Zaterdag 06/06/2020

Gezondheidszorg

Ook bevallingen moeten efficiënter: zeventien kraamklinieken met sluiting bedreigd

Kamer in de kraamafdeling van AZ Delta in Torhout, een materniteit die mogelijk op de wip zit.Beeld Thomas Sweertvaegher

Volgens het Federaal Kenniscentrum kunnen in ons land zonder probleem zeventien kleine kraamklinieken dicht. Zo sparen we middelen uit in de zorg, zonder op de kwaliteit in te boeten. Al ziet niet elke zwangere vrouw dat zitten. ‘Het is toch omslachtig als opa’s en oma’s een halfuur moeten rijden voor een kraambezoek?’

Als Sien Plyson (27) in april moet bevallen van haar eerste kindje, dan kan ze in principe te voet naar het ziekenhuis. “Ik woon om de hoek van het AZ Delta in Torhout”, zegt ze. “Heel handig. Toen ik onlangs onwel werd in de Delhaize, lag ik een halfuur later al aan de monitor. Mijn man en ik werken ook allebei in Torhout, dus het is fijn dat we geen auto nodig hebben.”

Als de regering het advies van het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) volgt, dan zal dat in de toekomst niet meer mogelijk zijn. Dan moet Plyson naar Brugge of Roeselare om te bevallen. Torhout is een van de ziekenhuizen die volgens het KCE het best hun kraamafdeling sluiten. Omdat er te weinig bevallingen zijn én omdat zwangere vrouwen in Torhout op een halfuur rijden in een andere kraamkliniek terechtkunnen.

“Eerlijk? Ik zie dat niet zitten”, zegt Plyson. “Ik ben erg tevreden over de service in Torhout. De kamers zijn mooi, en het is gewoon handiger als je familie niet te ver moet rijden voor een bezoekje. Voor de opa’s en oma’s is het anders toch veel te omslachtig?”

557 bevallingen per jaar

Het KCE berekende hoeveel bevallingen een kraamkliniek minstens moet uitvoeren om kwalitatief én kosteneffectief te zijn. Op dit moment ligt wettelijk vast dat een ziekenhuis drie opeenvolgende jaren minstens 400 bevallingen per jaar moet uitvoeren. Maar volgens het KCE kan dat aantal hoger: het mikt op 557 bevallingen per jaar. Torhout haalde er vorig jaar 467.

“Hoe meer bevallingen op een dienst kunnen plaatsvinden, hoe lager de kosten per bevalling”, zegt professor Carine Van de Voorde, die meeschreef aan het KCE-rapport. “Je zit met grote vaste kosten: personeel dat permanent aanwezig moet zijn, de infrastructuur die onderhouden moet worden... Die norm van 557 bevallingen per jaar is eigenlijk best laag als je het vergelijkt met andere landen. Het zou nog een pak hoger kunnen.”

Verder neemt het KCE ook de bereikbaarheid van de ziekenhuizen in beschouwing. “Een vrouw moet op korte tijd – wij gaan uit van een halfuur – met de wagen bij een kraamafdeling geraken”, zegt Van de Voorde. “Als we daar rekening mee houden, dan blijven zeventien diensten over die gesloten kunnen worden.” 

Behalve Torhout staan onder meer ook Menen, Oudenaarde en Deinze op het lijstje. 

Lokale opdracht

In Torhout staan ze niet te springen om hun kraamafdeling te sluiten. Temeer omdat de hele dienst enkele jaren compleet werd vernieuwd, met als resultaat mooie en luxueuze kamers. De directie van het AZ Delta, waaronder zowel het ziekenhuis van Torhout als de ziekenhuizen van Roeselare en Menen vallen, is dan ook van plan zich tegen een eventuele sluiting van twee van zijn kraamklinieken te verzetten.

“Dit hoort bij de basisopdracht van een ziekenhuis”, zegt algemeen directeur Johan Hellings. “Toen wij in deze fusie zijn gestapt, hebben we net afgesproken dat de inwoners van Menen en Torhout hiervoor bij ons terecht zouden kunnen. Dit hoort bij onze lokale functie, en het is aan een ziekenhuisbestuur om dit te beslissen.” 

Dat een overheid een sluiting kan verplichten, daar wil Hellings voorlopig liever niet over nadenken. “Ik hoop dat de vraag nooit komt.”

