Vrijdag 03/07/2020

'Nieuw stadion moet referentie in Europa zijn'

Al sinds september licht voormalig topmanager bij AB InBev Jo Van Biesbroeck (59) de fundamenten, de gevel en de vele kamers van Anderlecht door, om ze nadien aan een grondige renovatie te onderwerpen. Na zes maanden in de schaduw treedt Van Biesbroeck nu voor het voetlicht. 'Anderlecht staat voor een gigantische uitdaging.'

Flashback naar begin januari. Het Laatste Nieuws en De Morgen publiceren een verhaal waarin uitgelegd wordt waarom 2015 een scharnierjaar wordt voor RSC Anderlecht. In de coulissen bereidt de club haar toekomst voor en dat proces wordt niet alleen gestuurd door voorzitter Roger Vanden Stock en manager Herman Van Holsbeeck. De rol van steenrijk aandeelhouder Alexandre Van Damme wordt steeds belangrijker in de evolutie naar een modern bedrijf.

Fastforward naar september. Jo Van Biesbroeck wandelt de kantoren in Neerpede binnen voor zijn eerste werkdag als operationeel manager van Anderlecht. Het sportieve blijft in handen van Van Holsbeeck, al de rest is voor de 59-jarige Leuvenaar.

Van Biesbroeck komt niet toevallig over van AB InBev, de multinationale bierbrouwerij waar Alexandre Van Damme mee aan het hoofd staat. "Maar het is niet op vraag van Van Damme dat ik hier zit", zweert Van Biesbroeck in zijn eerste interview. "Ik ben hier uit persoonlijke overtuiging en heb al heel mijn leven een band met Anderlecht als supporter. Ook met de familie Vanden Stock heb ik al sinds de jaren 90 contact. Toen was ik betrokken bij de overname van hun brouwerij. Sindsdien ben ik Anderlecht en de familie nooit meer uit het oog verloren."

Als 'supporter' zegt u. Bedoelt u dan dat u sporadisch in de eretribune zat?

"Helemaal niet. Ik stond in het supportersvak achter het doel en miste tot mijn 35ste geen enkele belangrijke match. Als tiener was ik zelfs een zeer fervent supporter. Eigenlijk is het pas sinds ik hier beginnen werken ben, dat ik in de vipruimte kom. Nu heb ik geen keuze, hé."

Heeft u lang getwijfeld toen Anderlecht u vroeg om operationeel manager te worden?

"Geen moment. In mijn persoonlijke carrière was de tijd rijp. Ik had bij AB InBev de top bereikt en wist dat ik twee keuzes had: uitbollen of mij in een nieuw avontuur storten. Toen deze kans zich aandiende, was ik meteen enthousiast. Je kunt van Anderlecht iets moois maken. Op een bepaald moment stel je je de vraag: wat is belangrijk in het leven? Voor mij is dat een droom hebben. En hier vond ik die droom. Zeker het stadionproject is iets van once in a lifetime."

Het feit dat Alexandre Van Damme u gevraagd heeft om hier aan de slag te gaan, is omdat er iets mis is met Anderlecht, toch?

"Als we naar het sportieve kijken, dan is er veel succes behaald."

U zit hier niet voor het sportieve, wel voor het financiële en de organisatie van de club.

"Dat weet ik. Op een bepaald moment is er voor een club nood aan mensen uit de bedrijfswereld die alles wat meer kunnen professionaliseren. Het zou echter heel fout zijn van mij om te zeggen dat Anderlecht slecht beheerd is de voorbije jaren."

Nochtans zijn er intern in 2013 rapporten opgemaakt die aantonen dat er verandering nodig was. De club botste op financiële problemen. Heeft u die rapporten ingekeken?

"Nee, ik leef niet in het verleden."

Het geeft wel aan dat er iets niet klopte binnen Anderlecht.

