Zondag 28/11/2021

Onsterfelijk

Acteur Paul Walker verongelukte in 2013, op z'n 40ste, terwijl de opnamen van het straatrace-spektakel Furious 7 - vanaf volgende week in de bioscoop - nog bezig waren. Heath Ledger en River Phoenix overleden ook in volle draaitijd. Hoe wordt zo'n film eigenlijk afgewerkt, na de dood van de hoofdrolspeler?

Toen de film Furious 7 enkele weken geleden in wereldpremière werd voorgesteld op het South by Southwest Film Festival in Austin, Texas, vroeg producent Neal Moritz aan de extatische fans - de film was geheel onverwacht aan het programma toegevoegd - om niet te verklappen wat er met het Brian O'Conner-personage van Paul Walker gebeurt in Furious 7. Nu vragen filmmakers wel vaker om het einde niet op voorhand weg te geven, maar in dit geval was er toch iets speciaals aan de hand.

Iedereen weet dat Paul Walker om het leven kwam toen de opnameperiode van Furious 7 nog volop bezig was. De productie werd enkele maanden stilgelegd en toen hernomen, waarbij stuntmannen maar ook Cody en Caleb Walker, de broers van Paul, gebruikt werden als zogenaamde stand-ins of body doubles. Waar nodig, werd het hoofd van Paul Walker via computeranimatie op hun lichamen gezet. Er zou ook gegoocheld zijn met niet-gebruikte opnames uit eerdere Fast & Furious-films.

De vraag om discretie van producent Moritz had niet zozeer met die kunstgrepen te maken, dan wel met het lot van hoofdpersonage Brian O'Conner. Zouden de scenaristen het verhaal in die zin herschreven hebben dat de held een van de vele, inderdaad levensgevaarlijke actiescènes niet zou overleven? Als een soort spiegeleffect van wat de acteur in het echte leven was overkomen? Of zou Brian O'Conner, in tegenstelling tot Paul Walker, toch levend het einde van Furious 7 halen?

Een acteur/actrice die overlijdt tijdens de draaiperiode: het is de nachtmerrie van elke filmmaker. En van de betrokken verzekeringsmaatschappij. Kan de film nog gered worden? En hoe gebeurt die afwerking dan eigenlijk? De antwoorden zijn even divers als intrigerend.

Een beroemd voorbeeld is Marilyn Monroe. In de lente van 1962, tijdens de opnames van Something's Got to Give van regisseur George Cukor, werd de actrice ontslagen. Haar wispelturigheid had voor allerlei vertragingen en dus extra kosten gezorgd. En Hollwyoodstudio Fox had het op dat moment financieel al lastig genoeg met het escalerende productiebudget van Cleopatra. Exit Marilyn Monroe.

Maar terwijl er naar een oplossing werd gezocht om de film te redden, liet hoofdrolspeler Dean Martin weten dat hij de film alleen wilde afwerken indien de actrice opnieuw zou worden ingehuurd. Zo geschiedde. Maar op 5 augustus 1962 overleed Marilyn Monroe, in nooit volledig opgehelderde omstandigheden, nog vóór de opnames herbegonnen waren. Toen werd het hele project definitief afgeschreven. Eerder gemaakte opnames van Something's Got to Give werden later wel nog gebruikt in de documentaire Marilyn Monroe: The Final Days uit 2001.

Halloweennacht

In 1993 was de Nederlandse regisseur George Sluizer in Amerika begonnen met de opnames van de thriller Dark Blood. De draaiperiode werd echter op dramatische wijze afgebroken toen hoofdrolspeler River Phoenix op 23-jarige leeftijd, ondanks zijn cleane imago, overleed aan een overdosis. Tijdens Halloweennacht stortte het tieneridool in elkaar buiten de trendy club The Viper Room in Hollywood. Er was al zo'n 80 procent van Dark Blood gedraaid, maar het materiaal werd in beslag genomen door de verzekeringsmaatschappij. En bleef daar in de kluizen stof vergaren.

