Dinsdag 10/12/2019

Seksisme

Om seksisme op te lossen, is meer nodig dan wet: "Vrouwen moeten hun stem laten horen"

Een still uit de reportage 'Femme de la rue' van Sofie Peeters, die seksisme aan de kaak stelt. Beeld Kos

In een jaar tijd liepen bij de politie 25 klachten binnen voor seksisme. Slechts een schim van een fenomeen waar zoveel vrouwen mee te maken krijgen. "Een wet alleen is geen mirakeloplossing."

Ze zit vol goede bedoelingen, dat wel. Maar als instrument op zich scoort de wet op seksisme onvoldoende, meent Annelies D'Espallier, ombudsvrouw Gender bij de Vlaamse Ombudsdienst. "Een seksistische opmerking, een minachtend gebaar: de wet alleen zal dat gedrag niet uitwissen. Daarvoor is er veel meer nodig. Je moet een maatschappelijke beweging in gang zetten, los van de symboolwet."

Werk de stereotypen weg, roept D'Espallier op. En laten we uit onze schulp kruipen. "Vrouwen moeten zelf hun stem laten horen: dit pikken wij niet. En voor mannen is hier een even grote rol weggelegd. Ook zij moeten openlijk tonen dat ze zich tegen seksisme verzetten. Dat kan in de media en daarbuiten.

"Ook campagnes, en die zijn er al, kunnen de geesten laten rijpen. Zo geef je duidelijk de boodschap: kwetsende opmerkingen, het minderwaardig behandelen op basis van geslacht - of het nu om vrouwen of mannen gaat - dat kan niet door de beugel. Zo laat je dat besef doorsijpelen. Veel meer nog dan met een wet."

De seksismewet, die van 2014 dateert, heeft zeker haar nut, meent Liesbet Stevens, adjunct-directeur van het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen. "Maar dan moeten de beleidsverantwoordelijken wel een prioriteit maken van de uitvoering ervan." Het lage aantal aangiften verwondert haar niet. "Want de wet is nog jong en zowel bij het brede publiek als in gerechtelijke kringen nog vrij onbekend."

Dunne lijn

Bovendien, zo menen experts, stelt de seksismewet feiten strafbaar die vaak, ook voor het slachtoffer, relatief onbelangrijk lijken. Ernstige feiten vallen dan weer onder de noemer verkrachting, aanranding of discriminatie.

"Niet alle slachtoffers van seksisme weten waar ze met hun klacht terechtkunnen", meent sociaal psycholoog Koen Ponnet, verbonden aan de UGent en UAntwerpen. "Wie dat wel weet, zal dikwijls nog twijfelen of het wel de moeite is om melding te maken. 'Is mijn klacht wel terecht?' 'Zal er wel iets met mijn dossier gebeuren?'"

Het begint al bij de hamvraag: is het wel seksisme? Ponnet: "Dat is zo'n dunne lijn. Wat voor de ene aanstootgevend is, is dat voor de andere niet. Sommige mannen voelen tegenwoordig zelfs schroom om een vrouw een spontaan compliment te geven, uit angst dat ze het verkeerd opvat. Ze willen niet seksistisch overkomen en weten zich daardoor soms geen houding te geven. Hetzelfde bij mensen die er zo verkrampt de nadruk op leggen dat ze niet racistisch willen zijn: ineens lijken ze het verdacht hard."

We mogen er dus vooral geen heksenjacht van maken, willen we het gedrag veranderen. Want dan dreigt iedereen te blokkeren, meent Ponnet. Wel een oplossing volgens hem? Campagnes op de lagere school.

"Lepel het er tijdig in dat seksisme niet kan. Akkoord, het thema is vaag. Maar je hebt wel de feiten en de cijfers. Maak kinderen duidelijk hoeveel reclamespotjes het stereotiepe vrouwenbeeld tonen. Tegenover de Coca-Colaman die zijn T-shirt uittrekt staan wel honderden stoeipoezen. Toch hebben jongeren vaak niet door dat reclame seksistisch is. Als je dat inzicht al kunt bijbrengen, is de eerste stap gezet. Net zoals ze ook meekrijgen dat pesten niet kan, dat discriminatie niet hoort, kunnen we ook meegeven dat seksisme niet spoort. Daarmee beginnen op school komt niks te vroeg."

Topje van de ijsberg

Met de seksismewet is het zoals met de antiracisme- en antidiscriminatiewet: de meldingen die ze opleveren zijn maar het topje van de ijsberg, beaamt Els Keytsman, codirecteur van Interfederaal Gelijkekansencentrum Unia.

Al zijn die wetten méér dan een symbool, vindt ze. "Ze beschermen ook tegen haatpraat, tegen haatdelicten. Ze maken het mogelijk om, als niks anders baat, via de rechter tot een oplossing te komen. Al is de wet geen mirakeloplossing. Wil je gedrag veranderen, dan heb je iedereen nodig."

Op Twitter en Facebook, bijvoorbeeld. Keytsman: "Bij haatspraak roepen wij slachtoffers en getuigen op tot een tegendiscours, en dat werkt. We zitten nu ook rond de tafel met Facebook, omdat ze hatespeech vaak nog te laat offline halen. Dat sociaal netwerk kan dus zelf ook nog een tandje bijsteken. Maar het is eenvoudig: als we massaal haatpraat afwijzen, dan kan het ook nooit de norm worden. Het is aan elk van ons om dat signaal te geven: dit pikken wij niet."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234