Zaterdag 28/11/2020

North Sea Jazz wil bij de tijd zijn

Wellicht zal het North Sea Jazz Festival in Den Haag dit weekeinde niet delen in de relatieve malaise die de grote festivals lijkt te treffen. Toch wordt het tijd dat het grootste overdekte jazzfestival ter wereld stilaan aan zijn profiel werkt. Haar programma neemt opnieuw weinig risico's, te weinig voor een festival dat graag bij de tijd wil zijn.

Drieëntwintig edities ver zijn we nu en stichter-bezieler Paul Acket is al enkele jaren niet meer van de partij. Hij bedacht dit festival in de jaren zeventig en liet het in de jaren tachtig uitgroeien tot een dubbelzinnige maar commercieel pientere mix van jazz en populaire muziek. Vandaag vinden we het blijkbaar heel gewoon dat een jazzfestival bevolkt wordt door figuren zoals Phil Collins of Carlos Santana, sterren die niet eens blijk geven van affiniteit met de jazz. Acket en het North Sea Jazz Festival hebben van die dubbelzinnigheid hun handelsmerk gemaakt en de organisatie draait nu al jaren als een goed geoliede commerciële machine. Die zakelijke aanpak biedt voordelen. Hoe krankzinnig dit festival soms lijkt (met meer dan een dozijn podia voor dagelijks ruim twintigduizend hongerige luisteraars in een gesloten kooi), de praktische organisatie is doorgaans voorbeeldig en doeltreffend. Jammer dat Nederland zondag de finale van het WK niet speelt: dan zou er zeker voor videoschermen gezorgd zijn en zou het meteen wat gemakkelijker zijn geweest om bij pakweg Dave Holland een plaatsje te bemachtigen.

Dat concert van bassist Dave Holland (met zijn kwintet met onder anderen Robin Eubanks) zit overigens in een van de interessantere reeksen van deze editie. In de reeks op het Dakterras staan John Zorn met zijn hardcoregroep Painkiller, trombonist Ray Anderson met zijn funky Lapis Lazuli Band en de saxofonisten Charles Lloyd en Kenny Garrett. Dat kan misschien een prettige doorsnede zijn van wat er in de jazz gebeurt vandaag: een combinatie van vakkundig traditionalisme (Garrett), uitzonderlijk métier (Holland), een anarchistische toets (Zorn) en wat eigentijdse humor (Anderson).

Maar het programma is niet over de hele lijn zo gevarieerd en origineel. De Statenhal is traditioneel het toneel voor de gemakkelijke kaskrakers (genre Earth, Wind & Fire), het Tuinpaviljoen moet daar vaak niet voor onder doen. Dit is de plek voor een omhooggevallen ster als Cassandra Wilson of een Mingus Big Band (steeds spectaculairder maar ook behaagzieker). Wat de echte jazzgoden betreft, moet ook North Sea de wet van de eindigheid ondergaan: de tijden van Miles Davis en Dizzy Gillespie zijn voorbij. Als gevolg daarvan gaat het internationale jazzcircuit al enkele jaren gebukt onder een overvloed aan 'tributes' en huldeconcerten, meestal goed voor vertederende nostalgie maar zelden voor een grote muzikale belevenis. North Sea Jazz zet de toon: deze zomer zullen Stéphane Grappelli (10/7) en Ella Fitzgerald (11/7 en op 2/8 ook op de revival van Jazz Bilzen) postuum in de bloemetjes worden gezet. Topsterren van een andere generatie zijn Herbie Hancock (11/7 met Headhunters en 12/7 met zijn akoestisch kwartet) en Chick Corea (10/7 met Origin). Joe Henderson hoort daar ook bij, maar hij heeft zijn tournee jammer genoeg moeten afgelasten en is dus niet present.

Het zal wel tot de ironie van de jazzcultuur behoren dat de grootste genieën nooit de meeste aandacht krijgen. Terwijl een Michel Petrucciani of een Dee Dee Bridgewater kunnen pronken in de prestigieuze PWA-zaal (10/7), moet het trio van Lee Konitz, Paul Bley en Charlie Haden genoegen nemen met de relatief kleine Van Goghzaal (11/7). Maar dat zal hen niet storen, want met wat geluk is de ambiance op dat vroege uur nog niet bezoedeld door de agressieve honger van de North Sea-massa.

Ook het North Sea-festival hongert een beetje naar vernieuwing. De laatste jaren kreeg de New Yorkse Knitting Factory telkens een podium om nieuwe tendensen in de jazz en de geïmproviseerde muziek te presenteren. Zij krijgen de kleine Escherzaal op zondag, maar het programma (met onder anderen Bill Ware, Steven Bernstein en Wayne Horvitz) lijkt de geruchten te bevestigen dat ook de Knitting Factory op zijn retour is. Vrijdag is er dan weer de reeks 'Decks 'n Jazz', een parade van jonge jazzgroepen die ook wat met 'turntables' doen. Benieuwd wat Steve Williamson hier te bieden heeft. In dezelfde lijn ligt het werk van Courtney Pine (zaterdag). Dat is echter geen jonge vernieuwer maar een uit de jaren tachtig gerecycleerde virtuoos.

Voorts zit het programma natuurlijk eivol met grote namen (Betty Carter, Kenny Barron, Tommy Flanagan), jong, aantrekkelijk volk (David Sanchez, Roy Hargrove, Brad Mehldau) en ook enkele avontuurlijkere combinaties (Dave Douglas met Louis Sclavis, Misha Mengelberg met Yuri Honing). Maar de spoeling lijkt dunner dan gewoonlijk. Want bij North Sea Jazz, het festival dat zo graag 'compleet' wil zijn, zijn het altijd de afwezigen die het gewicht bepalen. De jury van de aan dit festival gekoppelde Bird Award heeft er zelf enkele genomineerd: Max Roach, Cecil Taylor en Wynton Marsalis.

Didier Wijnants

Het North Sea Jazz Festival vindt plaats in het Congresgebouw van Den Haag op 10, 11 en 12 juli. Info: 31/15-2157756, http://www.northseajazz.nl.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234