Woensdag 08/12/2021

Nee, je hebt wél iets te verbergen

Het meest hardnekkige argument in het privacydebat vakkundig gefileerd door  Rob Wijnberg en Maurits Martijn. Zij zijn journalist bij De Correspondent, waar een uitgebreide versie van deze bijdrage verscheen.

Van het massaal surveilleren van burgers door de NSA tot de verplichte vingerafdruk in het paspoort: onze privacy staat onder druk. De zorgen hierover worden niet breed gedeeld. Voortdurend steekt het sussende geluid van dit ene hardnekkige argument de kop op: ik heb toch niks te verbergen? En zijn broertjes 'ik doe toch niks fout?' en 'ik doe toch niks illegaals?' vergezellen hem met grote regelmaat. Tijd om tegenargumenten in stelling te brengen.

1. Er is geen 'ik' zonder iets te verbergen

Privacy wordt bijna altijd gezien als een juridisch begrip ('dat is een inbreuk op mijn recht op privacy') of cultureel fenomeen ('een Amerikaan vindt het geen probleem om te vertellen hoeveel hij verdient'). Maar privacy is, boven alles, een menselijke eigenschap.

De meest elementaire verschijningsvorm van privacy is de private ruimte in ieder mens: mijn gedachtenwereld, mijn gevoelsleven, mijn innerlijk. In de meeste gevallen kiezen we er bewust voor deze vorm van privacy open te stellen: door te communiceren. Maar de fabrieksinstelling van onze geest is die van het private. Het meeste van wat we denken, voelen en ervaren is het grootste deel van de tijd privé. Zou de fabrieksinstelling van je innerlijk zijn dat alles wat je denkt, voelt en ervaart openbaar was, dan was het onmogelijk 'jezelf te zijn' zoals je dat nu bent. Wat je eigenlijk zegt als je zegt 'ik heb niks te verbergen' is: mijn 'verborgen innerlijk' heeft niks te verbergen. Dat is een filosofische contradictio in terminis.

2. Sociale relaties zijn niet mogelijk zonder iets te verbergen

Privacy heeft een sociale component. Het 'ik' waar we naar verwijzen als we het over onszelf hebben, is niet statisch: een mens is, in verschillende contexten, op verschillende momenten, in het bijzijn van verschillende mensen, steeds iemand anders.

Zouden we niet in staat zijn ons in verschillende situaties anders voor te doen, dan zou het sociale verkeer onmogelijk worden. Wie je bent in het bijzijn van je geliefde in de slaapkamer, verschilt wezenlijk van wie je bent in de buurt van je collega's op je werk - en dat is, op z'n zachtst gezegd, maar goed ook. Iemand zijn betekent dus: het strategisch verborgen kunnen houden van de verschillende personen die schuilgaan achter jouw 'ik'.

Wie zegt 'ik heb niks te verbergen' gaat voorbij aan deze sociale realiteit. In een sociale context heb je altijd iets te verbergen. Op je werk is dat misschien het opvliegerige karakter dat je bij je partner wel laat zien, bij je partner is dat misschien de flirterigheid die je onder vreemden tentoonspreidt. Maar nooit is het niks: wie omgaat met verschillende mensen in verschillende contexten, verbergt per definitie iets.

3. We verbergen sowieso al van alles

Waarom kleden we ons aan als we naar ons werk gaan? Waarom doen we de deur dicht als we op de wc zitten? Waarom lopen we de kamer uit als we een belangrijk telefoongesprek voeren? Waarom vertellen we onze collega's niet wat we verdienen? Waarom hebben we een wachtwoord op onze computer? Waarom geven we onze kinderen een eigen kamer? Waarom verzinnen we een smoes als we zonder reden te laat zijn? Waarom doen we de gordijnen dicht als we naar bed gaan?

Natuurlijk: je kunt bij iedere vraag wel een praktisch antwoord verzinnen. Maar de belangrijkste rode draad in al deze alledaagse handelingen is dat dingen verbergen bijna zo vanzelfsprekend is dat we er niet eens bij stilstaan. We verbergen ons lichaam, onze oneffenheden, onze nalatigheid, onze e-mails, ons salarisstrookje: wie zegt 'niks te verbergen te hebben', kijkt domweg niet goed om zich heen.

4. Je weet niet wat fout is

Nu zul je onderhand wel denken: allemaal leuk en aardig, maar zo wordt het argument 'ik heb niks te verbergen' toch meestal niet gebruikt? Wat mensen bedoelen als ze zeggen 'ik heb niks te verbergen' is doorgaans: 'Ik doe niks fout, dus ik heb niks te verbergen.' Ook die redenering klopt niet.

De meest basale tegenwerping van de redering 'ik doe niks fout, dus ik heb niks te verbergen' is: wat is 'fout'? Vreemdgaan is in de ogen van je geliefde misschien wel het foutste dat je kunt doen. Tenzij je een open relatie hebt. In de ogen van de wetgever is het ook niks om je druk over te maken. Behalve in Saoedi-Arabië dan: daar kun je er de doodstraf voor krijgen. Niks is, kortom, meer context- en perspectief gebonden dan de vraag of iets 'fout' - en dus de moeite van het verbergen waard - is.

De foto van jou, dronken op een vrijgezellenfeest met een stripper op schoot, is niet 'fout' - tot je baas er lucht van krijgt. Dat je homoseksueel bent, is hier nauwelijks iets om je druk om te maken - tot je bij de douane in Rusland uit de rij wordt gepikt. Samenvattend: zonder te weten waar en in wiens ogen je iets doet, weet je nooit zeker of je iets 'fout' doet en derhalve iets te verbergen hebt.

