Donderdag 21/10/2021

Net dat tikje anders

Hoe lastig is het voor ouders als hun kinderen 'anders' blijken te zijn dan hun leeftijdsgenootjes? De Amerikaanse journalist Andrew Solomon, vandaag te gast op Mind The Book in Gent, zocht het uit voor zijn boek 'Ver van de boom'. Op deze pagina's vertellen Belgische ouders hun verhaal.

Josine Mombeek (44), moeder van Wim (11)

'Op de voorlaatste echografie werd duidelijk dat er een onverwacht verschil was tussen de twee baby's in mijn buik. Tine groeide zoals de meeste baby's, Wim had een vorm van dwerggroei. Ik was blij dat ik daar voor de geboorte achterkwam, zodat ik kon wennen aan het idee. Voorheen dacht ik namelijk altijd dat zoiets alleen anderen overkwam. Nu dacht ik alleen maar: en nu? Ondertussen weet ik natuurlijk dat er veel ergere dingen bestaan dan een kind met dwerggroei krijgen, maar de eerste dagen kon ik dat veel moeilijker relativeren. Daarom vertelde ik voor zijn geboorte ook aan bijna niemand dat Wim anders zou zijn dan andere kinderen.

"De meeste mensen reageerden er na de bevalling goed op, al vroegen sommigen me verbaasd waarom ik het kind toch heb gehouden. Best pijnlijk, maar je leert snel om die mensen te vergeven. Niet iedereen denkt na alvorens iets te zeggen. En van kinderen weet je vooraf al dat ze rechtuit zullen zijn. Mijn zoon krijgt bijvoorbeeld regelmatig een opmerking op het voetbalveld - hij speelt bij de achtjarigen. Hij legt die opmerkingen naast zich neer, hij voetbalt gewoon graag. Zus Tine zal veel sneller iets terugzeggen.

"Ja, ik vergelijk Wim en Tine soms wel. Onze dochter is heel zelfstandig, misschien ook een beetje omdat haar broer anders is. Wim heeft ook een sterk karakter, maar ik merk dat hij soms te snel opgeeft. Omdat hij denkt dat hij bepaalde zaken sowieso pas later onder de knie zal krijgen dan zijn leeftijdsgenoten. Het is ook een van de redenen waarom Wim niet graag terugkijkt naar de filmpjes die we maakten toen hij nog jonger was. Daarop ziet hij hoe Tine bijvoorbeeld al kon lopen en hij nog niet.

"Zoiets weet ik nu, maar vaak moet ik me als moeder proberen in te leven in wat Wim in een bepaalde fase van zijn leven voelt of nodig heeft. In de kleuterklas sprak hij bijvoorbeeld nooit in groep. We beslisten daarom om hem naar het buitengewoon onderwijs te sturen. Ook daar deed Wim de eerste maanden zijn mond niet open in groep, maar daarna bloeide hij er helemaal open. Al kwam hij op 1 september toch nog vaak slechtgehumeurd thuis. Het duurde enkele jaren voor ik ontdekte wat er scheelde: die dag kwamen er telkens nieuwe - en dus starende - kinderen bij op school.

"Een tijdlang gingen we daarom af en toe naar bijeenkomsten met andere mensen met dwerggroei. Zo konden we leren hoe zij omgingen met zulke dingen. Als ouders hadden wij daar ook veel aan, maar Wim gaf na een tijdje aan dat hij geen behoefte meer voelde om mee te gaan. Waarschijnlijk omdat hij tijdens die uitjes ook geconfronteerd werd met de nadelen van leven met dwerggroei. Nu spreekt hij wel nog regelmatig af met een leeftijdsgenootje met dwerggroei. Daar kijkt hij wel altijd naar uit."

Lieve Patteet (40), moeder van Sara (12)

"Leerde Sara op de lagere school over driehoeken, dan vertelde ze thuis plots over de stelling van Pythagoras. 'Daarover heeft ze waarschijnlijk ergens iets gelezen', dachten mijn man en ik op zulke momenten. We stelden ons er weinig vragen bij, we waren tenslotte allebei als kind ook al geïnteresseerd in informatieve boeken. Toen Sara zich in het vijfde leerjaar almaar ongelukkiger begon te voelen, beseften we dat er iets niet klopte.

"Het had er alle schijn van dat Sara hoogbegaafd was, zo meldde de directie van haar school. Ze verveelde zich vaak en had tegen februari alle boeken die in de klas stonden al gelezen. Het vermoeden bleek te kloppen. Na enkele tests werd duidelijk dat Sara's IQ behoorlijk hoog is. Hoe hoog precies, vertelden we haar eerst niet. We wisten dat ze altijd al gevoelig was voor druk en waren bang dat ze plots naar haar IQ zou proberen te gaan leven.