Dat ziekenhuizen moeder en kind het liefst dichtbij houden, heeft een belangrijke reden. “Net zoals de spoed is de kraamafdeling een van de grote toegangspoorten van een ziekenhuis”, zegt Van de Voorde. “Je trekt er jonge mensen mee aan, maakt hen vertrouwd met de omgeving en werking en vergroot de kans dat ze later terugkomen. Dat zulke diensten niet uit de kosten komen, daar proberen ziekenhuizen een mouw aan te passen door extra ereloonsupplementen of comfortkosten voor de kamer aan te rekenen.”

Moedige beslissing

Nochtans is het wel mogelijk, zo bewijzen ze in Geraardsbergen. Daar ging de kraamkliniek vorig jaar onherroepelijk dicht. “Een moedige beslissing van de raad van bestuur”, noemt Kathleen Van der Biest het. Zij is de beleidsadviseur van het Algemeen Stedelijk Ziekenhuis in Aalst, Geraardsbergen en Wetteren. 

Geraardsbergen haalde per jaar niet eens 365 bevallingen. “Wat betekent dat wij op sommige dagen gewoon geen bevalling hadden”, zegt Van der Biest. “Terwijl telkens in een hele personeelsbezetting was voorzien. Economisch was dat niet houdbaar. Lokaal was er heel wat protest. Ook politiek heeft dit moed gevergd, maar we blijven ervan overtuigd dat het de juiste keuze was. 

“Het is trouwens niet zo dat zwangere of pas bevallen vrouwen helemaal geen plaats meer hebben hier. Gynaecologen doen nog steeds consultaties in het ziekenhuis. Vrouwen kunnen hier alleen niet meer bevallen. Elk ziekenhuis moet voor zichzelf uitmaken of het zonder kraamafdeling kan. We snappen dat zo’n dienst belangrijk is voor een ziekenhuis, maar wij voelen ons ‘zonder’ niet minder dan andere.”

Ook gynaecologen staan niet afkerig tegenover een afslanking. “We kunnen hier onmogelijk tegen zijn”, zegt Johan Van Wiemeersch, voorzitter van de Vereniging van Belgische Gynaecologen. “Al zijn we natuurlijk bezorgd over de collega’s die er werken. Het mag geen kaalslag worden.”

‘Complete nonsens’

Volgens Van Wiemeersch is de kans reëel dat de kleine kraamafdelingen zullen sluiten. “De reden waarom dit nooit eerder is gebeurd? Ik denk dat je de druk van lokale politici niet mag onderschatten. In Geraardsbergen zag je dat enorm. Verschillende partijen hadden het behoud van de kraamafdeling in hun programma staan. Ze schermen onder meer met emotionele argumenten. Dat er geen Geraardsbergenaars meer geboren kunnen worden, maar wel Lommelaars of Izegemnaars, omdat de geboorte van de kinderen in een andere stad moet plaatsvinden.”

De reactie van de burgemeester van Torhout illustreert dat. “Complete nonsens”, noemt Kristof Audenaert (CD&V) het KCE-rapport. “Wij hebben een goed draaiende kraamkliniek, die door iedereen wordt gesmaakt. Als dit erdoor komt, dan ga ik me daar met alle mogelijke middelen tegen verzetten.”

De vraag is of lokale politici op de lange termijn hun slag thuis zullen halen. Dat ziekenhuizen moeten samenwerken en betere afspraken moeten maken, daar is inmiddels het hele landschap het over eens. De voorbije legislatuur moesten ziekenhuizen netwerken vormen, net om de taken beter te verdelen. 

Alleen blijft het voorlopig bij financieel-juridische samenwerkingen. Wie precies wat moet of mag doen, dat ligt vanuit de overheid nog helemaal niet vast. Zorgnet-Icuro, de koepel van de Vlaamse ziekenhuizen, is wat dat betreft vragende partij. 

In die zin is het sluiten van een aantal kraamklinieken volgens Carine Van de Voorde van het KCE onvermijdelijk. “Als met dit rapport niets gebeurt, dan stel ik me toch ernstig de vraag wat de kans op slagen is van de ziekenhuisnetwerken. Die zijn net gecreëerd om efficiënter te werken en de taken beter te verdelen.”

Voor Sien Plyson is het alvast een geruststelling dat haar eerste kindje, net zoals zij, nog in Torhout geboren kan worden. “Maar inderdaad, bij een broertje of zusje zal ik misschien naar een ander ziekenhuis moeten. Ik zou dat bijzonder jammer vinden.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234