Dinsdag 23/04/2019

Internationale politiek

Ook Algerije en Soedan in greep ‘Arabisch ontwaken’

Soedanese betogers in Khartoem willen niets weten van twee jaar militair bewind. Zij eisen een civiel bestuur.  Beeld AFP

Zie de mannen vallen. President Omar al-Bashir van Soedan is afgezet en gearresteerd door het leger, negen dagen nadat de Algerijnse president Abdelaziz Bouteflika, na een allerlaatste zetje door de Algerijnse legerchef, besloot toch maar per direct op te stappen.

In Soedan trad gisteren het hoofd van de pas geïnstalleerde militaire overgangsraad, Ahmed Awad Ibn Auf, al na een dag af. Awad Ibn Auf was onder Al-Bashir minister van Defensie.

Alle gebeurtenissen waren het gevolg van een omvangrijke protestbeweging van vooral jongeren die niet bereid waren de straten van hun hoofdstad te verlaten voor zij hun doel hadden bereikt.

Of het al zover is, is de vraag. De betogers in Algerije nemen geen genoegen met de val van slechts één Jan Klaassen uit de corrupte poppenkast, en die in Khartoem willen niets weten van twee jaar militair bewind, zoals de generaals hebben aangekondigd. Zij eisen een civiel bestuur. “Opnieuw wegwezen!”, was vrijdag hun leus, een verwijzing naar minister van Defensie Ibn Auf, de nieuwe juntaleider.

Ben Ali, Mubarak, Kadhafi 

Vallende mannen: het lijkt wel 2011. Eerst werd in dat memorabele jaar de Tunesische dictator Ben Ali weggejaagd, toen collega Mubarak in Egypte en vervolgens werd Moammar Kadhafi in Libië uit een rioolbuis gesleurd en ter plekke doodgeschoten.

Met die barbaarse daad werd al duidelijk dat de term ‘Arabische lente’ verkeerde verwachtingen kon wekken. Het klonk naar lammetjes in de wei en ontluikende krokussen. Voor sceptici werd het zo makkelijk roepen dat de lente was omgeslagen in een herfst of winter.

Het woordenspel leidde af van wat er werkelijk gaande was: een transformatie van de Arabische wereld. Een proces van jaren met ongewisse uitkomst, schreef islamkenner Jean-Pierre Filiu eind 2011, dat gepaard zal gaan met ‘tegenvallers, verraad en nederlagen’. Drie stappen vooruit, twee achteruit – of omgekeerd. Dat merkten we al spoedig: Syrië kapot, wildwest in Libië, Egypte terug naar af.

‘Arabisch ontwaken’ was daarom een betere term, stelde de Franse politicoloog Dominique Moisi. De belangrijkste ontwikkeling in de Arabische wereld sinds de ineenstorting van het Ottomaanse rijk in 1920, in gang gezet door burgers die hun eigen kracht en waardigheid hadden ontdekt. Er bleek een Arabische publieke ruimte te bestaan, waarbinnen de opstandigheid besmettelijk was.

 Soedanese betogers uiten hun blijdschap over de arrestatie van de afgezette president Omar al-Bashir. Beeld REUTERS

Anno 2019 zijn in Algerije en Soedan dezelfde krachten aan het werk. Je kunt, schrijft de Soedanese journalist Nesrine Malik in Foreign Policy, de demonstraties in Khartoem zien als een eenvoudig broodoproer, na jaren van cynisme en economisch wanbeheer door het regime-Bashir. Maar ook, en eerder, is het volgens haar een kwestie van “het terugeisen van waardigheid en nationale trots van een regering die in geen van beide heeft voorzien”.

Al eerder schreef Malik in haar column in The Guardian dat Soedan “opbouwde naar zijn eigen Arabische lente”. De protesten in 2011 waren beperkt gebleven tot een bovenlaag, maar inmiddels heeft de woede “het klassenonderscheid doorbroken”. Witte boorden staan met arbeiders in dezelfde rij voor de dagelijkse rantsoenen.

Herinnering aan de burgeroorlog

Besmettelijk is de opstandigheid nog altijd. De demonstranten in Khartoem voelen zich gesterkt door het succes van de volksbeweging in Algerije. De Algerijnen op hun beurt hebben in buurland Tunesië, het enige land waar de democratie wel wortel schoot, gezien dat een krachtige civil society de doorslag kan geven.

En van de gebeurtenissen in 2011 elders in de Arabische wereld hebben Algerijnen en Soedanezen opgestoken dat vreedzaam protest, mits massaal en vasthoudend, effectiever is dan de ordetroepen reden geven erop in te hakken. Hier geldt de wet van de leerzame achterstand.

Er was reden genoeg niet te demonstreren. Voor de Algerijnen de herinnering aan een burgeroorlog die 200.000 mensen het leven heeft gekost. Voor de Soedanezen het repressieve bewind, met martelkamers en al, van de man die door het Internationaal Strafhof is aangeklaagd wegens misdaden tegen de mensheid. Voor beide landen de weinig opwekkende voorbeelden van Syrië, Egypte en Libië.

Toch gingen ze de straat op, kennelijk omdat de noodzaak te groot was. Ook dat is een constante. Incompetente regeringen slagen er niet in de motor van de economie aan de praat te houden en jongeren werk te geven. Mooie praatjes op de staatstelevisie vormen een constante belediging van hun zelfrespect. Als dan – zoals in Algerije en Soedan – de olie-inkomsten opdrogen, beschikt het regime niet langer over de lapmiddelen om de onvrede te dempen.

Rode draad

Dat is de rode draad van het Arabisch ontwaken: de aan onvermijdelijkheid grenzende mogelijkheid van opstand tegen corrupte, repressieve regimes. Zelfs mensen als de Egyptische president Abdel Fattah al-Sisi en de Saudische kroonprins Mohammed bin Salman doen er verstandig aan dat in het achterhoofd te houden. Het westerse denken in termen van ‘stabiliteit’ kan deze werkelijkheid aan het zicht onttrekken.

Dit alles voltrekt zich in samenlevingen die, door onderwijs, internet en verstedelijking, volwassener zijn geworden dan in de tijden dat broodoproer nog gewoon broodoproer was. Het zelfbewustzijn is groter, de eisen zijn politieker. Ook in Soedan lijkt de civil society een factor van betekenis te zijn. De Sudanese Professionals Association (SPA), een organisatie van artsen en juristen, speelt een leidende rol in de protesten. De omvangrijke Soedanese diaspora draagt daar, via sociale media, aan bij.

Dus de transformatie gaat door. Het Arabische voorjaar was geen eenmalige gebeurtenis, die in afzienbare tijd zou moeten slagen dan wel mislukken. Libië is al acht jaar aan het gisten en lijkt een nieuw kruispunt te naderen: linksaf een Haftar-dictatuur, rechtsaf een nieuwe oorlogsronde, rechtdoor verkiezingen en een politiek akkoord.

Garantie op succes bestaat in geen van de landen. De uitkomsten zijn, zoals gezegd, ongewis. Stagnatie kan onderdeel zijn van het verrassingspakket, net als hernieuwde repressie. Maar in slaap sussen laat de Arabische jeugd laat zich niet langer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.