Zondag 20/10/2019

Sociale Media

Onze conversaties op Twitter en Facebook zijn verziekt. Maar we kunnen er iets aan doen

Beeld Pixabay

Online debatten die ontaarden zijn schering en inslag. Dat ligt niet per se aan de mens. Twitter en Facebook creëren uit winstbejag het ideale ecosysteem voor conflict en misbruik. “De meetbaarheid van sociale media zijn een absolute boosdoener voor mens en maatschappij.”

Sociale media zouden ons verbinden. En dat doen ze in grote zin natuurlijk nog altijd. Zeker als je het puur technisch bekijkt. Toch associëren we die sociale platformen steeds meer met een mijnenveld of de ideale plek voor een stellingenoorlog in plaats van een omgeving waar bruggen of – om het met de woorden van Facebook-baas Mark Zuckerberg te zeggen – community's worden gebouwd.

“Bruggen bouwen is dan ook helemaal niet het doel van Twitter of Facebook”, zegt Ben Grosser tijdens een Skype-gesprek. “Die platformen hebben onze conversaties uit eigenbelang ‘gegamificeerd’. En de spelregels zijn duidelijk: het gaat er niet om wie de beste conversatie voert of een soort common ground in een gesprek zoekt. Neen, het draait om wie wint. Wie haalt de meeste likes en de meeste retweets.”

Ben Grosser is een digitale kunstenaar en professor nieuwe media aan de universiteit van Illinois. Hij verdiept zich al jaren in de impact van technologie en daagt met zijn projecten en installaties mensen uit om na te denken over hoe software in het algemeen en platformen zoals Facebook of Twitter in het bijzonder onze relatie tot elkaar en tot de samenleving wijzigen. “Software wordt steeds met een bepaald doel ontwikkeld, maar er dienen zich ook altijd gevolgen aan die je eigenlijk niet bedoeld hebt.”

Wie daar perfect over kunnen meespreken zijn Mark Zuckerberg van Facebook en Jack Dorsey van Twitter. Beide heren staan aan het hoofd van platformen met duidelijke missies. Facebook wil van de wereld één grote, happy community maken, terwijl Twitter de thuishaven van vrije meningsuiting wil zijn waar je in enkele swipes weet wat in de wereld gebeurt.

De onbedoelde neveneffecten die de ontwikkelaars van Facebook en Twitter gecreëerd hebben, kennen we. Haat, extremisme, gewelddadige video’s, trollenlegers, desinformatie en eindeloos gescheld. We zouden die termen allemaal onder de noemer misbruik kunnen stoppen. Zo noemen Zuckerberg en Dorsey het zelf graag. Hun platformen worden misbruikt door mensen met slechte bedoelingen. En dan klinkt het pr-praatje meestal zo: we doen er alles aan om dit soort misbruik tot het minimum te beperken. Alsof ze er eigenlijk niet veel aan kunnen doen. Maar is dat wel zo?

Politieke saus

“De belangrijkste oorzaak voor de wansmakelijke toestanden op sociale media kun je verklaren vanuit hun verdienmodel”, zegt Rebekah Tromble, professor aan de universiteit van Leiden. De Amerikaanse doet al meer dan zes jaar onderzoek naar de impact van sociale media op politiek in heel de wereld. “Zowel Twitter als Facebook zijn in hetzelfde bedje ziek. Ze hebben maar één doel: dat is zoveel mogelijk mensen overtuigen om een profiel aan te maken op hun netwerk. Nadien proberen ze je constant te verleiden om zoveel mogelijk tijd te spenderen op hun platform.”

Hoe meer tijd we spenderen op een bepaald platform, hoe meer advertenties aan ons getoond kunnen worden, hoe groter de omzet van de platformen wordt. Het raadsel dat sociale media met dergelijke verdienmodellen moeten kraken is: hoe hou ik mensen zo lang mogelijk op mijn platform? Aan het eind van de rit is die race voor aandacht een zogenaamd nulsomspel: de tijd die je op het ene platform spendeert, kan je niet op een ander spenderen. Bovendien zijn er maar 24 uren in een dag en is scrollen en liken niet het enige wat van ons verwacht wordt.

“Het codewoord om onze aandacht zo lang mogelijk vast te houden is engagement”, zegt Tromble. Door ons ons onlinegedrag, zoals clicks en likes, te monitoren, leren algoritmes wat ons interesseert. Op basis van die gedragsanalyse helpt het algoritme ons door de bomen het bos te zien. Het rangschikt Facebook- of Twitter-berichten zoveel mogelijk op maat. Het bericht waarvan het algoritme denkt dat we er zeker op zullen reageren komt bovenaan te staan.

