Zondag 20/09/2020

Op de golven van mei '68

Sommige passages zijn pure slapstick

Satirische roman van Jorge Volpi

Net als in zijn vorige boek De zoektocht naar Klingsor voert Jorge Volpi in Het einde van de waanzin een schare historische personen ten tonele. Hij maakt daarbij gretig gebruik van biografische faits divers, maar als fictie-auteur voegt hij daar vanzelfsprekend ook de nodige verzinsels aan toe.

Jorge Volpi

Het einde van de waanzin

Oorspronkelijke titel: El fin de la locura

Vertaald door Mariolein Sabarte Belacortú

De Bezige Bij, Amsterdam, 415 p., 24,90 euro.

Het hoofdpersonage uit Het einde van de waanzin heeft iets van Forrest Gump. Hij is diegene die toevallig langskomt wanneer de dingen gebeuren, de verkeerde man op het historisch belangrijke moment. Daar houdt de gelijkenis echter op. Terwijl de argeloze, subnormale Gump gewoon doorloopt en zich verder met zijn eigen leven bezighoudt, voelt de Latijns-Amerikaanse intellectueel Aníbal Quevedo de behoefte om het historische moment aan te grijpen, zich te 'engageren' en een rol te spelen in de Geschiedenis.

Die gelegenheid doet zich voor in Parijs, tijdens de meidagen van 1968. Toevallig komt Quevedo in de revolterende meute terecht, hij leert de radicale revolutionaire Claire kennen en voor hij het goed en wel beseft, is hij zelf ook radicaal en revolutionair geworden. Hij zal het de rest van zijn leven blijven. Toch is er iets raars aan de hand met zijn overtuiging, want wanneer het er echt op aankomt, bijvoorbeeld tijdens een hongerstaking, vlucht hij naar de toiletten, waar hij zich volpropt met petitfours.

Terwijl hij meedeint op de dialectische golven van de geschiedenis, raakt Quevedo op haast miraculeuze wijze bevriend met de intellectuele coryfeeën van het moment. De beruchte psychoanalyticus Jacques Lacan laat hem niet alleen toe in zijn praktijk, maar na verloop van tijd keert hij de rollen om en gaat Lacan bij Quevedo in analyse. Op die manier geeft hij een paar van zijn gênantste geheimen prijs. Via Lacan komt Quevedo in contact met de marxistische filosoof Louis Althusser, eveneens een beroemdheid in die dagen. Ook aan hem weet Quevedo allerlei confidenties te ontlokken.

Later, als de filosoof zijn vrouw gewurgd heeft, verliest Quevedo hem wat uit het oog, maar dan heeft hij alweer een nieuwe maître à penser gevonden in de semioticus Roland Barthes. Regelmatig worden Quevedo en Barthes in elkaars gezelschap gesignaleerd; over seksuele contacten tussen beiden is echter niets bekend. De mooiste vriendschap, die hem zelfs het leven redt, beleeft Quevedo met Michel Foucault. Hij wordt zijn privé-secretaris en vergezelt hem naar het hippe Californië en het revolutionaire Teheran van de ayatollahs. Zelfs een bezoek aan een dark room mag niet ontbreken.

In de tussentijd ziet Quevedo nog de kans om op historisch cruciale momenten zijn thuiscontinent Latijns-Amerika te bezoeken. Op een geheime locatie voert hij lange gesprekken met Fidel Castro, in Chili ontmoet hij Salvador Allende kort voor de staatsgreep en in het oerwoud van Chiapas heeft hij een onderhoud met subcommandant Marcos van de zapatistische beweging. Na de val van de Muur en de dood van Foucault keert Quevedo terug naar zijn land Mexico, waar hij zich in de cultuurpolitiek mengt. De strijd om de macht wordt hem uiteindelijk fataal.

Volpi maakt van publieke figuren privépersonen. Ongegeneerd dringt hij door tot hun intieme leven en laat ze spreken zoals ze in het openbaar nooit gesproken hebben. Ook de plot is volledig verzonnen en bovendien zeer ongeloofwaardig. Hoe zou Quevedo in zo'n korte tijd zo intiem kunnen worden met zoveel verschillende beroemdheden? Er is natuurlijk nooit een Quevedo geweest in het leven van Foucault. Sommige passages zijn pure slapstick. Maar Volpi maalt dan ook niet om geloofwaardigheid: hem ging het vooral om de satire, de uitvergroting, de parodie. Niet toevallig is het hoofdpersonage Quevedo genoemd naar de grootste satiricus uit de Spaanse literatuur.

Het einde van de waanzin is een sarcastisch boek over de waanideeën van radicale intellectuelen en revolutionairen, vol geestige pastiches en kwaadaardige verwijzingen naar het discours van die dagen. Je moet wel wat vertrouwd zijn met die geschiedenis om er volop plezier van te hebben. En jammer dat Volpi's dialogen zo houterig zijn.

Een nadeel van de satirische aanpak is dat je als lezer geen betrokkenheid voelt met het hoofdpersonage. Die is toch maar een marionet in handen van de auteur, een schertsfiguur, helemaal anders dan de aandoenlijke Forrest Gump van de film. We kunnen Quevedo's motieven om zich te engageren en zich vervolgens even gemakkelijk weer te ontdoen van zijn engagement op geen enkel moment ernstig nemen. Het einde van de ideologische waanzin en het pijnlijke afscheid van iets waar je met al je vezels mee verbonden was, is in de Spaanstalige literatuur indringend beschreven door auteurs als Jorge Semprún (Autobiografie van Federico Sánchez) en Mario Vargas Llosa (De geschiedenis van Alejandro Mayta). Bij Volpi blijft slechts de farce over. In 1968 was hij dan ook nog maar net geboren. Hij heeft zelf deel noch part gehad aan die tragische geschiedenis.

Peter Venmans

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234