Donderdag 02/04/2020

'Nergens in geloven is een daad van lafheid'

'Het land 32' is de nieuwe, grote roman van Daan Heerma van Voss. Zijn oudste vriend en hoofdredacteur van literair tijdschrift 'Das Magazin', Daniël van der Meer, besloot hem voor het eerst te interviewen. Samen zaten ze opgesloten in een kelder, net als het hoofdpersonage uit 'Het land 32'. Maar dan voor slechts één nacht.

Binnen, naast de voordeur, zit een slot. Als ik de sleutel omdraai, gaat de glazen tussendeur een paar meter verderop langzaam automatisch open. Ik ben op de bovenverdieping van ons verblijf. Daan is al in de kelder. Op een scherm met beveiligingsbeelden zie ik hem zijn luchtbed volblazen. Hij kijkt even recht in de camera en zet zijn lippen weer aan het ventiel.

De ruimte waar we ons bevinden lijkt angstaanjagend veel op de ruimte waar Het land 32 zich in afspeelt. Een soort psychiatrische instelling, verstoken van elk contact met de buitenwereld, vervallen, ogenschijnlijk verlaten, met gesloten glazen deuren en loerende donkere bollen aan het plafond.

Het mannelijke hoofdpersonage uit Het land 32 wordt wakker op een bed van stro, zonder besef van de reden van zijn aanwezigheid in het complex, zonder kennis van zijn achtergrond of naam. Op zijn muur staat een nummer: 32. Het enige houvast vindt hij in enkele terugkerende beelden, waarvan er één dominant is: een gezichtloze vrouw bovenaan een trap, en een doorweekte man die haar van onderaan de trap aankijkt. Het complex heeft nog twee andere bewoners: de bewaker Vrijdag en het meisje Penny Lane.

Het hoofdpersonage, dat zich na verloop van tijd Marlon Brando en Stanley noemt, leert van Vrijdag hoe hij zichzelf in leven kan houden. Op instinct herleert hij het vangen van ratten en het drinkbaar houden van regenwater. In ruil voor bonnen die recht geven op voedsel schrijft Marlon verhalen. Het zijn verhalen in opdracht, met een vastgesteld aantal woorden en met strikte deadlines. Ook Penny Lane vraagt om verhalen van Stanley. Zij ligt ziek op bed in een zaal die Marlon alleen met toestemming van Vrijdag kan bereiken. Zijn verhalen vormen een manier om aan haar ziekte te ontsnappen. In de verhalen die Marlon schrijft, ontsnapt hij weer uit de inrichting: hij hervindt er herinneringen aan beelden waarvan hij niet weet of het de zijne zijn, op plekken die Laagland, Anvers en West-Einde heten.

Uit- en afzondering

Het land 32 is het vijfde boek van Daan Heerma van Voss (1986). We kennen elkaar al sinds de peuterschool, nu 25 jaar geleden. En hoewel we als duo veel interviews van anderen hebben afgenomen, hebben we nooit de behoefte gevoeld elkaar te interviewen. Maar toch, de laatste tijd voelde ik de noodzaak. De manier waarop hij door anderen werd geïnterviewd, noopte me ertoe. Kranten leken vooral geïnteresseerd in persoonlijke zaken over zijn schrijvende ouders (Arend Jan Heerma van Voss en Christien Brinkgreve), zijn schrijvende broer (Thomas), zijn dosering antidepressiva - zaken die ik al weet en me ook niet meer dan gemiddeld interesseren. Journalisten waren op zoek naar grootse en meeslepende elementen uit zijn leven, en ik keek toe hoe Daan die met genoegen aan ze gaf, zich hierbij niet noodzakelijkerwijs aan de waarheid houdend: zo verklaarde hij altijd in de kelder van De Bezige Bij te schrijven, iets wat fysiek alleen al onmogelijk is.

Verder waren er vragen die ik wilde stellen, vragen die ik hem nog niet eerder gesteld had, al was het maar omdat we het vooral over dingen hebben die niets met zijn boeken te maken hebben. En om het gesprek een gevoel van uit- en afzondering te laten hebben, moest de locatie ons daartoe verplichten.

Het is vrijdagavond. We hebben besloten de nacht door te brengen in een kelder van een Amsterdamse galerie. De ruimte is onbestemd, grimmig en doodstil. Attributen: twee opblaasmatjes, twee slaapzakken, een zaklamp, een fles whisky en een opnameapparaatje.