Bijna 20 jaar later kon de zwaar zieke (en inmiddels overleden) Sluizer, onder meer via crowdfunding en wat 'creatieve oplossingen in de montagekamer' wordt genoemd, de film dan toch min of meer afwerken. Hij moest daarvoor wel eerst het ongemonteerde materiaal terug in handen krijgen. De manier waarop dat gebeurde, zou eigenlijk ook wel eens verfilmd mogen worden. "Ik heb wat mensen en een vrachtwagen gecharterd. En die hebben de spullen 's nachts weggehaald", vertelde hij indertijd in een interview met deze krant.

"Juridisch gezien was het diefstal, maar de mensen van de verzekering waren op de hoogte. Ze waren blij dat ze ervan af waren. Ik zie het niet als een misdrijf. Het is een morele daad om iets te redden dat waardevol is. Ik heb de film helemaal herschreven om hem fatsoenlijk te kunnen monteren, en er een inleiding aan toegevoegd die het verhaal voor de kijker begrijpelijk maakt."

De film werd dus gered, maar dat is nogal relatief. Vermits het juridische steekspel nog steeds niet was afgelopen, mocht Dark Blood, die in 2012 werd afgewerkt, enkel en alleen 'op uitnodiging' op een aantal filmfestivals vertoond worden en niet in commerciële roulatie gebracht worden.

Johnny Depp to the rescue

Minstens even fascinerend is het verhaal van The Imaginarium of Doctor Parnassus. In januari 2008, tijdens een onderbreking in de draaiperiode, verloor scenarist-regisseur Terry Gilliam zijn 28-jarige hoofdrolspeler Heath Ledger aan een overdosis. Even werd gevreesd dat de film nooit zou afraken, maar toen was er die wonderbaarlijke ingeving om de resterende scènes van Tony, het personage van Ledger, te laten vertolken door drie acteurs: Johnny Depp, Jude Law en Colin Farrell. En wat bleek? Het werkte, alsof het altijd zo bedoeld was.

De laatste scène met Heath Ledger was die waarin de kermiswagen - het Imaginarium uit de titel - dichtgedaan wordt en verdwijnt in de nacht. "Het laatste shot van Heath was de wagen die om de hoek verdwijnt, terwijl hij achteraan zit. Dat was het einde van het Imaginarium", vertelde Terry Gilliam ons indertijd. "En even zag het ernaar uit dat het ook het einde van de film zou worden. Héél vreemd. Toen we nog helemaal niet wisten hoe het verder moest, heb ik Johnny Depp gebeld en hem gevraagd of hij mij wilde helpen als dat nodig was. 'Yeah, I'm there', zei hij. Zo eenvoudig was het."

"Er was al geld aan het wegvloeien, maar toen Johnny had toegezegd, waren de money people opnieuw gelukkig. Ik wist ook dat ik Heath niet zomaar zou vervangen door een andere acteur, dat wilde ik niet. Toen realiseerden we ons dat Tony, het personage van Heath, drie uitstapjes achter de spiegel maakt en dus lag de oplossing voor de hand, want die scènes moesten nog gedraaid worden. Ik heb dan twee andere acteurs gebeld die Heath goed gekend hebben, want ik wilde het 'in de familie' houden. Jude Law en Colin Farrell zegden toe.

"Ik wist dat Johnny Depp de eerste Tony achter de spiegel moest worden, want als het publiek die overgang van Heath naar Johnny zou accepteren, waren we al halverwege. Weet je wat zo ironisch was? Toen we met Heath de scène draaiden vlak vóór hij door de spiegel zou stappen, deed hij iets vreemds en vroeg ik: 'Heath, waar ben je mee bezig? Ik weet het! You're doing Johnny Depp!' En hij lachte, betrapt: 'You've got me!' En in de volgende scène is het Johnny die Tony speelt. Wie had zoiets in een scenario kunnen schrijven?

"De ironie is dat de keuzes die we móésten maken de film beter hebben gemaakt. Ik ben altijd blijven zeggen dat Heath de coregisseur van de film is. Dat hij er als het ware ook aan meegeschreven heeft. Daarom hebben we beslist om dit 'a film from Heath and friends' te noemen. Omdat Heath maar de helft van de film had afgewerkt, wilde de verzekering slechts de helft van zijn wedde uitbetalen aan zijn familie. Johnny, Jude en Colin zeiden toen: 'Oké, wij doen dit samen voor de andere helft.' Dat geld hebben ze dan aan zijn dochtertje Matilda gegeven."

Arme postbode

Een acteur die tijdens de draaiperiode overlijdt, dat is erg. Maar het kan nog erger. Als de acteur bijvoorbeeld op de filmset zelf om het leven komt. Door een zogenaamd freak accident, zoals in 1993 het geval was met Brandon Lee, zoon van de legendarische kungfuster Bruce Lee, op de set van de macabere wraakthriller The Crow van regisseur Alex Proyas.

Het eerste beeld dat we van Brandon Lee in de film te zien krijgen, is bijzonder luguber: tijdens een hevig onweer wordt een graf van binnenuit omgewoeld en komt, wankelend en moeizaam, een lijk naar buiten gekropen: rockmuzikant Eric Draven (rol van Brandon Lee) is vanuit het dodenrijk teruggekeerd, om als een grimmige wraakengel dood en vernieling te zaaien. De verzamelde booswichten, die het voorwerp uitmaken van die wraakexpeditie, laten zich natuurlijk niet zomaar afslachten en dus wordt het hoofdpersonage telkens opnieuw met messen, revolvers en ander wapentuig bestookt. Maar Eric Draven is niet meer van deze wereld en dus blijft hij onkwetsbaar en onoverwinnelijk. Althans in de veilige illusie van de filmfictie.

In werkelijkheid gebeurde er echter een tragisch ongeval. Op de 50ste dag van een opnameperiode, die in totaal 58 draaidagen moest tellen, werd de scène gedraaid waarin de nog levende Eric door een of andere slechterik wordt neergeknald. Het wapen in kwestie was weliswaar geladen met zogenaamde blanks of dummy's, maar door een rampzalige samenloop van omstandigheden (oververmoeide crew, lange draaidagen, een onervaren gun handler) werden niet alle gebruikelijke veiligheidsnormen en -voorschriften in acht genomen, zodat niemand opgemerkt had dat er zich in de loop van het vuurwapen nog een echte en dus dodelijke kogelpunt bevond.

Omdat het de bedoeling was dat Eric Draven op de grond zou vallen, waarbij hij zelf een bloedzakje ter hoogte van zijn buik moest opendrukken, had de filmploeg in eerste instantie niet meteen door dat Brandon Lee door een echte kogel was getroffen. Hij kon niet meer gered worden.

In allerlei recensies werd de vertolking van Brandon Lee bejubeld, waarbij ook steevast opgemerkt wordt dat The Crow echt zijn doorbraakfilm had kunnen worden. Niet dus. De acteur had reeds bijgetekend voor twee vervolgfilms en was voor The Crow ettelijke kilo's afgevallen om beter aan het uitgemergelde, op Iggy Pop en andere magere rockidolen geïnspireerde personage van Eric Draven gestalte te geven. Zelf vond Brandon dat zanger Chris Robinson van The Black Crowes een interessant voorbeeld was.

Om The Crow toch te kunnen afwerken, werd ook toen computer-animatie gebruikt om het personage Eric Draven uit reeds gedraaide opnamen te isoleren en via digitale toverij in nieuwe scènes met een stunt double te integreren. Er heeft toen nog wel een tijdje het sinistere gerucht de ronde gedaan dat de beelden van het fatale schietaccident in de afgewerkte film waren gebleven, maar dat werd door de betrokkenen met klem ontkend.

Maar soms lijkt het ook alsof de dood enig mededogen toont. En geduldig wacht. In juni 1994 overleed de Italiaanse acteur en coscenarist Massimo Troisi, daags na het inblikken van Il Postino. Hij was nauwelijks 41 jaar, maar zijn hart was zwak en een transplantatie was even dringend als onvermijdelijk. Regisseur Michael Radford was bereid de film uit te stellen tot na de operatie, maar de acteur wilde niet wachten. Hij wilde naar eigen zeggen Il Postino eerst nog draaien "met mijn oude hart". Maar de dag na het einde van de draaiperiode hield dat oude hart op met kloppen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234