"Ondertussen kent ze haar IQ, maar het waren wel mijn man en ik die enkele beslissingen in haar plaats moesten nemen. Zou ze haar zesde leerjaar afmaken op een andere school of zou ze een schooljaar overslaan en meteen naar het eerste middelbaar gaan? Het is niet eenvoudig om als ouder die keuzes voor je dochter te maken, zeker niet als je zoals wij altijd geprobeerd hebt om je kinderen al op jonge leeftijd inspraak te geven. Maar nu was het aan ons om de knoop door te hakken, zo klonk het advies van specialisten. We beslisten uiteindelijk dat Sara het zesde leerjaar zou overslaan en dat ze meteen Latijn zou gaan studeren in het eerste middelbaar. Zodat ze voldoende werd 'uitgedaagd'.

"Sara zelf vindt het jammer dat er in het onderwijs niet meer aandacht en begeleiding is voor hoogbegaafde kinderen. Mensen zien een hoogbegaafd kind namelijk nog vaak als een luxeprobleem. Zelfs mensen uit het basisonderwijs zeiden me al letterlijk dat andere ouders het zoveel moeilijker hebben, omdat ze bijvoorbeeld weten dat hun kind nooit naar de universiteit zal gaan. Het klopt, Sara is slim genoeg om later verder te studeren, maar dat is niet wat je als moeder het belangrijkste vindt. Je wilt toch vooral dat je kind gelukkig is en dat was Sara in het verleden niet altijd.

"Nu voelt Sara zich op school wel al beter thuis, al zegt ze nog vaak dat ze niet langer anders wil zijn. We proberen haar dan uit te leggen dat iedereen wel anders is, op de een of andere manier. Maar vooral op uitstapjes met andere hoogbegaafde kinderen voelt Sara zich geen buitenstaander. Voor je het weet, praat ze dan met haar leeftijdsgenoten over dingen als de Franse Revolutie. Daar sta je als ouder wel van te kijken."

Miet Vanoppen (39) en Gijs Van Briel (38), ouders van Jack (1)

"Na nog geen 25 weken zwangerschap werd Jack geboren. Dat hij doof was, was op dat moment niet duidelijk. Pas na de tests, die werden uitgevoerd toen hij het ziekenhuis mocht verlaten, bleek dat hij niet kon horen. Niets om ons zorgen over te maken, mogelijk moest zijn gehoor zich nog verder ontwikkelen, zo klonk het. Jack mocht tenslotte al naar huis vóór het moment waarop hij eigenlijk geboren had moeten worden. Wij hadden er toch geen goed gevoel bij. We hadden namelijk al een hele waslijst gekregen van wat er allemaal kon misgaan.

"Toch was het een klap toen na de tests bij Kind en Gezin enkele weken later bleek dat Jack nog altijd slecht scoorde op de hoortest. Op dat moment dachten we namelijk nog dat hij wel op geluiden reageerde, dat muziek hem zelfs kalmeerde als hij overstuur was. Pas later beseften we dat die muziek samenhing met de beweging van zijn mobiel. Waarschijnlijk was het dus dat laatste wat hem tot rust bracht.

"Zolang we met z'n drieën alleen thuis zijn, merken we ondertussen al bijna niet meer dat Jack anders is dan andere kinderen. Als we bij een ander koppel op bezoek zijn en horen hoe zij hun baby bijvoorbeeld zachtjes wakker maken met lieve woordjes, valt het toch opnieuw op dat er verschillen zijn. Hoe lastig het soms is om daar als ouder mee om te gaan, begrijpt niet iedereen. Vooral ouders die hetzelfde meemaken, die die emotionele rollercoaster ook kennen, beseffen echt wat er allemaal speelt. Het heeft ons dan ook veel geholpen om met hen te praten en te zien hoe het ook anders kan.

"Jack heeft nu bijvoorbeeld een implantaat. We hebben al ongelooflijke resultaten gezien bij kinderen met implantaten, maar het blijft vragen oproepen.Zullen we ooit naar hem kunnen roepen dat hij moet opletten voor het prikkeldraad als hij aan het fietsen is? Zal hij muziek kunnen ervaren zoals wij? We praten wel al weer vaker tegen Jack, om zijn taalontwikkeling te stimuleren. Daar moeten we soms echt aan denken, want voor je het weet ververs je zijn pamper nog altijd in stilte.

