Zondag 31/05/2020

Op de rand van de afgrond

De Eerste & de Tweede Wereldoorlog in beeld

Een gedetailleerd portret van de sinistere kliek rond Adolf Hitler, een onthutsende kijk op de ware toedracht van de Eerste Wereldoorlog, een onderzoek naar de houding van de katholieke kerk jegens het nazi-regime, en een menselijke reconstructie van het Ardennen-offensief, voor u geselecteerd door Joseph Pearce.

Read legt op een magistrale manier de sluwe politieke trucs van de nazi-partij bloot

Wist u dat Hermann Göring een groene jongen avant la lettre was? Hij wilde bossen rond Duitse steden aanplanten en jagers moesten kunnen bewijzen dat ze met een geweer konden omgaan, hij reguleerde de jacht en verbood het gebruik van gif, vuur, stroppen en vallen. Dit is slechts een van de talloze onbekende of ongewone feiten die Anthony Read in zijn opmerkelijk gedetailleerd portret van de topnazi's in de schaduw van Hitler opdiept. Voor de rest was Göring even brutaal, wraakzuchtig, hebzuchtig, ambitieus en moordzuchtig als zijn collega's Himmler, Goebbels, Bormann, Speer en Von Ribbentrop. Toen Göring te laat voor een diner met Sir Eric Phipps verscheen, verontschuldigde hij zich en legde hij uit dat hij net van een jachtpartij terugkwam. "Op dieren, mag ik hopen", antwoordde Phipps zonder een spier te vertrekken. Niet iedereen doorzag de ware aard van het nazi-regime. Het Duitse volk bijvoorbeeld liep als een blinde in de val. Read legt op een magistrale manier de sluwe politieke trucs van de partij bloot. Hoe ze met leugens en verdraaiingen de tegenstanders in het nauw dreven. Hoe ze hun extreme standpunten camoufleerden tot ze aan de macht kwamen. Hoe ze daarna met propaganda de natie hersenspoelden en ze gruweldaden rechtvaardigden. Hoewel de Duitse democratie tussen 1919 en 1933 zwakker was dan een kind met longontsteking, blijkt nog maar eens hoe flinterdun de grens tussen een rechtsstaat en een dictatuur is. Bovendien waren de nazi's gehaaide politici die precies wisten wat nodig was om een democratie ten val te brengen. Eigenlijk was dat verrassend weinig. Vervang gewoon het hoofd van de politie door een van je eigen mannetjes. Macht is recht. De rest komt vanzelf. "Eerst schieten, dan vragen", zei Göring. Het boek van Read is een catalogus van misdaden. Van in den beginne waren alle topnazi's bereid om extreem geweld te gebruiken. De conservatieve politici en de zakenwereld lieten betijen. Het was niet Hitler maar vice-kanselier Von Papen die begin 1933 onderstreepte dat een terugkeer naar een parlementair systeem met vrije verkiezingen voor altijd verhinderd zou moeten worden. Hoewel Read in de eerste plaats de sinistere kliek rond de Führer ontmaskert, registreert hij ook helder iedere trilling en oneffenheid van het Duizendjarige Rijk. Discipelen van de duivel is bijna duizend bladzijden dik. Dat moet ook. Alleen op die manier krijg je een werkelijk inzicht in de machinaties van een misdadig systeem dat pretendeerde de wereld van alle onrecht te zullen zuiveren.

Anthony Read

Discipelen van de duivel

The Devil's Disciples, Vertaald door Fred Hendriks, Balans, Amsterdam/ Van Halewyck, Leuven, 996 p., 34,95 euro.

Fromkin veegt alle mythes en misverstanden van tafel: een hoogst fascinerende geschiedenisles

