Zaterdag 20/07/2019

Onder professoren (1975) — W. F. Hermans

"Een zwart boek, maar maak je niet ongerust, het is gedrukt op wit papier", zo omschreef Willem Frederik Hermans ooit laconiek zijn geruchtmakende Onder professoren (1975). Cees Nooteboom noemde het een "tijdbom in de vorm van een baksteendikke sleutelroman." Het boek joeg niet alleen een schokgolf door de Nederlandse literatuur, vooral de Groningse academische wereld stond in rep en roer. Met wrokkigheid blikte W.F. Hermans in Onder professoren terug op zijn periode aan de Rijksuniversiteit Groningen, waar hij in 1952 werd aangeworven om er, na zijn promotieonderzoek, vanaf 1958 als lector fysische geografie te fungeren. Maar Hermans, intussen een vermaard schrijver, werd er in de wielen gereden door collega's, zo vond hij.

"Menige professor krijgt in die stad nog de rillingen over de rug als de naam van W.F. Hermans valt. Hoe beroemder hij werd als schrijver, hoe meer ze hem op de universiteit begonnen te verafschuwen", zo memoriseerde een VPRO-documentaire in 2003. "Ik maak er niet te veel drukte over", zei Hermans in een interview met Nooteboom in 1978. "Maar de manier waarop ik uit Groningen ben weggegaan, dat is buitengewoon schandelijk."

Niet veel drukte? Hermans bazuinde al in de jaren zestig rond dat hem een eigen laboratorium werd ontzegd, hij geen veldonderzoek mocht verrichten en enkel aan eerstejaars kon doceren. Maar collega's vonden dat Hermans te zeer de voorrang gaf aan zijn literaire loopbaan. Of zoals Hermans het zelf smalend zei: "Ja kijk, die Hermans, hoe kan dat, dat die zo ontzettend veel boeken schrijft, dat kan alleen maar, omdat hij zijn andere taken verwaarloost. Daar was helemaal geen sprake van." Ook de studenten reden tegen de kar van de hautaine Hermans, "een saaie docent", vaak uitblinkend door afwezigheid.

Natrappen als kunst

Het rommelde zodanig dat twee Nederlandse Kamerleden van de Anti-Revolutionaire Partij parlementaire vragen stelden over de kwestie en er een onderzoekscommissie aan de slag ging. Die zuiverde Hermans van alle aantijgingen. Meer zelfs: hij kreeg eindelijk een eigen werkruimte. Maar op 1 september 1973 kondigde de meester-polemist - tot in zijn diepste vezels gekrenkt - zijn ontslag aan en vertrok hij naar Parijs, weg van dat ellendige 'muizenhol' Nederland.

Hermans' wraak was verschrikkelijk. In 1975 verscheen Onder professoren, waarin hij zijn voormalige collega's compleet door de mangel haalde en het natrappen tot een exquise kunst verhief. Hoofdpersonage is hoogleraar Rufus Dingelam, die de Nobelprijs voor Scheikunde krijgt voor de synthese van een stof die niet enkel tegen epilepsie maar ook in potentieverhogende geneesmiddelen wordt gebruikt. Studentenprotest gooit roet in het eten bij de prijsuitreiking. De naijver is immens. Professoren en academici graaien waar ze maar kunnen, begeven zich naar seksclubs of zijn half autistische, kortzichtige figuren. Hermans zette via personages als professor Bakeljon, drs HJMA Kaeckebeke, Mattias Goudewolf of prof. dr. Tabe Pap de hele universiteit voor schut.

Hilarisch genoeg liet hij de fictieve Prof. Dr. B.J.O. Zomerplaag in een nawoord ontkennen dat het om een sleutelroman ging. Maar de lezer wist beter. Zo kon je moeiteloos econoom Jan Pen herkennen in Tabe Pap en is Ajold Ongering ('Plofje de Olifant') de polemoloog Bert Röling.

Dingelams grootste kwelduivel is evenwel prof. drs. Knellis Tamstra, voor wie overduidelijk de geograaf Robert Tamsma model stond en wiens ogen "een stuitende bekrompenheid" uitdrukten. Tamsma noemde Hermans al in 1971 "een nagel aan zijn doodskist, Hermans voert wetenschappelijk niks uit". Maar wanneer Onder professoren in 1975 verschijnt, luidt Tamsma's reactie dat hij "geen tijd heeft voor dat soort grappenmakerij." Later beweert hij zelfs het boek nooit gelezen te hebben.

Tussen Hermans en het provincialistische Groningen kwam het nooit meer goed. Wanneer hij er in 1993 uitgenodigd wordt voor een literair evenement, laat hij zijn secretaresse giftig als arsenicum antwoorden: "U moet de (ex)-professor Tamsma en [Kamerlid] De Koning op de Grote Markt halfnaakt aan staken binden, langzaam halfdood martelen, en vervolgens lichtelijk roosteren boven een kittig houtvuurtje en ten slotte ophangen aan de Martinitoren. Voor minder komt hij niet."

---

IDENTIKIT

Naam

Knellis Tamstra is in Onder professoren 'hoogleraar-directeur van het Laboratorium voor Technische Scheikunde in het Noorden van het Land'. Robert Tamsma was 'hoogleraar sociale en economische geografie in Groningen', van 1966 tot 1988.

Leeftijd

Ongeveer 53 jaar ten tijde van Onder professoren.

Uiterlijke kenmerken

Hoornen bril, gekleefd sluik hoofdhaar, zuur mondje zonder lippen, lellerige nek, wijkend voorhoofd, wijkende kin. Lijkt op de Duitse SS'er Franz Krumpf.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden