Maandag 24/06/2019

Interview Islamitische Staat

Onderzoeksjournaliste Hind Fraihi: ‘De rol van de vrouwen bij IS wordt systematisch onderschat’

Beeld Damon De Backer

Mensen die ‘hun kak intrekken’, onderzoeksjournaliste Hind Fraihi heeft er een hekel aan. Zij doet net het omgekeerde en zegt altijd vrank haar gedacht. Zeker als het over IS-vrouwen gaat, zoals Candide H., wier rechtszaak deze week gepleit werd. ‘Ze beschouwt de jihad als fastfood. Op zo’n meisje krijg je nooit vat.’

Hind Fraihi doet momenteel onderzoek voor een nieuw boek, De jihadista, dat begin volgend jaar verschijnt. Tussendoor schrijft ze columns voor De Tijd en Ons Erfdeel. In 2006, bij de publicatie van haar eerste boek Undercover in Klein-Marokko, werd ze weggehoond. Ze was een sensatiezoekster en collaboratrice van extreemrechts, zeiden haar critici, die de opkomst van de radicale islam in Molenbeek ongetwijfeld overdreef. De aanslagen in Brussel en Parijs gaven haar echter gelijk, al smaakte dat wrang voor haar. 

Haar volgende boek, over de vrouwelijke kant van IS, maakt haar nu tot de geknipte figuur om Syriëganger Candide H. juist in te schatten. Die bestreed deze week in de Brugse rechtbank dat ze een terroriste is, en beweerde dat ze enkel uit liefde naar Syrië trok. 

Nu is ze terug in België, heeft ze werk, en zorgt ze voor haar kinderen. Zij was ‘slechts’ de jihadbruid die willoos haar man volgde, betoogde ze in de rechtbank. 

“Natuurlijk zullen die vrouwen op hun proces hun rol verkleinen”, zegt Fraihi. “Hun advocaten en hun families zullen hen dat ook influisteren, zodat ze minder zware straffen krijgen. (pauzeert even) Het beeld van de ‘jihadbruid’ in de media ergert me echt mateloos. Men maakt Hollywood van de jihad. Alsof al die vrouwen runaway brides zijn, op weg naar hun prins op het witte paard in Syrië. Het naïeve weglopertje, het weerloze meisje – het lijken wel afgevlakte personages uit een filmscript. Die zijn er. Ongetwijfeld. Maar er zijn er ook vele anderen.”

Wat is een betere term?

Hind Fraihi: “Het zijn gewoon terroristen. Zoals je een heel spectrum aan mannelijke terroristen hebt, heb je ook een heel spectrum aan vrouwelijke terroristen.”

Welk profiel heeft Candide H.? Zij had een onstabiele jeugd, viel in de handen van een loverboy en trok daarna naar Syrië.

“Die Candide maakt duidelijk deel uit van een lichting do-it-yourself-jihadi’s. Ze pikken het wahabi-salafisme op als fastfood aan het afhaalvenster van de McDonald’s en verorberen het snel. Smaakt het niet, dan zijn ze weer weg. Vroeger verliep een radicalisering meer zoals een ‘carrière’ bij de maffia. In dat gangsterislamisme klom je op van kruimeldief tot strijder, en dat duurde minstens een jaar. Nu is disruptie de norm, ook binnen het jihadisme.”

Als ze snel radicaliseren, kunnen ze ook snel deradicaliseren?

“De fastfoodgeneratie staat voor ultrakapitalistische cherrypicking. De jihad is voor hen een citytrip. In het begin werd het kalifaat ook voorgesteld als een all-invakantie, villa, zwembad en geweld inbegrepen. Ze kunnen effectief instant deradicaliseren, maar welke weg slaan ze over een paar jaar in? Op die mensen heb je gewoonweg geen vat. 

“Wat me stoort, is dat de rol van de vrouwen bij IS systematisch onderschat wordt. Net zoals de rol van de vrouwen in het verzet destijds. De vrouwen hielpen hun zonen, broers of mannen bij hun reis naar Syrië of Irak. Of ze rekruteerden zelf Syriëgangers op het internet, in geheime ‘moskeeën’ of op gesloten bijeenkomsten in huiskamers. Daar gaven ze islamlessen, wierven ze fondsen, leerden ze andere vrouwen hoe ze hun kinderen moesten opvoeden tot jihadisten. Die vrouwen vormden de backoffice. Op straat heersten – hoe cliché het ook klinkt – de mannen.”

Over hoeveel Belgische vrouwen gaat het?

