Vrijdag 26/02/2021

Niemand raakt aan de onverbeterlijke wraker

Hij overkwam onderzoeksrechter Connerotte al twee keer. Deze week was het de beurt aan de Luikse assisenvoorzitter Henri-Paul Godin om te worden gewraakt door Julien Pierre. Hém (w)raken, dat gaat echter niet. In 1996 stapte zijn zus naar justitie met een reeks onthullingen, onder meer over hoe hij ooit onderdak zou hebben geboden aan Patrick Haemers. Er gebeurde niets, meldt Douglas De Coninck.

Niets is zo plezierig voor een Franstalige advocaat als een vermelding in de verjaardagsrubriek van het Brusselse weekblad Père Ubu. Onder pseudoniemen publiceren ze daarin wekelijks petites histoires over elkaar, of werpen ze met bloemetjes. Net voor 25 september konden we zo bij zijn vijftigste verjaardag over Julien Pierre vernemen dat hij een fan is van Dostojewski, aardig kan schilderen en verslaafd is aan cigarillo's. Hij heeft ook een paar slechte gewoonten, zoals overal te laat komen, de gsm zelden opnemen en in de auto brieven ondertekenen. Zijn hond heet Boas.

En, stond er: 'Grote stafhouders laten zich erop voorstaan dat ze hem mogen tutoyeren. Hij wordt geconsulteerd door een deel van de adel en door hoge magistraten.'

Deze week werd voor de derde keer na een door Julien Pierre ingespannen procedure bij het Hof van Cassatie een magistraat weggestuurd. In 1994 overkwam het onderzoeksrechter Jean-Marc Connerotte in Neufchâteau met zijn in de marge van de zaak-Cools opgezette aandelendossier. In 1996 volgde het spaghettiarrest, waardoor Connerotte het dossier-Dutroux verloor. Na het spaghettiarrest kwam deze week het aaparrest. Via de beproefde techniek van de 'wettige verdenking van partijdigheid' bekwam Pierre op het proces-Cools de wraking van voorzitter Henri-Paul Godin omdat die een confrater in de rechtszaal had gezegd: "Als het is om hier de aap uit te hangen..."

Nu de vermoedelijke organisatoren voor de moord op PS-minister van staat André Cools twaalf jaar na de feiten eindelijk terechtstaan, tikt er een procedurele bom onder het assisenproces. Als straks reservevoorzitter Luc Lambrecht ook een onvertogen woord uitspreekt, is de reservebank leeg en kan iedereen naar huis.

In 1996 deed Pierre het voor zijn cliënt Marc Dutroux, nu voor Richard Taxquet, hoofdbeklaagde op het proces en oud-privé-secretaris van wijlen PS-minister Alain Van der Biest. Toen hij het in 1994 voor de eerste keer deed, was Julien Pierre nog niet zo'n bekende advocaat. Hij had al een uitmuntende reputatie als strafpleiter, dat wel. Hoewel hij wordt gezien als iemand van de PS, had hij met verve een voorman van het extreem-rechtse Agir verdedigd en trad hij op voor de 'zwarte' baron Benoît de Bonvoisin. In 1994 verdedigde Pierre Gilbert Preud'homme.

Diens arrestatie, door Connerotte, was een explosief gegeven. Preud'homme was inspecteur bij de gerechtelijke politie in Luik en verbonden aan de cel-Cools van onderzoeksrechter Véronique Ancia. De cel-Cools zocht het motief voor de moord in een reeks corruptiedossiers. Vanuit Neufchâteau zwoer Connerotte bij de aandelenpiste. Een stel criminelen had op het kabinet-Van der Biest een zwendel in aandelen opgezet, Cools was daar achter gekomen, dreigde ermee de fraude te openbaren en werd geliquideerd. Dat was de theorie van Connerotte en die werd in Luik weggelachen, maar als je ziet wie er vandaag in de beklaagdenbank zitten (Richard Taxquet, Pino Di Mauro, Sylvio De Benedictis...), dan zie je allemaal mensen die hij destijds viseerde.

Door de arrestatie van Preud'homme werd het conflict tussen Luik en Neufchâteau een oorlog. Connerotte beschuldigde de GP'er, die later wel zou worden vrijgesproken, ervan 200.000 frank te hebben verdiend door te bemiddelen bij het verzilveren van de gestolen aandelen. Connerotte werd gewraakt op grond van een reeks lekken in een Franstalig weekblad, waarover hij later in een brief aan koning Albert II beweerde dat Preud'homme zelf achter de lekken zat. Dirty tricks? Connerotte en zijn speurders, vooral van de BOB van Bastenaken, voelden zich gepakt. Door Preud'homme en door Pierre. Het werd 1996, en nog steeds was het onbegrip in Neufchâteau groot.

In de vroege ochtend van 12 januari 1996 wordt vanuit het dorpje Vaux-sur-Sure, diep in de Ardennen, de mobiele brigade van de rijkswacht van Bastenaken opgebeld door een veertigjarige boerin. "J'en ai marre!", horen de rijkswachters haar roepen. Een familieruzie. Het loopt fout in haar gezin, zegt de vrouw, sinds haar zestienjarige neefje daar nu en dan komt logeren. De jongen heeft wapens in huis gebracht. Hij heeft in het dorp al eens een hond en het standbeeld van de Maagd Maria onder vuur genomen. Nee, zegt de boerin, we zijn hier niet zo gelovig: "Mais quand-même!" Ze heeft ruzie met haar man, die nu ook al met een illegaal wapen rondloopt, een P38.

De rijkswachters nemen akte van de aangifte en nadat de dame hen haar identiteitskaart heeft laten zien, kijken ze elkaar aan. Isabelle Pierre. Is dat niet? Jawel, dat is. Zij is de zus van Julien Pierre. En dat neefje met die wapens, dat is Olivier, zijn zoon.

Familieruzies behoren tot de privé-sfeer, maar naarmate Isabelle Pierre vertelt, zijn de rijkswachters daar niet meer zo zeker van. De vrouw wil "alles vertellen". In het proces-verbaal over de ruzie (NE36.04.100043/96) staat: 'Wanneer wij haar woonst verlaten, geeft Pierre Isabelle te kennen dat zij morgen al met de BOB van Bastenaken contact zal opnemen.' En dat gebeurt ook.

Het verdere verloop van de procedure geeft ons het idee over het belang dat justitie aan de verklaringen van Isabelle Pierre hecht. Ze wordt herhaaldelijk ondervraagd, haar beweringen worden nagetrokken door de BOB Bastenaken, in Neufchâteau wordt een dossier geopend door procureur Bourlet, in wiens ambtsgebied de feiten zich hebben afgespeeld.

Op 29 februari 1996, anderhalve maand na de aangifte, wordt Isabelle Pierre ontvangen in het kantoor van procureur-generaal Léon Giet in Luik. Hij is op dat ogenblik als voorzitter van het college van procureurs-generaal de hoogste parketmagistraat van het land. Hij ondervraagt Isabelle Pierre die dag samen met BOB'ers Verduyckt en Bouffouix. Daarbij krijgt hij assistentie van een andere big shot: nationaal magistraat André Vandoren. Het verhoor wordt op band opgenomen. We kwamen in het bezit van de transcriptie, vervat in het pv 100.271 van de BOB Bastenaken.

Isabelle Pierre, zo vertelt ze, was altijd erg trots op haar oudere broer, die erin was geslaagd om zich vanuit een nogal achtergesteld boerengezin op te werken tot een monument aan de Luikse balie. Privé was het hem minder goed vergaan. Hij was gescheiden en had co-ouderstatuut weten te bedisselen. Workaholic zijnde, had hij weinig tijd. "Met plezier" ging ze eens per week poetsen in zijn chalet-villa in Chaumont en stond ze gaandeweg ook in voor de naschoolse opvang van zijn zoon. Maar dat liep mis.

Er was, vertelt ze, dat familiefeest op 7 januari 1996. De hele familie was er: oma, Julien, Isabelle, hun jongere broer, de kleine Olivier en wat vrienden, onder wie ook Preud'homme. De mannen zaten in een aparte ruimte champagne te drinken, de vrouwen sleepten voedsel en drank af en aan. "We zaten aan de koffie toen Olivier naar beneden kwam, hij had wat zitten drinken met de anderen. 'Ha, weet je het al', riep hij me toe. 'Ik ga nu een mooi wapen krijgen, een 22 Long Magnum.' Ik zei nog: 'Olivier, raak nooit een wapen aan dat van bij Preud'homme komt, je weet toch van die toestand met die gestolen aandelen? Dat is zo'n wapen waarvan hij zich wil ontdoen.' Nee, ik had er geen goed oog in." Wat later ziet tante Isabelle de jongen uit een Jeep stappen en trots met een karabijn loopt te zwaaien: "Gekregen van monsieur Preud'homme." Later, zegt ze, krijgt hij nog een wapen van de GP'er, waarmee hij in het bos op wild gaat jagen: "Vindt u dat normaal?! Als ik of iemand anders in het dorp zoiets doet, krijgen we problemen."

Haar broer en Preud'homme, zegt ze, zijn heel erg close. Ze kennen elkaar al jaren, trekken vaak met elkaar op en houden in de villa van de advocaat gezellige avondjes, onder meer met Alain Van der Biest erbij. Isabelle Pierre heeft ook een scherpe herinnering aan de periode toen Preud'homme in de cel zat en ze haar broer aan de telefoon overleg hoorde plegen. "Ik hoorde hem toen zeggen: 'We móéten Preud'homme uit de cel krijgen, we zetten er een prijs op. We moeten een getuige vinden en we zetten er een prijs op.'"

Een minderjarige aanzetten tot verboden wapendracht is een misdrijf. Geen wereldschokkend misdrijf, maar het is een misdrijf. Normaal moet het parket optreden, beroemde advocaat in het geding of niet. Isabelle Pierre heeft echter nog meer te melden:

"Julien vroeg me op zekere dag of ik wou koken voor Olivier. Ik woonde toen in Sainlez, ik had weinig contact met hem, ik was zijn poetsvrouw (...). Nu, ik zei: 'Ja, ik wil dat wel doen.' Ik had de sleutel van zijn huis, hij had me die gegeven. Hij zei: 'Je gaat mijn huis nu niet binnen, want daar liggen vertrouwelijke dossiers. Je brengt het eten en legt het in de ijskast.' Die staat niet in het huis zelf, maar in het bijgebouw. Op de derde dag komen we daar aan en Sylvia (een buurmeisje dat haar vergezelt, DDC) zegt me: 'Isabelle, er zit een man in de annex.' Ik ga binnen en stap op die man af: 'Zoekt u iets? Ik ben de zus van Julien Pierre.' Hij antwoordde, niet zo vriendelijk: 'Ik heb een afspraak met hem. Ik stelde voor mij een boodschap te laten overbrengen, maar dat wou hij niet: 'Nee, hij zal komen, ik weet dat hij zal komen.' Op woensdag belde ik Julien en vertelde ik hem dat er iemand in zijn huis zat (...). Hij werd woest en zei dat ik nooit meer eten hoefde te brengen."

"Later zaten we thuis aan tafel, te eten. De televisie stond aan, Sylvia was hier. Ze riep: 'Isabelle, Isabelle, kom snel kijken! Daar, de man die we zagen achter die schuifdeur in Chaumont! Hij is dood.' We stemden af op de RTBf en we begrepen dat het ging over Patrick Haemers. Toen wisten we zeker dat hij het was die we hadden gezien. Dat staat vast. Pas later heb ik Julien erover aangesproken. Hij zei me: 'Wel, het werd hoe dan ook tijd dat hij zelfmoord pleegde. Hij wist te veel.'"

Er waren eind jaren tachtig nogal wat gangsters die de status van meest gezochte van België konden claimen, maar het rijkeluiszoontje Patrick Haemers stak er met kop en schouders bovenuit. Na een reeks overvallen op geldtransporten werden hij en enkele kompanen op 14 oktober 1986 gearresteerd. Tien maanden later werd Haemers tijdens een transport naar de gevangenis bevrijd door een commando van gewapende kornuiten dat in Oud-Heverlee de boevenwagen onder vuur nam en de benen van een rijkswachter aan flarden schoot.

Over waar Haemers tussen 1986 en 1989 zat, is weinig geweten. Hij vluchtte naar Paraguay, maar het staat vast dat hij nadien geregeld naar België terugkeerde. Hij pleegde nieuwe overvallen en ontvoerde met zijn bende oud-premier Paul Vanden Boeynants. Hoe Haemers het met zijn fel gemediatiseerde kop voor elkaar kreeg om zich in België onder de massa te begeven, is altijd een mysterie gebleven.

Is het verhaal van Isabelle Pierre waar of niet? Afgaand op een aantal van Pierres cliënten zou je het verhaal niet eens zo onaannemelijk kunnen noemen, maar dat is speculatie. De realiteit is dat geen mens het weet. De verklaringen van Isabelle Pierre werd op 31 mei 1996, op de dag van zijn pensioen, door procureur-generaal Giet overgedragen aan zijn opvolgster Anne Thily.

Een toenmalige BOB'er: "Onze collega's in Bastenaken kregen te horen dat het parket-generaal het de zaak naar zich toe had getrokken. Meer weten we niet."

Aan Léon Giet valt niets meer te vragen, hij is inmiddels overleden. André Vandoren is tegenwoordig voorzitter van het Comité P. Hij herinnert zich de ondervraging van Isabelle Pierre nog goed, maar niet meer dan dat: "Ik was daarbij aanwezig. Ik was in die tijd nationaal magistraat, we hadden toen nog geen federaal parket. We waren met twee nationale magistraten en onze taak bestond erin te coördineren en te ondersteunen in dossiers die meerdere parketten konden aanbelangen. In die hoedanigheid zat ik daar. Verder heb ik van dat onderzoek niets meer gehoord."

Vond u dat niet vreemd?

"We behandelden in die tijd met zijn tweeën drieduizend dossiers per jaar, weet u."

Hier ging het over een mogelijke schuilplaats van Patrick Haemers.

