Woensdag 20/01/2021

'Nigeria valt uit elkaar, maar het is nog altijd mijn thuis'

Drie jaar nadat critici haar debuut Paarse Hibiscus bejubelden, bevestigt Chimamanda Adichie haar uitzonderlijke gave voor levendige en intense beschrijvingen met Een halve gele zon. Voor de ontroerende roman over de Biafraanse oorlog putte ze evengoed uit geschiedenisboeken als uit haar eigen familiegeschiedenis.

Door Evy Ballegeer

Sinds zijn onafhankelijkheid in 1960 is Nigeria verwikkeld in een schijnbaar eindeloos verhaal van corruptie, coups, onderdrukking, etnische rivaliteit en zelfs burgeroorlog. De stormachtige geschiedenis van het land was in het verleden een bron van inspiratie voor getalenteerde schrijvers als Chinua Achebe, Nobelprijswinnaar Wole Soyinka en Buchi Emecheta. Aan dat lijstje heeft een jongere generatie schrijvers een nieuwe naam toegevoegd: die van de 29-jarige Chimamanda Ngozi Adichie.

Adichies tweede roman speelt zich af in de jaren zestig en schommelt tussen twee belangrijke periodes in Nigeria's geschiedenis: de vroege jaren zestig, net na de onafhankelijkheid van Groot-Brittannië en het einde van dat decennium. In de late jaren zestig onderging het land zijn eerste militaire coup. Toenemend etnisch geweld tegen de Igbo leidde tot hun afscheiding van Nigeria met de stichting van Biafra. Nigeria weigerde de onafhankelijkheid van de staat te erkennen en na een bloedige oorlog werd Biafra tegen 1970 opnieuw ingelijfd.

Adichie, die zelf Igbo is, werd pas zeven jaar na het einde van de burgeroorlog geboren, maar zegt dat ze altijd heeft willen schrijven over die episode in Nigeria's geschiedenis. "Ik ben opgegroeid met het idee dat Biafra iets groots was. Mijn ouders praatten er zelden over, maar ze maakten altijd een duidelijk onderscheid tussen 'voor de oorlog' en 'na de oorlog'. Pas toen ik twaalf was en ik er zelf over begon te lezen, leerde ik wat er gebeurd was. Op school werd er niets over verteld. Iedereen deed alsof de oorlog nooit plaatsgevonden had. Zelfs nu nog maakt het onderwerp geen deel uit van het curriculum. Officieel hoort niemand erover te praten. Als je het onderwerp Biafra oprakelt dan hangt daar een enorme last aan vast. Ofwel zeggen mensen dat je geweld zaait, ofwel dat je afscheiding voorstelt. Ik ben dus ontzettend benieuwd wat de reacties op het boek in mijn land zullen zijn.

"Toen ik geïnteresseerd raakte in Biafra begon ik vragen te stellen. Aan mijn familie, mijn ouders, vrienden van mijn ouders, mensen die erbij waren. Mijn beide grootvaders zijn gestorven tijdens de oorlog en vooral voor mijn vader is het een bijzonder pijnlijk onderwerp. Hij is de oudste zoon, een erg belangrijke rol in de Igbocultuur, die onder andere inhoudt dat je je vader moet begraven. Maar zijn vader stierf in een vluchtelingenkamp in Biafra 1, dat door een bezette weg afgescheiden was van Biafra 2, het deel waar mijn vader verbleef. Zelfs het nieuws van mijn grootvaders dood bereikte mijn vader pas dagen nadat het gebeurd was.

"Mijn moeders vader is ook in een vluchtelingenkamp gestorven en zij heeft er met mij nog altijd niet over gepraat. Het is dus een erg persoonlijk verhaal voor hen. En voor mij. Je groeit op met verhalen over je grootvader, vooral die aan mijn vaders kant, en je hoort dat hij een opmerkelijk man was. Mijn vader beschrijft hem als ontzettend deugdzaam. Hij was degene die de waarheid zei en die opstond tijdens dorpsvergaderingen om de dingen te zeggen zoals ze waren. Ik wou dat ik hem gekend had."

Adichie groeide op in Nsukka, de universiteitsstad waar het boek zich deels afspeelt. "Ik heb een gelukkige kindertijd gehad. Mijn vader was professor, mijn moeder docent. Ik word erg nostalgisch als ik eraan denk. Ik mis het. Nsukka is op zich geen mooi dorp, maar het was een veilige plaats om op te groeien. Je kende er iedereen. Gsm's werkten er niet tot een paar jaar terug. Dat soort plek. Ik kom er net van terug, want mijn ouders wonen daar nog. Maar het is veranderd. Het is vervallen, roestig. Iedereen die we kenden, is ofwel dood of naar elders verhuisd. Het is triest om te zien hoe het achteruitgaat.