“Tientallen? Honderden? Ik hoop dat ik in mijn boek die vraag kan beantwoorden. De Syriëgangers komen altijd in beeld, maar deze vrouwen in de schaduw kent haast niemand. Het zijn spookfiguren. Vaak hielpen zij hun ‘zusters’ ook ontsnappen uit België.”

Ze vormden de ‘sisterhood’ van IS?

“Juist. Die vrouwen zijn geen echte bloedverwanten, maar digitale zussen met dezelfde ideologie. In gesloten chatboxen wisselen ze Koranverzen, maar ook praktische lijstjes uit. Over welke leggings, telefoons of medicamenten je het best meeneemt naar Syrië. In de cyber-unit van het kalifaat was een grote vrouwenafdeling. In hun retoriek speelden zij erg in op die verzustering en verbondenheid.”

Waarom willen vrouwen tot zo’n patriarchale structuur toetreden?

“Het lijkt een mismatch – terrorisme, vrouwen en de islam – maar dat klopt totaal niet. Zeker 30 procent van de terroristen wereldwijd is vrouw. Bij IS is dat niet anders. In het begin, bij Al Qaida, moesten de vrouwen hun mannen vooral verzorgen aan het front. Het online vrouwenmagazine van Al Qaida stond vol met tips om de Florence Nightingale van het Midden-Oosten te worden. Later, in Syrië, werden taken diverser.”

Zoals?

“De moeders moesten uiteraard zoveel mogelijk ‘welpjes’ krijgen om het Grote Kalifaatrijk te bevolken, maar ze waren veel meer dan volgzame broedkippen. Ze gaven ook les, deden de administratie, zaten in aparte politiebrigades. Ze konden en mochten gevangenen martelen. Een Nederlands meisje vertelde hoe ze gevangenen martelde in Syrië. Als ‘beulsvrouw’. IS rekruteerde ook specifiek hoogopgeleide vrouwen: dokters, ingenieurs, architecten. Iemand van een Europese veiligheidsdienst zei me: “IS is verdomd goed in gender mainstreaming.”

IS haalt het beste in de vrouw naar boven?

(lacht luid) Zoiets, ja. IS gaf die vrouwen eindelijk erkenning. Maar maak daar alsjeblief niet de titel van.”

IS erkent vrouwen die zich hier miskend voelden?

“Absoluut. De vrouwen voelden zich erkend, omdat ze zich in groep konden afzetten tegen dezelfde vijand. Hun radicalisering voelde als een bevrijding. Want ze kozen zelf een man via een radicale website. Niet de man die hun familie hen opdrong of voorstelde via een gearrangeerd huwelijk. Ze kozen zelf hun scholing. Geen reguliere school, geen Koranschool, maar de scholing van het wahabi-salafisme. En ze kozen zelf voor de boerka. Die stoffen muur maakt hen – in hun ogen – vrij. Vaak is het ook een generatieconflict. Afzetgedrag. Die meisjes gaan radicaal in tegen hun ouders.”

U kunt toch niet beweren dat IS aan feminisme deed? 

“Die vrouwen zijn het niet waard feministen genoemd te worden, want het is een totale schijnemancipatie. Zij konden wel belangrijke posities verwerven, maar het kalifaat bleef zeer onderdrukkend en zeer mannelijk.”

Als die vrouwen zo sterk en zo slim zijn, waarom werkten of studeerden ze dan niet gewoon in de ‘echte’ samenleving?

“Ik wil het niet meer steken op ‘de socio-economische achterstelling’. Er zijn genoeg mensen vanuit erbarmelijke omstandigheden opgeklommen. Kunnen we die mantra dus verlaten? Vervreemding, aan beide zijden, daar gaat het om. De vervreemding waar de gewelddadige islam voor zorgt, maar ook de vervreemding in deze maatschappij. Zelfs ik ben voor velen nog steeds een vreemde. Terwijl ik hier in Bornem geboren en getogen ben, plat Beurrems praat, naar de Chiro geweest ben. En ik heb gestudeerd en werk al zeventien jaar als onderzoeksjournalist.”

Op welke bronnen steunt u eigenlijk?

“Veel getuigenissen van IS-vrouwen. Eind deze maand spreek ik in Marokko enkele jihadista’s. Ik zoek hen op gesloten netwerksites, doe aan data-analyse, maar ga ook naar die huiskamerbijeenkomsten. Toen ik in 2005 undercover ging in Molenbeek, was ik ervan overtuigd dat ik als man meer boven had kunnen spitten. Nu heb ik als vrouw net een voordeel.”

Hoe krijgt u die vrouwen aan het praten?

