Donderdag 24/10/2019

Brug Genua

"Op amper twintig meter van mijn raam bungelde een stuk wegdek"

Beeld AFP

Attendere, più attendere. Wachten en nog meer wachten. Dat doen de Genuezen al sinds de Ponte Morandi het dinsdagmiddag begaf. Ze eisen antwoorden. Wie is verantwoordelijk? Wie zijn de overledenen? En kunnen de meer dan 500 geëvacueerde bewoners die onder de afbrokkelende brugpijler wonen ooit nog terugkeren naar huis?

“Marius”, schreeuwt een huilende Eniada Demiraj (20) op de stoep van de Via Walter Fillak. Het is 13 uur en de brede laan die pal onder de ingestorte brug loopt, staat vol met buurtbewoners die de nacht bij vrienden, familie of in een hotel doorbrachten. Op de achtergrond hoor je sirenes van voorbijrijdende brandweer- en politievoertuigen en het gedreun van een drilboor die zich voorzichtig door het puin een weg baant. Op zoek naar slachtoffers.

Net als de andere wachtende buurtbewoners moest de huilende twintiger een dag eerder in allerijl haar appartement verlaten in een blok van zes verdiepingen hoog, zo’n 70 jaar geleden opgetrokken voor het spoorwegpersoneel van het vlakbij gelegen station. Jaren voor de bouw van de ingestorte brug dus. 

“Terwijl het fel regende, kwam plotseling dat enorme lawaai”, vertelt ze. "Toen ik naar buiten keek, was de brug vlak naast ons volledig weggevaagd. Op amper twintig meter van mijn raam bungelde een stuk wegdek.” 

Ze haalt haar gsm uit haar rugzakje, toont een foto en snikt. “Ik hoop dat ik snel weer naar huis mag. Maar de vraag is of dat ooit nog kan.” 

Nieuwe stabiliteitsproblemen

Terwijl Eniada haar verhaal vertelt, worden alle buurtbewoners plots achteruit gedreven door politie- en brandweermannen. “Ook deze zone is te onveilig, want er zijn problemen opgedoken met de stabiliteit van het stuk dat nog boven de appartementen hangt”, legt een brandweeroverste uit. “De zoekacties aan deze zijde van de brug zijn voor onbepaalde tijd stilgelegd.” 

Intussen worden uit voorzorg twee bijkomende appartementsgebouwen ontruimd, waardoor het aantal ‘dakloze’ Genuezen tot meer dan 500 stijgt. De vrees groeit bij de vele wachtenden dat de rest van de brug ook nog neerkomt boven op de lager gelegen blokken.

“Wij slapen voorlopig bij vrienden”, zegt Eniada, hopend dat ze die avond alsnog in haar eigen bed mag slapen. “Maar ik wil niet te veel klagen, want wij zijn nu veilig. In tegenstelling tot Marius.” 

Opnieuw valt de naam waarmee de vrouw onze aandacht trok. “Hij is dood”, zegt Eniada, terwijl een traan over haar wang rolt. “Mijn goede vriend was op weg naar zijn werk. Boven op die verdomde brug. En toen zakte die in elkaar. Zijn auto viel naar beneden. De hulpverleners konden hem er nog uit halen, maar hij is overleden in het ziekenhuis.” 

Een man die twee grote koffers achter zich aansleept komt uit het ‘afgesloten’ gebied aanstappen. Hij mocht, anders dan Eniada, wel nog naar zijn appartement om spullen op te halen. “Vijf minuten”, vertelt Saffar, die halsoverkop het inpakken moest staken door de nieuwe stabiliteitsproblemen. 

“Ik wilde wat kleding, documenten en waardevolle voorwerpen ophalen voor mijn twee kinderen, mijn vrouw en mezelf, maar ik heb maar de helft mee.” 

Het gezin verblijft bij Saffars broer aan de andere kant van de stad. “Dat is doenbaar voor één of twee nachten”, klinkt het. “Maar iedereen wil terug naar zijn eigen huis. Eigen huis, eigen thuis.” 

Net als alle andere Genuezen stelt Saffar zich veel vragen bij het instorten van de brug. “Kijk, mijn zoon van 13 heeft gisteravond perfect verwoord wat iedereen bezighoudt. Hij vroeg me: 'Papa, waarom staan in ons land bruggen uit de middeleeuwen nog recht, maar is de brug naast ons kapot gegaan terwijl ze nog maar 50 jaar geleden gebouwd is? Ik hoop dat we daar ooit een antwoord op krijgen. Intussen hoop ik dat ze niet beslissen om alle blokken onder de brug plat te gooien als voorzorgsmaatregel.”

Psychologen

Elf kilometer verderop en zo’n twee uur later ontmoeten we nog meer ontredderde Italianen. Zij wachten bang op het laatste nieuws van de meer dan 400 ingezette reddingswerkers. Zij aan zij, op zwarte plastic stoeltjes in een grauwe, groen-wit geverfde gang van het universitair ziekenhuis San Martino. 

Wie hier arriveert, weet dat hun naasten niet op de lijst van gewonden staan. In een aparte ruimte worden de nabestaanden van overleden slachtoffers en vermisten opgevangen door de Italiaanse politie en een team psychologen. Daarna verhuizen ze naar de gang. De stilte wordt enkel doorbroken wanneer een walkietalkie overgaat of wanneer een van de wachtenden in huilen uitbarst. 

Zoals de Italiaanse vrouw met het zomerse bloemenkleedje uit Novara, zo’n 150 kilometer ten noorden van Genua. “Ik ben hier om mijn broer, mijn schoonzus en hun zoontje van 9 jaar te vinden”, vertelt ze. Ze heft haar zonnebril op en veegt haar tranen weg. 

“Ze zijn dinsdagochtend vertrokken voor hun vakantie in Toscane. Om 11.30 uur heb ik hen voor het laatst gehoord via WhatsApp. Ze waren vlak bij Genua en zouden over de brug passeren. Daarna heeft niemand nog van hen gehoord. Eerst heb ik geprobeerd hen te bellen. Toen heb ik alle ziekenhuizen geprobeerd, en nu ben ik hier. Maar niemand weet waar ze zijn. Ik hoop op een mirakel, maar vrees het allerergste.” 

Woensdagavond hadden al 42 families het slechtst mogelijke nieuws gekregen, mogelijk volgt donderdag nog meer slecht nieuws voor veel al dan niet dakloze Genuese gezinnen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234