Dinsdag 13/04/2021

Nieuw onder de zon op de Fiera del Libro per Ragazzi

Van 31 maart tot 3 april was het Italiaanse Bologna weer hét trefpunt voor wie wat met kinderboeken te maken heeft. Op de jaarlijkse Fiera del Libro per Ragazzi ontmoeten uitgevers van over de hele wereld elkaar. Van kleine haast kale Afrikaanse standjes tot prestigieuze Amerikaanse, Engelse en Koreaanse glitterpaleizen; van kitscherige wansmaak tot prachtige kunst voor kinderen, je vindt het er allemaal en de commercie draait er op volle toeren.

Door Annemie Leysen

Ook de Vlaamse uitgevers deden goede zaken op de voorbije beurs. Onze kinderboeken vallen op en zijn duidelijk begeerd. Ze vinden afzetmarkten op alle continenten. Het Vlaams Fonds voor de Letteren voert op de beurs actief promotie voor schrijvers en illustratoren van hier.

De Bolognatentoonstelling, met werk van een reeks geselecteerde illustratoren - onder wie dit jaar de Vlaming Klaas Verplancke - geeft een interessant overzicht van nieuwe stijlen en tendensen. Daarin vallen zowel culturele diversiteit als artistieke 'globalisering' op. Japanse kindertjes ogen erg westers in de prentenboeken, bijvoorbeeld, en de signatuur van illustratoren als Wolf Erlbruch krijgt overal navolging. Toch blijft rozige wansmaak erg in trek. Die dubbelheid zat ook in de expositie van gastland Argentinië. Zoeterige of evidente plaatjes zijn er steeds minder bij. Toonaangevende illustratoren van kinderboeken experimenteren steeds meer met vormen, lijnen en kleuren en grote tekenaars maken school.

Voor de 47ste keer werden in Bologna de winnaars van de prestigieuze Hans Christian Andersen Awards bekendgemaakt.

Die 'kleine Nobelprijs' werd voor het eerst uitgereikt in 1956 en is ook het vlaggenschip van Ibby, de International Board on Books for Young People. Ibby is een wereldwijde non-profitorganisatie, die na de Tweede Wereldoorlog door de Duitse Jella Lepman werd opgericht om vrede te promoten via het kinderboek. Met een hoofdkwartier in Bazel, heeft Ibby intussen nationale afdelingen in meer dan 70 landen. Die secties zijn vaak ondergebracht in bestaande leesbevorderende organisaties; zo staat Stichting Lezen in voor het functioneren van de Vlaamse afdeling. Uiteraard is Ibby vooral relevant en zinvol in ontwikkelingslanden, waar uitgevers, bibliotheken en boekdistributie nauwelijks aan de orde zijn. Nieuwe initiatieven en projecten werden onlangs opgezet in onder meer Palestina, Libanon, Colombia, Peru en Haïti, mede dankzij een genereuze Koreaanse sponsor. Op geregelde tijden organiseert Ibby een internationaal congres, steeds met een ander thema en op een andere plek. Zo wordt in september 2008 in Kopenhagen gepraat over History in Stories: Stories in History. De tweejaarlijkse verspreiding van een Ibby Honour List, waarvoor de plaatselijke secties hun eigen auteurs, illustratoren en vertalers nomineren, is ook een erg zinvol idee; op die manier krijgen uitgevers een zicht op een selectie van nieuwe en interessante publicaties, die in aanmerking kunnen komen voor vertaling.

Dertig auteurs en evenveel illustratoren uit 35 landen werden door de plaatselijke afdelingen genomineerd en dat leverde zowat 600 boeken op. Dat literaire of artistieke kwaliteit niet per se als doorslaggevend criterium wordt gehanteerd bij het nomineren, was algauw duidelijk. Zo bleek de keuze van de (overigens verwaarloosbare, maar wél onberispelijke) Chinese kandidaat manifest politiek gekleurd. En met vier Spaanse taalgemeenschappen, moést er dit jaar wel een Baskische kanshebber zijn. Ook de Egyptische kandidatuur had een 'hidden agenda' en van de getalenteerde Russische illustrator Popov was vreemd genoeg maar één boek beschikbaar. Soms had je het raden naar de (extraliteraire) motivatie bij de nominaties.

En dan was er ook het eeuwige taalprobleem. Meer dan eens werden er nauwelijks vertalingen geleverd bij de (Griekse, Slowaakse, IJslandse, Deense, Turkse...) ingestuurde boeken, en moest je je oordeel baseren op korte, soms in schabouwelijk Engels geschreven samenvattingen en op opheldering via het internet. Tijdens de besprekingen met juryleden uit tien landen bleek het Engels niet altijd de 'lingua franca' te zijn, wat weleens voor Babelse spraakverwarring zorgde. Ook het afstemmen van de beoordelingscriteria was soms een heikele zaak. Smaken en voorkeuren zijn toch nog voor een stuk cultureel bepaald, zo bleek, in het overigens overwegend (rijper) vrouwelijk en academisch samengestelde juryclubje.

Al bij al leverde het auteurslijstje weinig verrassends op: heel wat 'groten' waren al bekend, sommige inzendingen bleken erg middelmatig of helemaal ondermaats. Maar er waren, gelukkig, ook ontdekkingen te doen. Zo was de Canadese Brian Doyle een revelatie: zijn nostalgische herinneringen aan een naoorlogse jeugd in Ottowa zijn prachtig, in een heel suggestieve stijl vol understatement beschreven. Ook Bartolomeu Campos de Quieros uit Brazilië is ontroerend poëtisch en fascinerend en de bedrieglijk eenvoudige gedichten van de Japanse kandidaat Shuntaro Kanikawa zijn in de Engelse vertaling althans innemend mooi. Anne Provoost maakte indruk en scoorde erg hoog met haar jeugdromans, maar haalde net niet het schavotje van de vijf finalisten. Guus Kuijer (Nederland), Brian Doyle (Canada), Campos de Quieros (Brazilië) en David Almond (VK) deden dat wél en de Zwitser Jürg Schubiger kon iedereen overtuigen met zijn originele, filosofisch geïnspireerde kortverhalen. Drie bundels, Toen de wereld nog jong was (Ludion, 1996), Het meisje en het geluk (Ludion, 1997) en Vader, moeder, ik en zij (Querido, 1999), werden voortreffelijk vertaald door Bart Moeyaert, die in Schubiger ongetwijfeld een zielsgenoot vond. Absurde humor, verhalen zonder slot, geestige bespiegelingen over het leven en de wereld, ze zijn Schubigers unieke handelsmerk. Nu maar hopen op herdrukken, want de boeken zijn nog moeilijk te vinden.

De illustratoren zorgden voor meer spanning. Naast de gebruikelijke kitsch werd er veel moois ingezonden. De Belgische kandidate Kitty Crowther kreeg veel waardering en ook de Nederlander Thé Tjong Khing, tekenaar van onder meer Vos en Haas, ging een heel eind mee naar de finale. Dé verrassing was voor mij de Australiër Shaun Tan. Vooral zijn graphic novel, The Arrival, is overweldigend. Een boek zonder tekst, in stripvorm, waarin het migratieprobleem vanuit een heel verrassend, surrealistisch perspectief wordt bekeken. Prachtig! Maar jammer genoeg 'te moeilijk' geacht voor een finaleplaats. Indrukwekkend en tijdloos is het werk van de Tsjech Adolf Born. Het bepaalde in grote mate de nieuwe illustratiestijl voor kinderen én volwassenen; een visuele rasverteller. Svjetlan Junakovic uit Kroatië werkt in de traditie van zijn grote voorganger, maar voegt er heel wat geestige en vernieuwende elementen aan toe. Een kunstenaar van formaat! Een paar uitklapbare kinderboeken van zijn hand verschenen eerder bij Davidsfonds/Infodok. En zijn eigenzinnige interpretatie van een reeks bekende portretten van grote meesters, in O grande livro dos retratos de animais, verschenen bij een Gallicische uitgever, is magistraal. De Argentijnse Isol, de enige vrouwelijke en jonge finaliste van de Andersenprijs, is hartveroverend grappig en verfrissend professioneel in haar kriebelige tekeningen. David Wiesner (VS) is een meester in het intrigerende spel met perspectief en uitvergroting. Vooral zijn postmoderne 'hertaling' van De drie biggetjes is onvergetelijk. Enkel Soms op dinsdag (Gottmer, 1993) is (of was) in het Nederlands verkrijgbaar. De onbetwiste winnaar werd de Italiaan Roberto Innocenti. Met zijn hyperrealistische, haast fotografische tekeningen gaf hij Pinokkio van Collodi en Assepoester een nieuw gezicht. Aangrijpend zijn ook zijn Rosa Bianca (Roosje Weiss, Casterman) en La Storia di Erika (Erika's verhaal, Hillen 2005), twee prentenboeken waarin de Holocaust beklemmend in beeld wordt gebracht.

De Andersenprijzen worden plechtig uitgereikt in september op het Ibbycongres in Kopenhagen.

Annemie Leysen maakte als eerste Vlaming ooit deel uit van de jury van de H.C. Andersen Awards 2008.

Toonaangevende illustratoren van kinderboeken experimenteren steeds meer met vormen, lijnen en kleuren

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234