Donderdag 13/08/2020

'Niet nog eens zo'n dwaasheid'

Pierre Chevalier, comeback & fall again kid

Hij heeft de nonchalance van Guust Flater maar het aura van een Franse filmster. Is briljant en flamboyant, maar ook slordig en een tikkeltje verwaand. Zelf noemt Pierre Chevalier (Open Vld) zich 'te naïef voor de politiek'. De tweevoudige ex-staatssecretaris, alsook ex-gezant bij de OVSE en de VN, struikelde wel vaker over bananenschillen die hij zelf had laten rondslingeren. 'Hij was altijd al de mooiste, de intelligentste en de beste, maar de geneugten van het leven speelden hem parten.' Een portret.

Door FILIP ROGIERS / foto Stephan vanfleteren

Pierre Chevalier moest vorige week vervroegd opstappen als VN-gezant, nadat was uitgelekt dat hij eind januari opnieuw gedelegeerd bestuurder bij de groep Forrest was geworden zonder daar zelfs maar zijn voogdijminister, Karel De Gucht, vooraf van op de hoogte te brengen. Een jaar eerder had hij onder druk van diezelfde De Gucht van dat mandaat afstand moeten nemen om elke schijn van belangenvermenging te vermijden.

Daarmee komt welhaast zeker een einde aan de carrière van een van de kleurrijkste verschijningen in de Wetstraat. Een half gewild einde ook, want echt thuis voelde hij zich er al een hele poos niet meer. Zeker sinds 10 juni 2007, toen hij niet meer verkozen raakte, nam zijn desillusie in de Belgische politiek én in zijn partij, de Open Vld, hand over hand toe.

Toen hij in 1999 staatssecretaris voor Buitenlandse Handel werd in de eerste regering-Verhofstadt, leek het met die carrière van hem toch nog goed te zullen komen. Hij zwoer bij die gelegenheid voor zichzelf een dure eed. Het zou hem niet opnieuw overkomen: gedwongen worden tot ontslag voor een onbenulligheid. In 1988 was hij voor de SP staatssecretaris geworden, eerst van Onderwijs, daarna Wetenschapsbeleid. Maar een hoge Parijse hotelrekening (een 'onbenulligheid' van 2.870 euro voor twee nachten verblijf) nekte hem.

Het nieuwtje lekte overigens uit in De Standaard. Auteur was Pol Van Den Driessche, zelf Bruggeling die voor hij in de journalistiek stapte nog naast Chevalier op de banken van de gemeenteraad had gezeten. "Een politieke afrekening", noemt Chevalier het bijna twintig jaar later nog altijd. Van Den Driessche, nu CD&V-senator, zat in de jaren tachtig bij de Volksunie. Hij was medewerker van Hugo Schiltz en maakte de snelle opkomst van de jonge socialist Chevalier van dichtbij mee.

"Een afrekening was het zeker niet", verweert Van Den Driessche zich. "Die hotelrekening was in een anonieme envelop op de redactie beland. Ze bleek aan de muur te hangen bij de administratie Wetenschapsbeleid. Blijkbaar was er niet meer genoeg geld in de pot van het kabinet om dat plezierreisje te vergoeden en trachtte Chevalier het dan maar te verpatsen als een wetenschappelijke missie. De administratie weigerde en zo raakte dat in de openbaarheid. Ik vond het delicaat om dat stuk te schrijven, maar mijn hoofdredacteur vond dat ik het toch maar moest doen omdat ik Chevalier per slot van rekening het best kende. Ik heb Pierre vooraf nog gebeld om te zeggen dat dat stuk er aan kwam. Overigens stond het nieuws de dag nadien ook in een andere krant."

Maar er was in diezelfde periode al meer aan de hand met Pierre Chevalier. Maître Pierre, de advocaat, ging over de tong in het Brugse. Na klachten bij de Orde van Advocaten over laattijdige betalingen en onvolledig doorgestort geld aan cliënten kreeg hij een tijdelijke schorsing aan zijn broek. Pierre Chevalier, het is bekend, is een sloddervos. Dat gegeven loopt als een rode draad door zijn carrière. Dat gaat van onbetaalde verkeersboetes tot ernstiger 'slordigheden', zoals die keer dat hij in een KBC-filiaal in Assebroek een rekening opende die door een cliënt werd gebruikt om enkele verdachte miljoenen door te sluizen. Cliënt bleek naderhand een meester-oplichter. 'Slordigheden' die het Brusselse parket in elk geval ernstig genoeg acht om hem vandaag in verdenking te stellen voor witwassen, schriftvervalsing en heling.

Het ging te vlotjes allemaal voor de jonge Chevalier. Telg van eenvoudige komaf, een groot gezin, vader een Franstalig beroepsmilitair, moeder van Kortrijk. Pierre was razend intelligent, hij wist dat zelf ook.

"Een verschrikkelijk slimme jongen", zegt Van Den Driessche, die op hetzelfde college zat. "Hij las Le Monde Diplomatique zoals een ander Suske en Wiske. Maar toen hij bij de Jongsocialisten ging, zei de directeur-priester: 'Het is een van onze slimste leerlingen die verkeerd loopt.' Hij was ook toen al de mooiste, de sympathiekste, een kerel met glamour. En een charmeur des dames. Als Jongsocialist slaagde hij erin om het mooiste meisje van onze KSA (Katholieke Studenten Actie, FR) aan de haak te slaan."

In 1983 werd hij gemeenteraadslid in Brugge. Binnen de kortste keren schoot zijn ster de hoogte in. Met dank aan Frank Van Acker (SP), burgemeester en zoon van Achille. Die zag in Chevalier zijn opvolger. Nog geen twee jaar later kwam hij in het Parlement. Drie jaar later was hij eerst enkele maanden SP-fractieleider in de Kamer en vervolgens staatssecretaris. Maar dan sputterde de motor. Chevalier was inderdaad briljant, maar hij had een zeker je ne sais quoi over zich, een air van nonchalance en speelzucht. Toenmalig SP-voorzitter Frank Vandenbroucke kon er niet mee overweg.

Van Den Driessche: "Ik zeg het niet met leedvermaak, maar Pierre Chevalier: dat is het verhaal van vergooid talent. Bijzonder intelligent, sympathiek, snedig van tong en ongemeen grappig. Maar de geneugten van het leven speelden hem parten. Altijd aanwezig op de beste feestjes en in de beste restaurants. Hij was ook te zeker van zijn stuk. Te betweterig, te arrogant, te superieur. Niet alleen in de politiek trouwens, ook in het voetbal. Hij is van Club Brugge, wij van Cercle. Hij treitert de kaloten graag het bloed van onder de nagels. Ik reageer daar lacherig op, even grof gebekt als hij, maar anderen vinden dat minder fijn."

Maar na zijn eerste 'val' in 1990 lijkt het toch nog goed te zullen komen dankzij newborn liberal Guy Verhofstadt. Twee jaar gaat Chevalier nog door het rode vagevuur bij de SP. De partij begint hem zachtjes uit te zweten. Frank Van Acker blijft weliswaar nummer één in Brugge, maar verliest in Brussel pluimen. En zijn poulain Chevalier met hem.

Bij de lijstvorming voor de verkiezingen van 24 november 1991 geeft de partijtop hem de stille hint dat hij maar beter geen al te hoge politieke ambities meer koestert. De SP parachuteert ene Renaat Landuyt op de lijst. "Ik was zelf een speelbal in dat hele verhaal", zegt Landuyt, die zich een eeuwige rivaliteit met Chevalier op de hals haalde. "Ik werd opgebeld bij de lijstvorming. Er bleek toen al discussie in Brugge over Chevalier en ze keken uit naar een andere politicus van hetzelfde type: Bruggeling en advocaat. Dat werd ik dus."

