Donderdag 20/02/2020

Ontdekkingstocht door Istanboel

Istanboel weet bezoekers al eeuwen te betoveren. Met bazaars, byzantijnse kerken, oriëntaalse paleizen en sultansmoskeeën uit de tijd dat de stad nog Constantinopel heette. Maar Istanboel is inmiddels ook een hippe, swingende wereldstad: het New York aan de Bosporus. Inwonend journalist Marc Guillet laat onbekende kanten zien van een bruisende stad.

Door Marc Guillet

e Galatabrug is Istanboel in het klein. De kosmopolitische wereldstad laat zich hier in talloze gedaanten zien. Walmende oude stadsbussen naast moderne ‘groene’ bussen en gele taxi’s op lpg. Vlak daarachter een stoer ronkende Porsche Cayenne Turbo S met keiharde hiphop uit de boxen. Een Turkse macho achter het stuur en een paar vriendinnen in minirokjes, uitdagende decolletés en trendy zonnebrillen. Koerdische venters staan met handkarren op de brug. Ze verkopen gezouten zonnebloempitten, amandelen en pistachenootjes. Veerboten varen af en aan, vissersbootjes lossen hun vangst - ansjovis, sardientjes, makreel en mul - bij de vismarkt aan de kade. Luxejachten varen langs. En enorme cruiseschepen meren aan voor een dagje Istanboel.

De Galatabrug over de Gouden Hoorn is het ideale beginpunt voor een ontdekkingstocht door Istanboel, tot 1923 de majestueuze hoofdstad van het Osmaanse Rijk. De sultans hadden beroemde architecten als Mimar Sinan in dienst om de mooiste imperiale moskeeën te bouwen die in grandeur wedijveren met de islamitische godshuizen in Kaïro en Mekka. Die van Süleyman de Prachtlievende bijvoorbeeld, met zijn vier minaretten.

bazaar

In het verlengde van de Galatabrug ligt de Kruidenbazaar met zijn exotische geuren en kleuren. En iets verderop de heuvel met het oriëntaalse labyrint van de Grote Bazaar (Kapali Çarsi in het Turks). Ruim 500 jaar oud en met zeker 3.600 winkeltjes. Het is er een en al bedrijvigheid en een feest voor alle zintuigen. De verkopers trekken elke denkbare trukendoos open om toeristen binnen te lokken. Niemand koopt zonder af te dingen. Dertig procent kan er meestal wel van de prijs af. De aanhouder wint.

Oude tijden herleven bij het betreden van de Zincirli Han, een hofje uit de 18de eeuw waar handelaren hun waren en lastdieren stalden. Op de begane grond, waar de dieren stonden, zijn nu winkeltjes. Op de eerste verdieping, waar de reizigers sliepen, maken juweliers sieraden. Je vindt dit hofje in het oudste deel van de bazaar, in de Kuyumcular-straat (caddesi).

Links van de Galatabrug zie je de torens van het Topkapi-paleis. Van daaruit bestuurden de sultans het Osmaanse Rijk en leefden hun vrouwen en slavinnen in de haremvertrekken. Absoluut een bezoek waard. Vlak daarnaast is de beroemde Hagia Sophia uit 537, met zijn schitterende mozaïeken en indrukwekkende koepel. Na de verovering van het christelijke Constantinopel door sultan Mehmet II ‘de Veroveraar’ (1453) was de kathedraal bijna 500 jaar een moskee. Atatürk besloot dat het historische gebouw alleen nog dienst mocht doen als museum. Een slimme zet, want daarom moet elke toerist nu 20 lira (10 euro) betalen om binnen te komen.

Istanboel moet je zeker ook vanaf het water zien. Dan komen de skyline - een mix van de Oriënt en moderne westerse hoogbouw - en het karakter van de stad pas echt tot leven. Het leukst is een rondvaart met de gewone veerboot ‘Bogaz Hatti’ die twee of drie keer per dag vertrekt vanaf Eminönü, vlak bij de Galatabrug. Zigzaggend over de Bosporus - waarbij hij zes dorpjes aandoet - tot aan het laatste dorp Anadolu Kavagi. Loop daar de heuvel op tot de ruïne van de 14de-eeuwse Genuese burcht waar je een prachtig uitzicht hebt op de Zwarte Zee. Geniet vervolgens beneden in het dorp op een van de terrasjes van tarbot of andere vis en een goede Turkse witte wijn. Elegante houten villa’s (yali’s), zomerverblijven van voormalige notabelen uit de Osmaanse tijd, sieren de oevers van de Bosporus.