"Tegelijkertijd volgen we avondlessen gebarentaal, zoals iemand anders een cursus Spaans doet. Met dit verschil: met de Spaanse les kun je kappen als je er geen zin meer in hebt. maar die gebarentaal moeten we echt wel onder de knie krijgen. Niet zo eenvoudig, want het is een heel rijke taal. Dat Jack niet kan horen, zorgt er dus ook voor dat er een hele nieuwe wereld voor óns opengaat. We begrijpen dus ook dat er ouders zijn die liever niet kiezen voor een implantaat. Bij ons was de keuze snel gemaakt: wij horen allebei en hebben Jack graag die mogelijkheid willen aanbieden."

Auteur Andrew Solomon: 'Van je kind houden, lukt bijna alle ouders'

Als je het wilt hebben over gezinnen die anders zijn, ben je bij de Amerikaanse journalist Andrew Solomon aan het juiste adres. Niet alleen omdat hij de auteur is van Ver van de boom, als je kind anders is. Ook omdat zijn eigen gezinssituatie allesbehalve alledaags is. Solomon en zijn echtgenoot adopteerden samen een zoon. Daarnaast heeft hij samen met een vriendin een dochter. Zijn echtgenoot is dan weer de biologische vader van twee kinderen die worden opgevoed door een bevriend lesbisch stel.

"Mijn gezin lijkt nu misschien behoorlijk ingewikkeld", glimlacht Solomon, "maar onze omgeving vindt het heel normaal zo. Al liet een nicht van mijn man wel al verstaan dat ze het moeilijk heeft met onze manier van leven. Onze keuzes stemmen niet overeen met hoe een gezin er volgens haar katholieke geloof moet uitzien."

De meeste vrienden en familieleden van Solomon maakten toch een andere opmerking toen hij er enkele jaren geleden na lang twijfelen voor koos om een gezin te stichten. Hoe kon het dat de journalist eindelijk de knoop doorhakte op het moment dat hij een boek schreef over wat er allemaal kan míslopen als je voor kinderen kiest, vroegen ze zich af.

"Maar eigenlijk gaat mijn boek niet over wat er allemaal kan mislopen. Het gaat over de liefde tussen ouders en kinderen", nuanceert hij. "Ik raakte er net meer van overtuigd dat ik vader wilde worden toen ik merkte dat ook ouders die verschillen van hun kinderen zoveel van hun zonen en dochters houden."

Solomon sprak voor zijn boek met ouders van gehandicapte kinderen, met ouders van transgenders en hoogbegaafde kinderen, maar evengoed met vaders en moeders van criminelen. Dat hij zo bijna gehandicapte kinderen met criminelen lijkt te vergelijken, klopt volgens Solomon niet. Al zijn er gelijkenissen die je op het eerste gezicht niet zou verwachten.

"Laatst stemde een Republikein voor het homohuwelijk. Reden: hij kent iemand die autisme heeft en beseft daardoor dat mensen die anders zijn toch dezelfde rechten verdienen."

Maar niet iedereen die Solomon interviewde, dacht er zo over. "Dove mensen vonden bijvoorbeeld dat zij wel een eigen identiteit hadden, maar dat er met autisten echt iets scheelde. Of criminelen wisten dat ze een misstap hadden begaan, maar vonden dat zij lang niet zo ziek waren als transgenders. Ook zij moesten dus de verhalen van anderen horen om te merken hoe herkenbaar sommige dingen zijn."

Een van die zaken die altijd terugkwamen in Solomons gesprekken was hoe snel veel ouders kunnen relativeren dat hun kind anders is dan de rest. "Voor ik aan het boek begon, kon ik me niet goed voorstellen dat je een gehandicapt kind wilt opvoeden. Terwijl mensen die voor die opdracht staan er vaak minder moeite mee hebben. Ze zien er zelfs de mooie kanten van in."

Toch wil dat volgens Solomon niet zeggen dat ze automatisch accepteren dat hun kind van hen verschilt. "Er is een verschil tussen van je kind houden en echt accepteren dat het anders is. Het eerste lukt bijna alle ouders, het tweede valt sommigen zwaarder. Daardoor besef ik nu ook dat mijn ouders mijn homoseksualiteit misschien niet altijd hebben aanvaard, maar dat ze wel altijd van mij hebben gehouden."

Andrew Solomon is vandaag om 15u15 te gast op Mind The Book in de Gentse Vooruit.

Andrew Solomon, Ver van de boom, als je kind anders is, Nieuw Amsterdam, 1.072 p., 49,95 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234