Na die verkiezingen blijft Chevalier inderdaad 'gewoon' parlementslid. Geen fractieleider meer, laat staan een nieuwe portefeuille in de regering-Dehaene. Snel steken geruchten de kop op als zou hij een overstap overwegen naar de liberalen: zijn oud-studievriend Guy Verhofstadt verkoopt de nakende omvorming van de PVV tot de VLD met verve. De Gentenaar praat lang op zijn Brugse vriend in. De analyse van hoe de Belgische politiek bestierd wordt door de rode en oranje zuilen maakt indruk. En dat het socialisme vermolmd is, dat sociaaldemocraten die na de val van de Muur uit zijn op vernieuwing door het rode apparaat worden uitgespuwd: ook daarin zal 'gebuisde' kameraad Chevalier zich wel herkend hebben. Hij zal trouwens na zijn overstap blijven volhouden dat de VLD-ideeën over de sociale zekerheid, die hij samen met Dirk Van Mechelen op papier zette, zo uit de koker van zijn politieke vader Frank Van Acker hadden kunnen komen. Hij zegt het net zo lang tot de erven Van Acker hem verbieden om de naam van hun vader(s) nog te gebruiken.

Maar Chevalier ontkent dat hij zal overlopen. "Kort voor zijn overstap is dat op een zeer woelige vergadering in Brugge nog eens herhaald", zegt een ooggetuige. "Toenmalige SP-voorzitter Frank Vandenbroucke was naar Brugge afgezakt om de gemoederen te bedaren. Ze hadden de stem van Chevalier in de Kamer nodig, want de meerderheid was krap. De ironie is dat Vandenbroucke inspanningen deed om Chevalier aan boord te houden, terwijl de Brugse socialisten hem eruit wilden."

Enkele dagen later stond Chevalier toch op het podium van het VLD-stichtingscongres in Antwerpen. "Pierre bleef tot het laatst twijfelen. Verhofstadt heeft hem ei zo na moeten 'ontvoeren'. Hij werd thuis opgehaald en naar een hotelkamer in Antwerpen gebracht. Je ziet op de beelden van dat congres dat Chevalier amper uitgeslapen is. Het is alsof anderen voor hem de keuze hebben gemaakt in die laatste uren voor het congres."

Maar de kaap is genomen en zijn tweede politieke leven in de Wetstraat een feit. Hij voelt zich als een vis in het water. De VLD heeft de wind in de zeilen, in 1999 volgt de bekroning. Vast van plan om er nu iets van te maken legt Chevalier de eed af als staatssecretaris voor Buitenlandse Handel in Verhofstadt I.

Hij zweert dat ze hem deze keer niets zullen kunnen maken. Toch gebeurt het opnieuw. In 2000, een week na de gemeenteraadsverkiezingen, staan er Zwitserse onderzoekers voor zijn deur. Een probleempje met een van zijn cliënten. Op Chevalier rust het vermoeden van medeplichtigheid aan oplichting. Verhofstadt beseft dat Chevalier onhoudbaar is. Paars-groen surft op goede vibes, de partij van de premier zelf heeft na de jaren van Agusta en Dutroux hoog ingezet op een nieuwe politieke cultuur en een campagne propere handen gevoerd: zelfs maar een schijn van een vermoeden van een smet op dat blazoen moest worden vermeden. Exit Chevalier dus. Verhofstadt staat sinds die dag in het krijt bij zijn boezemvriend. In de selecte vriendenkring van de gewezen premier is Chevalier de enige partijgenoot. Ze spelen met wijlen Sus Verleyen en Hugo Claus jeu de boules en kletsen bij de beste wijnen over de dingen des levens ("Zelden over politiek", dixit Chevalier) in Toscane of Zuid-Frankrijk.

"Ik ben geen masochist", blikte Chevalier nog geen 24 uur nadat hij staatssecretaris af was in 2000 terug in Knack. "Ik had dit al eens meegemaakt en had mezelf voorgenomen dat het geen tweede keer zou gebeuren. Voor ik vorig jaar in de regering stapte, heb ik een heel grondig gewetensonderzoek gedaan. Ik ben de laatste om te beweren dat ik de zorgvuldigheid zelve ben. Alles heb ik in gedachten omgekeerd om zeker te zijn dat er niet nog eens zo'n dwaasheid op mijn weg zou komen."

"Ik beleefde het jaar van mijn leven. En ik had me voorgenomen om er in 2003 een punt achter te zetten, of er eventueel uiterlijk nog één termijn bij te doen. En dan: gedaan met de politiek. Nu komt het veel vroeger. Veel te vroeg. Het ging zo goed."

Twee jaar later werd hij door het Zwitserse parket buiten vervolging gesteld. Maar minister of staatssecretaris werd hij nadien nooit meer. Enkel nog voorzitter van de commissie Buitenlandse Zaken en achtereenvolgens gezant voor de OVSE en de VN. En ook dan gebeurde 'het' na die tweede keer nog een keer. En dan nog eens.

Juli 2002. In het weekblad Humo doen anonieme diplomaten hun beklag over het actieve lobbywerk dat Pierre Chevalier als bestuurder van de groep George Forrest International verricht. "Chevalier heeft er mee voor gezorgd dat een van Forrests bedrijven met een officiële Belgische staatswaarborg kan investeren in Congo." Belangenvermenging, heet het. Chevalier is op dat moment voorzitter van de commissie Buitenlandse Betrekkingen in de Kamer én plaatsvervangend regeringsvertegenwoordiger in de Europese Conventie.

Jarenlang blijft er een zweem van een vermoeden van mogelijke belangenvermenging rond Chevalier hangen. Maar vinden doet niemand iets. Zoals Chevalier zelf al in 2002 zei: "Als er ook maar één flinter bewijs opduikt dat ik privébelangen van Forrest met mijn politieke activiteiten heb vermengd, zal ik mijn conclusies trekken en opstappen."

Natuurlijk, je kunt in zulke zaken wachten tot er iets foutloopt of je kunt preventief elke ook maar potentiële grijze zone voorkomen door niet aan zulke cumuls te beginnen. Het duurt uiteindelijk nog tot 2007, wanneer Chevalier gezant wordt van de Verenigde Naties, vooraleer De Gucht en Verhofstadt hem van dat laatste kunnen overtuigen. In februari 2007 legt hij zijn mandaat als bestuurder bij Forrest neer.

Begin dit jaar lijkt Chevalier een tot inkeer gekomen man. Cumul deugt niet, zegt hij in een gesprek met De Morgen. Hij noemt het zelfs "mijn levensles: beperk je tot één ding." "Tot mijn scha en schande heb ik moeten vaststellen dat je geen twee beroepen goed kunt uitoefenen. Inmiddels ben ik zelfs gewonnen voor een wettelijk verbod dat parlementsleden nog een beroep mogen uitoefenen. Of ik het dan onmogelijk maak voor bedrijfsleiders om nog in het Parlement te zetelen? Neen, want je hoeft je bedrijf niet te verkopen. Je mag alleen geen beheersfuncties meer uitoefenen tijdens je mandaat. Daarom ook dat ik mijn mandaten bij het bedrijf van mijn vriend Forrest heb neergelegd. Ik moet geen beheerder zijn in een bedrijf dat in Congo investeert om iets van Afrika te kennen."

Dat was op 12 januari. Luttele weken later wordt hij opnieuw gedelegeerd bestuurder bij Forrest, de benoeming verschijnt op 31 januari in het Belgisch Staatsblad. Zijn 'terugkeer' naar Forrest en de privé gebeurde en stoemelings. Voogdijminister Karel De Gucht werd niet vooraf door Chevalier ingelicht en hij voelt zich voor schut gezet.

"Ik had dat moeten formaliseren, dat is waar", zegt Chevalier tegen De Morgen, een week nadat hij gedwongen werd door De Gucht om afstand te doen van zijn VN-gezantschap. Maar meer 'schuld' dan dat wil Chevalier niet bekennen. Integendeel. Hij is verbitterd. Over zijn palmares als Belgisch gezant, eerst bij de OVSE en daarna bij de VN, wordt amper geschreven of gesproken. Volgens eensluidende bronnen heeft hij zich behoorlijk van zijn taak gekweten. Zeker toen België het voorzitterschap van de OVSE waarnam in 2006.

"Wie er iets van kent, is het erover eens dat mijn OVSE-werk heeft bijgedragen aan het imago van Karel De Gucht", zegt Chevalier. "Ik vind het jammer dat hij nu zulke dingen over mij zegt. Dat is het verschil tussen ons wellicht. De Gucht zal overleven in de politiek, ik blijkbaar niet."

En over de grond van de zaak? "Ik had De Gucht eerder al gezegd, toen ik mijn mandaat als bestuurder bij Forrest neerlegde, dat ik ooit weer met Forrest in zee zou gaan (wat door De Gucht zelf overigens formeel ontkend wordt, FR). Ik koos eerder dit jaar voor de privé. Mijn VN-gezantschap liep bijna af. Het is waar dat ik in snelheid ben genomen. Ik had proactiever moeten zijn."

Maar waarom stond het voor Chevalier al in het begin van het jaar vast dat hij voor de privé zou kiezen? "Omdat de tientallen beloften die Open Vld mij deed, niet werden nagekomen. Het is wat dat betreft aanschuiven in de partij hé. Welke beloften? (blaast) Een waslijst. Ik zou een verkiesbare plaats krijgen, gecoöpteerd worden in de Senaat, er zou een internationale functie voor mij uit de brand worden gesleept, ik zou financiële compensatie krijgen... Het is het noemen niet waard."

Tot overmaat van ramp dook vorige week ook het Zwitserse verhaal dat hem in 2000 zijn staatssecretariaat kostte, weer op. Ramp? Helemaal niet, volgens Chevalier. Hij is 'blij' dat ook het Brusselse parket hem nu in verdenking stelt, want nu kan hij na acht jaar eindelijk het dossier inkijken en zich verdedigen. Hij is ervan overtuigd dat men ook in eigen land zal botsen op wat de Zwitsers in 2002 al vonden: niets namelijk, of toch niets wat hem ten laste kan worden gelegd.

Spin in het web dat na het Zwitserse nu ook het Belgische gerecht tracht te ontrafelen, is de Frans-Ivoriaanse oplichter Jean-Claude LaCote. In een uithoek van dat web hangt Chevalier aan een zijden draadje. Ze kruisen elkaars pad in 1996. LaCote heeft dan al tientallen oplichtingen op zijn naam staan. In de meest spectaculaire daarvan valt in dat jaar een dode: de Britse ingenieur Marcus Mitchell wordt in de duinen van De Haan gevonden met twee kogels in het lichaam. Een maffiamoord. LaCote zit voor de moord vier maanden in voorhechtenis in Brugge. Chevalier is zijn advocaat. Wanneer LaCote door de kamer van inbeschuldigingstelling wordt vrijgelaten, neemt hij de benen naar Zuid-Afrika. Speurders ontdekken dat er in 1998 voor miljoenen Belgische frank geld van LaCote wordt doorgesluisd naar andere bestemmingen via een rekening in Assebroek. Witwassen, heet dat. Die rekening blijkt door Chevalier geopend, op vraag van LaCote.

"Ik vervloek de dag waarop die kerel mijn pad heeft gekruist", zucht Chevalier. "Wat hij verder op zijn kerfstok heeft, weet ik totaal niet. Ik weet enkel dat de kamer van inbeschuldigingstelling hem na enkele maanden opsluiting heeft laten gaan omdat ze het dossier verknoeid hebben. Hij kon vertrekken zonder voorwaarden en hij kreeg zijn geld terug."

