Dinsdag 26/01/2021

oorlogskunst u Amerikanen kunnen buitenlandse regeringen voor rechter dagen

Uitspraak VS-Hooggerechtshof kan gevolgen hebben voor betwistingen die generaties geleden opgelost zijn

Juridische doorbraak in teruggave oorlogskunst

Het Amerikaanse Hooggerechtshof in Washington heeft beslist dat Amerikaanse rechtbanken bevoegd zijn in rechtszaken waarin burgers zogeheten oorlogskunst terugvorderen: kunstwerken die voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog geroofd werden door de nazi's. Het zou kunnen dat Oostenrijk zes schilderijen van Gustav Klimt moet teruggeven.

Brussel

Eigen berichtgeving

Eric Rinckhout

De zaak werd aan het rollen gebracht door de 88-jarige Maria Altmann uit Californië. Zij probeert al tientallen jaren een deel van de kunstcollectie van haar oom, Ferdinand Bloch-Bauer, terug te krijgen. Ferdinand Bloch-Bauer was een telg van een rijkse joodse familie, hij was een suikermagnaat en een kunstmecenas in het Oostenrijk van voor de Tweede Wereldoorlog. Bloch-Bauer ontvluchtte Wenen in 1938, het jaar van de Anschluss van Oostenrijk door de Duitsers. Hij stierf in 1945.

De kunstwerken waar het om gaat zijn zes schilderijen van Gustav Klimt, waaronder twee beroemde portretten van Adele Bloch-Bauer, de vrouw van Ferdinand. De werken bevinden zich momenteel in de Österreichische Galerie Belvedere in Wenen en zijn naar verluidt rond de 150 miljoen dollar waard.

Adele Bloch-Bauer overleed in 1925 en Oostenrijk heeft altijd volgehouden dat zij haar schilderijen bij testamentaire beschikking aan de staat heeft geschonken. Het feit dat tijdens de Tweede Wereldoorlog de schilderijen een tijdlang illegaal in het bezit van de nazi's waren, verandert niets aan de grond van de zaak, aldus de Oostenrijkse regering. Ze zijn en blijven eigendom van de staat.

Altmann betwist die versie van de feiten. Volgens haar had haar tante plannen voor de plaatsing van de schilderijen maar heeft ze de werken nooit formeel nagelaten aan de Oostenrijkse staat. Maria Altmann, die na de Tweede Wereldoorlog naar Californië verhuisde en Amerikaans staatsburger werd, heeft daarom een rechtszaak tegen de Oostenrijkse staat aangespannen. Ze richtte zich, volgens The International Herald Tribune, tot een Amerikaanse rechtbank toen ze vernam dat een rechtszaak in Oostenrijk haar om en bij de 2 miljoen dollar zou kosten omdat de rechtskosten daar berekend worden op een percentage van het bedrag in kwestie. Twee Californische rechtbanken, een lagere en het hof van beroep in San Francisco, wezen de Oostenrijkse eis af om de zaak onontvankelijk te verklaren. Het Amerikaanse Hooggerechtshof heeft die uitspraak begin deze week bevestigd, waardoor Altmann haar proces tegen Oostenrijk kan voortzetten.

Het Hooggerechtshof stelt in zijn uitspraak dat Amerikaanse burgers buitenlandse staten kunnen dagen over geroofde kunst, dat Amerikaanse rechtbanken in dit soort zaken bevoegd zijn, en dat het kan gaan om feiten die tientallen jaren geleden gebeurd zijn, dus ook om kunstwerken die 70 jaar geleden geroofd werden door de nazi's.

De zaak heeft wel gezorgd voor verdeeldheid binnen het Hooggerechtshof: zes rechters waren pro, drie contra, onder wie opperrechter William Rehnquist. Het geschil draaide om de interpretatie van Foreign Sovereign Immunities Act, een wet uit 1976 die uitzonderingen toestaat op de algemene regel dat tegen buitenlandse regeringen niet geprocedeerd kan worden. Een belangrijke vraag was of die wet uit 1976 retroactief van toepassing is. Ook daarop heeft het hof dus positief geantwoord.

Daarbij gaat het niet alleen om roofkunst, maar ook om oorlogsmisdaden. Zo hebben, volgens de Nederlandse krant NRC Handelsblad, inmiddels slachtoffers van de holocaust de Franse spoorwegen aangeklaagd voor het vervoer van 70.000 joden naar concentratiekampen. Nog volgens NRC kan de uitspraak van het Amerikaanse Hooggerechtshof gevolgen hebben voor de claim van de erfgenamen van de Russische schilder Malevitsj op werk dat nu in het bezit is van het Stedelijk Museum in Amsterdam.

Tegenstanders binnen het Amerikaanse Hooggerechtshof hebben er al op gewezen dat de uitspraak gevolgen kan hebben voor betwistingen die generaties geleden opgelost zijn en voor eisen die het onderwerp zijn geweest van lange, internationale onderhandelingen. Volgens de tegenstanders kan de beslissing van het Hooggerechtshof de Amerikaanse diplomatie beïnvloeden en zelfs zorgen voor onzekerheid in de betrekkingen met buitenlandse regeringen.

Oostenrijk blijft van mening dat in de zaak-Altmann-Oostenrijk alleen de Oostenrijkse wetgeving van toepassing is.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234