Donderdag 19/05/2022

GetuigenissenOnderwijs

Nijpend plaatsgebrek in het buitengewoon onderwijs: ‘Vince gaat uit noodzaak naar een gewone kleuterklas’

Marij Van Hove en haar dochters. Beeld Wouter Van Vooren
Marij Van Hove en haar dochters.Beeld Wouter Van Vooren

Leonie, Jerome, Vince, Mathis. Ze staan net als honderden andere kinderen op een wachtlijst voor het buitengewoon onderwijs en dat is allesbehalve nieuw. Waarom blijft deze sector zo stiefmoederlijk behandeld?

Femke Van Garderen

Jerome is 6 jaar. Hij is hoogbegaafd en sterk in rekenen, schrijven en lezen. Maar door zijn autismespectrumstoornis zijn sociaal contact en lawaai lastig en heeft hij woedeaanvallen.

Mathis is 4 jaar. Hij lijdt aan het uiterst zeldzame Dellemansyndroom. Die aandoening tast zijn ogen en huid aan. Hij is daardoor ook verstandelijk beperkt en kan ernstige epilepsieaanvallen krijgen.

Vince is 3 jaar. Door een taalontwikkelingsprobleem praat hij amper. Zijn autisme maakt het niet makkelijker: hij raakt snel overprikkeld en sluit zich volledig van de buitenwereld af.

De jongens mogen verschillen, ze delen ook iets: allemaal staan ze op een wachtlijst voor het buitengewoon onderwijs. Op dit moment gaan ze, met ondersteuning, naar gewone scholen. Maar volgens hun ouders loopt dat steeds moeilijker. Ze zoeken naar een omgeving die meer aan de noden van hun kind aangepast is.

Het is twijfelachtig of daar snel verandering in zal komen. Deze week raakte bekend hoe groot het plaatstekort in de provincie Antwerpen is. Daar staan 337 kinderen op de wachtlijst. Zo’n 19 kinderen zijn zelfs helemaal nergens ingeschreven, wat betekent dat ze thuis zitten met in het beste geval een leerkracht die een paar uur per week langskomt.

“Ik vrees dat het niet meer lang duurt voor ook wij in zo’n situatie belanden”, zegt Ashley Christiaens (26) uit Lint. Haar zoontje Mathis schreef ze vorig schooljaar in bij drie scholen die gespecialiseerd zijn in kinderen met autismespectrumstoornissen. Op 1 september zat er niet anders op dan te starten in een gewone kleuterschool. “Ze wisten van Mathis’ problematiek en deden allerlei aanpassingen. Maar na dag drie kreeg ik al telefoon van de school. Mathis loopt voortdurend weg omdat de prikkels in de klas hem te veel worden. ‘We kunnen zijn veiligheid niet garanderen’, klonk het.”

Ashley Christiaens en haar zoon. Beeld Wouter Van Vooren
Ashley Christiaens en haar zoon.Beeld Wouter Van Vooren

Er werd beslist om de jongen twee zorgjuffen te geven. “De school doet enorm haar best, maar de vraag is hoelang het houdbaar blijft. Als het te moeilijk blijft, willen ze het schoolgaan voor Mathis beperken tot 2 uur per dag. Ook het scenario waarin hij helemaal niet meer komt, is al aangeraakt. Dat bezorgt me stress. Ik heb geen flauw idee hoe we zoiets thuis moeten oplossen.”

Al jaren klachten

Klachten over wachtlijsten in het buitengewoon onderwijs zijn allesbehalve nieuw. Ze gaan al jaren mee. Maar ook wie wél toegang heeft tot het buitengewoon onderwijs, is niet vrij van zorgen. Aan het begin van dit schooljaar dook nog een ander oud zeer op. Ouders klaagden toen voor de zoveelste keer over het speciale en gratis busvervoer waarop hun kinderen kunnen rekenen. De reistijden worden steeds langer. In sommige gevallen zijn kinderen vijf uur onderweg om hun school te bereiken.

Critici menen dat de organisatie van buitengewoon onderwijs tout court niet goed is. Mensenrechtenorganisatie Grip pleit al lang voor inclusief onderwijs, waarbij kinderen met een beperking met extra ondersteuning in gewone scholen zouden moeten terechtkunnen. Het veelbesproken M-decreet moest daarvoor zorgen. Maar de realiteit is dat we desondanks nog steeds horen tot de regio’s in Europa met het meest gesegregeerde onderwijs. “Het Europees Comité voor Sociale Rechten tikte Vlaanderen daarvoor in 2017 al op de vingers”, zegt Seline Somers van Grip, verwijzend naar het VN-verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap.