Genietend van de stad zul je onverwachts overblijfselen ontdekken uit vervlogen tijden van Europese christenen, Joden, sultans, dansende derwisjen en het exotische van de Oriënt. Of sporen vinden die doen denken aan de Belgische aanwezigheid in deze stad. Zo werd het Sirkeci-station, het laatste station op Europees grondgebied, speciaal gebouwd voor de legendarische Oriënt Express, in het leven geroepen door de Belg Georges Nagelmackers, stichter van de Wagons-Lits slaaptreinen.

uitgaansleven

Van het station lopen we naar Istiklal Caddesi, een winkelpromenade van bijna drie kilometer lang die begint voorbij de Galata-toren - waar je van bovenaf een mooi uitzicht hebt op de Gouden Hoorn en de oude stad - en eindigt op het Taksim-plein. Het uitgaansleven bruist er als nooit tevoren. In Babylon bijvoorbeeld, een moderne muziektempel met een breed scala aan muziekstijlen en artiesten, van allerlei soorten wereldmuziek tot rock, jazz en elektronisch. En in Ghetto, met veel jonge, liberale en progressieve professionals uit het alternatieve circuit en de homoscene die vaak werken bij ngo’s. De muziek is meer lokaal Turks: pop, jazz, techno. Maar er komen ook buitenlandse dj’s en bands. Of Jolly Joker Balans, de Mojo Blues Bar of het heavy-metalcafé DoRock waar elk weekend liveoptredens zijn, onder andere van de Turkse meidenband Kirmizi. Dogztar heeft veel bands uit Engeland en speciale aandacht voor percussie en blaasinstrumenten. Araf heeft een jaren 70-sfeer, authentieke zigeuner/Balkanmuziek en oriëntaalse blues. Maar er is ook salsa, folkmuziek en punk. Daarom is de dansvloer bijna altijd afgeladen vol. De Peyote Club in Nevizade heeft een alternatieve muziekscene. Een kweekvijver voor indiebands als Chopstick Suicide. Enkele van de grootste namen uit de alternatieve scene - zoals Mor ve Ötesi, Replikas en Baba Zula - begonnen ooit in deze club.

Bezoek ook een van de vele Türkü-bars. Vanaf het Taksim-plein in de linkse zijstraatjes van de Istiklal-straat hoor je allerlei bandjes traditionele volksmuziek spelen. Verder zijn er overal in de zijstraatjes van Istiklal bars te vinden met livemuziek. Istanboel swingt. Doe mee, want dit is een city that never sleeps, hier in het New York aan de Bosporus.

Istanboel is hot door zijn aanstekelijke dynamiek en energie. Door de vele nieuwe galeries, musea, boetiekjes en restaurants. Door de aan de weg timmerende couturiers en popsterren. Door zijn internationaal doorgebroken auteurs als Elif Shafak en Orhan Pamuk. De weemoed die Pamuk voelt in zijn Istanboel, die treurt om de vergane glorie van het Osmaanse wereldrijk, heeft plaatsgemaakt voor optimisme. De stad bruist nu van creativiteit, werkdrift en ambitie.

Ook in culinair opzicht is de stad een melting pot geworden met een grote variëteit aan keuzes. Van traditioneel Turkse gerechten en eetgelegenheden tot fusionfood en moderne, prachtig gelegen restaurants. Midpoint aan de Istiklal-straat bijvoorbeeld. Een ruim, modern ingericht restaurant met een heel mooi terras en een schitterend uitzicht op de Bosporus. Een goede kaart, inclusief vegetarische gerechten. Redelijke prijzen en goede wijnen. Bekend is ook ‘360’, een penthouserestaurant bovenop het Misir Apartment, eveneens aan de Istiklal. Minder bekend en minder duur, maar met een even mooi uitzicht is Litera, op de bovenste verdieping van het Goethe Instituut, in het Yeni Carsi-steegje, nummer 32, naast het Galatasaray-lyceum. Een geheel andere, meer traditionele dinerervaring is Yakup 2. Een authentieke meyhane (taveerne) in Asmalimescit. Yakup 2 heeft een heerlijke nostalgische sfeer met foto’s aan de muren van gasten uit vervlogen tijden. Vraag daar om mezeler (koude voorgerechten) en kies bijvoorbeeld hersenen. Een must is ook een van de visrestaurantjes in Nevizade, een straatje achter de Çiçek Pasaji waar ook veel leuke restaurantjes zijn. Doe zoals de Turken en bestel bij de vis raki (anijslikeur). Het was ook de favoriete drank van Atatürk. En geniet na de maaltijd van salepi dondurma, typisch Turks ijs, dat stevig is als kauwgum, minder snel smelt en gemaakt is van geitenmelk, mastiek en poeder van wilde orchideeën. Ga zeker koffie drinken of op zondagochtend brunchen op het terras van het Kempinski Hotel aan de oever van de Bosporus, waar Oprah Winfrey te gast was en alle koningen, presidenten en popsterren logeren als ze in Istanboel zijn.