“Sommigen trekken hun kak in, en dat is ontzettend jammer. Maar anderen zijn open, omdat ik Arabisch spreek. Die spookfiguren benieuwen mij het meest, maar ik weet niet of ik hen echt ga kunnen be-grijpen. Ik ga wel niet meer undercover, ik maak me bekend als journalist. Naast die getuigenissen heb ik ook meerdere bronnen binnen de Europese en Arabische veiligheidsdiensten.”

Zou u voor de veiligheidsdiensten kunnen werken?

“Mijn broer heeft dat gedaan en werkte voor OCAD, het coördinatieorgaan voor de dreigingsanalyse (Tarik Fraihi is nu directeur van de studiedienst van Groen), maar ik ben veel te graag journalist. Ik wil zeker geen steen werpen naar de veiligheidsdiensten. Zij doen hun best, maar er blijft een gebrek aan informanten en infiltranten.”

Welke blinde vlekken zijn er?

“Het kalifaat in Irak en Syrië lijkt uitgeroeid, maar we mogen niet te vroeg victorie kraaien. De kans is reëel dat er binnenkort een nieuwe Islamitische Staat verrijst in Afrika. Net zoals we enkele jaren geleden te veel focusten op de vertrekkers, focussen we nu te veel op de terugkeerders. Want niet alle Syriëstrijders zullen terugkeren. 

Beeld Damon De Backer

“Ik vrees dat ze zich zullen hergroeperen en weer zullen opduiken, in Libië, Mali, Nigeria of Burkina Faso. De IS-strijders kunnen Sahelstrijders worden. Zij kunnen dan weer een nieuwe lichting jongeren uit ons land aanspreken om daar de wapens op te nemen. Marokko en Algerije zullen dan opnieuw fungeren als transitlanden. In Oost-Libië zijn trouwens al vrouwelijke milities gesignaleerd.”

Zijn er al Belgen vertrokken naar dit Afrikaanse kalifaat-in-wording?

“Bij mijn weten niet, maar het jihadisme trekt voortdurend rond, en muteert ook. Het zou dus weleens niet lang meer kunnen duren. Kijk naar de geschiedenis. De nazi’s vertrokken in Berlijn via rattenlijnen (de benaming voor de routes van de nazi’s van Duitsland naar Zuid-Amerika, red.) naar Buenos Aires. Daar bleven ze even radicaal als in Duitsland. Zulke rattenlijnen zullen er nu ongetwijfeld ook zijn.”

Er zijn al twee kinderen van jihadista’s in de kampen gestorven. Moet de overheid de anderen terughalen?

“Alle kinderen jonger dan tien jaar moeten terug. Studies tonen ook aan dat deradicalisering onder de tien jaar meer haalbaar is dan op latere leeftijd. Dat we zelfs maar discussiëren over hun repatriëring, is mensonwaardig. Dan verlagen we ons tot hun barbaars denken en doen. Hun ouders moeten we wel het ouderlijke gezag ontnemen.”

Is dat niet extreem radicaal?

“Je kunt er toch niet bij dat een moeder die bij haar verstand is met haar kinderen naar daar vertrekt? Sommige vrouwen, zoals Tatiana Wielandt en Bouchra Abouallal, zijn teruggekeerd om hier te bevallen en hebben hun borelingen weer meegenomen naar het kalifaat. Die wisten perfect wat daar gaande was. Dan kun je toch niet meer zeggen: ik ben een moeder? Sorry, neen, dat is geen moederschap. Er zijn veel oorlogen geweest waar moeders hun kinderen hebben afgestaan om hen te redden uit de klauwen van geweldenaars. Dit is het omgekeerde.”

Moeten die kinderen naar de grootouders?

“We kunnen hen niet zomaar bij de grootouders zetten. Die kinderen zullen veel begeleiding nodig hebben. Er bestaan video’s van kinderen die executies hebben uitgevoerd. Een deel van hen is zwaar geïndoctrineerd.”

Zijn de vluchtelingenkampen de crèches van de terroristen van morgen?

“Dat kunnen zeker incubatoren van nieuwe jihadi’s zijn. In Al Hol proberen radicale moslima’s nu de wil van de sharia op te leggen. Ze terroriseren daar opnieuw. Eigenlijk zouden we dat soort kampen moeten ontbinden, want daar kan opnieuw een Islamitische Staat groeien. De vrouwen die niet meer geradicaliseerd zijn, moeten we een exit durven te bieden naar hun herkomstlanden.”

Moeten we hen via een internationaal tribunaal berechten?

