Donderdag 14/11/2019

Interview

‘Niet vliegen, maar veel nieuwe spullen kopen is grootste vervuiler’: tips voor een beter leven, en een betere wereld

Luchtvervuiling in Brussel. Beeld Photo News

‘Als je werkelijk géén ecologische voetafdruk wilt zetten, kun je maar beter een einde aan je leven maken, al mag je niet vergeten dat het lijk dat overblijft ook voor vervuiling zorgt.’ Zo staat het in de inleiding van De Meester-methode van de Nederlandse filosoof-schrijver Maarten Meester. De rest van het boek behandelt dan maar the next best thing: hoe we onze gewoontes zo kunnen aanpassen dat we er niet alleen milieubewuster van gaan leven, maar er ook nog eens gelukkiger van worden.

Uw boek is een antwoord op een vaak gehoorde kreet in het milieudebat: ‘Gaan ze ons dat nu ook al afpakken?’

“‘Mogen we geen vlees meer eten?’ ‘Mogen we niet meer vliegen?’ ‘Mag de auto nu ook al niet meer?’ Die bezorgdheden leven bij veel mensen. Maar ik heb – tot mijn aanvankelijke verbazing – ondervonden dat mijn leven alleen maar mooier en rijker is geworden sinds ik niet meer vlieg en geen auto meer heb.”

Wat u schrijft, heeft veel weg van hoe wijlen Allen Carr in zijn zelfhulpboeken de mensen leerde stoppen met roken. ‘Je geeft niets op, je verrijkt net je leven!’

(lacht) Daar moest ik ook aan denken. Carr wist: mensen hebben moeite met stoppen met roken omdat ze denken dat ze, in ruil voor een betere gezondheid, genot opgeven. Onzin, natuurlijk. En zo is het ook met gewoontes die slecht zijn voor het milieu. Mij heeft het een kleine tien jaar gekost om dat in te zien. Ik hoop dat mijn boek mensen helpt om het sneller te doen.”

Concreet voorbeeld: ‘Doordat ik minder consumeer, geef ik minder uit. Doordat ik minder uitgeef, hoef ik minder te werken. Doordat ik minder hoef te werken, houd ik meer tijd over om te doen wat ik graag doe.’

“Ja, ’t is eigenlijk een heel simpel verhaal. (lachje) Want wat wilde ik echt toen ik jong was? Goede boeken schrijven, gitaar leren spelen en veel tijd hebben om te sporten. En een lieve vrouw vinden en kinderen krijgen. Pas in de periode dat ik ben gaan consuminderen, heb ik voor al die zaken tijd gevonden.”

Ook praktisch: ‘Nadat ik de auto had weggedaan, ben ik 8 kilo afgevallen. Mijn conditie werd alleen maar beter. Ik deed mee aan een kwarttriatlon en fietste na afloop nog 19 kilometer naar het station, me verbazend over de slappelingen die in de auto huiswaarts keerden.’

“Nog één: ik was voorheen geen alcoholist, maar ik dronk toch vaak een biertje om 17 uur, daarna een wijntje bij het eten, ’s avonds nog ééntje, en in het weekend nog meer. Ik heb daarna eens een jaar geen alcohol gedronken, en ik merkte snel hoeveel beter ik me voelde. Beter voor het milieu, beter voor mezelf.”

‘De kachel gaat alleen in de koudste maanden aan en zelfs dan nog zo minimaal dat mijn vrouw en ik vaak onder een deken op de bank liggen. Tenzij ik een belangrijke afspraak heb, douche ik eens in de drie dagen. Wel was ik me ’s ochtends en na het trainen kort onder de koude kraan. Ik doe dat met een ouderwets stuk zeep. Tot dusver krijg ik geen klachten.’ Allemaal kleine ingrepen, maar samen hebben ze een grote instapdrempel.

“Dat is met alles zo. Het duurt even om je gewoontes te veranderen. Eerst is het vervelend, daarna gaat het beter. Ik hou oprecht van lekker drinken en eten, dus het heeft een tijdje geduurd voor ik het begreep. Wat ik in mijn boek schrijf, is volgens mij de gemakkelijkste weg, maar dat betekent nog niet dat het gemakkelijk is. (lacht)

Waar valt het snelst winst te boeken? Welke gewoontes zijn gemakkelijk aan te passen, met maximaal positief effect voor het milieu?