Het is eigenlijk de laatste plek die je met een roman associeert.

Daan: "Ik heb lang gezocht naar een plek die me in staat zou stellen tot het vertellen van een verhaal vol ideeën zonder een ideeënroman te worden. Het moest spanning, vertedering, intimiteit en hardheid toelaten en zo min mogelijk afleiding geven. Alle beslommeringen van personages die je vrijwel altijd in boeken tegenkomt moesten verdwijnen: het betalen van de huur, de aanwezigheid van buren, vreemdgaande vriendinnen... Hele normale maatschappelijke verbanden waar ik helemaal niet op neerkijk, maar die voor het verhaal dat ik wilde vertellen afleidend waren. Dus toen heb ik al die dingen weggestreept, tot ik bij een verlaten ruimte uitkwam. Een plek die niets met de buitenwereld te maken heeft, maar die tegelijkertijd gelegenheid biedt aan de verbeelding van de personages, die ik in de verhalen van Marlon alle plekken van de wereld zou kunnen opsturen.

"In het complex heerst het recht van de sterkste. Mensen moeten voor zichzelf zorgen. Kan een modern mens nog voor zichzelf zorgen? Dat is een vraag die me tijdens het schrijven bezig heeft gehouden. We zijn nog nooit tot zoveel in staat geweest als nu en ook nog nooit zo machteloos. Als we het koud hebben, zetten we de verwarming iets hoger. Als we iemand nodig hebben, dan bellen we hem. Het land 32 is geen aanklacht tegen die afhankelijkheid, maar heeft me wel teruggeworpen tot de vraag: wat zou er in het leven dat ik nu leid overblijven als ik het allemaal zelf moest doen? We zijn afhankelijk geworden van dingen waar we zelf geen zicht op hebben. Dat is ook de reden dat ik veel sport. Als je teruggeworpen wordt, heb je namelijk wel iets aan je lichaam.

"Van alle krachten en deugden die we geleerd hebben, is een van de oerkrachten, zelfredzaamheid, verloren gegaan. Collectief redden we ons, maar individueel niet meer. Daartegenover staan natuurlijk duizenden verworvenheden, maar het is psychologisch gezien een hele lastige tijd."

Je kunt ook prijzen dat mensen die zelfredzaamheid niet meer nodig hebben en van elkaar afhankelijk durven te zijn.

"Je kunt het natuurlijk 'durven' noemen. Dan klinkt het heel mooi. Maar het is geen actieve keuze meer. Mensen hebben niet eens door dat ze van elkaar afhankelijk zijn, laat staan dat ze er iets aan kunnen veranderen. Dat is een belangrijke reden waarom meer mensen dan ooit lijden aan angsten, fobieën, depressies. Omdat ze controle willen, en voelen dat ze die niet meer hebben. Een andere reden is natuurlijk dat we meer zeiken dan ooit, maar dat is een ander verhaal.

"En er is natuurlijk altijd de kleine kans dat er echt iets gebeurt en dat je niet weet wat je moet doen en dat er tegenover je iemand staat die het wel weet en zoals Vrijdag tegen Marlon zegt: 'Jullie hebben Bourdieu, wij hebben brood.'"

Om de moderne elementen uit de ruimte verder te verbergen, hangen we een kussensloop over de groene nooduitgang-verlichting. Af en toe is er het geluid van een uitzettende waterleiding. De maan schijnt op de traptreden die naar de bovenverdieping leiden. "Maar zou jij hier kunnen overleven? Een dier doden en villen?"

Daan denkt lang na. Hij schijnt met de zaklantaarn in de hoeken, misschien om te zien of er een beest is waar hij de proef op de som kan nemen. "Nee. Ik denk het niet. Maar ik ben wel minder bang. Ik heb survivalboeken gelezen, met mijn neef Koen (een militair, DvdM) gepraat. Ik zou het waarschijnlijk niet kunnen, maar ik zou niet meer bang zijn voor honger. Ik weet dat kou een killer is, honger niet. Ik weet dat je bij het villen de anale klieren moet vermijden. Het is kennis, zullen we maar zeggen.

"Ik voel me zelfredzaam als ik schrijf. Alle dingen die in het dagelijks leven problemen opleveren, kan ik een vorm geven. Door te schrijven kan ik meer dan waar ik eigenlijk toe in staat ben. En ik heb niets meer nodig dan een notitieblok."

