Zondag 20/06/2021

'Niet trots mogen zijn op jezelf, dat is typisch Vlaams'

Ondanks alle obstakels onderweg is hij is het nu dan toch: gouverneur van Oost-Vlaanderen. Maar als het aan Jan Briers (59) gelegen had, was het allemaal wat vlotter verlopen. 'N-VA had met Open Vld moeten overleggen.'

Het is even na elven donderdagavond en het interview loopt ten einde. Dat hij over minder dan een uurtje echt officieel gouverneur is, zeggen we. Na een twee weken durende polemiek of hij al dan niet geschikt was en of N-VA hem wel had mogen voordragen als kandidaat, begint dadelijk begint zijn nieuwe leven. "En mijn gsm is plat. Stel u voor dat er straks een ramp gebeurt en ze kunnen me niet bereiken..." Jan Briers lacht, maar trekt toch zijn jas aan. Een mens weet maar nooit.

De gewezen gedelegeerd bestuurder van het Festival van Vlaanderen moet nog wennen aan zijn nieuwe rol. Enkele uren eerder heeft hij zijn eerste ontmoeting gehad met Luc Bauwens, de Oost-Vlaamse veiligheidsdirecteur. Interessant was het zeker, zegt Briers, maar ook een beetje gek. "Bauwens is namelijk een ex-klasgenoot. Maar wanneer ik vertrok zei hij: "Tot binnenkort, meneer de gouverneur". Ik stond versteld, zei dat hij toch Jan kon blijven zeggen. Maar dat wilde hij niet." Briers zucht. "Daar ga ik het lastig mee hebben. In de cultuursector gaat het er toch anders aan toe."

De hele dag legde hij al interviews af. Briers werkte ze allemaal af met de glimlach. Geroutineerd, alsof hij voorbereid was op iedere mogelijke vraag. "Dat was ik ook echt. Niet dat N-VA me zo gedrild heeft, met hen heb ik enkel de mogelijke vragen over de partij overlopen. Ik heb voor mezelf de afgelopen twee weken een antwoord geformuleerd op elke mogelijke vraag die ik in de pers zag opdoemen. Enorm vermoeiend. Maar het heeft geloond, want ik heb ze vandaag effectief allemaal gekregen."

Bent u blij dat u eindelijk zekerheid hebt?

Briers: "Eerlijk, ik heb er nooit aan getwijfeld dat ik gouverneur zou worden. Ik ging ervan uit dat het wel in orde zou komen. Ik heb er ook nooit aan gedacht om zelf de handdoek te gooien. Soms was het wel een beetje lastig. Ik heb bijvoorbeeld niks dan respect voor Sas Van Rouveroij (de kandidaat van Open Vld, AVB/JdP). Hij heeft de Gentse stadskern gemaakt tot wat die is. En Siegfried Bracke, ik kan me voorstellen dat hij toch ook wel graag gouverneur was geworden. Het is de mooiste job die er is in de provincie. Er zijn zo veel mogelijkheden, je krijgt zo veel vrijheid om veel te doen."

Zoals? Het afkondigen van het rampenplan?

"Dat is maar een heel klein segment. Er is nog zoveel meer, zoals de ontwikkeling van de Gentse haven. Daan Schalck, CEO van het Gentse Havenbedrijf, was overigens een van de eersten om me te bellen en te vragen wanneer we samen naar de commissaris van de koningin zouden gaan. Een ander dossier dat me persoonlijk na aan het hart ligt, is de ontwikkeling van de stadsbossen. Ik woon nu in Baaigem aan de rand van eentje, Makkegembos, en ik heb gemerkt dat dat dossier maar traag vordert. Daar wil ik zeker verandering in brengen."

Ben Weyts heeft u gevraagd om gouverneur te worden. Hoe is hij bij u uitgekomen?

"Hij komt af en toe naar onze concerten in de Bozar. Tijdens zulke ontmoetingen heb ik de gewoonte om politici, van alle partijen overigens, aan te spreken op het belang van cultuur. Ik wil de politiek meer cultuurminded maken. Het verschil tussen N-VA en de anderen is dat zij als jonge partij niet kunnen terugvallen op de studiecentra zoals de PS en de CD&V dat kunnen. Zij hadden behoefte aan informatie, veel meer dan de andere partijen. Zo heb ik hen beter leren kennen."

Was u verbaasd toen de vraag kwam?

"Allee, wie is er nu op voorbereid dat ze je gaan bellen met de vraag om gouverneur te worden?"

U hebt het even moeten laten bezinken?

"Toch een dag of tien. Mijn vrouw, een altvioliste bij het Brussels Philharmonic, was redelijk snel overtuigd, hoewel zij ook wel besefte dat het leven wat drukker zou worden. Wij lopen nu in Baaigem 's avonds soms buiten, gewoon om naar de stilte te luisteren. Dat zal in het centrum van Gent wel anders zijn. En mijn dochter, die heb ik eigenlijk een beetje omgekocht. In eerste instantie zag ze een verhuizing helemaal niet zitten, maar toen ze erachter kwam dat de ambtswoning behoorlijk groot is, zag ze plots opportuniteiten. Ze is nu dertien en ze vraagt al twaalf jaar een hondje. Al sinds het moment dat ze kan spreken. Dat krijgt ze nu."

Eentje om in te kaderen: 'Dankzij de hond ben ik gouverneur kunnen worden.'

"(lacht) Voilà, u hebt een titel!"

Wat deed u dan tien dagen lang twijfelen? Het N-VA-ticket dat u onvermijdelijk zou krijgen?

"Uiteraard heb ik daarover nagedacht, want een etiket heb ik tot nu toe altijd weten te vermijden. Heel bewust. Mijn eigen directeurs die gevraagd werden door politieke partijen heb ik ook altijd afgeraden om op te komen. Een partijkaart is altijd een nadeel. Tot nu toe hebben ze altijd geluisterd. Ook al heb ik zelfs een kwade minister aan de lijn gekregen omdat een jonge vrouw neen had gezegd. Maar ik heb het been stijf gehouden: in onze sector kun je je dat niet permitteren."

Waarom hebt u nu dan wel toegezegd?

"Omdat het een benoeming zou zijn van de volledige Vlaamse regering, niet van N-VA."

Komaan...

"Ondertussen weet iedereen dat ik geen partijkaart heb van N-VA. Ik ben misschien wel de enige Vlaming van wie men vandaag met zekerheid kan zeggen dat hij geen N-VA'er is. Maar ik heb niks tegen N-VA, anders had ik het niet aanvaard."

U stemt wel voor N-VA?

"(resoluut) Nee. Als ik kijk naar mijn kiesgedrag van de laatste jaren, dan heb ik niet telkens op dezelfde partij gestemd. Ik heb zelfs als op verschillende partijen gestemd, tijdens één verkiezing.

"Voor de gemeenteraadsverkiezingen heb ik gekozen voor de enige die zich de moeite heeft getroost om aan te bellen en mij zijn programma voor te stellen. Voor de provincie heb ik op een goede vriend gestemd."

Uw vader had een partijkaart van de socialisten, u omschrijft zichzelf als een sociaaldemocraat. Dat is geen socialist?

"Ik geloof dat ik een beetje een kameleon ben. De ene vindt mij een roodblauwe, de andere een roodgroene. Als u me iets anders wilt horen zeggen, zult u me nog meer wijn moeten inschenken."

Een van die roden, Louis Tobback, uitte heel felle kritiek op u de afgelopen weken. Kunt u dat dan plaatsen of vond u hem vooral onbeschoft?

"Natuurlijk was dat onbeschoft. Zo is meneer Tobback nu eenmaal. Ooit had ik een aanvaring met hem. Ik vermoed dat hij het allang vergeten is en dat het niet de reden was voor zijn uithaal. Rond de eeuwwisseling moest ik op zoek naar een andere locatie voor het Vlaams Radio Orkest. Dat zat toen in Leuven, maar de zaal, het huidige Depot, dat was volgens mij het kerkhof van het orkest. Hij heeft me toen bij hem geroepen en gedreigd: 'Meneer Briers, als het orkest uit Leuven vertrekt, dan zal er morgen geen orkest meer zijn.' Wat ik dan gezegd heb? Niets. Bij Tobback heeft dat geen enkele zin, met hem kun je niet discussiëren. Maar het orkest zit ondertussen wel in Flagey in Brussel en staat op een hoger niveau dan ooit."

Tobback was niet de enige met venijnige commentaar. Bart Caron (Groen) verweet u bijvoorbeeld dat 'de familie Briers' Vlaams nog met -ch achteraan schrijft.

"Als dat voor degenen die zoiets zeggen aan politiek doen is, zijn ze fout bezig. Zulke opmerkingen hebben me zeker geraakt en ik heb die mensen, behalve Tobback, ook gebeld om dat te zeggen. Een keer het eruit was, heb ik er niet meer mee gezeten."

Wat met de kritiek van de liberalen? Hebt u die gesnapt?

"Maar natuurlijk. Er zijn vijf provincies en iedere grote partij wil aan bod komen."

Het probleem was ook dat N-VA geen overleg gepleegd heeft met Open Vld.

"Dat had wel moeten gebeuren. Partijpolitiek overleg lijkt me nooit een slechte zaak. Dan waren die twee weken polemiek wellicht vermeden. Alhoewel, bij de politieke topbenoemingen wordt er wel overleg gepleegd en daar gebeuren ook onwaarschijnlijke dingen. Het is toch niet van deze tijd dat iemand als beste uit de selectie komt voor de Rijksdienst voor Pensioenen, maar niet mag omdat hij van de verkeerde taalrol is? Daar moeten we toch iets aan doen? Heel het systeem is soms toch ziek."

Is het gouverneurschap nog wel van deze tijd?

"De politiek heeft het nuttig gemaakt. Dat gouverneurs in de toekomst hun jaarverslag moeten presenteren aan het parlement en hoorzittingen afleggen voordat ze benoemd kunnen worden, vind ik uitstekend. Dat zal het belang van het gouverneurschap verhogen. Ik hoop dat ze voor de ministers ook een dergelijke hoorzitting zullen invoeren, net zoals het voor de Europese commissarissen het geval is."

En de provincie, is die niet overbodig?

"Ik heb door mijn werk bij het Festival ook gemerkt dat het administratieve provinciale niveau zeker van belang is. De eigenlijke vraag is of die bevoegdheden niet onmiddellijk onder Vlaanderen kunnen vallen. Dat is een politieke beslissing.

"De provincie is ook nodig om de link tussen gemeenten te leggen. Wie gaat er anders zeggen hoe een weg mag lopen over de gemeentegrens heen? Gemeenten maken zoveel fouten. Een kleine gemeente heeft het ook lastig om het grondgebied proper te houden, merk ik. De gemeenten moeten hun zaken beter beheren. Het is ook aan de gouverneur om daarop te wijzen."

Het Festival van Vlaanderen was een familiezaak. Uw vader was de stichter. Doet het afscheid geen pijn?

"Nee, ik voel enkel wat weemoed. Zelfs mijn moeder is enkel trots. Ze zegt voortdurend: had je vader dat nog maar meegemaakt (Jan Briers sr. overleed in 2007, AVB/JdP)."

U houdt van politiek, zei u al. Waarom bent u er dan nooit ingestapt?

"Door mijn vader. Hij heeft me altijd ingeprent dat dat geen goed idee was. Hij kon het weten, met zijn partijkaart van de socialisten. Toen hij bij de openbare omroep aan het hoofd van de radio stond, heeft hij op Radio 2 de regionale berichtgeving uitgevonden. Dat is voor mij zijn belangrijkste realisatie, veel meer dan het Festival. Hij heeft veel tegenkanting ondervonden, vooral binnen zijn eigen partij. Hij heeft toch doorgezet en hij voelde zich een verrader. Maar de regionale berichtgeving is wel overeind gebleven en toen hij vertrok had Radio 2 48 procent marktaandeel. Iedereen neemt mee wat hij in zijn jeugd heeft meegemaakt. Bij mij is dat niet anders."

U bent heel jong meegestapt in het Festival. Dat lijkt

evident, maar was samenwerken met uw vader dat ook?

"Ik ben erin gestapt, omdat het zijn voorwaarde was om nog voort te doen. Hij wilde stoppen aangezien hij met een universitaire carrière en de radio al te veel bezigheden had. Als ik meedeed, zouden we het Festival kunnen uitbouwen en professionaliseren. Het was ons kind, dus deed ik het. Stapje voor stapje zijn we beginnen te bouwen, samen met Gerard Mortier.

"Evident was het zeker niet. De raad van bestuur kan bevestigen dat mijn vader en ik altijd een heel andere lijn hebben voorgestaan. Vandaag zei iemand me nog dat ik de naam heb een slecht karakter te hebben. Ik denk net dat ik een goed karakter heb. Ik heb namelijk tegen mijn vader gevochten. Heel hard. Voor hem stond het Festival gelijk aan Bachconcerten in een historische zaal. Ik vond dat veel te elitair. Hij zag niet dat we democratischer moesten worden, dichter bij de mensen moesten gaan staan."

Heeft hij die evolutie dan wel kunnen appreciëren?

"Hij heeft altijd geapprecieerd wat ik deed. Al heeft hij mij tegelijkertijd nog willen onterven ook. (lacht) Mijn vader wilde zelf ook een breed publiek bereiken, hij heeft bij Radio 2 nog Music for the Millions gelanceerd. Maar wanneer je dat dan invult met een oerklassiek programma, ben je niet goed bezig. Wat Serge Platel (tot gisteren directeur van het Festival in Gent, nu gedelegeerd bestuurder AVB/JdP) doet is klassiek, maar hij speelt ook op de emotie. Dat werkt wel. We zijn er ons wel heel erg van bewust dat je jaarlijks dingen moet afschaffen en weer vernieuwen. Doe je dat niet, dan is het uit."

Hoe reageren uw culturele vrienden op uw overstap? Dat u gevraagd bent door N-VA, moet toch moeilijk liggen?

"Ik weet van slechts één artiest, een choreograaf die ik bijzonder graag heb, dat hij het er heel moeilijk mee heeft. Hij durft me er alleen niet op aan te spreken, heb ik vernomen. Dat wil ik snel uitpraten. Ik begrijp best wat het probleem van de cultuursector met N-VA is. Diezelfde mensen hadden in de tijd van minister-president Luc Van den Brande (CD&V) een probleem met de titel Cultureel Ambassadeur van Vlaanderen.

"Flamingantisme wordt in de rechtse hoek geduwd. Terwijl je Van den Brande daar niet van kunt beschuldigen. Hij heeft heel veel geld in de cultuursector gepompt, hij vond cultuur een wapen om Vlaanderen in het buitenland te verkopen. Maar de culturo's zagen dat niet. Heel jammer. Om het even wie anders is daar wel fier op. Een Québecois die in het buitenland optreedt, toont dat. Een Schot net van hetzelfde. Maar een Vlaming moet dat wegstoppen. Niet trots mogen zijn op jezelf, dat is typisch Vlaams."

De relatie cultuur-politiek is er vaak een van veel haat en weinig liefde. Houdt de politiek wel genoeg van cultuur?

"Patrick Dewael (Open Vld) is de beste cultuurminister van de afgelopen decennia. Hij heeft ervoor gezorgd dat dat de politiek respect kreeg voor cultuur. Plots waren er schepenen die zelf kozen voor cultuur. Dat was voorheen ondenkbaar."

Dewael zat op Cultuur tussen 1985 en 1992. Hoe

beoordeelt u het cultuurbeleid sindsdien?

"Heel wisselvallig. Je merkt bijvoorbeeld goed wanneer CD&V aan zet is. Hun credo is: geef aan zo veel mogelijk creatievelingen een beetje. Maak vooral geen keuzes. Dat deed Dewael niet. Bert Anciaux (sp.a) ook niet. Hij maakte wel degelijk keuzes, voor de popmuziek bijvoorbeeld. Wat je alle ministers van Cultuur wel moet nageven is dat ze ondanks de besparingen er altijd voor gezorgd hebben dat er meer geld naar cultuur ging. Ook huidig minister Schauvliege (CD&V) heeft dat gedaan."

De kritiek op Joke Schauvliege vanuit de cultuursector is nochtans niet min.

"Dat is typisch. Als ze alles hebben, hoor je ze niet meer. Hugo Weckx (CVP-minister voor Cultuur begin jaren 90, AVB/JdP) heeft me dat nog op het hart gedrukt bij zijn afscheid: 'De cultuursector moet één ding leren, en dat is dank u zeggen.' Dat was ook aan mij gericht. Ik had ook nog geen dank u gezegd. Sindsdien doe ik niets anders meer. (lacht) Ik heb tegen Joke Schauvliege ook al dank u gezegd."

Is ze een goede minister van Cultuur?

"Nu wel. In het begin van haar mandaat was ze heel erg bezig met milieu, haar andere bevoegdheid. Terecht, want milieu is heel belangrijk en dus gaf ik haar veel krediet. Maar het duurde dan toch te lang eer ze erdoor kwam. Een minister heeft een goed kabinet nodig en ik vond haar kabinet te zwak. Intussen is het kabinet versterkt en vind ik dat het best oké gaat. Ze zal erin slagen om eindelijk het culturele samenwerkingsakkoord tussen Vlaanderen en Wallonië uit te voeren, bijvoorbeeld."

Hebt u dan medelijden met haar wanneer ze uitschuivers maakt, genre Matthias 'Schoenmaekers'?

"Nee, dat maakt me heel kwaad. Omdat het slecht is voor de relatie tussen politiek en de sector. De cultuur overreageert en zij heeft een domme fout gemaakt die compleet losstaat van haar beleid. De ministers die veel van cultuur af wisten, waren niet altijd goede ministers van cultuur."

Dat staat haaks op uw betoog om ministers een examen te laten afleggen, om te tonen dat ze capabel zijn.

"Nee nee, dat komt omdat cultuurkenners vaak te eenzijdig van cultuur houden. Alleen van opera, of alleen van toneel. En dan menen ze dat al het geld daar naartoe moet gaan.

"Neem nu Bert Anciaux. Ik heb een concert georganiseerd met hem toen hij al twee jaar minister was. Hij kwam toen voor de eerste keer de Bozar binnen. En toch vind ik dat hij fantastische dingen gedaan heeft. Ik ben zelf ook geen artistiek figuur, toch vind ik dat ik perfect in staat ben om een festival goed te leiden. De conclusie van een studie aan de universiteit van Leiden was zelfs: geef nooit de eindverantwoordelijkheid aan een artiest."

U wordt nu gelauwerd voor uw verdiensten in de cultuursector. Hoe wilt u over zes jaar afscheid nemen van het gouverneurschap?

"Ik hoop dat ik dan zoveel betekend heb als André Denys. Hij heeft echt bruggen gebouwd tussen de beleidsniveaus en tegelijkertijd heeft hij een hele positieve sfeer doorheen de provincie geblazen. Alles wat hij deed was constructief. Tijdens zijn afscheid was er niets dan sympathie voor alles wat hij gedaan heeft. Voor iemand die niks doet, heeft men geen sympathie. Als ik evenveel kan doen als hij, dan ben ik heel tevreden."

Bij de eerste ramp zal iedereen op uw vingers staan kijken. Hebt u het olifantenvel om daarmee om te kunnen?

"Dat heb ik met de jaren geleerd. Ik ben nu veel gevoeliger voor probleempjes van mijn dochter op school dan voor de kritiek van een Tobback op mij."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234