“Ze hebben hun misdaden daar gepleegd, ze moeten daar berecht en opgesloten worden. We moeten de soevereiniteit van Irak en Syrië respecteren, al moeten we wel opletten dat daar geen nieuw Guantanamo ontstaat.

“Een totale opkuisoperatie is wel een utopie. Militaire strategen denken altijd op de lange termijn, dat moeten we goed beseffen. Bij IS geldt dat evenzeer. De zaadjes voor de aanslagen in Brussel zijn al in de jaren 90 geplant. Door alle terechte veiligheidsmaatregelen wordt het jihadisme steeds fluïder en dus moeilijker te grijpen.”

Hoe ga je daartegenin?

“Ik predik geen hysterische paniek, wel alertheid. Deradicalisering is ook de uitsluitingsmechanismen en de stereotypen tegengaan. Een voorbeeld. Op ons twaalfde werden mijn broers en ik naar het beroepsonderwijs doorverwezen. Een advies dat mijn ouders gelukkig niet gevolgd hebben. Of een ander voorbeeld, van dagelijks racisme: toen mijn hoogblonde zoontje nog in de buggy zat, werd ik constant aangesproken als zijn nanny. Dat ik zijn moeder ben, en dat zijn vader gewoon een blonde Vlaming is, daar dacht niemand aan.”

Ziet u geen verbetering?

(stil) Neen, dat is naïef. (zachtjes) Neen, echt niet. We moeten die vervreemding ontvreemden, zeker via het onderwijs. Ik maak me er ook druk over dat er nog altijd zo veel witte werkvloeren zijn. Redacties, politiekorpsen, cultuurhuizen: in sommige sectoren komt het personeel precies van de lopende band. Dat moeten we echt aanpakken, dan heeft radicalisering minder kans.”

Ziet u ook radicale vrouwen aan de rechterzijde?

“Sommige vrouwen zijn gewoon niet pro emancipatie, ze zoeken vooral een safe space. Ze willen een geborgen, uitgestippeld leven. De rol tussen mannen en vrouwen is daar duidelijk, ze kunnen zich onderwerpen, ze moeten zelf niets meer uitzoeken. Dezelfde mechanismen spelen bij de jihadista’s en de rechtse extremista’s.”

Uit welk nest komt u eigenlijk?

“Ik heb drie broers, en ben nummer drie van de vier. Mijn vader is in 1964 van Marokko naar Nederland gereisd. Daar heeft hij kort in de voorhoede van de provo’s gezeten. Twee jaar later zijn ze naar België verhuisd. Mijn vader is een zachte anarchist, hij heeft op zijn zeventigste nog gelift in het buitenland. Eigenlijk was hij zelf een verzetsstrijder tegen de Spanjaarden en de Fransen in Marokko. Daarom heb ik het zo moeilijk met de term ‘Syriëstrijders’. Die term is hen onwaardig. Alsof het humanitaire helpers zijn.”

Waarom kwam uw vader naar hier?

“Na de onafhankelijkheid ontstond in Marokko een broederstrijd, en toen liep het mis voor hem. Mijn ouders waren nasseristen (aanhangers van de ideologie van Gamal Abdel Nasser, een van de leiders van de Egyptische revolutie, red.). Mijn mama gaf vanaf haar zestiende les over het socialisme bij de mensen thuis. De meisjes en vrouwen speelden een belangrijke rol in die verzetsbeweging.”

Uw ouders wilden ook, vanuit de ondergrondse, een regime omverwerpen?

“Klopt. Mijn familiegeschiedenis helpt me om het jihadisme te begrijpen. Hoe ondergrondse netwerken opereren, hoe zich gesloten gemeenschappen vormen.”

Praatten uw ouders veel over het verzet?

“Mijn vader spreekt er heel weinig over, maar hij heeft me wel geleerd een goed observator te zijn. Hij bleef zijn hele leven op zijn hoede, omdat hij als klein jongetje al in het geniep stencils moest ronddragen. 

“Mijn engagement komt deels van hen. Bij ons thuis stonden de internationale nieuwszenders altijd aan. De eerste invasie in Irak, in 1991, hebben we op de voet gevolgd, de hele nacht lang, op CNN. Die grijsgroene beelden met de gele lichtflitsen van de precisiebommen, ik zie ze nog voor me. Onze moeder gaf ons de liefde voor boeken mee. In elk boek uit de bibliotheek ging een nieuwe wereld open. Mijn vader is een verhaal apart. Ooit moet ik mijn familiekroniek schrijven. Ooit.”

Beeld Damon De Backer
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden