Zondag 18/08/2019

‘Onze muziek mag geen leugen zijn’

“Rock-’n-roll is an area where you can crash your plane and walk away”, stelde David Bowie met uitgestreken gezicht in de onbedoeld hilarische documentaire bij zijn plaat Black Tie, White Noise. Voor hun groepsnaam ging Aeroplane weliswaar niet te leen bij de Britse poplegende, maar het danceduo met Italiaanse roots lijkt Bowies filosofie niettemin hoog in het vaandel te dragen.Zo maakte de Brussels-Luikse tandem wereldwijd furore door balearic disco, een dancegenre uit de eighties, nieuw leven in te blazen, maar sinds kort lopen ze hard weg van dat succesvolle etiket. “We willen onszelf nergens op laten vastpinnen”, zegt De Luca, een woelwater dat tijdens zijn glasheldere betoog met nog tien andere zaken tegelijk bezig lijkt. Zijn kompaan Fasano is de perfecte antipode: rustig en zwijgzaam zien we hem vaak alleen instemmend knikken. “De term balearic slaat overigens nergens op: het is geen genre, maar een gevoel of een vibe waarin totale vrijheid vooropstaat. Balearic is house, ambient én techno, met een snuifje popmuziek, als je dat wilt. Tussen ons gezegd en gezwegen: we zijn nog stééds as balearic as hell, omdat alles kan en mag in Aeroplane. Maar we willen geen etiket plakken op die vrijheid, snap je?”

Jullie remix van Robbie Williams’ ‘Bodies’ hoort bij de tien beste Top Tunes van het Britse dancemagazine Mixmag. Voor datzelfde toonaangevende blad mochten jullie een mixplaat samenstellen.

“Het gaat hard, absoluut. Heel 2009 is een rollercoaster geweest. We speelden 108 keer in haast evenveel wereldsteden en hebben vijftien remixes afgewerkt. En tussendoor schreven we ons debuut bij elkaar. De wallen onder onze ogen zijn de bewijzen à charge, maar je zult ons niet horen klagen. We zien het als een privilege om te mogen draaien voor dolenthousiaste mensen die onze muziek voelen. Alleen Rusland bleef siberisch bij onze muziek. (lacht) Echt waar: één van onze laatste gigs was in Moskou. We speelden er iets harder dan ze van ons verwacht hadden, en niemand danste. Een eigenaardige ervaring.”

Jullie staan natuurlijk ook niet bekend om agressieve remixes of songs.

“Dat is ook weer waar. Aeroplane is een popgroep in de meest naïefste zin van het woord: zoals je in de eighties bands had die hun liefde voor mooie refreintjes en catchy ritmes beleden, hebben wij het heel erg voor warme beats en zachte synths. Ik speelde vroeger nochtans in een hardcoreband, maar vandaag kan geen van ons beiden zich nog echt vinden in de agressie, de beestachtige woestheid van rock-’n-roll.”

Met een handvol fantastische remixes maakten jullie vorig jaar wereldwijd grote indruk…

“... en het zou nog mooier geweest zijn als MGMT en Bloc Party die remixes niet hadden afgekeurd.”

Ik dacht dat die artiesten jullie net hadden gelanceerd?

“Daar gaan veel mensen van uit, omdat de remixes een eigen leven gingen leiden. Maar zelfs de remix van Grace Jones (voor ‘Williams’ Blood’, gva) werd in eerste instantie geweigerd. Het management van Jones had een soort wedstrijd uitgeschreven. Uiteindelijk zou Jones naar zo’n vijfentwintig remixes op rij luisteren, telkens tien seconden of zo, en wij hadden het ongeluk om de achttiende te zijn. Zo legde haar manager het ons achteraf toch uit.”

Waren jullie teleurgesteld?

“Eerst wel, maar toen stuurden we de song naar twee blogs en is die remix zijn eigen koers gaan varen. Zo hevig zelfs dat het platenlabel Wall of Sound ons na een tijdje mailde met de vraag of we wel eens wilden dimmen: onze remix was in een mum van tijd bekender geworden dan het origineel. (lacht) In ruil lieten ze ons de remix in een grote studio herwerken. Daarmee hebben we Jones voor ons gewonnen. Ze heeft ons nog willen bedanken aan de telefoon, maar helaas deed ze dat in het holst van de nacht. Ik hoorde de telefoon rinkelen, maar draaide me nog eens om in bed. (lacht)”

Opvallend is dat jullie remixes als echte songs op zichzelf kunnen staan.

“Dat komt omdat we nooit luisteren naar het oorspronkelijke nummer, alleen naar de afzonderlijke sporen. Dat is de puurste benadering voor een remix: pas dan kun je écht creatief werken, zonder gedicteerd te worden door de artiest. Helaas heeft Bloc Party onze remix net om die reden afgewezen: we knoeiden zodanig met Kele’s stem dat ze onze versie te gewaagd en afwijkend vonden.”

Dit jaar verschijnt jullie langverwachte debuut, met eigen werk.

“Er staan heel wat verrassende collaboraties op, maar we noemen geen namen: de uiteindelijke tracklist staat nog niet op punt. We namen alles op in Toulouse, omdat onze producer Bertrand Burgalat (zie ook Air, Mick Harvey en zelfs Michel Houellebecq, gva) die studio aanbeval. In twee weken hebben we elke song live ingespeeld: elke baslijn, elke koebel en elke tamboerijnroffel is écht. We wilden daarmee vermijden dat we laptopmuzikanten zouden worden. Het ergert me dat je niet eens meer gitaar moet kunnen spelen om een ingewikkelde solo op plaat te krijgen. Onze muziek mag geen leugen zijn.”

Jullie hebben allebei Italiaanse roots. Schiep dat ook een muzikale band?

“In het begin niet, al zullen die roots onze vriendschap wel hebben bevorderd. Onze vaders strandden in de jaren vijftig, begin jaren zestig allebei in België, samen met hun vaders. Ze kwamen uit Napels en werkten als gastarbeiders in de mijnen, in de buurt van Charleroi en Namen.”

Is er iets als een italo feel in jullie songs te bespeuren?

“(in koor) Absoluut. We werden opgevoed met Italiaanse hits, en die delicate deuntjes sijpelden ongetwijfeld door in onze manier van werken. Maar evengoed zit er heel wat van Charleroi in onze muziek. We komen uit the dark side of Belgium. Je kunt Charleroi vergelijken met Detroit. De rauwheid van die steden hoor je niet noodzakelijk in onze muziek, maar de soulvolle melancholie van de Detroit House en het escapisme van die muziek zitten er nadrukkelijk wel in.”

Tot nu lijkt het of er uitsluitend in positieve superlatieven over jullie wordt geschreven, ook op fora. Bang dat het tij ooit keert?

“Dat is onvermijdelijk. Meestal beginnen mensen te morren als hun favoriete artiest te populair wordt, maar daar zijn wij tot nu toe van gespaard gebleven. Hoewel… In een Duits blad schreven ze lovend over onze remix voor Sebastien Tellier, maar vonden ze het ‘alleen jammer dat Aeroplane Daft Punk samplede’. Die beschuldiging sloeg nergens op en ik vond ze ook wat beledigend. Maar tegelijk bleef zelfs dát een compliment: we zijn nu al zo goed dat we voor Daft Punk worden versleten. (lacht)”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden