebben bestaan. Zeker is echter dat Saunière van het ene op het andere moment schatrijk werd. Kwatongen beweren dat hij dat geld had verdiend met het organiseren van illegale missen ten bate van kapitaalkrachtige zondaars die zichzelf wilden redden van het vagevuur. Op grond van die beschuldigingen werd Saunière vlak voor zijn dood in 1917 nog even uit de kerk gezet. In werkelijkheid zou zo'n bijverdienste nooit genoeg opleveren voor de buitenissige levensstijl die Saunière zich permitteerde. De priester gaf een bedrag uit van omgerekend 2,5 miljoen euro aan de bouw van zijn villa (Villa Bethania), van een middeleeuws aandoende toren (de Magdalatoren, die dienst deed als zijn particuliere bibliotheek) en aan het interieur van een aan Maria Magdalena gewijde kapel. Saunière sprak nooit over de herkomst van zijn kapitaal, laat staan over de rest van de schat.

Saunières landgoed werd een trekpleister voor graaljagers uit alle windstreken en het onbetekenende gehucht groeide uit tot een alternatief bedevaartsoord. Hoogtepunt van een bezoek aan Rennes-le-Château is de bizarre aan Maria Magdalena gewijde kapel. Boven de ingang van de kerk staat de Latijnse inscriptie: "Terribilis est locus iste", ("verschrikkelijk is deze plek") en bij binnenkomst wordt de bezoeker verrast door het beeld van een rode duivel. De veertien panelen in de kerk waarop de lijdensweg van Jezus staat geschilderd, bevatten volgens kenners eveneens tal van gecodeerde boodschappen.

Jaarlijks brengen zo'n 25.000 graaljagers een bezoek aan het driehonderd inwoners tellende dorpje, geïsoleerd gelegen op een berg even buiten het stadje Couiza. Als het aan gemeenteraadslid Joke Rameijer-Westerveld ligt, die het even buiten het dorp gelegen hotel Les Labadous beheert, worden dat er snel meer dan 70.000. Deze kleindochter van de vroegere minister van Marine, Evert Pieter Westerveld, is gefascineerd door het mysterie van de graal en dat van abbé Saunière. Zelf is ze ervan overtuigd dat Maria Magdalena hier in de buurt van het dorp heeft gewoond en gewerkt, wellicht in gezelschap van Jezus. "Er zijn hier zoveel plekken vernoemd naar Maria Magdalena, terwijl dat niet bepaald gebruikelijk is in de katholieke wereld, die deze Maria uiteindelijk beschouwt als een prostituee", aldus het raadslid. "Hoe dan ook, Rennes-le-Château heeft iets magisch, dat staat vast. Er gebeurt hier iets met je. De mensen reageren er heel goed of juist heel slecht op. Misschien dat het komt door de aardstralen die hier werkzaam zijn doordat Rennes-le-Château gelegen is op een lei, een breuk in de aardkorst. Je ziet hier 's nachts ook heel vaak ufo's, onverklaarbare objecten aan de sterrenhemel."

Diehardgraaljagers beperken zich niet tot Rennes-le-Château, maar kammen de hele bergachtige omgeving van het plaatsje af. Zo menen de Britten Richard Andrews en Paul Schellenberger aan de voet van een berg bij Rennes-le-Chateau met zekerheid het graf te hebben gelokaliseerd van Jezus, een vondst die zij in 2000 openbaar maakten in hun boek The Tomb of God. Andere graaljagers zoeken aan de hand van schilderijen van Franse meesters, zoals De herders van Arcadië van Nicolas Poussin, waarin verborgen boodschappen zouden zijn verwerkt over de mystieke geografie van dit deel van Frankrijk.

Het graaltoerisme kreeg een enorme stimulans door het megasucces van The Da Vinci Code van de Amerikaanse schrijver Dan Brown. Als thriller is het werk niet hoogstaand. De personages zijn van bordkarton, de dialogen zijn houterig, de lezer ziet de intriges al uren van tevoren aankomen. Toch vliegt het boek wereldwijd met miljoenen tegelijk over de toonbank en is het uitgegroeid tot een soort alternatieve bijbel voor het newagetijdperk. Conservatieve geledingen van de rooms-katholieke kerk en de tv-dominees van de Amerikaanse Bible Belt brandmerken het dan ook als werk van de duivel. Dat mocht niet verhinderen dat The Da Vinci Code met ruim 25 miljoen verkochte exemplaren een van de succesvolste romans aller tijden werd. Nu komt de Hollywood verfilming eraan..