Een echt pareltje is de Hazzopulo Passage, schuin tegenover de barokke, goudgekleurde poort van het Galatasaray-lyceum. Via de ‘geheime’ ingang op nummer 16, tegenover het Yapi Kredi Kültür Merkezi en naast het fraaie Konak Kebap restaurant kom je in een steegje met piepkleine winkeltjes. Of via de in 2002 gerestaureerde hoofdingang tegenover het Britse consulaat aan de Mesrutiyet Caddesi. Het binnenpleintje met kinderkopjes is een oase waar het genieten is van de rust en thee uit tulpvormige glaasjes. Of speel er tavla (backgammon) op een van de vele beschikbare borden. De Turken leggen je graag de spelregels uit. Vlak bij de Hazzopulo Passage is een juweeltje waar alle toeristen aan voorbijlopen: de Armeense Üç Horan of Drie Altarenkerk uit 1838. Hij is in de zomer van 2009 prachtig gerestaureerd. Vrijwel elke zondagmiddag is er rond drie uur een feestelijke huwelijksinzegening met bruiden klassiek in het wit en met vijf priesters. Ook als er geen diensten zijn, is de kerk een bezoekje waard. Vraag naar veiligheidsbeambte Sarkis, die Duits spreekt, en hij zal desgevraagd de lichten in de kerk ontsteken. Loop vanaf het Britse consulaat door de Avrupa Passage tot je op de Balik Pazari (Vismarkt) komt. De kerk ligt aan dat straatje, verscholen achter een grote zwarte deur.

Cihangir

Wie vlak voor het Taksim-plein, aan het eind van de Istiklal, naar rechts gaat, komt via de Sira Selviler Caddesi (Cypressenstraat) in de wijk Cihangir. Aan de linkerkant van de drukke straat zien we het zogenaamde ‘Belgisch Paleis’, het gebouw van het Belgische consulaat-generaal. Moslima’s met hoofddoeken en mannen met baarden wonen hier niet. Multiculti voert de boventoon in deze gezellige buurt. Cihangir lijkt met zijn 19de-eeuwse, statige en pastelkleurige gevels meer op Parijs dan op Istanboel. Behalve de oude burgerij - moslims en christelijke Grieken en Armeniërs - wonen hier veel kunstenaars, acteurs, journalisten, artsen en buitenlanders. Een trendy buurt en gezien de snel stijgende huren ook een statussymbool. Met enige regelmaat klinkt in de Sira Selviler de oproep tot gebed: ‘Allahu Akbar’. Opvallend, omdat niet-moslims van oudsher de meerderheid vormden in deze wijk. Het gezang komt van de Firuz Aga-moskee. Een gebedshuis uit 1491, dat bijzonder is omdat het geen koepel maar een puntdak heeft. Het terras van de Kardesler Kebap Salonu voor de moskee is een populaire hangplek voor de locals. ‘Buyurun, buyurun’ (kijkt u eens!) roepen de obers uitnodigend. En er volgt standaard een warm ‘Hos geldiniz!’ (welkom) wanneer de voorbijganger besluit in het zonnetje een glaasje çay (thee) te drinken. In het Simsirci-straatje wacht een andere verrassing: een dierenwinkel! En verderop een schoonheidssalon annex polikliniekje voor huisdieren! Ze schieten als paddenstoelen uit de grond. Een teken dat steeds meer Turken zich niet langer houden aan de islamitische normen en waarden, want strenge moslims vinden honden onreine dieren. In het Akarsu-straatje zijn een paar leuke cafés en restaurantjes: Kahvedan waar Shellie Corman uit San Francisco de scepter zwaait; het visrestaurant - met mooi uitzicht! - op de bovenste verdieping van het Villa Zürich Hotel, en grand café Olivia. Twee straten verder, in de Susam Sokak, woont de Turkse schrijver en Nobelprijswinnaar Orhan Pamuk. Hij is zelden thuis. Maar ga aan het eind van de straat rechtsaf langs een verwaarloosde, witte houten villa de tuin in van de Cihangir-moskee en je geniet van hetzelfde uitzicht als Pamuk: de Bosporus, de Gouden Hoorn, het Topkapi-paleis, de Hagia Sophia en de Blauwe Moskee in één plaatje.

Steek de straat over bij de uitgang van de Cihangir-moskee en loop de Kumrulu Sokak in. Daar zijn nog traditionele houten huizen te bewonderen, opgeknapt en bewoond door Italianen. Via een steile trap terug naar het Akarsu-straatje en bij de moskee links naar beneden. Daar kun je naar het museum voor moderne kunst - Istanbul Modern - gaan of onderuit zakken op de terrassen van de talloze theehuizen van Tophane. Geniet daar van een nargile (waterpijp) met een rijke keuze aan smaken, van appel tot vanille.

En wie de vermoeidheid en het stof van de stad wil afspoelen, bezoekt een Turks badhuis (hamam). De Galatasaray-hamam vlakbij Istiklal heeft een goede naam. Populair zijn ook de Çemberlitas- en de Cagaloglu-hamams (vanaf 60 lira) in de wijk Sultanahmet. Niet alleen voor toeristen. Turken laten zich hier ook graag verwennen tijdens een heerlijke scrub- en massagesessie. Vrouwen vieren er regelmatig een vrijgezellenavond vlak voor het huwelijk. Je kunt dan meegenieten van hun feest waarbij ze op het ritme van een klein djembétrommeltje samen smartlappen en liefdesliederen zingen volgens een oude Turkse traditie.

shoppingparadijs

De Grote Bazaar is ruim 500 jaar oud en telt meer dan 3.500 winkeltjes.

Skyline Istanboel moet je zeker ook vanaf het water zien. Dan komen de skyline - een mix van de Oriënt en moderne westerse hoogbouw - en het karakter van de stad pas echt tot leven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234