Waarom blijft het zo aanmodderen in de sector? “Er ontbreekt een breedgedragen politieke visie op lange termijn”, gelooft Somers. En eveneens: een pak geld. Het tekort aan middelen voor mensen met een beperking gaat al lang mee en reikt verder dan onderwijs. “Neem het persoonlijkeassistentiebudget (pab) van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH). Daarvoor bestaan ook lange wachtlijsten. Nochtans is dat een hefboom om inclusief onderwijs te realiseren. Neem een leerling die in een rolstoel zit en hulp nodig heeft om te eten. Als die geen pab heeft om zelf ondersteuning te organiseren, valt alles op de schouders van de leerkracht. Gewone scholen vinden dat vaak niet haalbaar. En dus kiest een kind, uit gebrek aan een alternatief, voor het buitengewoon onderwijs. In die vicieuze cirkel blijven we maar zitten.”

Ook kinderrechtencommissaris Caroline Vrijens ziet hoe het beleid mensen met een beperking almaar aan hun lot overlaat. “Tijdens de coronacrisis is dat nog eens pijnlijk duidelijk geworden.” Ze verwijst naar de getuigenis van een moeder in de commissie over de impact van het coronabeleid op haar dochter met een beperking. Die moeder in kwestie zei: “In de befaamde powerpointpresentaties werd haar doelgroep simpelweg vergeten, alsof ze geen deel van de maatschappij uitmaakt. Er was een draaiboek voor de kleuterscholen, lagere scholen, middelbare scholen, maar niks voor het buitengewoon onderwijs. Het recht op onderwijs was blijkbaar geen recht meer voor hen.”

“Ik denk dat sommige politici het simpelweg niet interessant vinden om te investeren in kinderen met een beperking. Ze denken: dat brengt niets op, het kost alleen maar”, zegt Marij Van Hove (41), van wie dochter Leonie (5) een meervoudig complexe ontwikkelingsstoornis heeft. Volgens haar is het een kwestie van prioriteiten stellen. “Toen ik onlangs las over minister Weyts die VR-brillen kocht voor het technisch onderwijs dacht ik: hoe durft hij? Voor zo’n dure gadgets is er wel geld?”

Moegestreden

Sommige mensen in het buitengewoon onderwijs zeggen: “Ik denk dat we te braaf zijn, dat we niet genoeg op de barricaden staan.” Van Hove zegt dat veel ouders zijn moegestreden. “Maar je mag niet vergeten dat de strijd die we voeren voor een plek in het buitengewoon onderwijs lang niet onze enige strijd is. Als je een kind met een beperking hebt, moet je op zoveel andere fronten actief zijn. We wachten ook al meer dan een jaar op verhoogde kinderbijslag en thuisbegeleiding voor onze dochter.”

Maaike Takx (35) uit Wommelgem hoorde nog maar een paar dagen geleden van de school en het CLB dat haar zoon Vince (3) beter op zijn plaats is in het buitengewoon onderwijs. “Ik was zo blij om te ontdekken dat er dichtbij in de buurt een schoolvervangende opvang is. Daar zou Vince niet alleen in een kleiner klasje zitten, maar ook kinesitherapie en logopedie kunnen krijgen. Een enorme ontlasting voor ons, als ouders, want nu moeten we dat allemaal na schooltijd organiseren.”

Maaike Takx met haar kinderen. Beeld Wouter Van Vooren
Maaike Takx met haar kinderen.Beeld Wouter Van Vooren

Maar dan volgde de realiteit. “We waren twee maanden te laat voor de inschrijving in die opvang, zeiden ze daar. Vince moest 2 jaar zijn maar was net 3.” Dan begon de zoektocht naar scholen buitengewoon onderwijs. “We stoten ook op de wachtlijsten. Vince gaat uit noodzaak naar een gewone kleuterklas. Maar dat voelt niet juist. Een kleuterklas zou geen kinderopvang mogen zijn.”

Wat is er nodig om kinderen met een beperking beter te helpen in het onderwijs? Bakstenen, menen velen. Maar volgens Katharina Piskora, directeur van School de Merode in Berchem, is het voor scholen buitengewoon onderwijs allesbehalve evident om bij te bouwen. Zelf heeft ze voor dit schooljaar twee extra klassen voor kleuters met een autismespectrumstoornis geopend. In 2022-2023 moet er nog een derde volgen.

“Ik ben ervan overtuigd dat elke school haar uiterste best doet om extra leerlingen te kunnen opvangen, maar het heeft veel voeten in de aarde. Je zet voor een klas in het buitengewoon onderwijs niet zomaar een container neer, er zijn veel bijkomende aanpassingen nodig.” De overheid mag dan het merendeel bekostigen, zelf dient School de Merode dertig procent van de kosten te dekken. “Zo’n uitbreiding mag niet ten koste gaan van de kwaliteit.”

