Donderdag 06/05/2021

Non fictie

Van onze dierlijke natuur tot moraal & cultuur

Beweren dat u de onderstaande selectie uit wat er de komende maanden aan non-fictie verschijnt gelezen moet hebben om begin 2008 op iedere nieuwjaarsborrel mee te kunnen praten, gaat misschien wat ver. Het is immers best mogelijk dat u ook nog andere zaken te doen heeft dit najaar. Maak daarom een verstandige keuze en weet wat u mist.

Door Marnix Verplancke

Tom Holland, Perzisch vuur (Athenaeum). In dit boek wordt op levendige wijze beschreven hoe 2500 jaar gelden twee terroristenstaten een supermacht op de knieën dwongen. Het was de eerste grote strijd tussen Oost en West en hij lag ten grondslag aan onze beschaving. De twee terroristenstaten waren immers Athene en Sparta, en de supermogendheid Perzië. De parallellen zijn aanwezig, de interpretatie is echter ten laste van de lezer.

Naomi Klein, De shock doctrine (De Geus). Klein verkent hier de manier waarop rampen en oorlogen overal ter wereld aangegrepen zijn om de publieke sector te vervangen door een private. En die is in essentie Amerikaans natuurlijk. Er zijn de Irakese Halliburton- en Blackwaterschandalen die het verhaal staven, maar volgens Klein is het al in de jaren vijftig begonnen en is dit verschijnsel ook binnen de VS zelf te zien. De woningmarkt, het onderwijs en de ziekenzorg zijn na de doortocht van Katrina in New Orleans praktisch volledig geprivatiseerd.

Daniel Mendelsohn, Verloren, op zoek naar zes van de zes miljoen (De Arbeiderspers). Vijf jaar lang trok Mendelsohn over de wereld, op zoek naar het antwoord op de vraag die hem als klein kind al bezighield: wat was er echt gebeurd met zijn oudoom Shmiel en diens gezin, vermoord in de Holocaust? Zijn tocht bracht hem in twaalf landen, verspreid over vier continenten en eindigde in een klein dorpje in Oekraïne. Het relaas van een familietragedie en de beproeving van een heel volk.

Justin Pollard en Howard Reid, Alexandrië (Mouria). Daar waar ooit Cleopatra flink op haar neus keek, ligt de oorsprong van onze beschaving, beweren de auteurs van dit boek. Niet alleen stond in Alexandrië de grootste bibliotheek, het heliocentrisme zag er het levenslicht, de cartografie is er ontstaan, net zoals de atoomtheorie trouwens en de anatomie scheerde er hoge toppen. En toen kwamen de barbaren... en ging het westerse denken voor een tijdje de koelkast in.

David Stafford, Eindspel 1945 (Mouria). De Tweede Wereldoorlog eindigde niet ergens in mei 1945, zoals dat in de meeste Europese landen herdacht wordt, maar wel op 16 juli van dat jaar, toen Truman en Churchill het verwoeste Berlijn binnentrokken. Stafford beschrijft in dit boek de laatste drie maanden van het Derde Rijk, toen de jacht op de nazikopstukken begon, de geroofde kunstschatten teruggevonden werden en de prille fundamenten van het IJzeren Gordijn werden gelegd.

Chris De Stoop, Het complot van België (De Bezige Bij). Enige tijd geleden werd De Stoop opgezocht door de jonge, mysterieuze Nina H.. Ze vertelde hem een verbijsterend verhaal over een complot waar zelfs de regering bij betrokken zou zijn en overhandigde hem een heel dossier. De Stoop zocht het verhaal verder uit en kwam tot onthutsende conclusies. Nieuw werk van de man die literair non-fictie in Vlaanderen op de kaart heeft gezet en bewijst dat je geen onzin moet vertellen om boeken te verkopen.

Benjamin Barber, De infantiele consument (Ambo). De infantilisering van onze wereld neemt hand over hand toe. Vaders lijken met hun baseballpetje op en hun korte broek aan wel groot uitgevallen broers te zijn en weet je niet wie de Kaiser Chiefs zijn, dan ben je rijp voor het bejaardentehuis. Volgens Barber heeft deze kinderlijke dynamiek veel te maken met het hedendaagse, late kapitalisme dat al onze reële behoeften bevredigd ziet en daarom zijn eigen futiele behoeften creëert.

John Gray, Zwarte mis (Ambo). In dit boek ontmaskert Gray het hedendaagse conservatieve gedachtegoed zoals dat zijn weerslag vindt in de Amerikaanse Irakpolitiek als een nieuwe vorm van utopisch denken, gevoed door een kortzichtig verlichtingsfundamentalisme. Wat we vandaag nodig hebben is bescheidenheid, terughoudendheid en tolerantie, beweert hij in de traditie van Montaigne, Hume en Berlin.

Charles Taylor, Bronnen van het zelf (Lemniscaat). Taylor gaat in deze klassieker op zoek naar de bronnen van onze moderne identiteit. Hij laat zien dat onze wending naar het innerlijke voortvloeit uit een lange reeks pogingen het goede na te streven. Hij vertelt het verhaal van Augustinus, Luther, Montaigne en vele anderen en wijst erop dat hun visie op menselijkheid veel meer omvatte dan louter autonomie. Zij zagen de mens immers pas zichzelf worden in een sociaal verband.

Nico H. Frijda, De wetten van emotie (Bert Bakker). Frijda is een van dé experts wat het onderzoek van onze emoties betreft. Nuchter en wetenschappelijk gaat hij na in hoeverre rede en emoties met elkaar in overeenstemming te brengen zijn en welke positieve en negatieve rol die emoties spelen in ons leven. Voor Frijda zijn emoties geen overdreven en dus te vermijden reacties op onverwachte omstandigheden, maar liggen ze juist ten grondslag aan al onze kennis en ervaring.

Douglas Hofstadter, Ik ben een vreemde kronkel (Contact). Uitgaande van een persoonlijke ervaring - het overlijden van zijn vrouw in 1993 - stelt de auteur van het populaire Gödel, Escher, Bach zich een aantal vragen over de menselijke geest. Bestaat er zoiets als het 'ik'? Wat is denken? Hoe kan de geest ontstaan uit levenloze materie? Populaire wetenschap op hoog niveau.

Steven Pinker, Stof tot nadenken (Contact). Onze geest is geëvolueerd in een tijd dat er nagedacht moest worden over stenen, planten en gevaarlijke dieren. Inmiddels is diezelfde geest in staat de mysteries van de fysica te doorgronden en de democratie te bedenken. Hoe heeft hij zich aangepast? Steven Pinker gaat in dit boek op zoek naar het antwoord op deze vraag en volgens hem moeten we het in onze taal zoeken. Is niet iedere strijd in essentie een taalstrijd, vraagt hij zich bijvoorbeeld af, en wat is de rol van taal in de conflicten in het Midden-Oosten?

Oliver Sacks, Musicophilia (J.M. Meulenhoff). De mens onderscheidt zich van de andere dieren door zijn taalvermogen, zo wordt weleens beweerd. Volgens Sacks maakt echter zijn muzikaliteit het verschil uit. Om dit te bewijzen gaat hij de complexe relatie tussen menselijke geest en muziek na: hoe muziek kan troosten of opwinden, hoe sommigen bij het horen van muziek kleuren zien en hoe bij anderen muziek de enige herinnering vormt die ze nog hebben. Hij voert patiënten op die door een ongeval hun muzikaal vermogen verloren zijn en anderen die het daardoor juist plots gekregen hebben, en steeds blijkt weer hetzelfde: hoe belangrijk muziek wel is voor ons.

Richard Dawkins, Het verhaal van onze voorouders (Nieuw Amsterdam). Na het schotschrift God als misvatting komt Dawkins nu met een boek dat zijn reputatie als 's werelds prominentste wetenschapspopularisator eer aan doet. We krijgen het verslag te lezen van een pelgrimstocht terug de tijd in, met als ultieme doel het ontstaan van het leven. Mens, dier, plant, schimmel en bacterie, Dawkins laat hen allemaal aan de hand van de recentste wetenschappelijke bevindingen op zoek gaan naar hun voorouders.

Tijs Goldschmidt, Kloten van de engel (Athenaeum). In een lichtvoetige stijl onderzoekt Goldschmidt de grenzen tussen natuur en cultuur, en hij komt tot de conclusie dat die smaller zijn dan wij over het algemeen denken. Zo vertoont de vloer van de salsaschool, waarop blanke vrouwen met donkere mannen dansen, veel overeenkomst met de baltsarena van kemphanen. In deze essaybundel combineert Goldschmidt verrassende inzichten over originele onderwerpen met een kraakheldere schrijfstijl.

Guillaume Lecointre, Hervé Le Guyader en Dominique Visset, De nieuwe classificatie (Veen Magazines).Wetenschappers van nu delen de organismen totaal anders in dan dertig jaar geleden. Zo worden organismen niet langer gedefinieerd op basis van hun afwijking ten opzichte van de mens, maar op basis van hun eigen evolutionaire kenmerken die worden herleid naar de deels hypothetische voorouders waaruit de verschillende soorten zijn geëvolueerd. Dit is het eerste Nederlandstalige overzichtswerk waarin de fylogenetische classificatie wordt toegepast, een must dus.

Frans de Waal, Apen en denkers, hoe de moraal is ontstaan (Contact).Waarom beschouwen we agressief gedrag als een uiting van het beest in ons en lijkt alles wat goed is menselijk te zijn? Volgens Frans de Waal is dit onderscheid louter antropocentrisch en is er geen enkele wetenschappelijke grond voor. Op basis van frappant bewijs afkomstig uit zijn eigen onderzoek naar het gedrag van primaten stelt hij dat de vernislaagtheorie niet klopt. Moraal is echt wel meer dan een dun laagje civilisatie op onze dierlijke natuur.

Peter Gay, Het modernisme (Ambo). Keer op keer weet Peter Gay met zijn combinatie van eruditie en stijl de lezer warm te maken voor de geschiedenis van onze cultuur. Hier buigt hij zich over de kunststroming die van Baudelaire tot Warhol ons gemaakt heeft tot wie we vandaag zijn. Ontstaan in de schandaalsfeer van het Parijs van halfweg de negentiende eeuw is dit grensverleggende en immer de fundamenten van de eigen kritiek onderzoekende modernisme uiteindelijk op zijn eigen grenzen gestoten, betoogt Gay, wat tot verwarring en impasse aanleiding heeft gegeven.

Alberto Manguel, De bibliotheek bij nacht (Ambo). Manguel gaat op zoek naar de grote bibliotheken uit de geschiedenis, van China, Egypte en Griekenland tot en met het hedendaagse Google. Hij vertelt over de bibliotheek van Pepys, die hakjes onder zijn boeken zette zodat ze allemaal even groot zouden lijken en over de Poolse bibliothecaris die zijn joodse boeken voor de nazi's in veiligheid bracht, en hij neemt je mee naar de privébibliotheken van onder meer Dickens en Borges.

Simon Schama, De kracht van kunst (Contact). Ook al is dit 'maar' een begeleidend boek bij een BBC-serie, toch is dit een schitterend werk geworden dat schilderkunst toegankelijk maakt voor iedereen. Schama is een autoriteit en hij weet zijn eruditie op een nimmer pedante wijze over te brengen. In dit boek focust hij op Caravaggio, Bernini, Rembrandt, David, Turner, Van Gogh, Picasso en Rothko. Hij plaatst hun werk binnen zijn tijd en legt uit waarom precies deze kunstenaars de moeite van het (her)bekijken waard zijn.

Steven Bach, Leni (De Bezige Bij). Geen cineaste heeft de wereld van de film zo in rep en roer gezet als Leni Riefenstahl. Of ze nu een vis op de lens nam of een Nubakrijger, deed er niet toe, volgens sommigen maakte ze er steeds weer een nazi van. Ze was dan ook niet voor niets Hitlers filmgodin die met documentaires als Olympia en Triumph des Willens enerzijds de cinema radicaal vernieuwde, maar anderzijds ook schaamteloze propaganda maakte voor het Derde Rijk. Eencontroversiële vrouw die leefde in een controversiële tijd en naderhand iets te vaak herhaalde dat ze het allemaal niet 'gewusst' had.

Anthony Everitt, Augustus (Ambo/Manteau). Caesar Augustus geldt als een van de invloedrijkste heersers die ooit hebben geleefd. In de 45 jaar dat hij regeerde betoonde hij zich een politiek, strategisch en vooral meedogenloos genie. Hij wist de weerspannige republiek om te vormen tot een machtig imperium en maakte van Rome het centrum van de wereld, waar geld, macht, filosofie en kunst elkaar ontmoetten.

Walter Isaacson, Einstein (Nieuw Amsterdam). Dit is zeker niet de eerste, maar wellicht wel de beste biografie van Einstein, en dit onder meer omdat Isaacson de interne tegenstellingen die het denken van Einstein kenmerkten niet uit de weg gaat. Enerzijds geloofde de fysicus bijvoorbeeld in een geordend universum, maar anderzijds leidden zijn theorieën tot onzekerheid en onvoorspelbaarheid, wat hem, net zoals het idee dat zijn werk tot de atoombom had geleid, een paar gigantische breinkrakers opleverde.

Alexander Waugh, Paul Wittgenstein en zijn excentrieke familie (De Bezige Bij). Alexander is de kleinzoon van Evelyn Waugh en ook hij heeft de schrijfmicrobe te pakken. Paul Wittgenstein, broer van de filosoof Ludwig Wittgenstein, behoorde tot een van de rijkste en invloedrijkste families van Europa. Tijdens de Eerste Wereldoorlog raakte hij aan het front zijn rechterhand kwijt, maar dat belette hem niet een beroemd pianovirtuoos te worden, voor wie Ravel zijn gesmaakte Concerto voor de linkerhand schreef. Waugh beschrijft parallel aan het tragische leven van Paul dat van de hele familie Wittgenstein.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234