"Ik weet nog wanneer het slechter begon te gaan. Dat was toen mijn vaders salaris niet op tijd betaald werd, wat nu zowat kenmerkend is voor het universiteitssysteem. Onderwijzers worden niet betaald en dan reageren we allemaal geschokt als ze studenten geld aanrekenen voor cijfers. Het is een schande. En de universiteiten vermenigvuldigen zich. Elke staat lijkt er een te willen. De lesgevers worden niet betaald en vaak zijn ze ook niet goed opgeleid. De mensen met een goede opleiding zijn vertrokken omdat ze kansen gekregen hebben in de VS of Zuid-Afrika of waar dan ook. Daarom zoeken steeds meer mensen om hun kinderen elders te sturen."

Zelf studeerde Adichie een tijdje geneeskunde in Nigeria. Dat werd ook van haar verwacht. De slimste van de klas was nu eenmaal voorbestemd om dokter te worden. Maar het vak lag haar niet; ze wou schrijven. Om die loopbaan een echte kans te geven, verhuisde ze naar Amerika, waar ze terechtkon bij haar zus in Connecticut. "Ik heb niet het gevoel dat ik in de VS woon. Ik spendeer nog altijd meer tijd in Nigeria. Ik hou van Nigeria, maar tegelijkertijd besef ik hoeveel gebreken het heeft. Nigeria valt uit elkaar, maar het is nog altijd mijn thuis. Ik wou nooit echt vertrekken. Maar ook praktisch is het beter zo. Het pensioen van mijn ouders wordt niet betaald, dus ze hebben hun kinderen nodig om hen te steunen.

"Ik mis mijn familie, mijn dada. Ik mis het gevoel om ergens thuis te horen, zonder dingen te moeten uitleggen zoals ik dat hier moet. Aanvankelijk vond ik het irritant dat veel mensen niets weten over Nigeria, nu vind ik het amusant. Het hangt ervan af met wie je spreekt natuurlijk. Tijdens mijn eerste twee jaar in de VS vond ik alle Amerikanen stom. Hoe konden ze niet weten dat Nigeria in West-Afrika ligt? Ik was in shock dat een jonge professor tegen me zei dat Nigeria in het Midden-Oosten ligt. Is het niet, vroeg hij. En ik kwam uit Nigeria waar de leraar iemand was die alles wist of althans deed alsof hij alles wist. De kolossale onwetendheid van die man verbaasde me enorm.

"Veel mensen dachten ook dat ik van een plek kwam waar mensen in hutten leven. Ze waren verrast dat er huizen waren en dat ik wist wat een tv was. Nu heb ik het gevoel dat Amerika mijn rijke oom is die mij zakgeld geeft. Je bent minder geneigd om kritiek te geven op je oom omdat hij aardig voor je is, ook al besteedt hij geen aandacht aan je schoolrapport. Was ik niet naar hier verhuisd, dan was mijn werk wellicht nooit gepubliceerd geraakt. Ja, ze weten niet waar ik vandaan kom en ja, ze doen vaak neerbuigend, maar het is een land vol kansen die ik nergens anders had kunnen krijgen."

"Dit boek heb ik ook hier geschreven. De afstand helpt. Mijn visie is helderder als ik niet in Nigeria ben. Mocht ik het daar geschreven hebben dan was het een ander boek geworden. Nu heeft het een Nigeriaanse essentie die het anders zou missen. Sommige mensen zeggen dat het minder authentiek is voor een Afrikaanse schrijver om buiten Afrika te wonen. Dat is onzin en eigenlijk vind ik die opmerking neerbuigend. Mocht een Britse schrijver naar Kenia verhuizen, dan zou niemand zeggen dat hij minder Engels geworden is.

"Het is ook gemakkelijk om te stellen dat de intellectuelen van Nigeria de plicht hebben om in hun land te blijven. Ik heb niet het gevoel dat intellectuelen hun leven en dat van hun kinderen moeten opofferen voor een land dat hen niet waardeert. De vraag of intellectuelen een plicht hebben, is er een waar je pas over kunt praten als je manieren kunt vinden om een bijdrage te leveren, als je weet dat je inspanningen ergens toe zullen leiden. Ons politiek systeem is zo verneukt dat ik echt het gevoel heb dat het zo goed als onmogelijk is voor de juiste mensen om er deel van uit te maken. Ik weet niet hoe we de dingen kunnen herstellen en toch geloof ik dat het kan.