Op een onbewoond eiland is er inderdaad niets dat je van schrijven weerhoudt. Maar je redt je leven er ook niet mee.

"Nee. Maar zodra er een paar mensen op dat eiland zijn, kan dat weer wel. Die zullen onder elke omstandigheid behoefte aan verhalen krijgen, of ze nu zingevend of ter vermaak zijn. Fictie is misschien geen primaire levensbehoefte, maar wel meer dan secundair. In Het land 32 is dat letterlijk zo: Marlon houdt zich in leven door verhalen te schrijven. Anders zou hij sterven.

"Iedereen leidt zijn leven in verhalen die hij zelf verzint. Liefde is ook maar een verhaal waar jij en iemand anders in geloven. Dat betekent niet dat het niet echt is, maar het is en blijft een verhaal. Als je liefdesverdriet hebt, maak je daar ook een narratief van. Ambitie, carrière: allemaal vertellingen. Het geloven in een richtinggevend verhaal is wat ons beweegt. Dit lijkt abstract, maar is het niet, mensen doen het dagelijks. Ze hebben het zelf alleen niet altijd door. En de verhalen die in het boek verteld worden zijn in de eerste plaats spannend en ontroerend, boven alles heb ik een pageturner willen schrijven, maar dan een met een ziel.

"Ik bedoel verder ook niet dat de roman de enige manier is om verhalen te vertellen. De roman was er ook niet voor 1800, maar het geloof in een verhaal is er altijd geweest en zal altijd blijven.

"De enige redelijke manier om het leven te beoordelen is het te zien als complete chaos. Dat is wat het echt is. Daarom zijn verhalen in het leven geroepen. We kunnen niet eens anders. We kunnen de chaos niet bevatten."

In Het land 32 zegt Vrijdag dat de brandstof van de beschaving bestaat uit verhalen.

"Het is een van de weinige keren dat Vrijdag zich een theorie permitteert. Mensen willen nog altijd tragiek, humor en verbazing. Alleen is de omloopsnelheid van het nieuws, de verhalen, nu zo hoog dat we ze niet meer kunnen bijbenen. De tragedies van Sophocles duurden tientallen jaren, de tragedie van Charlie Sheen een paar dagen."

Een paar zinnen daarna geeft Vrijdag een voorwaarde voor de verhalen: ze moeten zonder cynisme zijn. 'Vroeger was het een deugd om te verzinnen, nu is het een deugd om verzinsels door te prikken.'

"Cynisme heeft de starheid van een religie gekregen. Dat heeft er ook voor gezorgd dat mensen zich niet meer durven te committeren aan iets, iemand of een idee. Ze willen alle mogelijkheden openhouden omdat ze niet ontmaskerd willen worden. Maar daar kom je gewoon niet verder mee. We zijn overmatig opgevoed met kritisch vermogen, twijfel aan alles, dingen ontmaskeren zodat anderen het niet meer voor je kunnen ontmaskeren. Hoop staat gelijk aan naïviteit of een gebrek aan kennis.

"Het is al zo lang hip om nergens in te geloven. Zeker in de literatuur. Hermans, Grunberg... dat zijn gewoon de stoerste jongetjes in de klas, omdat ze meer dan iedereen durfden te zeggen dat alles bedrog is. Maar dat is niet zo, en dat denken ze zelf ook niet. Anders zouden ze geen boeken schrijven. Iedereen gelooft wel ergens in. Wie zegt dat hij dat niet doet, is te laf om het toe te geven.'

Waar geloof jij dan in?

"Niet in wat ik zeg, maar in wat ik doe."

Als we allebei vermoedelijk een paar uur hebben geslapen, worden we wakker. Het lijkt nog te donker om het ochtend te noemen. Daan: "Dat beton is ook niet alles, hè."

Iets meer dan twee jaar geleden werd ik vroeg in de ochtend gebeld door Daan. Hij was in complete paniek, had geen enkele herinnering meer aan hemzelf, aan zijn beroep of kennissen. Mijn naam had nog de meeste herkenning opgeleverd - op goed geluk belde hij mij, in de hoop dat ik de persoon zou zijn die hij in zo'n geval zou bellen. Hij bleek een aanval van TGA te hebben gehad, Transient Global Amnesia: tijdelijk volledig geheugenverlies. De episode leidde tot het boek De vergeting, een soort autobiografisch zusterboek van Het land 32, dat Daan toen al aan het schrijven was. Ik herinner me dat het toen nog een andere werktitel had: Het godgegeven misverstand.