Boeken over The Da Vinci Code - zoals Uncracking the Da Vinci Code van Simon Cox - verkopen al even fenomenaal. Een recente documentaire op de Amerikaanse tv met een interview met Dan Brown brak alle kijkcijferrecords op het vlak van documentaires. Dat heeft alles te maken met de explosieve theologische inhoud van het boek. Veel lezers van The Da Vinci Code nemen de inhoud letterlijk. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de drommen toeristen in het Louvre die op zoek zijn naar de plek waar conservator Saunière werd vermoord. Men vergeet dat men te maken heeft met fictie.

Het Louvre is niet de enige Parijse graallocatie in The Da Vinci Code. Bij de ingang van de kathedraal van Saint-Sulpice hangt tegenwoordig een bordje met de mededeling: "In tegenstelling tot de curieuze mededelingen in een recente bestseller is dit geen dekmantel van een heidense tempel." Anderen profiteren van de graalgekte: voor 80.000 euro kan een twaalfkoppig gezelschap op een zevendaagse graalexcursie met overnachting in Château de Villette, een andere graalplek in het boek van Dan Brown. Ook in Londen wordt een graalreis aan de hand van door Brown genoemde graalplekken aangeboden. Kosten: tussen de vierhonderd en vijfhonderd euro per persoon voor een trip van vier tot zeven uur. Sinds kort heeft Engeland er overigens weer een graalgebonden trekpleister bij gekregen, en wel op het landgoed Shugborough in Staffordshire. Op een ornament in het landhuis van een graaf werd een verborgen graalcode ontdekt door de Britse codekraker Oliver Lawn, in het verleden verbonden aan de inlichtingendienst MI5 en onder meer bekend van het kraken van de Duitse Enigmacode tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het beeldhouwwerk in kwestie, gemaakt op basis van het reeds genoemde schilderij van Nicolas Poussin, De herders van Arcadië, bevat de inscriptie van de letters D OUOSVAVV M. Al sinds de achttiende eeuw, toen de inscriptie werd aangebracht, breekt men zich het hoofd over deze code. Ook Charles Darwin, grondlegger van de evolutieleer, deed al eens een poging hem te ontcijferen. Beroepscodebreker Lawn meldde in december 2004 met zekerheid dat de code staat voor de mededeling "Jesus as deity defy", oftewel: "Verwerp Jezus als godheid", een duidelijke aanwijzing, aldus Lawn, voor het geheim van de graal zoals dat in Rennes-le-Château is onthuld. Lawn zei de boodschap te beschouwen als een levensteken van de Prieuré de Sion, de Orde of Priorij van Zion, een geheim genootschap dat in de loop der eeuwen over de graal zou hebben gewaakt. Met de Prieuré de Sion komt men tot op de bodem van het graalmysterie. De Orde speelt ook een belangrijke rol in The Da Vinci Code. Vooraf in zijn boek, bij de feiten, schrijft Dan Brown dat het hier "een werkelijk bestaande organisatie" betreft, opgericht in 1099. "In 1975 ontdekte de Parijse Bibliothèque Nationale perkamenten, Les dossiers secrets, waarin talrijke leden van de Priorij worden genoemd, onder wie Isaac Newton, Botticelli, Victor Hugo en Leonardo da Vinci", verzekert Brown in zijn voorwoord.

De perkamenten die Brown noemt, zouden tot de schat van abbé Saunière in Rennes-le-Château hebben behoord. Het bestaan van die documenten werd voor het eerst genoemd in het in 1967 verschenen boek L'or de Rennes ou la vie insolite de Bérenger Saunière, curé de Rennes-le-Château van het Franse journalistenechtpaar Gérard en Sophie de Sède. Later beweerde een zekere Pierre Plantard dat hij als coauteur van het boek had opgetreden. Deze Plantard (1911-2000) zei grootmeester te zijn van de Prieuré de Sion. Hij stelde dat de organisatie werd opgericht in Jeruzalem tijdens de eerste kruistochten. Ze opereerde vanuit een abdij op de berg Zion bij Jeruzalem, vandaar de naam. In L'or de Rennes werd voor het eerst een deel van die documenten gepubliceerd, later doken ze door toedoen van Plantard op in het Archive Nationale in Parijs. In deze Dossiers secrets stonden de grootmeesters van de Orde van Zion door de eeuwen heen vermeld, met klinkende namen als Boticelli, Leonardo da Vinci, Isaac Newton, Debussy en Jean Cocteau. De lijst begon met Johann van Gisors (1188-1220) en eindigde met Pierre Plantard zelf. Over de authenticiteit van deze documenten wordt getwist. Een vriend van Plantard verklaarde ooit dat het om vervalsingen ging. Plantard werd door veel onderzoekers gebrandmerkt als een charlatan, wat niet kon verhinderen dat zijn verhalen sporen hebben nagelaten en velen nog steeds zijn overtuigd van het bestaan van de Orde van Zion.

