Donderdag 22/04/2021

Onze samenleving is geen tweepersoonsbed

Het multiculturele debat is in een vreemd bedje ziek. Manisch-depressief, zo kan de discussie van de voorbije decennia over de multiculturele samenleving in de lage landen nog het best omschreven worden. De malaise van de multiculturaliteit en Doolhof in meervoud. Filosofie van het multiculturalisme bieden een verschillende invalshoek op de moeilijkheden van de multiculturele samenleving. Door Erwin Jans

De voorstanders zien de multiculturaliteit als een verrijking, als een nieuwe vitaliteit voor het oude Europa; de tegenstanders beschouwen de culturele diversiteit als een van de belangrijkste oorzaken van alle politieke, sociale en economische ellende van dit ogenblik. Dit manisch-depressieve spreken is zo dominant dat het heel wat intellectuele stuurmanskunst vergt om tussen beide uitersten, de Scylla en Charybdis van de multiculturaliteit, door te varen. De multiculturaliteit is des te belangrijker omdat ze de speerpunt is geworden van het debat over de ingrijpende impact van lokale en globale veranderingen. Dat de multiculturele samenleving de facto bestaat, daar twijfelt niemand nog aan. De demografie liegt immers niet. De uiteindelijke inzet is echter de kwaliteit van het samenleven: hoe willen we met elkaar en met elkaars verschillen omgaan? Welke waarden willen we delen en welke zijn de grenzen aan tolerantie en respect?

De manische periode, de jaren tachtig en negentig, waarin vrij zorgeloos werd gedacht over de totstandkoming van een geïntegreerde multiculturele samenleving, ligt intussen al weer een tijdje achter ons. Sinds het begin van de éénentwintigste eeuw en zeker sinds 9/11, liggen in het debat vooral de depressieve verlokkingen van het 'multiculturele drama' op de loer. Het is de titel van een beroemd en berucht geworden opstel van de Nederlandse hoogleraar Paul Scheffer, die in 2000 stelde dat de integratie van migranten mislukt was omdat de samenleving zich wentelde in een verkeerd begrepen multiculturalisme en weigerde een aantal problemen onder ogen te zien. Het multiculturele debat verloor zijn onschuld. En dat was op zich geen slechte zaak. Alleen sloeg de slinger in de andere richting door. Sindsdien zijn uitspraken als 'de multiculturele desintegratie', 'de multiculturele mislukking', 'het multiculturele failliet' niet van de lucht. Kop van jut daarbij zijn progressief links en de islam. Het linkse kamp wordt een elitair, naïef en ondoordacht multiculturalisme verweten en de islam wordt afgedaan als archaïsch, antirationeel en gewelddadig, en daarom als de ultieme bedreiging van de westerse moderniteit.

Zoals de titel al aangeeft, behoort het boek van Wim van Rooy De malaise van de multiculturaliteit duidelijk tot de tweede 'depressieve' categorie, hoewel het er zich in zijn betere momenten aan probeert te ontworstelen. Van Rooy zegt zijn essay te hebben geschreven uit 'verontwaardiging'. Dat is op zich een nobel kritisch affect. Maar het meer dan vierhonderd pagina's tellende essay is voor een groot gedeelte een vaak vermoeiende afrekening - met alle ongenuanceerdheid van dien - met progressief links, met het politiek correcte denken, met het postmodernisme, met de Franse deconstructie, met het multiculturalisme, met de religie in het algemeen en met de islam in het bijzonder. Bourdieu is een "postmoderne Pierrot", Derrida een "jongleur", Tom Lanoye "een multifunctioneel orakel", Eric Corijn "een oudgediende van alle antibewegingen", de islam een "testosterongodsdienst". Verder heeft Van Rooy het over de "kaviaarelite" en het "loftsocialisme", over het "gemier" van denkers als Foucault en Deleuze, het "eindeloos geëmmer" van antropoloog Rik Pinxten, enzovoorts. Alsof dat nog niet genoeg is, houdt hij filosofen als Adorno, Horkheimer, Bauman e.a. rechtstreeks verantwoordelijk voor een eerste ondermijning van de fundamenten van het verlichtingsbouwwerk, waardoor de tweede aanvalsgolf van totalitarismen ("islamisme, poetinisme, een bepaald evangelisch denken") al een verzwakte vijand aantreft en nog verder de rationaliteit kan aantasten. De westerse moderniteit wordt volgens Van Rooy zowel van binnenin als van buitenaf aangevallen. Die eenzijdige, agressieve en apocalyptische toon maakt van het essay een zwaar te verteren brok. De inzichtrijke analyses die Van Rooys essay ook bezit, worden te vaak overspoeld door de verbale charges tegen wat hij de "irrationele dwaling" van het multiculturalisme noemt.