“Veel nieuwe spullen kopen is – en dat weten veel mensen niet – de allergrootste dagelijkse vervuiler. Nog erger dan vliegen. Maar wie hippe tijdschriften leest, op tv en het internet naar knappe, goedgeklede mensen kijkt, gaat zich daaraan spiegelen. We worden elke dag overspoeld door aanbiedingen van leuke nieuwe dingen, maar omdat je niet alles kunt kopen, word je ongelukkig. Mijn gouden tip: ga bewuster om met sociale en klassieke media. Ik heb een mobiele telefoon, maar geen smartphone. Ik kijk geen tv, en lees maar een paar keer per dag mijn mails. Ik lees de krant, maar niet de reis- en consumentenbijlagen.”

U raadt de mensen ook aan om meer te lezen, te sporten, te tuinieren, zich creatief te uiten...

“Ja, zo groei je en ontwikkel je je tot een beter mens. Maar iedereen kiest natuurlijk activiteiten die hij of zij het liefst doet. Je hoeft er niet onder te lijden, hè. Het is juist de bedoeling dat je geniet.”

U schrijft: ‘Op het werk elke lunchpauze met de afdelingsklimaatontkenner in discussie gaan heeft weinig zin.’ In Vlaanderen hebben we een minister-president die vindt dat in het debat net meer klimaatontkenners aan het woord moeten komen.

“De Nederlandse hoogleraar Jan Rotmans zei onlangs: ‘10 procent van de bevolking is actief met het thema bezig en is bereid actie te ondernemen. Zo’n 20 procent is opstandig en wil echt níét veranderen. En de overige 70 procent van de mensen kijkt de kat uit de boom.’ Helaas richten populistische politici zich voornamelijk op die tweede, onwillige groep.

“Bij veel mensen is er wetenschappelijke ongeletterdheid over de klimaatopwarming. Maar bij politici is er daarbovenop ook nog eens onwil. ‘Als we écht zeggen waar we aan toe zijn, verliezen we stemmen.’”

U haalt nog een misverstand onderuit. Mensen denken snel dat kleine individuele inspanningen weinig uitmaken, want de industrie is toch de grootste vervuiler.

“Dan maak je jezelf te onbelangrijk. Bovendien ga je uit van een verkeerd uitgangspunt: dat jijzelf en het collectief van elkaar gescheiden zijn. Dat klopt niet. Mensen zijn kuddedieren en spiegelen zich aan elkaar. En hoe populairder of machtiger je bent, des te meer anderen zich aan jou willen spiegelen. Als jij met de auto rijdt, denken anderen: ‘Dat is volkomen normaal gedrag, want hij doet het ook.’

“Mijn oudste zoon kreeg voor zijn verjaardag geld van zijn opa voor een rijbewijs. Ik heb nooit gezegd: ‘Niet doen!’ Maar na een tijdje zei hij zelf: ‘Ik hoef eigenlijk helemaal geen rijbewijs.’ Wel, als een paar van zijn vrienden dat ook beslissen, en vrienden van die vrienden... Dan hoeft de industrie een pak minder auto’s te produceren.”

U wil niet met het vingertje wijzen. ‘Dat werkt niet. Als je iemands moraal afwijst, schoffel je ook zijn identiteit onderuit.’

“Ik ben al lang bezig met de thematiek, geef al tien jaar lezingen, schrijf artikels... Het klinkt treurig, maar eigenlijk heb ik daar nooit iets mee bereikt. (lachje) Het was mijn vrouw die me erop wees dat ik met het vingertje aan het wijzen was. Dat doe ik nu niet meer.

“Mensen hebben moeite met betutteling. Kijk naar de generatie van mijn ouders: die moesten vroeger naar de kerk, ze moesten dit, ze moesten dat. De vrijheid die ze sindsdien verworven hebben, is ontzettend belangrijk voor hen. Terecht: andere mensen moeten je niet vertellen wat ze moeten doen.

“Alleen is het volgens mij niet zo dat je vrij bent als je voortdurend consumeert en achter elke prikkel aanloopt. Ik denk dat ik misschien wel vrijer ben dan iemand die wél het hele jaar door koopt wat hij wilt en overal naartoe vliegt.

“Ik neem in dit boek niemands vrijheid af, ik bind me ook niet vast aan een vliegtuigwiel. Ik veroordeel geen mensen die anders leven. Ik zeg alleen: het kan beter, voor wie wil.”

Maarten Meester – De Meester-methode, Prometheus.

© Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234