Ook in het in 1982 verschenen boek The Holy Blood and the Holy Grail van het Britse trio Henry Lincoln, Michael Baigent en Richard Leigh vervulde Plantard een prominente rol als informant. Met dit boek werd het graalmysterie van Rennes-le-Château voor het eerst voor een internationaal publiek uit de doeken gedaan. Net als later The Da Vinci Code ging het met miljoenen over de toonbank. Inmiddels hebben de schrijvers van The Holy Blood and the Holy Grail Dan Brown aangeklaagd vanwege plagiaat. Brown kan ter verdediging aanvoeren dat hij alleen maar heeft gedronken uit dezelfde kelk als Lincoln, Baigent en Leigh. Bovendien is zijn boek een roman, terwijl het boek van de Britten wordt gepresenteerd als geschiedschrijving. Joke Rameijer-Westerveld: "Ik heb Henry Lincoln, een van de auteurs van The Holy Blood and the Holy Grail, diverse keren ontmoet hier in Rennes-le-Château. Hij maakte op mij de indruk van een oude, verbitterde man en het lijkt me dat hij weinig kans maakt met zijn proces tegen Dan Brown. Het is de verdienste van Brown dat hij alle mysteries die samenhangen met deze plek heeft weten te combineren in een spannende roman. Daarmee heeft hij het hart van een groot publiek veroverd en wellicht de aanzet gegeven tot een nieuwe vorm van denken over religie, waar de wereld volgens mij nu zeer hard aan toe is. Hier in mijn hotel zie ik veel mensen met The Da Vinci Code onder de arm. Voor het toerisme in deze regio kan het zeker geen kwaad." n

Mysterie van

Rennes-le-Château

De legende van priester Saunière (6) uit Rennes-le-Château (3) wil dat deze in 1891 op een schat stuitte. De schat bevatte goud, oude munten en het geheim van de graal en was verborgen in de spelonken van een Visigotische tempel die onder de dorpskerk (1) lag. De vondst zou Saunière in staat hebben gesteld voor omgerekend 2,5 miljoen euro zijn villa (Villa Bethania) en de Magdalatoren (2) te bouwen en het interieur van de dorpskerk te vernieuwen, waarbij een afschrikwekkende rode duivel (5) werd aangebracht. Het schilderij De herders van Arcadië van Nicolas Poussin (4) zou verborgen boodschappen over de graal bevatten.

Leonardo da Vinci

en het Louvre

Parijs trekt veel Brownadepten, op zoek naar locaties uit The Da Vinci Code. In het Louvre (4) vergapen drommen toeristen zich aan de Mona Lisa (2) van Leonardo da Vinci (3), die evenals Het laatste avondmaal (1) aanwijzingen zou bevatten over het geheim van de graal en daarmee over het ware leven van Jezus. In het boek van Dan Brown vindt de hoofdpersoon op de Mona Lisa belangrijke informatie voor zijn zoektocht naar de graal. The Da Vinci Code wordt vaak letterlijk genomen. Zo willen veel mensen de plek in het museum zien waar Jacques Saunière werd vermoord; ze vergeten dat deze Louvreconservator een fictieve romanpersonage is.

Er hangt een bordje: 'In tegenstelling tot de curieuze mededelingen in een bestseller is dit geen dekmantel van een heidense tempel'

Graallocaties in Parijs

Sinds het megasucces van The Da Vinci Code is er een ware run ontstaan op locaties die in het boek beschreven worden. Bij de ingang van de kathedraal van Saint-Sulpice hangt tegenwoordig een bordje met de mededeling: "In tegenstelling tot de curieuze mededelingen in een recente bestseller is dit geen dekmantel van

een heidense tempel."

'The Da Vinci Code'

in 114 woorden

De Amerikaanse kunstprofessor Robert Langdon is gespecialiseerd in verborgen symboliek in de Europese schilderkunst. In Parijs wordt Langdon geconfronteerd met het lijk van de conservator van het Louvre, heel dubbelzinnig Saunière genaamd. Die is vermoord in het museum gevonden, te midden van in bloed geschreven, raadselachtige formules. Blijkbaar wilde hij in zijn doodsstrijd nog een boodschap achterlaten. Maar welke? Wat volgt, is een intrigerende afdaling in de mysteries van het christendom. Via doodseskaders, pauselijke complotten, Leonardo da Vinci en een leuk meisje stuit Langdon op het geheim van de graal: het ware relaas van het leven van Jezus. Tweeduizend jaar christendom, en het was één grote leugen, is de boodschap van The Da Vinci Code.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234