Maandag 23/09/2019

Gevangenissen

Noorse gevangenissen: progressieve oases van rust en re-integratie

Beeld Eric de Mildt

In het plattelandsdorpje Halden staat het pronkstuk van het progressieve Noorse gevangenisbeleid. Een bezoeker zou vergeten dat het een plek is voor zware gevallen zoals moordenaars, verkrachters en pedofielen.

Het eerste wat opvalt als je de gevangenis van Halden binnenstapt, zijn de rust en het gefluit van vogeltjes. De wandeltocht van de metalen toegangspoort naar het hoofdgebouw gaat door een bos waardoor je meteen vergeet dat je in een zwaarbeveiligde gevangenis ben terechtgekomen.

Hetzelfde gevoel wanneer directeur Are Hoidal ons een rondleiding geeft langs de gebouwen die nog het meest doen denken aan een nieuwe universiteitscampus: veel ruimte tussen de blokken, voetbalveldje met kunstgras. Binnenin verdwijnt de herinnering aan de gevangenissen van Vorst, Brugge en Latin al helemaal: een grote sportzaal mét klimmuur, een restaurantkeuken waar gedetineerden een koksdiploma kunnen halen, een houtatelier met nieuwe zaagmachines en al het nodige gereedschap, een al even blinkende garage voor de cursussen automechaniek, een kunstatelier met pottenbakkerij en een grote bibliotheek met Scandinavische designmeubels.

We zijn niet de eersten die zich hierover verbazen. Op YouTube staat een grappig filmpje van de gepensioneerde Amerikaanse gevangenisdirecteur James Conway die er een cultuurschok beleeft. "Dit is gevangenis Utopia", schreeuwt hij uit. "Progressiever kun je niet zijn; tenzij je de gevangen maar meteen de sleutels geeft."

Directeur Hoidal: "Ook filmmaker Michael Moore was al op bezoek. Hij draaide hier enkele scènes voor Where to Invaid Next. 'Jullie behandelen gevangenen als menselijke wezens', riep hij. 'Terwijl Amerikanen ze als beesten behandelen!'"

De climax van de rondleiding heeft Hoidal voor het einde gehouden. Als hij de deur van de laatste kamer openduwt, begint hij trots te glimlachen: een state-of-the-artmuziekstudio met alle mogelijke instrumenten. Fender-gitaren, professioneel drumstel, Yamaha-keybord. "We ontvangen hier regelmatig bekende Noorse muzikanten om les te geven. We gaven de studio ook een originele naam", waarna de directeur begint te grijnzen. "Criminal records."

Dat in dit gebouw veel humor zit, blijkt als we later de streng beveiligde tuintjes te zien krijgen waar gevangen worden gelucht. Op de hoge muur staat een muurschildering waarop een gedetineerde te zien is die met zijn gevangenisbal aan het kogelstoten is: een werk ter waarde van 1 miljoen euro van de hand van Dolk Lundgren, de Noorse variant van Banksy.

Beeld Eric de Mildt

Hoidal zal ons tijdens de tocht nog een paar keer verbazen. Bijvoorbeeld wanneer hij de 'life development garden' toont, een fleurige oase van rust die gedetineerden samen met een bekende tuinarchitect aanlegden en waar gemediteerd kan worden. Nog zo'n pronkstuk is de familiebungalow die afgezonderd op een heuvel staat en waar gevangenen met een goed rapport gedurende 24 uur hun gezin kunnen ontvangen. Het designgebouw ziet er uit als een vakantiehuisje: salon, eethoek, keuken, kamer met dubbelbed, nachtkastje mét condooms, stapelbedjes voor de kinderen, tuin met speeltuigen.

Allemaal zaken die doen vergeten dat dit een gevangenis is voor zware gevallen: moordenaars, verkrachters, pedofielen, drugshandelaars. "Maar dat is net de essentie van wat we hier doen", zegt Hoidal. "Deze gevangenis mag er niet als een gevangenis uitzien. De essentie van de straf is de vrijheidsberoving en dat is op zich al erg genoeg. Het is niet nodig om gedetineerden ook nog slecht te behandelen of in een vieze cel te steken."

"Wij zien een straf niet als een maatschappelijke wraak maar als een nieuwe kans om een normaal leven te beginnen. Het begrip 'normaliteit' is essentieel. Gedetineerden moeten hier zo normaal mogelijk kunnen leven. Ze wonen in groepjes van tien in kleine wooneenheden met gemeenschappelijke keuken. Hun cel is comfortabel: met een groot raam zonder tralies."

Beeld Eric de Mildt

Belangrijk is dat gevangenen hier vanaf dag één aan een nieuwe toekomst kunnen werken. Hoidal: "Samen met onze psychologen, sociaal assistenten en jobcoaches stippelen ze een toekomstparcours uit. Ze beslissen welke cursussen ze willen volgen en aan welke sportactiviteiten ze zullen deelnemen. Drugsverslaafden beginnen samen met experts aan een doorgedreven afkicktraject. Elke gedetineerde krijgt een levenscoach toegewezen. Als een veroordeelde zo'n traject niet meteen ziet zitten, proberen we hem enkele weken later opnieuw te overtuigen. We geven nooit iemand op. Gevangenen zijn vaak verwarde, hypergestresseerde mensen. In deze omgeving komen ze tot rust en kunnen ze letterlijk alles op een rijtje zetten. Ons doel is dat ze op de dag van hun vrijlating een job, een woonst en een nieuw netwerk hebben."

Teruggekeerde Syriëstrijders

In Halden zitten ook vier teruggekeerde Syrië-strijders. "Ook hen benaderen we zoveel mogelijk volgens het normaliteitsprincipe. Toen ze hier binnenkwamen, gaven we hen een koran en hadden ze een lang gesprek met onze imam. De IS-aanhangers krijgen wel een speciale follow-up: ze doen veel sport en we zorgen dat ze niet in dezelfde leefgroep terechtkomen. Ook hun hoofd moet tot rust komen: dat lijkt me een meer efficiënte aanpak dan zo'n ex-Syrië-strijder nog meer onder druk te zetten en aan zijn lot over te laten."

Nog een bijzonderheid aan de Noorse aanpak: de ongewapende cipiers leven als het ware samen met de gedetineerden: sporten, koken, musiceren, een match FIFA op Playstation: cipiers doen met de glimlach mee. "Ze zijn geen tegenstanders van elkaar maar elkaars medestanders. Het systeem heet dynamische veiligheid en werkt prima", zegt Hoidal. "Sinds de opening van Halden in 2010 hadden we nog geen enkel ernstig veiligheidsincident. Een ander element van die dynamische veiligheid is dat de helft van de cipiers vrouwen zijn. Ook dat neemt veel spanning weg: hoe minder testosteron, hoe minder stress."

Hoewel deze hypermoderne gevangenis het paradepaardje is van het Noorse gevangeniswezen, worden de principes van 'normaliteit' en 'dynamische veiligheid' ook in de andere Noorse gevangenissen toegepast, met name in de verouderde strafinrichting in de hoofdstad Oslo die dateert uit de 19de eeuw en waar het veel minder aangenaam toeven is dan in Halden. "Het nieuwe beleid kwam er na 1997", zegt Hoidal.

"Het ging toen niet zo goed: een recidivegraad van 70 procent, gevangenisrellen, ontsnappingen, twee cipiers die waren vermoord. Vooraanstaande criminologen publiceerden toen een White Paper die werd goedgekeurd in het parlement en een paradigmashift veroorzaakte: voortaan werd maatschappelijke re-integratie dé prioriteit." De resultaten van deze aanpak mogen gezien worden. Met een recidivegraad van 20 procent boekt Noorwegen een wereldrecord. In België belanden ongeveer 50 procent van de ex-gedetineerden weer in de gevangenis, in de VS hervalt 76 procent.

Jan-Erik Sandlie, vicedirecteur van het gevangeniswezen, zal ons later op nog een cruciale succesfactor wijzen: de gedegen opleiding van Noorse gevangenisbewakers. "Gedurende twee jaar volgen zij een opleiding aan de cipiersacademie. Zij krijgen vakken als criminologie, psychologie, sociologie, strafrecht en mensenrechten. Tijdens hun studies krijgen de kandidaten al een volwaardig loon. Dat maakt dat cipier in Noorwegen een populair en hoog aangeschreven beroep is: voor de 175 studieplaatsen krijgen we jaarlijks zo'n 1.300 aanvragen."

De familiebungalow ziet er uit als een vakantiehuisje: salon, eethoek, nachtkastje mét condooms, tuin met speeltuigen. Beeld Eric de Mildt

Dat de mooie woorden van Jan-Erik Sandlie en gevangenisdirecteur Are Hoidal opvallend veel gelijkenissen vertonen met de mening van de gedetineerden, blijkt uit een gesprek met enkele gevangenen. Een van hen is Fudan die al drie jaar in Halden verblijft en nog drie jaar te gaan heeft. We spreken hem in zijn knusse cel waar niet alleen de flatscreen en de Ikea-achtige meubels opvallen, maar ook enkele dikke kookboeken waaronder De zilveren lepel, de bijbel van de Italiaanse keuken. "Ik heb bijna mijn diploma van chef-kok", zegt Fudan die veroordeeld werd voor georganiseerde drugscriminaliteit. "Als ik hier over drie jaar buitenkom, zou ik een restaurant kunnen beginnen. Maar eigenlijk ben ik van plan om leraar geschiedenis te worden." Fudan ziet mijn verbaasde blik en neemt uit een andere boekenkast A History of Europe in the Modern World, het standaardwerk van de befaamde historicus R.R. Palmer. "Nog enkele examens en ik heb mijn pedagogiediploma op zak."

Fudan krijgt EHBO-les. "Hier krijg je ruimte, je praat met medegevangenen en cipiers en je neemt initiatief." Beeld Eric de Mildt

Dooddoener

Fudan vertelt hoe hij eerst enkele jaren doorbracht in de oude gevangenis van Oslo. "Dat is een plek waar je voortdurend het gevoel hebt dat je in de gevangenis zit. Je blijft vooral in je cel en je gedachten botsen letterlijk tegen je hersenpan. Hier in Halden is het helemaal anders: je hoofd krijgt ruimte, je denkt na over het leven, je praat met andere gevangenen en cipiers en je neemt initiatief. Natuurlijk besef ik nog altijd dat ik in een gevangenis zit, maar ik besef tegelijk dat ik leef."

Fudan is gehuwd en heeft vier kinderen. Wanneer we over zijn zonen en dochters praten, krijgt hij het moeilijk. "Ik kan mijn gezin elke week zien en hier in Halden zijn de ontvangstruimtes voor bezoek best aangenaam: er is kinderspeelgoed en zelfs een tuintje. En soms krijg ik de beschikking over de bungalow op de heuvel om even van het gezinsleven te proeven. We hebben al veel gelachen in dat huisje, maar ook veel gehuild. Want we weten dat die momenten van korte duur zijn. Je kinderen niet ten volle kunnen opvoeden, ze niet kunnen helpen met hun huiswerk, ze niet in hun bed kunnen stoppen: daaraan wen je nooit. Dat is het allergrootste gemis aan de vrijheid. Dat is de grootste pijn. Meer heb je niet nodig om zwaar gestraft te worden."

Beeld Eric de Mildt

Volgens Jan De Cock, die over heel de wereld gevangenissen bezocht, kunnen veel van de Noorse ideeën hier vrij eenvoudig toegepast worden. "Te vaak hoor ik in België dat er geen draagvlak is voor die ideeën en dat het allemaal te duur is. Een echte dooddoener. Ik zie echt niet waarom politici ook hier niet kunnen verkondigen dat we voortaan in gedetineerden gaan investeren zodat ze een positieve bijdrage kunnen leveren."

Ook investeren in een meer positieve relatie tussen cipier en gevangene kost geen geld. "In onze instellingen wordt zwaar ingezet op repressieve veiligheid en overheerst de angst. Terwijl een goede relatie tussen personeel en gedetineerden eigenlijk een veel grotere garantie is op veiligheid."

Het Noorse principe om gedetineerden van in het begin een onderwijs- en toekomsttraject aan te bieden is cruciaal zegt De Cock. "Laten we daarmee in België zo snel mogelijk beginnen. In onze gevangenissen hebben de gedetineerden uitzicht op niets, alleen op de datum dat ze vrijkomen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234