Dacht u dat de moord op de Oostenrijkse troonopvolger Franz Ferdinand op 28 juni 1914 in Sarajevo de Eerste Wereldoorlog ontketende? Of dat Duitsland België en Frankrijk binnenviel met het Schlieffen-plan op zak? Misschien was u er zeker van dat de oorlog een gevolg was van het imperialisme van de Europese grootmachten? Of dat de oorlog onvermijdelijk was omdat alle Europese naties door ententes met elkaar fataal verbonden waren zodat het hele kaartenhuis in elkaar stortte toen de eerste kaart uit de stapel werd getrokken? En wellicht bent u er ook van overtuigd dat de oorlog bij heldere hemel uitbrak en dat niemand hem echt had gewild? Of integendeel, dat de Duitse keizer Wilhelm II een botte oorlogsstoker was die alle vredespogingen saboteerde? David Fromkin veegt in De laatste zomer alle bovenstaande mythes en misverstanden van tafel. Wie was de ware schuldige aan de wereldramp? Waarom begon men in 1914 te vechten en niet in 1911, 1912 of 1913, toen even grote crisissen Europa door elkaar schudden? Fromkin heeft de waarheid ontdekt. De sleutel tot de oplossing van het raadsel is dat Europa in de zomer van 1914 niet voor één maar voor twee oorlogen stond. Tot nu toe waren historici van mening dat de agressieve politiek van Oostenrijk-Hongarije ten aanzien van Servië de lont in het kruitvat stak. Servië, versterkt uit de Tweede Balkanoorlog in 1913 gekomen, moest vernietigd worden omdat het de positie van de dubbelmonarchie in de Balkan aantastte. Daarom was de moord op Franz Ferdinand geen aanleiding maar een excuus om tot actie over te gaan, want al weken voor de aanslag had Wenen zich in het geheim voor een oorlog tegen Servië uitgesproken. Maar achter dit dreigende conflict was een tweede - en veel belangrijkere - oorlog verstopt: Duitsland wilde Rusland en Frankrijk aanvallen en had Oostenrijk-Hongarije nodig als bondgenoot in het oosten om de Russen tegen te houden terwijl de Duitse troepen intussen de klus in het westen zouden klaren. Waarom wilde Duitsland aanvallen? Omdat het bang was voor een aanval van Rusland. Had Rusland zulke plannen? In geen geval. De dreiging bestond alleen in de verhitte verbeelding van de Duitse militaire top en een handvol oorlogszuchtige politici die meenden dat Duitsland de eerste klap moest uitdelen voor de anderen dat zouden doen. Terwijl de rest van Europa in juli dacht dat de crisis bezworen was, speelde Berlijn een misleidend spelletje. Zij wisten dat er oorlog zou komen omdat ze oorlog wilden. Fromkins relaas is boeiend van de eerste tot de laatste bladzij. Hij ontmaskert de hypocrisie van diplomaten en ministers en ontmantelt de pogingen tot herschrijven van de geschiedenis. Europa was al jarenlang met een wapenwedloop bezig. De vraag was niet of er een oorlog zou uitbreken, maar wanneer. Een hoogst fascinerende geschiedenisles.

David Fromkin

De laatste zomer

Europe's Last Summer, Vertaald door Ed' Korlaar, De Bezige Bij, Amsterdam, 397 p., 21,50 euro.

Godman wil nuanceren en corrigeren, jammer dat hij alleen de jaren voor de oorlog onder de loep neemt

Paus Pius XII is persoonlijk verantwoordelijk voor de shoah. De katholieke kerk is collectief schuldig aan de jodenmoord. Peter Godman wordt witheet van woede wanneer hij zulke valse beschuldigingen hoort. Wie verspreidde dit gif in de wereld? Daniel Goldhagen natuurlijk, de kampioen van "de gebakken lucht van het speculeren en de warme gloed van publiciteit". Godman wil daarentegen nuanceren en corrigeren. Jammer dat de auteur alleen de jaren voor de oorlog onder de loep neemt. Toen zat Pius XI op de pauselijke troon en was de latere Pius XII - Eugenio Pacelli - eerst pauselijke nuntius in Duitsland en dan kardinaal-staatssecretaris van het Vaticaan. Vreemd genoeg staat Godman niet mijlenver van Goldhagen. De pausen gingen de confrontatie met Hitler uit de weg, concludeert Godman. Maar waar Goldhagen een samenzwering ziet, ziet Godman een log apparaat van de curie dat slecht toegerust was om "de verschillende en soms tegenstrijdige strategieën die door de leden van haar verschillende departementen ontwikkeld werden te reguleren". Godman ontdekt ook dat Pacelli niet de minste sympathie had voor het nazi-regime. Toegegeven, Pacelli leed aan overdreven voorzichtigheid en opportunisme, maar dat kwam omdat hij zijn baas trouw volgde. Pius XI zweeg om de situatie niet te verergeren en het Concordaat dat in 1933 gesloten was niet in gevaar te brengen. Bovendien wist hij dat de Duitse bisschoppen verdeeld waren en dat de meeste Duitse katholieken aanhangers van Hitler waren. De terughoudendheid had fatale gevolgen. Toen een commissie een rapport opstelde waarin het racisme en de mensenrechtenschendingen van de nazi's op de korrel werden genomen, besloot Pius XI die kritiek in zijn encycliek van 1937 niet op te nemen. "Er zijn aanwijzingen (die lijken er althans te zijn) dat Pius XI in de laatste jaren van zijn leven een hardere positie ging innemen ten opzichte van het nationaal-socialisme." Is dit nog nuancering? Nee, zuivere speculatie. En verder? "De wijze waarop het staatssecretariaat de nationaal-socialisten tegenover trad, werd beïnvloed door overwegingen van Realpolitik, wat ook wel moest." Hoezo, wat ook wel moest? Waarom speelde Realpolitik dan geen rol in de forse veroordeling van het communisme? Blijkbaar leidden twee wegen naar hetzelfde doel: er was een pad van de discretie en een pad van de frontale aanval. Godman verwijst naar de discrepantie, meer niet. Ten slotte toont de auteur ook aan dat de pauselijke bezorgdheid voor de joden aanvankelijk ver te zoeken was. Hij concludeert daar niets uit. Goldhagen deed dat wel. Pacelli en Pius XI waren "twee struisvogels met hun kop in het zand", aldus Godman. Misschien worden Godman en Goldhagen toch nog vrienden.

Peter Godman

Het Vaticaan en Hitler

The Vatican and Hitler, Vertaald door Oscar ten Houten e.a., Het Spectrum, Utrecht, 344 p., 15,95 euro.

Schrijvers' vertelkracht is uitmuntend, de spanning is te snijden, iedere persoonlijke tragedie is een herinnering waard

Het Duitse offensief in de Ardennen eind 1944 was de laatste gok van Hitler in het westen. De slag begon op 16 december. Een donderslag bij heldere hemel. De compleet verraste Amerikanen trokken zich terug, Bastogne werd omsingeld, de Duitse tanks vochten zich een weg tot op een handvol kilometers van de Maas bij Dinant. Maar de doorbraak naar Antwerpen mislukte. Op 28 januari 1945 kwam een eind aan de bloedige gevechten op Belgische bodem. Drieduizend burgers waren om het leven gekomen, tientallen dorpjes en stadjes met de grond gelijkgemaakt, vaak door geallieerde bombardementen. In Wreed als ijs eert Peter Schrijvers de nagedachtenis van de slachtoffers en overlevenden. Hij prijst hun veerkracht, taaiheid en solidariteit en doet nauwkeurig verslag van iedere tragedie. Na de strijd werd België door een golf van medelijden overspoeld en werden Vlaamse en Waalse tegenstellingen heel even vergeten. Terecht, want de Ardennen en de Oostkantons hadden in die ene maand oorlog meer verschrikkingen beleefd dan België in vijf jaar. De inwoners zaten soms wekenlang in de bossen verstopt of in kelders of grotten opgesloten en moesten het strengste winterweer trotseren. Gekneld tussen hamer en aambeeld, konden de inwoners niet veel méér doen dan bidden en wachten. De toestand in de Oostkantons was bovendien politiek gevaarlijk. Het gebied was door Duitsland geannexeerd, duizenden jongemannen hadden zich bij de Wehrmacht ingelijfd. Wie viel te vertrouwen? Wie was pro-Belgisch, wie pro-Duits? Ook in de Ardennen liepen verzetsstrijders en ondergedoken joden opnieuw gevaar. De SS en de Gestapo namen geen risico, zij schoten iedereen dood die hen in de weg liep. Zo werden in Stavelot 130 inwoners vermoord, in Bande 32 mannen. Peter Schrijvers baseert zijn relaas op brieven, dagboeken, documenten, mondelinge getuigenissen en memoires. Zijn vertelkracht is uitmuntend, de spanning is te snijden. Iedere persoonlijke tragedie is een herinnering waard, een monument waardig. Soms wordt het te veel van het goede. Is het werkelijk nodig om alle boerderijdieren te tellen die door de Duitsers werden meegenomen? Een opsomming van alle gruwelijkheden werkt repetitief en op den duur contraproductief. Niet getreurd. Wreed als ijs graaft terecht een Belgisch oorlogstafereel op dat in het helse lawaai van de grote veldslagen en nog grotere misdaden een stille dood was gestorven.

Peter Schrijvers

Wreed als ijs

Manteau, Antwerpen/ Het Spectrum, Utrecht, 383 p., 22,95 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234