"De beste dingen ontstaan na een crisis. Ik zeg niet dat er hier een crisis geweest is, maar als die er geweest zou zijn, dan is dat eerder een kans. Want uit slechte momenten ontstaat een voedingsbodem voor verandering. Iedere organisatie, ook een voetbalclub, maakt die momenten mee. Als je dat goed aanpakt, kun je daar beter van worden. De club is alleszins niet blijven stilstaan, want er werken hier veel kwaliteitsvolle mensen.

"Werkt men hier altijd op de best mogelijke, bedrijfsmatige manier? Nee. In plaats van alles centraal aan te sturen zoals in een kmo, moet Anderlecht gerund worden zoals een groot bedrijf, waar mensen meer verantwoordelijk-heden krijgen. Ik wil daarom mensen kansen geven en laten openbloeien."

Een van de eerste dossiers waarin uw naam naar voren kwam, was dat van Mbark Boussoufa. Er werd gezegd dat de transfer er niet kwam omdat de 'financiële mensen' binnen de club die afblokten.

"Op het dossier Boussoufa heb ik geen enkele impact gehad. Nul komma nul. Ik denk ook dat het zeer ongezond zou zijn, mocht ik als nieuwkomer inspraak hebben in een belangrijk transferdossier. Dat is mijn competentie niet. In de toekomst zullen bij Anderlecht altijd de mensen met kennis van zaken beslissen over transfers. In het dossier rond Boussoufa is in eer en geweten geoordeeld dat het niet opportuun was om hem te halen."

U bepaalt mee de financiële limieten. Op die manier heeft u toch impact op transfers?

"Het is logisch dat een club binnen haar finan-ciële mogelijkheden leeft, maar deze club zal nooit énkel gerund worden vanuit het financiële aspect. Een transfer zal altijd een afweging zijn van verschillende zaken. Als er zich een enorme opportuniteit voordoet, dan kan er afgeweken worden van de financiële limieten."

Leefde Anderlecht de voorbije jaren op te grote voet?

"Voor zover ik daar zicht op heb: nee."

En toch is er jaarlijks een structureel tekort van 7 tot 8 miljoen euro. Is dat gezond?

"Ik zou idioot moeten zijn om te zeggen dat het gezond is om niet break-even te draaien. Maar ik heb ook geleerd dat je als bedrijf altijd eerst moet kijken naar je ambities en hoe je die kunt waarmaken. Als je daar op een gegeven moment voor moet investeren, dan is het niet erg om dat effectief te doen. Integendeel, het is soms slim.

"Bij AB InBev hebben we ooit een honkbalploeg in ons bezit gehad: de Toronto Blue Jays. Acht jaar lang hebben we die gerund en daar hebben we gemerkt dat je moet blijven investeren in je ambitie. Als je fors begint te besparen en de kraan dichtdraait, dan riskeer je in een negatieve spiraal terecht te komen en dan komt er op den duur geen kat meer kijken naar je ploeg."

Besparen is dus niet nodig bij Anderlecht.

"Dat heb ik niet gezegd. Als we de Champions League drie jaar op rij niet halen, dan zet dat een zekere druk op de club. En dan hebben we verschillende opties: besparen, een nieuwe sponsor zoeken, spelers verkopen of kapitaal injecteren. Ik zeg dus dat we een evenwichtig plan moeten opstellen om onze ambities waar te maken. Als dat plan straks duidelijk is en het blijkt dat we moeten besparen op bepaalde vlakken, dan zullen we besparen."

Wat zijn die ambities en dromen?

"Anderlecht moet een icoon blijven, een club die zich op regelmatige basis in de Champions League toont en daar ook eens de groepsfase overleeft. Het nieuwe stadion zal een van de elementen zijn om die droom waar te maken. Want het huidige stadion is daarvoor te klein."

Amper 24 dagen na uw aanstelling stuurde u een brief naar bouwbedrijf Ghelamco om te zeggen dat Anderlecht het voor bekeken houdt met het Eurostadion. Leuke binnenkomer.