Chevalier werd dus het slachtoffer van een cliënt die misbruik maakte van zijn goede trouw? Pech? Risico van het vak? Misschien, al stemt het wel tot nadenken dat van de vele advocaten die de Wetstraat rijk is, Chevalier blijkbaar de sluwste cliënten had.

Pierre Chevalier zelf zucht. "Ik vraag me af wie ik ooit in de weg heb gelopen. Het is begonnen met die hotelrekening, waar niets mis mee was. Maar blijkbaar heb ik een flank die niet afgedekt is. Blijkbaar is het sinds 1990 een uitgemaakte zaak dat ik wel voor een stuk schuldig moet zijn. Wellicht ben ik iets te open, te naïef voor de politiek. Ik ben inderdaad geen intrigant. Maar mijn geweten is op zijn minst zuiver. De eerste die er weet van heeft dat Pierre Chevalier ooit steekpenningen heeft ontvangen of onrechtmatig zou zijn tussenbeide gekomen in dossier zus of zo, mag opstaan. Er is niets."

Zijn broer Miguel neemt het voor hem op: "Pierre was en is behept met politieke idealen, maar hij heeft tijdens zijn carrière te weinig naar beneden gekeken en is daardoor al te gemakkelijk gestruikeld over de touwtjes die in de politiek over de vloer worden gespannen. In Vlaanderen is er één ding erger dan falen en dat is succes hebben. Wat doet de politiek met mandatarissen die wel eens een goed glas wijn drinken, maar ook gijzelaars vrij krijgen (Chevalier had de hand in de vrijlating door Moskou van Georgische gijzelaars, een actie waarmee België en Karel De Gucht tijdens het Belgische OVSE-voorzitterschap scoorden, FR) of meeschrijven aan een Europese grondwet? Ze worden ondervraagd over het btw-bonnetje bij het glas wijn en niet over het publieke traject dat is afgelegd."

Pierre Chevalier nam vorig weekend ook ontslag als fractieleider in de Brugse gemeenteraad. Politiek lijkt zijn rol dan ook volledig uitgespeeld. Pierre Chevalier: "Ach, men zei dat van Lazarus ook hé? Ik heb bijna 22 jaar in het Parlement gezeten. Anders dan anderen wil ik daar niet met de voeten naar voren buiten worden gedragen. Ik hoef niet per se een mandaat om politiek actief te blijven."

Als politicus is Chevalier het afgelopen jaar, na het overlijden van Frank Van Acker in 1992, in zekere zin voor de tweede keer wees geworden met het vertrek van Guy Verhofstadt uit de Wetstraat. Op het partijbureau waar Verhofstadt in december zijn tijdelijke 'terugkeer' aankondigde, was Chevalier geschokt door het gebrek aan animo en respect voor de 'Guust'. Hij ventileerde dat ongenoegen ook openlijk. Het tijdens de formatie ontstane nieuwe triumviraat Bart Somers-Patrick Dewael-Karel De Gucht had naar zijn zin een te hoog Brutusgehalte.

Zoals hij eerder al in deze krant zei: "Verhofstadt is zichzelf gebleven, maar Open Vld niet." Het moet niet altijd aan de rechterzijde van de VLD zijn dat er wielen afrijden natuurlijk.

Pierre Chevalier:

Wie er iets van kent, is het erover eens dat mijn OVSE-werk heeft bijgedragen aan het imago van Karel De Gucht. Ik vind het jammer dat hij nu zulke dingen over mij zegt. Dat is het verschil tussen ons wellicht. De Gucht zal overleven in de politiek, ik blijkbaar niet

Pol Van Den Driessche:

Ik zeg het niet met leedvermaak, maar Pierre Chevalier: dat is het verhaal van vergooid talent. Bijzonder intelligent, sympathiek, snedig van tong en ongemeen grappig. Maar de geneugten van het leven speelden hem parten

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234