Daan: "Verdomd. Helemaal vergeten. Dan is dit toch wel een betere titel, allemachtig. Het was toen nog een ideeënboek met een quasi-slimme titel. En de ruimte - het land 32 - is de afgelopen twee jaar steeds belangrijker geworden.

"In De vergeting zoek ik het geheugen in autobiografische levensfeiten, in Het land 32 in verhalen. Ik wilde zo graag dat Het land 32 een boek zou worden dat niet over mij ging dat ik alle biografische elementen al in De vergeting heb verwerkt. Het enige wat ik van mijn TGA heb geleerd is hoe ik die staat van desoriëntatie kan beschrijven."

En de keuze voor het getal 32 is neem ik aan vanwege Christian Vieri.

"Ach, daar gaat het mysterie. Ik heb altijd al een natuurlijke band met het getal 32 gehad. Ik zie het ook overal. Elk kluisje dat ik neem heeft 32. En toen kwam... ja, hoe zeg ik dit zonder al te raar over te komen?" Hij gaat op zijn luchtbed zitten. "Mijn leven heeft veel obsessies gekend, en een daarvan was Christian Vieri."

Jeugdidool

Christian Vieri was het jeugdidool van Daan, tussen zijn twaalfde en zestiende. Een bonkige Italiaanse voetballer van onder andere Lazio Roma en Inter Milan, die altijd met rugnummer 32 speelde. Uiteindelijk is Daan zelfs magischerwijs in de lichaamsverhoudingen van de spits gegroeid: 1 meter 85 en 82 kilo. In het toenmalige voetbalteam dat zich liet kenmerken door amateurisme, waren de rugnummers keurig tot en met 16 genummerd, om daarna tot 32 te gaan, het shirt waar Daan altijd in speelde.

Een andere fascinatie die in Het land 32 een plek heeft gevonden, is A Streetcar Named Desire, het toneelstuk van Tennessee Williams uit 1947, later verfilmd door Elia Kazan met Marlon Brando als hoofdpersonage Stanley Kowalski. Ook de terugkerende herinnering aan de vrouw bovenaan de trap vindt zijn oorsprong in deze film.

Daan: "Een vrouw bovenaan de trap, een man onder, verregend, bijna dierlijk naar de vrouw aan het schreeuwen. Daar heeft de lezer geen enkele kennis van dat toneelstuk voor nodig, het gaat om dat oerbeeld. De lezer herkent veel zaken eerder dan de hoofdpersoon, een oude thrillertruc. Verder vond ik het een interessant gegeven dat het hoofdpersonage denkt dat hij Marlon Brando is, 's wereld eerste method actor. Hij wordt iemand die erom bekendstaat te worden wat hij uitbeeldt.

"De imitatie is soms echter dan de werkelijkheid. Wat Baudrillard een simulacrum noemt. Hoe Claus in Het verdriet van België gebruik maakt van andere namen voor steden, is voor mij het perfecte literaire voorbeeld hiervan. Daardoor krijg je een beeld dat echter is dan het België dat echt bestaat. Omdat je heel dicht bij de werkelijkheid komt, maar het tegelijkertijd een diepere waarheid aanraakt."

Heb je het idee dat Het land 32 je veranderd heeft?

"Ik ben milder geworden voor een aantal zaken. Voor medeleven, voor idealisatie. Iemand idealiseren kan ook een vorm van liefde zijn. Penny Lane - The Beatles zijn onderdeel van het collectieve geheugen, iedereen kent haar al voor ze überhaupt iets heeft gezegd - is het leukste wezentje in de literatuur dat ik ken. Maar ze is ernstig ziek, iemand voor wie je vooral medeleven voelt. Dat gevoel verdween tijdens het schrijven, totdat ik echt alleen nog maar om haar gaf. Het klinkt wat koket, maar het is voor het eerst dat ik kan praten over de personages alsof ze echt bestaan.

"Het is een boek van oprechte hoop geworden: de kracht van verhalen, werkelijke intimiteit, werkelijke liefde en echte verlichting. Dat zijn toch de triomfen van de kwetsbaarheid. Toch?"

Met dank aan: looiersgracht60.org

Daan Heerma van Voss, Het land 32, De Bezige Bij, 500 p., 19,90 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234