Vrijdag 28/01/2022

Niemandsland

In De Bleekweide begeleidt Anna Van der Cruyssen jonge mensen. Soms blijven die gesprekken een tijd hangen. Neem nu dat meisje van zestien dat niet meer verder wilde leven. 'Ik maakte zelfs lijstjes, wist je dat?'

We hebben een nieuwe trampoline!", vertelt ze me blij. Zij is zestien jaar en het echte zonnetje in huis. Een pittige haarbos vol wilde krullen omvat haar vrolijke gezicht. Ze merkt op dat ik door deze zin even uit het lood wordt geslagen. "Ik wil je helemaal niet afleiden van de essentie van het gesprek", zegt ze me, "maar die trampoline is mijn veilige plek. Nog veiliger dan mijn eigen kamer, want op mijn trampoline komt niemand. Zelfs mijn eigen mama en papa niet." Haar glimlach kan ze bij deze gedachte moeilijk verbergen.

Ze benoemt het als een soort niemandsland waar ze zich zo vrij als een vogel kan voelen.

"Een niemandsland?", vraag ik haar. "Ja, als ik me boos voel, spring ik alle boosheid eruit. Als ik verdrietig ben, neemt de wind al mijn tranen mee en wanneer ik me bang voel, kom ik door het veiligheidsnet tot rust."

Ze heeft ze gemist, haar trampoline.

"Het gaat goed met mij", zegt ze stil, en met een oogopslag kijkt ze me aan. Het voelt nog steeds vreemd voor haar, deze woorden. Beangstigend ook. Het lijkt alsof ze eindelijk in de zon staat, wantrouwig en wachtend, op een volgende regenbui die elk moment kan komen.

Ze besliste immers, nog niet zolang geleden, dat ze niet meer wou leven. "Ik wil hier weg." Dat was toen het enige zinnetje dat zij in haar hoofd kon horen. "Weg" werd na een tijdje dood en dood werd daarna concreet. Ik vraag haar naar dat moment, wat haar zo ver had gebracht? Ze had maar één namiddag nodig en daarin bereidde ze alles alleen voor. "Ik maakte zelfs lijstjes, wist je dat?" Bijna honderdmaal schreef zij de namen neer van iedereen die ze liefhad en uiteindelijk zou verlaten. Steevast vinkte zij de namen een voor een af. Tot ze tot de conclusie kwam dat iedereen het ook wel zonder haar zou redden. Ze schreef ook afscheidsbrieven. "Gek en raar", zegt ze nu. Ergens wilde ook zij niet vergeten worden, bedenkt ze nu.

Alles had ze in kleine stapeltjes klaargelegd, ordelijk naast elkaar. Eén stapeltje bevatte haar lievelingsmuziek, een ander dan weer de telefoonnummers van mensen die gecontacteerd moesten worden. Ook haar brieven en haar lievelingsgedichten hoorden erbij. Alles, weet ze nu, had ze voorzien. Dat laatste moment voor haar kun je niet met één emotie verwoorden. Het voelt als bij een explosie, waarin alles op kruissnelheid lijkt samen te komen. De mooie en minder mooie momenten, herinneringen aan de tijd van weleer, verdriet, boosheid en nog zo veel meer.

En net op het moment waarop ze dacht: nu is alles voorgoed voorbij, kwam dat ene zinnetje bij haar op. "Wat als de dood erger is dan het leven? Dan maak ik iets moois helemaal stuk." Zo simpel is het nu voor haar. Dat ene kleine zinnetje heeft haar terug naar het 'heden' gebracht. Zo is niet alleen zij, maar ook haar omgeving, van een moeilijk te plaatsen verdriet gered.

Nu weet ze, dat er voor elk probleem een oplossing is. Of dat elk hart zich kan herstellen en dat "voor altijd" niet noodzakelijk de bevrijding moet zijn. Zo durft ze al vaker over het leven na te denken en weet ze ook dat 'anders' daarom niet slechter hoeft te zijn. En wanneer het zinnetje 'ik wil hier weg' haar nu nog bezoekt, draait ze met levenskracht haar deur op slot en vlucht ze naar haar eigen en veilige niemandsland.

Er zijn zo van die gesprekken die nog even in je lijf blijven hangen en dit gesprek was er zo een. Uren hebben we samen gepraat over de dood en wat jongeren hiertoe kan brengen. Volgens haar denkt elke jongere wel eens over de dood na, zonder er ook daadwerkelijk naar te verlangen. Belangrijk lijkt het me om signalen altijd als echt en waarheidsgetrouw aan te nemen. Te vaak wordt er nog van uitgegaan dat dit de zoveelste schreeuw om aandacht is. Of dat dit gedrag wellicht normaal is in de puberteit. Maar zou een jongere die zich goed in zijn vel voelt tot deze noodkreet overgaan? Het is dus belangrijk dat wij het verdriet van jongeren, zichtbaar of onzichtbaar, serieus blijven nemen. Wordt het door ons, volwassenen, niet te vaak geminimaliseerd of toegewezen aan normale groeipijnen?

Verdriet, hoe klein of groot ook, is écht, op het moment dat het wordt gevoeld.

Jong zijn is nog steeds een van de mooiste fases in een mensenleven. Maar ook voor jongeren wordt het leven steeds moeilijker en complexer in onze snel evoluerende maatschappij.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234