“In een neutrale omgeving lijkt engagement een ideale maatstaf om iemands tijdlijn op af te stemmen, maar zodra je een politieke saus over dat model giet, ontstaan er problemen”, zegt Tromble. Uit verschillende wetenschappelijke onderzoeken blijkt dat engagement de ideale brandstof is voor extremisme, polarisatie en trollenlegers.

Uit een studie van Pew Research Center waarin 200.000 persberichten en Facebook-posts geanalyseerd werden, bleek bijvoorbeeld dat kritische posts meer vind-ik-leuks, commentaar en delingen genereren. Amerikaanse Congresleden die op een verontwaardigde manier lieten weten dat ze het oneens waren met een bepaalde stelling, ontvingen 50 procent meer likes, drie keer zoveel reacties en hun berichten werden twee keer zoveel gedeeld dan bij Congresleden die het eens waren met de stelling die ze deelden.

Associated Press deed ook onderzoek naar het engagement van de tweets van Amerikaans president Trump toen die 100 dagen president was. Uit de data bleek dat Trump tweets in verkiezingstijd veel meer engagement opwekten dan in de periode waarin hij president was. Analisten gingen ervan uit dat Trump iets gereserveerder was gaan tweeten sinds zijn aankomst in het Witte Huis.

Cijfercensuur

Of misschien had hij de Chrome-extensie ‘Twitter Demetricator’ van Ben Grosser wel geïnstalleerd. Grosser ervaarde enkele jaren geleden zelf op Facebook dat het aantal likes of reacties belangrijker was dan de inhoud van een bericht zelf. Om die prikkels uit te schakelen ontwikkelde de mediaprofessor zowel voor Facebook als voor Twitter een ‘Demetricator’, oftewel een programma dat alle cijfers op het platform wegneemt.

Bij De Morgen installeerden we de ‘Twitter Demetricator’ gedurende twee weken. Met een simpele schuifbalk antwoord je 'yes' op de vraag ‘Hide the metrics?’ en Twitter wordt plots een volledig nieuwe ervaring.

Je ziet niet meer hoeveel volgers je hebt of hoeveel meldingen je nog moet bekijken. Ook het aantal hartjes, retweets of reacties onder tweets wordt weggecensureerd.

Het is maar eens die cijferinformatie weg is, dat we beseffen hoeveel we afgaan op cijfers. Hoeveel mensen zijn we uiteindelijk net niet beginnen volgen omdat ze te weinig volgers hadden? Het valt op hoe onze ogen automatisch door de tijdlijn scrollen op zoek naar tweets die veel reacties of retweets genereren. Dat kan niet anders dan grappig of interessant zijn. Door de ‘Twitter Demetricator’ gaan we veel trager door de tijdlijn. We moeten elke tweet of elk profiel puur op inhoud beoordelen.

Grosser moet lachen wanneer we hem over onze ervaringen vertellen. “Als we ons zorgen maken om misinformatie en willen dat mensen iets langer stilstaan bij de inhoud, dan lijkt de snelheid uit scrollen halen geen slecht idee.” Grosser benadrukt dat hij de oplossingen voor Twitters problemen niet heeft en dat zijn Chrome-extensie enkel bedoeld is om vragen op te werpen.

Hij ziet in de 'kwantificatie' van onze online-interacties alleszins wel de oorsprong van veel kwaad. “We hechten heel veel waarde aan de cijfers in die sociale netwerken. Ze hebben voor ons een bepaalde autoriteit.”

Sociaal geslaagd

Een autoriteit die sociale media graag uitbuiten. Denk bijvoorbeeld aan het psychologisch fenomeen social proof. Een restaurant dat bomvol zit beoordelen we als succesvoller dan een restaurant dat halfvol zit omdat we ervan uitgaan dat die restaurantgangers een weloverwogen keuze gemaakt hebben. “Daar spelen sociale media op in”, zegt Reinout Van Zandycke, die politieke partijen leert omgaan met sociale media. “Kijk maar hoe Facebook je een evenement voorstelt en meteen meegeeft dat 24 andere vrienden al gaan. De druk om ook te gaan, wordt op die manier veel groter.”