"Er is nu trouwens een kandidaat voor het presidentschap die een goede indruk op me heeft gemaakt. Een intellectueel, Patrick Utomi. Wellicht zal hij niet winnen. Er is veel te veel geld geïnvesteerd in allerlei anderen. Ik weet trouwens nog niet of ik in Nigeria wil zijn tijdens de verkiezingen volgend jaar. Dat is meestal een periode waarin mensen wegtrekken om het geweld te ontvluchten. De laatste keer heb ik ook niet gestemd. Op wie stem je? Ik kan niet zomaar stemmen. Als ik niet geloof dat het er eerlijk toegaat of dat de kandidaten niet geplaatst zijn door een of andere peetvader, dan stem ik liever niet.

"De situatie voor de Igbo is nog altijd complex. Veel mensen hebben het gevoel dat de Igbo nog altijd gemarginaliseerd zijn en hoewel de burgeroorlog voorbij is, zijn ze nog altijd niet gereïntegreerd in Nigeria. Veel mensen willen bijvoorbeeld geen Igbopresident. Maar het gaat niet enkel om de Igbo. Er is veel etnische ontrust in Nigeria momenteel. Het probleem is dat we nog altijd niet uit 'ons nationaal vraagstuk' zijn. We hebben allemaal culturen waar we trots op moeten zijn en die we moeten vieren. Het maakt ons niet minder bereid om deel uit te maken van dit groter land. Mijn identiteit is Igbo. Het is de taal die ik spreek, de cultuur waarmee ik ben opgegroeid. Ik weet niet wat Nigeriaans wil zeggen in die betekenis. Toch ben ik Nigeriaans, want ik draag dit paspoort.

"Waar ik me zorgen over maak, is dat trots zijn op je inheemse cultuur iets is waar je je moet voor excuseren. Bovendien hebben we een noordelijke regio die al zolang het gevoel heeft dat ze bestemd is om te heersen. Ik wou dat ik wist hoe we hier uit moeten geraken. Maar ik geloof dat we onze problemen wel kunnen oplossen, al was het maar omdat ik niet kan bedenken waarom het niet zou kunnen."

Ik heb het gevoel dat Amerika mijn rijke oom is die mij zakgeld geeft. Je bent minder geneigd om kritiek te geven op je oom omdat hij aardig voor je is, ook al besteedt hij geen aandacht aan je schoolrapport

Ons politiek systeem is zo verneukt dat ik echt het gevoel heb dat het zo goed als onmogelijk is voor de juiste mensen om er deel van uit te maken. Ik weet niet hoe we de dingen kunnen herstellen en toch geloof ik dat het kan

Uitgelezen, het levende boekenprogramma van De Morgen en Vooruit - mét muziek -, begint volgende week aan zijn vierde seizoen (Gent, 20 uur, Balzaal). Gasten: Frank Beke, Halina Reijn, Jos Geysels, Anna Luyten, Fien Sabbe, Erwin Mortier en de majoretten van 't Schoon Vertier. Boeken op tafel: Een halve gele zon van Chimamanda Ngozi Adichie, Zwartboek naar de gelijknamige film van Paul Verhoeven en Giacomo Casanova: de geschiedenis van mijn leven (red. Arthur Japin).

Alle info op www.demorgen.be/uitgelezen

> Woont afwisselend in Nigeria en in de VS.

> Chimamanda is een uitvinding van haar ouders en betekent 'mijn god zal niet vallen'.

> Haar debuutroman Paarse hibiscus stond op de longlist van de Booker Prize en de shortlist van de Orange Prize.

> Is bevriend met de Afro- Belgische schrijfster Chika Unigwe.

Chimamanda Ngozi Adichie

Een halve gele zon

Oorspronkelijke titel: Half of a Yellow Sun

Vertaald door R. van Essen

Atlas, Amsterdam, 545 p., 24,90 euro.

In Een halve gele zon evoqueert Chimamanda Ngozi Adichie de strijd van Biafra om een onafhankelijke republiek in Nigeria op te richten in de jaren zestig. Het verhaal zoomt in op vijf personages die allen verwikkeld raken in het tumult van een oorlog die hun idealen en hun trouw aan elkaar sterk op de proef stelt. De titel van het boek verwijst naar de Biafraanse vlag.

> Persoonlijke website: http://www.ulg.ac.be/facphl/uer/d-german/L3/cnaindex.html

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234