Zaterdag 18/09/2021

Portret

Nieuwe aartsbisschop Jozef De Kesel heeft weinig met het volkse karakter van de kerk

Jozef De Kesel: 'Het is niet omdat we de kerk moderniseren, dat de mensen ook zullen terugkeren.' Beeld BELGA
Jozef De Kesel: 'Het is niet omdat we de kerk moderniseren, dat de mensen ook zullen terugkeren.'Beeld BELGA

Dit weekend kreeg ons land een nieuwe aartsbisschop. Toch is Jozef De Kesel (68) nagenoeg onbekend. In gesprekken met vertrouwelingen en theologen doemt het beeld op van een verscheurde kerkleider. Een die gelooft in een kleine kerk, terwijl het volkse katholicisme nog niet is uitgestorven.

Donderdagmiddag, 5 november. Jozef De Kesel, Jef voor de intimi, heeft al te horen gekregen dat hij de opvolger wordt van aartsbisschop André-Joseph Léonard. Een officiële mededeling volgt niet, al was het maar om het Vaticaan niet tegen de haren in te strijken. Talloze telefoontjes, ook van deze krant, worden afgewimpeld. "Er is nog niets beslist", klinkt het op het bisdom Brugge. Of: "Als u iets denkt te weten, weet u meer dan de bisschop zelf. En dat zou ons verwonderen."

Maar dat De Kesel voor de grootste uitdaging in zijn toch al turbulente loopbaan staat, ligt vast. Niet alleen omdat ingewijden nauwelijks nog spreken over zijn concurrenten, denk aan de Antwerpse bisschop Johan Bonny, maar ook omdat het bericht binnendruppelt dat hij zijn vertrouwelingen heeft uitgenodigd voor een ontmoeting de volgende ochtend. Een kleine viering, als het ware, voordat in de Brusselse Guimardstraat zijn benoeming wordt bevestigd.

Daar presenteert de Brugse bisschop zich op een voor hem ongeziene wijze. Hij klinkt plotseling, zo geven ook intimi aan, als Bonny. "Ik hoop dat de kerk niet evolueert naar een gesloten kerk, want dan wordt ze een sekte. De kerk mag zich niet opsluiten in haar eigen gelijk. Ze moet meevoelen met de uitdagingen van de tijd en de cultuur." Maar op dezelfde dag geeft hij ook een interview aan Kerknet, waar De Kesel wordt gevraagd van welke kerk hij droomt. Zijn antwoord is even stellig als veelzeggend: "Van een kerk die accepteert dat ze kleiner wordt."

Voor leken lijkt het een kleinigheid. Een nietszeggend nuanceverschil, dat weinig zegt over de echte denkwijze van De Kesel. Maar dat is niet het geval. Er bestaat een zekere spanning tussen beide verklaringen, een die een grote impact kan hebben op zijn beleid als aartsbisschop en daardoor op de rol van de kerk in Vlaanderen.

De nieuwe aartsbisschop sprak daar in het verleden in duidelijke taal over. "Het is niet omdat we de kerk moderniseren, dat de mensen ook zullen terugkeren", zei hij in 2013. Tien jaar eerder had hij het in Gent zelfs over een 'minderheidskerk'. "Een kerkgemeenschap is een bepaalde groep in de samenleving. Zo'n gemeenschap verstaat zichzelf als een minderheid."

Machtscentrum

Mathijs Lamberigts, kerkhistoricus en decaan van de faculteit theologie aan de KU Leuven, is er duidelijk over. "Voordat hij bisschop werd, stelde hij dat je niet meer moet geloven in de herchristianisering van het Westen. Zoals ik Jef ken, beseft hij dat de rol van de kerk als machtscentrum is uitgespeeld. Hij droomt van een kleinere kerk vol geëngageerde gelovigen. Ze moet teruggaan naar de oude wortels en die zichtbaar maken in de wereld. Hij gelooft echt dat de kerk een minderheidskerk is geworden."

Toegegeven, het klinkt enigszins abstract. Maar de concrete gevolgen ervan waren de voorbije vijf jaar voelbaar in Brugge en omstreken. Het katholiek onderwijs en het ACV, maar ook Caritas en de parochies zelf, zagen De Kesel zelden op hun evenementen of vieringen. "Hij kent de West-Vlamingen niet en zij hem niet", zegt een naaste medewerker. "Ik denk dat ze hier liever een volkse bisschop hadden gehad. Als het Davidsfonds in Assebroek 30 jaar bestond, dan ging hij daar niet naartoe. Hij houdt zijn agenda scherp in de gaten en die poespas hoeft er voor hem niet bij."

Het zorgde ervoor dat bij velen het beeld ontstond van een teruggetrokken bisschop. De Kesel, die door vriend en vijand wordt geroemd voor zijn belezenheid en theologische kennis, zat haast opgesloten in het bisschopshuis. "Hij is niet zozeer tegen het katholieke middenveld, maar het is volgens hem wel verwaterd", zegt een voormalige vertrouweling. "Vangheluwe ging, ondanks al zijn grote zonden, zelfs naar scholen toe als er vier nieuwe toiletten waren neergezet. De Kesel kwam vaak nog niet naar buiten als een volledig nieuwe school werd ingehuldigd. Dat kan toch niet als je het gezicht van onze kerk bent?"

