Donderdag 20/02/2020

Onbreekbaar

Soms is een speeldag in de competitie zo grauw of een gelijkspel van de Rode Duivels zo déjà vu dat ze geen stof bieden voor een column. Met de beste wil van de wereld niet. En dan ga je door je notitieboekje, op zoek naar inspiratie, en zie je plots 'Aston Villa, 1981, 14' staan. U leest het gevolg.

Aston Villa is op het eerste gezicht ook geen al te best onderwerp. De club verloor zondag met 1-0 bij Manchester City en staat momenteel elfde. Het is in de Premier League hard zoeken naar een team dat middelmatiger is. Tot overmaat van ramp ligt thuishaven Villa Park in Birmingham, en dat is niet bepaald de leukste plek van Engeland. Ik ben er, toen Strupar en De Bilde nog de naburige steden Derby en Sheffield onveilig maakten, een keer of vijf geland, en telkens bestempelde de taxichauffeur met dienst "spaghetti junction" als Birminghams voornaamste bezienswaardigheid: een verkeersknooppunt, een wirwar van autostrades. Dat zegt genoeg.

In Villa Park zelf ben ik maar één keer geweest, voor een droeve plechtigheid dan nog: de carrière van Luc Nilis werd er ten grave gedragen. Nilis speelde drie wedstrijden voor Aston Villa, maakte één verbluffend mooie goal tegen Chelsea, maar op 9 september 2000 sloeg het noodlot toe: in een botsing met de doelman van Ipswich brak de stijlrijkste aller Belgische aanvallers zijn been.

Fin de carrière, luidde het verdict enkele maanden later, en zo belandde ik in Villa Park. Nilis zou er tijdens de rust van de match tegen Leeds een laatste keer zijn supporters groeten, en definitief kappen met het voetbal. De microfoon van de VRT gunde hij geen woord, en ik was zo dom en (vooral) zo gestrest om dat erg te vinden. Terwijl woorden zijn afscheid alleen maar hadden verknoeid. De minutenlange ovatie van dertigduizend mensen die hem maar twee wedstrijden aan het werk hadden gezien, sprak boekdelen: 180 minuten Nilis volstonden ruimschoots om hem in je hart te sluiten.

Maar we dwalen af! 'Aston Villa, 1981, 14', weet u nog? In 1981 werd de club uit Birmingham voor het laatst kampioen van Engeland. Coach Ron Saunders gebruikte over de hele competitie veertien spelers. Veertien. In een kampioenschap met 22 teams en dus over 42 wedstrijden. Dat is een krankzinnig gegeven. Even vergelijken. Pakweg Manchester United heeft dit seizoen een kern van 31 spelers. En Jean-Pierre Vandevelde, trainer van het fiere FC Dender, heeft in ocharme zes competitiematchen al een beroep gedaan op 21 spelers.

Het voetbal mag dan fel veranderd zijn, kampioen spelen met veertien jongens was ook in 1981 een huzarenstukje. Coach Saunders was geen gewone: keihard, een sergeant, rechtlijnig op en naast het veld. Toen de club een half jaar na de onverhoopte titel nog steeds geen mooie ontslagregeling in zijn contract had laten opnemen, stapte hij doodleuk op. Zonder boe of ba, een paar dagen voor Aston Villa Dynamo Kiev partij moest geven in de kwartfinale van de Europacup I. Zijn assistent nam over, met succes: Aston Villa schakelde eerst Kiev uit, dan het Anderlecht van Ivic, en won in de finale van Bayern München. Vijf matchen waarin de Engelsen geen enkel tegendoelpunt slikten, zelden gezien op dat niveau.

Saunders is nu een eind in de zeventig, en naar verluidt een fervente new born christian die het voetbal heeft afgezworen. Maar in Birmingham leeft hij voort als de man die van veertien jongens een ijzeren kampioenenteam smeedde: blessures, ziekte, dat kenden de Saundersboys niet, they were unbreakable. Ironisch dat nét daar Luc Nilis' carrière wel breekbaar bleek.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234