Donderdag 17/06/2021

Ons vertrouwen is weg. Komt het ooit terug?

Economische analyses van de beurscrisis overstelpen ons even overvloedig als het slechte nieuws zelf. Maar alle hypertechnische analyses ten spijt bleef de cruciale rol van het intermenselijke vertrouwen in deze malaise onderbelicht. Paul Huybrechts neemt het werk van de Britse econoom Paul Seabright in de hand en gaat erg ver terug in de geschiedenis van de mensheid om de kern van de bancaire ellende te begrijpen.

De wereld is losgeslagen. Heilige rechten worden door heirkracht, force majeure, 'acts of God' weggevaagd. Hadden de eigenaars van Fortis tijdens die onzalige weekends enige zeggenschap over de verkoop van hun bezittingen en hebben ze er één centiem vergoeding voor ontvangen? Beroofd werden ze, uitgerekend door de Staat, die hen toch tegen roof moet beschermen.

Niet alleen het eigendomsrecht, ook de Maastricht- en de boekhoudnormen, ook de rol van de nationale banken en overheden in een vrije economie worden weggezogen in een zwart gat waarvan de 'kost' volgens The Financial Times in Europa alleen al is opgelopen tot 1,873 biljoen euro. Zonder Zwitserland op dat moment. En dat bedrag betreft alleen de kapitaalsteun die door de landen aan de banken werd toegezegd, niet eens de bankkredieten en deposito's die door de overheden werden gewaarborgd, noch de kredietkranen die de nationale banken hebben opengezet. Niemand weet intussen al hoe we de aangegane engagementen zullen financieren: met hogere belastingen, met gigantische leningen of met de geldpers, dus inflatie. Morgan Stanley voorspelt al een Amerikaans overheidstekort van 12 procent van het bbp.

Er is eigenlijk een meteoor op de aarde ingeslagen. Zo onwaarschijnlijk is de realiteit. Het beeld van de meteoor is niet van mij, maar van een vriend die zich bezighoudt met de complexe wiskundige modellen waarop banken stoelen. Als we in die modellen moeten meenemen wat nu gebeurt, wordt bankieren onmogelijk, zegt hij. De standaarddeviatie (de afwijking van de metingen ten opzichte van het gemiddelde) schoot omhoog van 2,3 naar 9,5. Bankkredieten moeten onbetaalbaar duur worden en deposito's kunnen nog nauwelijks worden vergoed.

Iedereen is de tel en de trappers kwijt. Ook gezien hoe Henry Paulson Nancy Pelosi half knielend en met gevouwen handen om 700 miljard dollar smeekte? En als het hoogste gezag panikeert, trekt stroomafwaarts natuurlijk iedereen aan alle remmen tegelijk. In de eerste plaats de bankiers onderling, maar ook de gewone spaarder. Men kreeg het goud even niet aangesleept en in sommige kantoren verlieten veel biljetten de loketten.

Hoe herwinnen we onze kalmte? Hoe overleven we dit? Laten we daarvoor teruggaan in de tijd en meteen ver genoeg. In 2004 publiceerde de Britse, in Toulouse docerende econoom Paul Seabright een boek dat ons nu kan helpen. In The Company of Strangers. A Natural History of Economic Life schetst hij de weg die we met zijn allen hebben afgelegd, niet sinds 1982 (wanneer de tijdrekening van de financiële analisten begint), niet sinds 1789 (wanneer de financiële geschiedschrijving start), maar de jongste 10.000 jaar.
Tienduizend jaar geleden beslisten aapachtige zwervers zich voortaan ergens vast te vestigen en het risico te nemen om op andere zwervers te rekenen. Vreemden dus te vertrouwen in plaats van ze met een knots de kop in te slaan. Vechten tegen alle 'vreemden' was tot dan de enige overlevingsstrategie.