Veel drempels

Er zijn nog andere drempels voor wie een nieuwe school in het buitengewoon onderwijs wil oprichten. Alleen maar een school die gespecialiseerd is in autisme oprichten kan niet. Of toch niet als je subsidies wilt - die zijn er voorlopig alleen voor wie op twee types inzet. Er gelden ook normen voor het aantal leerlingen die minimaal ingeschreven moeten zijn bij de opstart.

Intussen blijft het aantal leerlingen in het buitengewoon onderwijs stijgen. Het katholiek onderwijs - goed voor een marktaandeel van zestig procent - is het grootst. Daar gaan ze van een laagtepunt met 28.429 kinderen in 2017-2018 naar 28.377 dit schooljaar. Vooral het buitengewoon kleuteronderwijs stijgt spectaculair, met een vijfde meer inschrijvingen. Diezelfde trend tekenen ook het gemeenschapsonderwijs GO! en het stedelijk en gemeentelijk onderwijs op. Daar neemt de jongste groep respectievelijk met een tiende en kwart toe.

Dat er vandaag 50.608 leerlingen in het buitengewoon onderwijs zitten, is opvallend. Op 1 september 2015 werd immers het M-decreet ingevoerd, dat moest zorgen dat net meer leerlingen met een beperking in gewone scholen terecht zouden komen. Maar door een tekort aan middelen en mensen liep dat plan in de soep. Intussen zitten er meer leerlingen in het buitengewoon onderwijs dan voor het M-decreet.

Minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) beloofde bij zijn aanstelling een realistischer en pragmatischer beleid. Voor de zomer maakte hij de krijtlijnen van een zogenoemd Leersteundecreet bekend. Vanaf volgend schooljaar moet dat het M-decreet vervangen. Details ontbreken nog, maar zijn kabinet maakt zich nu al sterk dat dat nieuwe beleid de ondersteuning van leerlingen wil verbeteren. Meer macht gaat ook naar de scholen van het gewoon onderwijs, die zelf kunnen aangeven of het al dan niet lukt om een leerling met een beperking op te nemen.

Meer mensen nodig

Vraag is of het capaciteitstekort in het buitengewoon onderwijs eindelijk opgelost zal raken. “Veel zal afhangen van de manier waarop middelen ingezet zullen worden. Dat is allemaal nog niet duidelijk”, zegt Lieven Boeve, directeur-generaal van Katholiek Onderwijs Vlaanderen. Willen we het buitengewoon onderwijs helemaal goed doen werken, dan moet er volgens hem meer gebeuren dan investeren in infrastructuur. “We hebben ook voldoende mensen met expertise nodig”, verwijst hij naar het lerarentekort, dat zowel het gewoon als buitengewoon onderwijs parten speelt. Specifiek voor dat laatste onderwijstype is het vaak een moeizaam proces om stagiairs en beginnende leerkrachten aan te trekken. “Voor een klas met kinderen met bijzondere noden zoals een visuele beperking of gedragsproblemen staan is niet evident voor wie zijn eerste stappen in het onderwijs zet. Ook voor zijinstromers geldt dat.”

Als het van Vlaams parlementslid Koen Daniëls (N-VA) afhangt, worden ook de stijgende cijfers van leerlingen met zorgnoden nog beter onder de loep genomen. Neem degenen met een autismespectrumstoornis. Die groep stijgt spectaculair. “Maar hoe komt dat? Kan het te maken hebben met de structuren die steeds meer scholen loslaten? Er wordt tegenwoordig gehamerd op klasdoorbrekend en zelfsturend werken, maar het zou kunnen dat veel kinderen daaronder gebukt gaan. Ook potentiële overdiagnostisering van autisme is een piste die we moeten bekijken.”

Weyts verwijst intussen naar een capaciteitsmonitor, die eind dit jaar of begin volgend jaar de tekorten in het buitengewoon onderwijs in kaart moet brengen. “Zo kunnen we gerichter investeren.” Volgende week donderdag wordt zijn Leersteundecreet in de Commissie Onderwijs verder besproken.

Maar veel ouders hebben daar nu geen boodschap aan, zeggen ze. Neem Olivier Kebers (40) uit Edegem. Voor hem is het vooral van tel dat zijn zoon Jerome (6) snel opschuift in de wachtrij. Sinds mei ging hij in een van de voorkeursscholen van plaats 53 naar plaats 2. “Dat stemt ons hoopvol. Voor even toch. Want als Jerome in oktober nergens binnen geraakt is, dan begint alles van vooraf aan. Dan vervalt onze plaats en moeten we opnieuw inschrijven. Op die manier blijft het allemaal als een loterij aanvoelen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234