Maar met die cijfers kan je mensen ook misleiden. Grosser vindt dat we niet voldoende beseffen wat cijfers op sociale media betekenen. “Wie zijn die tienduizend volgers? Waarom volgen ze een bepaalde persoon? Waarom wordt een bericht duizend keer geretweet? En hoe weet je dat er geen softwarebotjes ingezet zijn om het algoritme van Twitter te misleiden? Hoe hoger het het cijfer, hoe meer waarde we er aan hechten, maar hoe moeilijker het is om te achterhalen wat daar precies achter zit.”

We willen ons als mens verbonden voelen met anderen. We willen waardering en respect ervaren van andere mensen. “Die cijfertjes geven ons het ideale meetinstrument om te checken of we sociaal geslaagd zijn. Bovendien zijn we allemaal verslaafd aan groei. Meer is beter dan minder.” 

Niemand wil liever tien dan honderd likes en retweets. Wie wil er nu niet succesvol zijn?

“Het gaat zelfs zo ver dat we ons gedrag aanpassen aan wat algoritmes willen. Wanneer ik aan mijn studenten vraag hoe ze het meeste likes kunnen genereren zullen ze kiezen voor een gif (online beeldsequentie, FE), niet voor een geschreven paragraaf.”

Vetten en suikers

De keuze van Grossers studenten voor een gif in plaats van geschreven tekst is onschuldig, maar zoals hierboven al staat: “De algoritmes van Facebook en Twitter belonen extreme meningen en trolling waardoor er veel minder ruimte is voor een constructief en gezond debat”, herhaalt Rebekah Tromble.

Ben Grosser gelooft dan ook niet dat de aan groei verslaafde bedrijven uit Silicon Valley in de nabije toekomst een oplossing zullen vinden voor het probleem. “Meer zelfs, zolang Zuckerberg en Dorsey winst moeten maken en hun raad van bestuur tevreden moeten houden, zie ik weinig verbeteren.” Maar Facebook of Twitter is Grossers laatste zorg. “Ik maak me vooral zorgen over het feit dat we geen alternatief meer zouden kunnen bedenken voor de verdienmodellen die we vandaag kennen. Daar moeten we naar blijven zoeken.”

Rebekah Tromble is minder pessimistisch. Zij ervaart het als een opportuniteit dat een bedrijf zoals Twitter zich openstelt voor wetenschappers zoals zijzelf om uit te zoeken of er geen andere manier is om interacties te meten. Als mens gaan we af op verschillende indicatoren om te checken of ons lichaam gezond is. Zo kan je lichaamstemperatuur te hoog zijn of is je bloeddruk veel te laag. “Met de juiste vragen en via verschillende parameters moet het mogelijk zijn om de gezondheid van Twitter of Facebook te achterhalen en daar iets aan te doen.”

Zo deed Twitter volgens haar al een interessante suggestie om de gezondheid van Twitter in kaart te brengen. Jack Dorsey suggereerde om te kijken naar shared attention, shared reality, variety en receptivity om de gezondheid van conversaties op zijn platform te meten. In mensentaal: Twitter wil onderzoeken hoeveel overlap er is in discussies, of we op basis van van dezelfde feiten discussiëren, of we genoeg in aanraking komen met andere meningen die vertrekken vanuit dezelfde feiten en of we bereid zijn naar elkaar te luisteren.

“De voorwaarde om dit soort initiatieven te doen werken, is wel dat Twitter en Facebook zich openstellen voor onderzoekers en hun data met onderzoekers delen. Enkel op die manier kunnen we experimenteren en kijken hoe we een socialemediaplatform kunnen bouwen waar constructieve gesprekken de norm zijn.”

Danah Boyd, hoofdonderzoeker bij Microsoft en oprichter van het Data & Maatschappij Onderzoeksinstituut, had ons nochtans gewaarschuwd in 2009 voor de neveneffecten van de aandachtseconomie.

Ze wees er toen op dat onze lichamen geprogrammeerd zijn om vetten en suikers te eten omdat die zeldzaam zijn in de natuur. We zijn ook biologisch geprogrammeerd om aandacht te hebben voor bepaalde stimuli. Denk aan vernedering, schaamte, geweld, seks en vunzigheden. “Indien we niet opletten, ontwikkelen we een psychologisch equivalent van obesitas. En dan doen we niet anders meer dan content consumeren die totaal niet voordelig is voor onszelf of voor de hele samenleving.” Hadden we toen maar geluisterd.

Freek Evers

Krijg elke maandag het beste over mens en technologie in uw mailbox

Laat hieronder je e-mailadres achter en ontvang gratis de fascinerende nieuwsbrief over de relatie tussen mens, media en technologie van De Morgen-journalist Freek Evers:

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234