Zaterdag 26/09/2020

'Ook ik wil een stukje van mezelf achterlaten'

Weten dat je drager bent van een dodelijk virus en toch een kind willen. Dat was de verscheurende realiteit waar Valerie sinds haar HIV-besmetting moest mee leven. Vijf jaar geleden besloot de vrouw toch zwanger te worden, ook al bracht ze daarmee mogelijk het leven en de toekomst van haar ongeboren kind in gevaar. De drang naar een kind bleek groter dan de angst voor de ziekte.

Gent

Eigen berichtgeving

Famke Robberechts

Valerie werd een tiental jaar geleden besmet met HIV door haar toenmalige vriend. "Nadat ik een geslachtsziekte kreeg, dacht ik dat het aangeraden was om mij ook eens op aids te laten testen. Gewoon om zeker zijn. Toen de uitslag positief bleek te zijn, stond mijn wereld stil. Ik dacht aan zelfmoord, want ik was niet van plan om op de dood te zitten wachten." De man die Valerie besmette, verdween met de noorderzon en de jonge vrouw had het erg moeilijk om zin aan haar leven te geven. Tot ze haar huidige man leerde kennen. "Ik verslond het ene boek over HIV en aids na het andere en probeerde te leven van dag tot dag." Naarmate Valerie de kracht vond om een gewoon leven op te bouwen, werd ook het juk van de verplichte kinderloosheid steeds zwaarder. "Ik wist rationeel zeer goed dat ik nooit kinderen zou kunnen krijgen. Dat de kans op transmissie veel te groot was, werd bevestigd door de vakliteratuur. Jaren heb ik er mij proberen mee te verzoenen dat ik nooit een kind in mijn armen zou kunnen nemen, maar echt accepteren kon ik het niet. Ook voor mijn man was het een pijnlijke realiteit. We hebben samen vaak gehuild."

Op een zaterdagnamiddag zag Valerie tot haar grote verbazing een uitzending over HIV-moeders op een Franse zender. "Het was alsof er een wereld voor mij openging. Voor het eerst hoorde ik van seropositieve vrouwen die dankzij een nieuw medicijn wel kinderen kregen, met maar een minimaal risico voor het kind. Mijn man en ik waren echt door het dolle heen."

In die tijd (1996) bedroeg de kans op moeder-op-kindbesmetting 10 procent. Dankzij de verbeterde medicatie is kans op overdracht vandaag gereduceerd tot 2 procent. Eén kans op de tien dat je je kind een dodelijke ziekte geeft, veel meer kansen op tien dat je kind een groot gedeelte van zijn leven moederloos zal moeten doorbrengen. Veel vrouwen zouden zich door deze harde feiten laten ontmoedigen. Valerie niet. "Je kan het vergelijken met een vrouw die door een gestoorde functie van baarmoeder of eierstokken te horen krijgt dat ze nooit kinderen zal krijgen. Dan plots, door de vooruitgang van de wetenschap, krijgt ze die kans opeens wel. Dat is voor die vrouw enorm. Zo voel ik het ook. Alsof ik een tweede kans gekregen heb om een gewone vrouw te zijn."

Valerie weet dat er veel mensen zijn die haar beslissing veroordelen. "Velen vinden mij een egoïste omdat ik een kind op de wereld zet dat zijn moeder misschien voor een belangrijk stuk van zijn leven zal moeten missen. Maar in die redenering zijn alle vrouwen egoïsten, want geen enkele vrouw die een kind op de wereld zet, is onsterfelijk. Er zijn voorbeelden genoeg van moeders die omkomen bij een auto-ongeluk of door een ziekte. Dat is de natuur. Over die vrouwen wordt toch ook niet gezegd dat ze alleen aan zichzelf denken. Ik was een stuk in de dertig en wou een deel van mezelf op deze wereld achterlaten. Niet het minst voor mijn man. Mijn drang naar een kind is groter dan de angst voor de ziekte."