"Ja, dat weet ik, maar het was een dossier van het Luikse parket-generaal. Uit die hoek heb ik er nadien niets meer over gehoord. U zou zich tot het Luikse parket-generaal moeten wenden."

Makkelijker gezegd dan gedaan. Sinds kort heeft het parket-generaal met advocaat-generaal Jean-Baptiste Andries een woordvoerder voor alles wat te maken heeft met de zaak-Cools. "Oh, ik weet waar het over gaat", zegt hij. "Ik ben niet geautoriseerd om u hierover te woord te staan. De enige die dat kan doen, is Anne Thily, maar zij is met vakantie."

Natuurlijk hebben Haemers, die in 1993 stierf in zijn cel, en wapenhandeltjes in Vaux-sur-Sure niets te maken met de zaak-Cools. Maar Isabelle Pierre vertelde nog meer.

Een van de mensen die ze ook wel eens in de chalet zag verschijnen, zegt ze, was Richard Taxquet. Aan de wetenschap dat Taxquet in de vroege jaren negentig een kennis was van Preud'homme is niets nieuws of spectaculairs. Het onderzoek in de zaak-Cools wees uit dat Preud'homme de huidige hoofdverdachte in die tijd introduceerde in een of andere loge. Maar met zin voor detail vervolledigde Isabelle het plaatje: haar broer, de advocaat, zat net zo goed in die kringen. Allemaal vrienden onder elkaar: de crimineel die blijkbaar de moord op Cools plande, de politieman die de moord moest onderzoeken en de advocaat van zowel de crimineel als de politieman.

"En wist u", voegt ze er nog aan toe, "dat mijn broer na de moord de secretaresse van André Cools heeft overgenomen?"

Wie in een volgend leven als vlieg terugkomt, moet zeker eens een bezoek brengen aan het parket-generaal in Luik. Daar gebeuren rare dingen. In 1999 pleegde advocaat-generaal Hubert Massa zelfmoord. Hij was normaliter de man die op het proces-Cools het openbaar ministerie had moeten waarnemen. Zijn collega's Franz-Joseph Schmitz en Marc de la Brassine belandden - al of niet op grond van verzonnen beschuldigingen - in de nor. Advocaten-generaal De la Croix en Zaplicki lieten zich vrijwillige degraderen tot jeugd- en vrederechter. De verklaring, zeggen bronnen bij het parket-generaal, is die sfeer van tout le monde se tient. Met Giet dat daar een bedaarde man, die ooit was benoemd door André Cools zelf. Thily komt uit de rivaliserende clan, die van de Happarts, Dehousse en Mathot...

Natuurlijk is Julien Pierre in de eerste plaats een briljante strafpleiter, maar volgens zijn zuster is zijn macht vooral gestoeld op kennis van de Luikse slangenkuilen: "Hij zei me ooit: 'Niemand legt mij een strobreed in de weg want ik ben de hoogst geplaatste in de magistratuur in Luik en ik word binnenkort advocaat-generaal." Er lijken in elk geval te allen tijde vacatures te zijn.

Het is niet helemaal juist dat er vanwege het parket-generaal nooit een woord uitleg kwam over de verklaringen van Isabelle Pierre. Het zat er in december vorig jaar weer bovenarms op tussen procureur Bourlet in Neufchâteau en onderzoeksrechter Jacques Langlois, de vervanger van Connerotte in het dossier-Dutroux, wiens positie even leek te wankelen. Julien Pierre, toen nog advocaat van Dutroux, voelde zich aangesproken en kondigde een tegenoffensief aan. Hij zei dat hij een klacht zou indienen tegen Bourlet omdat die "een oud dossier uit mijn privé-leven" had opgediept. Volgens een bericht van het persagentschap Belga (12 december 2002) liep het zo af: 'De advocaat had vernomen dat Bourlet een dossier uit 1971 opgediept had waarin de naam van Julien Pierres vader voorkomt in verband met een misdrijf dat in Fauvillers gepleegd werd (...) Nadat Thily uitleg van Bourlet had gekregen, ontbood ze de advocaat om de kwestie verder uit te klaren. 'Het dossier is geregeld, meester Pierre heeft beslist elke vraag om een onderzoek te laten vallen', zei de procureur-generaal aan Belga.'

In de aangifte van Isabelle Pierre staat inderdaad, bij wijze van anekdote, iets over een toestand met een geweer uit 1971. Maar dat lijkt niet echt de essentie te zijn. En Père Ubu was goed geïnformeerd: Julien Pierre nam gisteren de gsm niet op.

Een hele namiddag lang ondervroegen de hoogste parketmagistraat van het land en de nationale magistraat in februari 1996 de zus van Julien Pierre. Zij vertelde hen over illegale wapenhandel en hoe ze in zijn chalet de voortvluchtige Patrick Haemers had gezien. En verder gebeurde er niets

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234