Dit alles vormt het andere gezicht van de nieuwe aartsbisschop. Hij staat bekend als een onzekere en twijfelende, maar warme man. Iemand die misschien te goed is voor deze wereld, klinkt het soms. Maar tegelijkertijd ook iemand die bij conflicten kan wegduiken. Toen verschillende pedofiliedossiers vorig jaar opdoken, ondernam hij pas actie nadat ze in de media waren gekomen. Eén keer maar sprak hij zich publiekelijk uit en gaf hij toe "een inschattingsfout" te hebben gemaakt. In besloten kring werd duidelijk dat het zwaar op hem woog, zeker toen kerkjurist Kurt Martens zijn ontslag vroeg. "Hij was daar hard door geraakt", zegt een bron binnen het bisdom. "Hij heeft dagenlang gekwetst rondgelopen."

Geheel onlogisch is dat natuurlijk niet. De Kesel heeft volgens Anna Vandenhoeck, een voormalige medewerker en huidig docent theologie aan de KU Leuven, een groot verantwoordelijkheidsgevoel. Daaronder gebukt gaan, zo geeft ze aan, is zijn persoonlijk offer. Als kind al werden de ambities van de aartsbisschop duidelijk. Zijn oudste zus Maria liet eerder al verstaan dat een jonge De Kesel graag voor pastoor speelde en in een kazuifel door het huis sjokte. Ongewijde hosties en wierook mochten daarbij niet ontbreken.

De ernst waarmee hij toen al aan de slag ging, is nooit verdwenen. Als expert legt hij nog altijd de nadruk op de liturgie, de plechtige handelingen van een mis. "Hij gelooft in een minderheidskerk, maar zeker in West-Vlaanderen is die er nog niet", zegt de oud-vertrouweling. "Zo moest hij wel naar de vormsels gaan, maar was nadien soms razend omdat wat hij daar zag niet overeenkwam met zijn visie. Dan was het Onze Vader bijvoorbeeld vervangen door een liedje dat de leerlingen zelf zongen. Hij haat dat, maar beseft niet dat dit gebeurt om het relevant te maken voor ouders en kinderen die maar eens in de tien jaar naar de kerk komen."

In sommige kringen stellen ze het onomwonden: De Kesel gelooft niet in het cultuurkatholicisme. Het gaat dan om de Vlamingen, en zo zijn er bijzonder veel, die niet belijdend gelovig zijn, maar die zich wel als katholiek identificeren en deelnemen aan organisaties uit de katholieke zuil. Ook zou hij niet geloven in het veranderen van kerkelijke doctrines en het aanpassen van de kerk aan de hedendaagse samenleving.

Dat is vreemd, aangezien De Kesel volgens velen hetzelfde denkt als Bonny. Twee keer sprak hij zich ook in soortgelijke bewoordingen uit. In 2010, toen hij het celibaat ter sprake stelde, en onlangs bij zijn benoeming, toen hij pleitte voor de acceptatie van holebi's. Maar het lijkt eerder waarschijnlijk dat die openheid zeldzaam zal blijven. De Kesel geeft weinig om zijn imago, zo stellen betrokkenen, en nog minder om de media. "Gaat u nu net als Léonard aan De slimste mens ter wereld meedoen", vroeg een medewerker van het bisdom na de aankondiging. "Neen", zei de bisschop resoluut.

Jozef De Kesel. Beeld Tim Dirven
Jozef De Kesel.Beeld Tim Dirven

Valkuil

Het grootste gevaar dat voor de kerk om de hoek loert, is volgens kenners dat De Kesel zich terugtrekt. Niet alleen uit het publieke debat, maar ook uit Vlaanderen zelf. Hij kan immers altijd uitwijken naar Brussel, de stad die hij zo graag ziet. "Ik denk dat hij vooral sterk zal inzetten op kleinere geloofsgemeenschappen die nog levenskracht hebben", zegt Lamberigts. "Hij verbleef graag in de hoofdstad, omdat daar nog een jongere groep gelovigen bestaat. Ik hoop dat hij aan die verleiding kan weerstaan en ook de in zijn ogen woestenij van Vlaams-Brabant opzoekt."

Juist daarom mag worden gesproken van een verscheurde aartsbisschop. Een kerkleider die twijfelt, niet alleen in praktische dossiers, maar ook over de toekomst van de kerk. Iemand die laveert tussen waar hij in gelooft, de minderheidskerk, en de realiteit van vandaag. De populariteit van Bonny, maar ook die van paus Franciscus, wijst er immers op dat het volkse katholicisme nog niet is uitgestorven. En dat zijn juist twee leiders die aangeven dat openheid, begrip en dialoog de kerk in Europa levend kunnen houden.

De Kesel gaf in het verleden aan een andere koers te varen. Hij wijst op de getuigenis, waarbij wordt verteld hoe gelukkig geloven maakt. "Niet heersend, maar dienend. Niet opdringerig, maar overtuigend." Daarin schuilt een grote valkuil, zo waarschuwen theologen, oud-medewerkers en vertrouwelingen. "In zijn omgeving hoor je soms dat we geen energie meer moeten steken in kinderdoopsels, maar moeten inzetten op het volwassenendoopsel. Hij denkt dat wellicht ook, maar ik betwijfel of hij het ook gaat doen. Je weet immers dat 80 procent van de gelovigen dan uit de boot valt."

Het zou er ook voor zorgen dat Vlaanderen nog meer seculariseert, totdat ook het katholieke middenveld volledig de band met de kerk verliest. "De Kesel zegt dat iedereen die zich geroepen voelt, welkom is in de kerk. Maar dat is een passieve houding, waardoor de samenleving nog sneller zal seculariseren. Hij zal er niets tegen doen, terwijl Bonny zou vechten door de kerk te transformeren. In de kringen van de nieuwe aartsbisschop leeft juist het idee dat de kerk niet voor iedereen is weggelegd. "De kerken lopen niet leeg", hoor je dan, "ze zijn gewoon te groot gebouwd."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234