Zaterdag 27/02/2021

Ontwapenende charme, tijdloze schoonheid

Audrey 100, een prachtig fotoboek van wijlen Audrey Hepburn (1929-1993) dat begin november in de winkel ligt, is een verzameling van de honderd mooiste foto’s van een actrice uit de vorig eeuw die stilaan vooral verder leeft als tijdloos stijlicoon. De selectie maken moet een aangename maar moeilijke klus geweest zijn.

De in Elsene (Brussel) geboren Audrey Hepburn was nochtans geen femme fatale met enig raffinement, noch een vamp van attributen voorzien. Ze was ook niet opzichtig blond. Misschien was ze wel de mooiste girl next door, maar dan zo perfect elegant dat het meisje om de hoek ineens universeel is. Zelfs met het klimmen van de jaren bleef ze altijd een beetje meer meisje dan vrouw. Vreemd toch dat ‘de mooiste vrouw ooit’, zoals ze ooit bekroond werd, altijd zo jongensachtig was. En dat van in haar eerste grote rol in Roman Holiday in 1953 tot mooie zwart-witfoto’s uit de late jaren zeventig, toen ze de kaap van de vijftig net had gerond.

Als er iets moeilijk te vergelijken of te meten valt, zal het wel schoonheid zijn. En toch heeft elke streek en ieder land wel haar of zijn ‘missverkiezing’ en bestaan er zelfs professioneel samengestelde erelijsten en klassementen of all time, voor wat ze waard zijn. Audrey Hepburn staat altijd ergens bovenaan. In 2004 bracht Evian een internationaal panel van honderd bekende stylisten, make-upartiesten, modejournalisten en -fotografen, agenten van modellenbureaus en dies meer samen: ze verkozen Audrey Hepburn tot ‘most beautiful woman of all time’. Ze ging Liv Tyler, Cate Blanchett, Angelina Jolie en Grace Kelly voor. Rosie Green van Elle roemde Hepburn als “de personificatie van natuurlijke schoonheid”.

In 1999 riep het American Film Institute Hepburn uit tot de ‘third greatest female star of all time’. De vier andere dames in die historische topvijf - Katharine Hepburn op één, Bette Davis op twee, Ingrid Bergman op vier en Greta Garbo op vijf - waren tot elke vezel in hun lijf karakteractrices. Audrey Hepburn was dat veel minder. Het bovenwoelen op het witte doek van het slechtste, het meest ambigue, zelfs het verdorvene in de vrouw, dat liet Audrey Hepburn over aan veel complexere en zeker betere actrices zoals Bette Davis.

Naïef en hoopvol

Wat ze dan wel kon of had? Iets aarzelends, iets ingetogens, zelfs iets geremds, en dan weer die gulle lach, dat spontane optimisme. En vooral die ontwapenende charme. Er was niets lelijks aan Hepburn en er zat vooral ook geen kwaad in haar.

Dat had niet alleen met haar looks te maken, maar ook met de karakters die ze speelde. De loopbaan van Hepburn speelde zich niet alleen af in een tijd dat de filmcineasten en fotografen twijfelden tussen zwart-wit en kleur. Zwart-wit, met hier en daar een subtiel grijstintje, waren ook de plots van de films. Het was de naoorlog op zijn best, zijn mooist, zijn naïefst, zijn hoopvolst ook: alles wat slecht en kwaad was, was voorbij. Het leven mocht hoopvol zijn, en vrolijk, en zonder veel besognes. Films hoefden geen sociaal epos te zijn, geen allesverterend psychisch gevecht. Audrey Hepburn werd groot in een tijd waarin het romantisch drama en zelfs de romantische komedies niet alleen volwaardige genres waren, maar ook leidden tot topfilms die bij hun release de box-office deden knallen en zelfs vijftig of zestig jaar later het predicaat ‘filmklassieker’ waard blijven. Het was een genre waarin de plot zich haast per definitie ontwikkelde tussen een oudere, rijpere man en het jongere - zeker bij aanvang van het verhaal nog volkomen onschuldige - wicht.

En alsof het personage dat Audrey Hepburn neerzette er zelf niet aan kon doen, viel in de films waarin ze meespeelde de ene na de andere, vaak wat aristocratische beroemdheid voor haar: Gregory Peck in Roman Holiday (1953), Henry Fonda in War and Peace (1956), Fred Astaire in Funny Face (1957), Peter Finch in The Nun’s Story (1959), George Peppard in Breakfast at Tiffany’s (1961), Rex Harrison in My Fair Lady (1964) en Sean Connery in Robin and Marian (1976), de oudere, bedachtzamere Robin Hood, en de rijpere Maid Marianne die moet leven met zijn dood. Het was een symbolische film, ook voor haar eigen carrière, haar leven als stilaan oudere filmster.

Smachtende tijden

Audrey Hepburn in zwart-wit, tijdloos icoon uit nu al lang vervlogen jaren, samen met de jonge Juliette Greco, de voorname Grace Kelly, met Jean Seberg en haar Nouvelle Vague, met Natalie Wood en Liz Taylor, en de prille Shirley MacLaine. En zeggen dat een Hugo Camps toen amper de vijftien jaren voorbij was, nog in Molenstede bij Diest woonde, onbereikbaar ver van het moois dat de film en de wereld te bieden hadden. Ach, het moeten smachtende tijden geweest zijn.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234