Van Rooy heeft een punt wanneer hij het 'manische' denken over de multiculturaliteit en de uitwassen van een exotische cultus van de 'Ander' op de korrel neemt. Hij wijst er terecht op dat het hooggestemde multiculturalisme van academici, intellectuelen en politici weinig of geen oog had voor de moeilijkheden van samenleven in de dagelijkse realiteit. Die kloof heeft effectief een rol gespeeld in de verrassend snelle opkomst van het populisme en het rechtse extremisme in Europa. Er is bij een deel van de intellectuele en politieke elite sprake (geweest) van vermijdingsgedrag. En woorden als 'racisme' en 'cultureel racisme' werden vaak te snel en te ondoordacht gebruikt tegen degenen die bepaalde taboes ter sprake brachten. Van Rooy waarschuwt eveneens en met reden voor een mogelijke backlash in de samenleving wanneer de religie opnieuw de grenzen van de vrije meningsuiting bepaalt en met het creationisme zelfs een alternatief wil bieden voor de evolutietheorie. En wie zal hem tegenspreken wanneer hij wijst op de gevaarlijke aantrekkingskracht van het jihadisme? Al moet gezegd worden dat hij wel heel generaliserend over de "razende en amok makende godsdienst" schrijft en zijn vergelijkingen tussen de islam en het nazisme meer dan eens uit de bocht gaan. Hier wreekt zich het ontbreken van een ernstige historische analyse van het kolonialisme en het actuele globale neo-imperialisme.

Van Rooy zoekt steun bij denkers als Paul Scheffer, Paul Cliteur, Ayaan Hirsi Ali en bij andere dissidente moslimintellectuelen die de westerse rationaliteit verdedigen. Hij heeft gelijk dat de stem van deze laatsten vaak te weinig werd gehoord in het debat. Maar hij vergist zich als hij in het multiculturalisme alleen maar een intellectuele vrijgeleide voor religieus fanatisme en voor een archaïsche wereldbeschouwing ziet. Het volwassen multiculturalisme - en daar zijn we toch stilaan aan toe - is geen antiverlichtingsdenken, geen simpele erkenning van de gelijkwaardigheid van alle culturen, geen romantisering van obscurantistische praktijken van etnische minderheden. Het multiculturalisme heeft zijn wortels in de traditie van het liberaal-democratisch denken, dat uitgaat van een meervoud aan opvattingen en levenswijzen. Van Rooy verwijt links een overdreven aandacht voor sociaal-economische factoren om bepaalde feiten te verklaren (probleemjongeren uit de migratie, achterstand in moslimlanden, religieus fanatisme,...). Hijzelf valt in het andere uiterste door bijna uitsluitend culturele (en soms zelfs biologische) verklaringsmodellen aan te voeren. Nochtans schrijft hij op een bepaald ogenblik: "We zijn uiteindelijk allen amateurs als het gaat over de multiculturele samenleving." Meer van dit soort wijze nuchterheid zou zijn essay ten goede zijn gekomen. Nu overschaduwt een breed uitgesmeerde verontwaardiging (die zich vaak verliest in lange, belezen voetnoten) een meer ingetogen en beargumenteerde analyse. En dat is een spijtige zaak. Want vooral aan deze laatste houding heeft het multiculturele debat behoefte.

Die nuchterheid is veel prominenter aanwezig in een vijftal opstellen die verzameld werden onder de titel Doolhof in meervoud. Filosofie van het multiculturalisme. Daarin proberen de auteurs voorbij het 'multiculturele drama' te geraken zonder terug te vallen in een naïef optimisme. Dat blijkt al helder uit de eerste bijdrage: 'Pleidooi voor een thuisloze samenleving'. Daarin stelt Niek Wiskerke dat de moderne multiculturele samenleving niet gedacht mag worden als een 'thuis' voor iedereen. Thuis is een begrip dat verwijst naar de privésfeer, niet naar de publieke ruimte. De veelheid van meningen en levensbeschouwingen maakt het onmogelijk om van de openbare ruimte, van de samenleving een thuis te maken. We worden geconfronteerd met meningen die we niet delen, die we zelfs volledig verwerpen. De multiculturele samenleving is geen simpele 'verrijking', integendeel soms. We moeten, aldus Wiskerke, leren accepteren dat mensen het niet met elkaar eens moeten zijn om te kunnen participeren in een samenleving: "De samenleving is geen tweepersoonsbed, geen vriendenkring of al dan niet geïdealiseerde familie." Het uitgangspunt is het conflict en het verschil. Wiskerke pleit daarom voor een herwaardering van stijl en etiquette, een zekere 'omgangskunde' die ons in staat moet stellen om met soms onoverbrugbare verschillen om te kunnen. Een dikke huid leren hebben, staat eveneens op zijn lijstje van multiculturele competenties, en een nuchtere invulling van respect en tolerantie. Multicultureel samenleven wordt zo "een oefening in het handhaven van verschillen en beschaafd strijden om de waarheid die verdeelt". Veel houvast biedt het allemaal wellicht niet. Maar het vermijdt in elk geval het pijnlijke ontwaken uit de illusie van een harmonieus samenleven enerzijds en de dodelijke impasse van een 'clash of civilisations' anderzijds. Als we op de drempel staan van een nieuwe fase in de beschavingsgeschiedenis, zoals Wiskerke suggereert, dan stappen we die drempel best over met een nuchter hoofd.

Wim van Rooy

De malaise van de multiculturaliteit

Acco, Leuven, 424 p., 24,50 euro.

Charles Vergeer, Niek Wiskerke,

Pieter van Zilfhout (red.)

Doolhof in meervoud. Filosofie van het multiculturalisme

Damon, Amsterdam, 112 p., 15,90 euro.

Van Rooy vergist zich als hij in het multiculturalisme alleen maar een intellectuele vrijgeleide ziet voor religieus fanatismeWe moeten, aldus Wiskerke, leren accepteren dat mensen het niet met elkaar eens moeten zijn om te kunnen participeren in een samenleving

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234