Valerie werd vrij snel zwanger. "Wij hebben zelf aan een soort kunstmatige inseminatie gedaan door het sperma uit het condoom bij mij binnen te brengen." Het haar opgelegde medicijngebruik tijdens de zwangerschap is het enige waar Valerie vandaag spijt van heeft. "Vanaf het moment dat ik wist dat ik seropositief was, heb ik altijd halsstarrig geweigerd om eender welke medicatie te nemen. Ik heb een natuurlijk aversie tegen chemicaliën en ik wou mezelf niet zieker maken dan ik al was. Ik heb dus ook altijd geweigerd om AZT (antiretroviraal aids-medicijn, FR) te nemen omdat ik angst had voor de nevenwerkingen. Tijdens mijn zwangerschap werd de druk uit medische hoek zo groot dat ik AZT ben beginnen nemen tot drie maanden na de geboorte van mijn dochtertje. Maar de laatste jaren komen er altijd meer geruchten over de negatieve effecten die het medicijn kan hebben op moeder en kind op lange termijn. Ik zit nu met de schrik dat ik mijn kind misschien ongewild schade heb berokkend. Mocht ik nog een tweede maal zwanger worden, zou ik het medicijn niet meer nemen, ook al weet ik dat de kans op transmissie dan groter wordt."

Na de bevalling begon voor Valerie een lange periode van bang afwachten of haar dochter al dan niet besmet was met het virus. "Elke boreling van een HIV-moeder vertoont de eerste tijd de antilichamen tegen HIV. Het duurt twee zeer lange jaren voordat men een sluitende HIV-test kan doen." Toen het moment voor de test was aangebroken, stuitte Valerie op veel onbegrip van de behandelende artsen. "Nadat de pediater bloed getrokken had, zag het armpje van mijn dochter helemaal blauw en ze huilde hard. De pediater bekeek mij met een blik van 'wat voor een moeder doet haar kind nu zo iets aan?' Hij was echt grof." Uiteindelijk kwam dan het verlossende bericht dat Valeries dochter niet besmet was met het dodelijke virus. "Ik heb twee jaar met de verlammende angst geleefd dat ik mijn baby misschien besmet had. Het gevoel dat ik na de test had, valt met geen pen te beschrijven, eindelijk viel heel mijn leven op zijn plaats."

Buiten haar man weet niemand dat Valerie seropositief is. "Het is onvoorstelbaar hoe groot het onbegrip voor de ziekte anno 2000 nog is. Als je zegt dat je seropositief bent, denken de mensen onmiddellijk dat je drugsgebruiker of prostituee bent. Om niet gekwetst te worden heb ik tegen niemand iets gezegd, behalve tegen een vriendin. Die reageerde zeer slecht. Ik wil geen medelijden en ik wil niet buitengesloten worden. Ik wil zijn zoals iedereen en dat kan enkel door mijn ziekte te verbergen." Ook voor zelfhulpgroepen voelt Valerie weinig. "Ik ben van het principe dat wanneer je een depressie hebt en je tussen allemaal depressieven gaat zitten je alleen maar zieker wordt. Met HIV is dat niet anders." Toch heeft Valerie wel behoefte om erover te praten, maar de gedachte aan haar man en dochtertje houden haar tegen. "Mocht ik mij 'outen', dan ben ik ervan overtuigd dat mijn man geen enkele klant meer zou hebben en mijn dochtertje op school verschrikkelijk gepest zou worden. Dat kan ik hen niet aandoen, dat zou pas egoïstisch zijn."

Valerie heeft niet het gevoel dat de dood als het zwaard van Damocles boven haar hoofd hangt. "Er gaan steeds meer stemmen op die zeggen dat het HIV-virus niet noodzakelijk tot aids moet leiden. Volgens deze 'aids-dissidenten' zijn er bijkomende factoren nodig zoals een slechte voeding, overmatig roken en drinken voordat een HIV-besmetting overgaat in aids. Er zijn voorbeelden genoeg van seropositieven die geen medicatie nemen en al jaren gezond en gelukkig leven. Volgens mij is het helemaal niet zeker dat ik ooit aids zal krijgen, laat staan dat ik mijn dochter niet zal zien opgroeien."

'Ik ben niet egoïstisch. Geen enkele vrouw die een kind op de wereld zet is onsterfelijk'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234