Woensdag 23/10/2019

Om der wille van de smeer, likt de kat de kandeleer

Het behoort tot de geplogenheden, in deze pers die geestelijk embodied is, om dictators die bijna verdreven zijn te demoniseren. Toen ze nodig waren in de strijd tegen communisten (Soeharto) en fundamentalisten (Saddam), of geacht werden onze belangen te verdedigen (Mobutu) was men bereid een oog dicht te knijpen onder de slagzin: 'He is a bastard, but he's ours.'

Dit gold ook in de Mashrek, waar Moebarak en Ben Ali geprezen werden als steunpilaren van orde en gematigdheid, die zich - een beetje traag - bewogen in de richting van openheid en rechtvaardigheid.

Met Kadhafi ligt het anders: uiteraard vind je in het Westen geen excellenties meer die één goed woord voor hem over hebben, maar des te meer excellenties die hopen dat er geen oude foto opduikt waarop ze handenschuddend met de Broeder-Leider werden vereeuwigd. Terecht kun je Kadhafi een gebrek aan rechtlijnigheid aanwrijven, maar enig bochtenwerk in de appreciatie van de man is het Westen evenmin vreemd.

Raar dat haast niemand zich herinnert dat koning Idris van Libië de eerste (en de laatste) die wij na WOII op de troon installeerden niet bepaald een voorbeeld van good governance belichaamde. De staatsgreep van de 'vrije officieren' (in 1969, red.) was in deze een goede zaak. De daaropvolgende arabisering (bijvoorbeeld als onderwijstaal) en het sluiten van buitenlandse militaire basissen waren terechte uitingen van nationalisme en door de bevolking ondersteund. In de periode 1970-'74 speelde Libië een voortrekkersrol binnen de OPEC. Het land had meer dan 60 procent van de productie in handen en olieminister Jalloud wist de internationale prijsbepaling ten gunste van de producenten te doen kantelen. Tot dusverre waren er vrij weinig echt duistere vlekken op het blazoen van de kolonel. Meer zelfs, door zijn steun aan bevrijdingsbewegingen over de wereld heen leek hij een belangrijke plaats op te eisen tussen deze voorvechters van anti-imperialisme die de daad bij het woord voegden. Zo was er de steun aan het Polisario, Frelimo, MPLA en uiteraard de Palestijnen. Om de olie likt de kat de kandeleer en in het Westen wou men dit alles niet op de spits drijven. Er was ook, minder voor de hand liggend, ondersteuning van ETA en IRA. Doorslaggevend was die niet, maar het bevestigde gaandeweg de visie op Kadhafi als stokebrand. Het zorgde ervoor dat hij in de VS op de lijst kwam van 'potentiële vijanden'.

Lente van Tripoli

Het was onder de Amerikaanse president Reagan dat het tot een regelrechte confrontatie kwam. De bomaanslag op een door VS-soldaten bezochte discotheek in Berlijn was de aanleiding voor bombardementen op Tripoli en Benghazi waarbij men de 'gevaarlijkste man ter wereld'' wilde uitschakelen. Gedurende maanden verdween de kolonel uit de openbaarheid, en daar was een tweede reden voor. Met de publicatie van de drie Groene Boekjes was de aanhang van Kadhafi gevaarlijk afgekalfd. Hij viseerde de macht van de Ulema, clan-overstenen en handelaars, omdat binnen Kadhafi's zogenaamde Jamahirya alle macht bij het volk diende te liggen. Omdat datzelfde volk een beetje verplicht werd zichzelf te bevrijden, werden revolutionaire comités ingezet om de lijnen uit te zetten. In de praktijk kwam dit neer op verstikkende controle, die des te scherper werd naarmate de olie-inkomsten slabakten. Het regime moest een uitweg vinden. Vandaar dat 1988 het jaar van de 'Lente van Tripoli' werd, een liberalisering die Kadhafi's imago en symboolfunctie binnen het land en de Arabische wereld diende op te krikken. Europa reageerde voorzichtig positief. Internationaal werd die poging om respect te winnen gekelderd door het ontploffen van het PanAm-toestel boven Lockerbie, waarbij Tripoli alle schuld kreeg toegeschoven. Het resultaat was een internationaal embargo tegen Libië, en een Amerikaanse opstelling waarbij alle middelen goed geacht werden om het regime te doen kantelen. Met inbegrip van het trainen van een contrabeweging met CIA-geld, onder leiding van Khalifa Haftar, een sleutelfiguur in het huidige verzet. De Amerikaanse indoctrinatiemachine werkte op volle toeren: Libië was een onderdeel van the evil forces, een 'schurkenstaat', een 'steunpunt voor het internationaal terrorisme'... Kadhafi was een bloeddorstige dictator of gewoonweg a madman. Een aantal van die aantijgingen zijn niet ver bezijden de waarheid, maar het is even duidelijk dat deze beschadigingsoperatie tevens het resultaat was van een opgefokte mediacampagne.

Om te overleven na 11 september diende het regime zich te herintegreren, wat het deed door af te zien van de ontwikkeling van massavernietigingswapens, de schuld op zich te nemen voor de bomaanslagen, de markt open te stellen voor buitenlandse investeerders, grote aankopen voor te spiegelen en de vluchtelingen uit Afrika in onderaanneming tegen te houden. Kadhafi werd net geen centrefold: op bordessen, met tent op de binnenplaats van Les Invalides, arm in arm met die andere democraat Berlusconi, en ga zo maar door.

Het was gênant, want iedereen vergat dat men het Libische volk graag democratie gunde. Of kaderden de opleiding van de politie door de Britten of de vooropgestelde levering van tanks en gevechtsvliegtuigen door Frankrijk daar soms in?

De Jasmijnrevolutie die oversloeg naar Libië herschudde de kaarten nogmaals. Kadhafi werd opnieuw overladen met alle zonden van Israël - een pijnlijke uitdrukking - en uiteraard weerspreken zijn schuimbekkende optredens dit niet. Het Westen geeft nogmaals blijk van diplomatieke lenigheid: in laatste instantie stonden we altijd achter de verzuchtingen van het volk. We zullen onze verantwoordelijkheden niet ontlopen en dit volk het regime geven waarop het volgens ons recht heeft.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234