"In een huwelijk moet je tegen je partner durven te zeggen waar het op staat. Met die brief hebben wij willen aangeven dat er duidelijke krijtlijnen moesten komen voor de invulling van het stadion. We bleven immers in cirkels draaien. Wij hebben gezegd: 'We willen enkel nog meedoen als dít de voorwaarden zijn.'"

U gijzelde het Eurostadion, klonk het.

"We hebben nooit de intentie gehad om de boel op te blazen. Kijk, wij moeten straks dat stadion uitbaten, dus is het logisch dat we op dat aspect veel inspraak willen. Die boodschap is ondertussen aangekomen en we zitten opnieuw allemaal op dezelfde lijn. Voor Anderlecht is het Eurostadion nog altijd plan A."

Is het stadion niet veel te groot voor de club, zoals de bouwplannen nu zijn?

"Wie zegt dat wij alle kamers van het huis zullen huren? Anderlecht heeft een stadion van 40.000 tot 45.000 zitjes in gedachten en dat kunnen we in het Eurostadion krijgen. Als het stadion 62.000 zitjes telt, zullen we de bovenste ring niet gebruiken. Dat is al besproken en er zijn oplossingen voor. Onze grootste uitdaging zal erin bestaan om van dat stadion een referentie te maken voor de rest van Europa. Het moet revolutionair worden. En dan bedoel ik niet zozeer qua architectuur, wel qua invulling. De beleving voor onze fans, vips en sponsors moet uniek zijn. Het is een luxesituatie dat we nu vier jaar de tijd hebben om daarover na te denken."

Wat als die deadline niet gehaald wordt? Komt Anderlecht dan in de problemen?

"Het is voor ons geen zelfmoord om langer dan vier jaar op een nieuw stadion te wachten. 2020 is niet onze streefdatum, dat is de streefdatum voor het EK. Het is belangrijk voor de club dat we een vooruitzicht hebben, liefst met een datum natuurlijk, maar het steekt niet op één jaar. Als het stadion er staat in 2021 en niet in 2020, daar zal niemand bij Anderlecht zich daarin druk maken. Het wordt pas een probleem als het op de lange baan wordt geschoven of als het hele project afgeblazen wordt. Dan moeten we op zoek naar alternatieven."

U heeft de voorbije maanden gebruikt om een round-up te maken van het personeel. Wat zijn de eerste maatregelen die u zult nemen?

"Om te beginnen hebben Herman Van Holsbeeck en ik de afspraak gemaakt om alles samen te beslissen. We gaan samen kijken hoe de club het best georganiseerd kan worden. We hebben onlangs een aantal werkgroepen opgericht die elke een 'brokje' van het nieuwe stadion krijgen. Elke groep is verantwoordelijk voor de uitwerking van een aspect. Herman en ik leiden die groepen en kunnen de mensen op die manier beter leren kennen. De mensen in die groepen hebben de kans om te tonen wat ze in hun mars hebben. Over enkele maanden zullen we dan onze conclusies trekken. Dit is dus een geweldige opportuniteit voor iedereen binnen Anderlecht."

U verkoopt het heel positief, maar eigenlijk komt u de boel herstructureren.

(schudt zijn hoofd) "Ik zou liever gezien worden als een people developer, iemand die mensen laat openbloeien. De perceptie over AB InBev was ook altijd dat wij een hard bedrijf waren voor ons personeel, maar het omgekeerde was waar. Ik ken geen bedrijf waar jonge mensen zoveel kansen krijgen. Op je 30ste kun je daar al een topjob hebben.

"Uiteraard heeft zo'n strategie consequenties. De mensen die de ambitie niet hebben om mee te groeien of die niet kunnen aansluiten, van hen moet je op een bepaald moment afscheid nemen. Als dat hier het geval blijkt te zijn, dan zullen we dat doen. Maar niet in het wilde weg en zeker niet op basis van leeftijd of ras. Anderlecht moet een bedrijf worden waar ambitieuze, gemotiveerde mensen de club naar een hoger niveau tillen."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234