We zijn nu enkele honderden generaties verder en we leven in een uiterst complexe, geglobaliseerde wereld. De laptop waarop ik dit schrijf, bevat Amerikaanse en Europese kennis, en grondstoffen uit alle continenten. Met de talloze mensen achter dit apparaat heb ik helemaal niets te maken: het zijn vreemden. Toch hebben we het samen aangedurfd om van vreemden afhankelijk te worden. En zij van ons. We hebben 10.000 jaar lang aan instellingen getimmerd waarmee we elkaar hopen te kunnen vertrouwen.

Vertrouwen, dat is de sleutel van het toch ongelooflijke traject dat onze diersoort heeft afgelegd. 'Geleidelijk', leert Seabright, 'gingen lokale vertrouwensculturen op in grotere regionale, nationale en zelfs in een wereldwijde vertrouwenscultuur, met wel onvermijdelijke periodes van terugval.' Soms valt ook een vertrouwenscultuur uiteen. Zoals nu België? De belangrijkste instelling die dit langzaam groeiend vertrouwen mogelijk maakte, is het eigendomsrecht. De landen die dit eerst invoerden, groeiden sneller naar meer welvaart dan andere, waar het mijn en het dijn minder goed van elkaar werd onderscheiden. Met Fortis gaan wij nu terug naar de tijd van de Noormannen.

Onder dat eigendomsrecht kon een andere instelling gedijen, die ons nu zoveel zorgen baart: het geld. Geld is een geweldige uitvinding, leert Seabright. Dankzij geld kan een begenadigde schoenmaker schoenen maken, terwijl ergens ver weg een doorgewinterde boer zorgt voor vlees. Geld maakt het praktisch mogelijk om vreemden te vertrouwen. En het geld leidde tot nog een instelling: de banken. Zij namen geleidelijk de plaats in van het kolenhok. En de bankiers kregen zelfs de toelating om het geld ook aan het werk te zetten, zij het zolang ze de illusie maar hoog houden dat ieders geld altijd beschikbaar is. Dat is natuurlijk niet zo, maar het volstaat dat we het allemaal geloven. Zo hangt onze samenleving overigens aan elkaar. Als iedereen tegelijk alle lampen aanknipt, is het donker. Als iedereen tegelijk zijn geld van de bank haalt, is het geld op.

Met die kwetsbaarheid werden we de jongste weken geconfronteerd. De reactie van het sparend publiek viel overigens nog mee, zeker in vergelijking met de paniek die zich van de bankiers onderling meester maakte. Ze tuimelden ook allemaal tegelijk uit het zwerk. Hun jarenlange gebrek aan alertheid, hun meegaandheid en luchthartigheid maakten het mogelijk dat charlatans en fantaisisten het systeem onderuit konden halen.

Met de zeepbellen explodeert nu ook een immens kapitaal aan vertrouwen. De kosten om dat vertrouwen herop te bouwen, zullen hoog zijn. En het zal wat duren: vertrouwen galoppeert weg en komt te voet terug. En van sommige boeren willen we nooit nog eieren. Nooit. Maar we hebben allemaal zoveel belang bij vertrouwen dat we het wel opnieuw met elkaar zullen wagen. Als we wijze politieke leiders krijgen en bankiers die niet alleen de prijs van alles kennen, maar vooral de onschatbare waarde van vertrouwen, dan overleven we ook dit. Zelfs de beurzen die eigenlijk niets anders zijn dan economie X vertrouwen, zullen herstellen. Als spaarders en beleggers stellen we voortaan wel onze verwachtingen bij. Geen opbrengsten meer die met twee of drie cijfers worden geschreven, maar gewoon, gemiddeld over de jaren, de inflatie plus de reële groei. Fortis armer, maar wijsheid rijker.

(Paul Huybrechts is publicist en voorzitter van de Vlaamse Federatie van Beleggingsclubs en Beleggers. Hij schrijft deze bijdrage in eigen naam.)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234