5. Het foute verandert

Onze moraal, en dus wat we als fout, illegaal of strafbaar beschouwen, is bovendien niet statisch. Ze verandert door de tijd heen. Vroeger was pedoseksualiteit niets om te hoeven verbergen: in de jaren zeventig werd er zelfs openlijk gepleit voor het recht om seks met kinderen te hebben. Tegenwoordig kun je daarvoor worden aangeklaagd.

Een hypothetisch voorbeeld? Stel, je bent een groot vleesliefhebber: niets om anno 2013 geheimzinnig over te doen. Maar het is niet ondenkbaar dat over dertig jaar vlees eten net zo taboe is geworden als, zeg, pedoseksualiteit nu. Zo'n cultuuromslag zie je al enkele decennia met roken: in de jaren vijftig was het iets dat je etaleerde, nu is het iets waar je al minder mee te koop loopt - en wellicht is het over dertig jaar wel not done. Maar Facebook is jouw foto's, rokend in de kroeg, in 2043 nog niet vergeten. Dat je nu niks te verbergen hebt, wil dus niet zeggen dat je nooit iets te verbergen hebt.

6. Niemand doet nooit niks fout

En daarnaast: iedereen doet wel eens iets fout. Uit verschillende onderzoeken blijkt bijvoorbeeld dat mensen zich gemiddeld zo'n anderhalf tot vier keer per dag bezondigen aan een van de meest elementaire vormen van verbergen, namelijk het verbergen van de waarheid - oftewel liegen. Wie 'kleine' leugens als overdrijvingen meetelt, komt op een nog hoger aantal uit.

Liegen hoort bij het leven zoals molens bij Nederland en frieten bij België. En wie rijdt er niet wel eens door rood, komt een afspraak niet na of steekt een gevonden geldbriefje niet stiekem in eigen zak? Voor zover duidelijk is wat 'fout doen' precies inhoudt, is dit in ieder geval zeker: geen mens ontkomt er aan.

7. Je weet niet waar ze naar zoeken

Naast dat je niet ontkomt aan 'fout doen', komt daar deze factor nog eens bij: je weet vaak niet wat het foute is waar men naar zoekt. Stel, je wilt als journalist een stuk schrijven over Vlaamse jongeren die in Syrië gaan vechten. Na lang zoeken op internet krijg je een paar telefoonnummers en e-mailadressen te pakken. De interviews per mail en telefoon leveren een fascinerend inkijkje op in hun beweegredenen.

Na het schrijven wil je op vakantie naar New York, en omdat je nog niet zeker weet wanneer je terug wilt komen, boek je een enkeltje Big Apple. Maar voor vertrek bedenk je dat je vriendin en jij net zijn verhuisd naar jullie eerste koophuis, dus als jou iets overkomt, zit zij met een ondraaglijke hypotheeklast. Je sluit daarom nog net voor vertrek een levensverzekering af.

Daar sta je dan: met de contactgegevens van een paar jihadisten in je telefoon, een enkeltje New York op zak en een kersverse levensverzekering afgesloten. Hoeveel alarmbellen gaan er dan af bij, bijvoorbeeld, de Amerikaanse inlichtingendienst NSA? Wat garandeert je dat hun zoekalgoritmen, of hun interpretatoren, niet de verkeerde conclusies trekken? Zouden ze het 'bizarre samenloop van omstandigheden'-verhaal voetstoots aannemen? Wat is het eigenlijk dat je hier te verbergen had?

8. Je weet niet wat allemaal illegaal is

Dan is er nog de juridische betekenis van 'fout'. De redenering gaat dan als volgt: 'Ik doe niks illegaals, dus ik heb niks te verbergen', klopt dat dan wel? Ook dat is zeer de vraag. Want: je kunt helemaal niet weten wat er allemaal illegaal is en wat niet. In dit uitstekende stuk 'We Should All Have Something to Hide' beschrijft de Amerikaanse cybersecuritydeskundige Matthew Rosenfeld (pseudoniem: Moxie Marlinspike) dat de Verenigde Staten zoveel strafbaarstellingen kent dat zelfs de autoriteiten, laat staan burgers, niet weten hoeveel het er precies zijn. Schattingen komen uit op "grofweg 27.000' pagina's" aan wetten en regels en zeker nog eens 10.000 reguleringen.

Voor Europa geldt hetzelfde. De consequentie: je hebt geen idee of je, al dan niet toevallig, in overtreding bent van iets. En als je tegelijk ook geen idee hebt waar politie, justitie en inlichtingendiensten precies naar zoeken, dan wordt duidelijk dat ook het argument 'ik doe niks illegaals, dus ik heb niks te verbergen' een lege huls is.

9. De overheid is niet te vertrouwen

Hoewel je nooit precies kunt weten welke beslissingen de overheid over jou neemt, is het geen goed idee de instanties aan wie je jouw gegevens afstaat te vertrouwen. Keer op keer blijkt de overheid niet in staat te zijn persoonsgegevens van de burger goed te beveiligen.

De bredere trend is samen te vatten met de woorden Big Brother. De overheid lijdt aan een kwaal die je wel datobesitas kunt noemen: een onstilbare honger naar de gegevens van haar burgers, met uitdijende databases als gevolg.

Het probleem is niet zozeer dat de overheid zoveel van je weet, maar dat er conclusies aan die informatie worden verbonden. Onze data zijn niet slechts gegevens; het is informatie die leidt tot handelen. En 'foute' informatie in overheidsdatabanken is eerder regel dan uitzondering, concludeerde alvast de Nederlandse Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid: "Over de hele linie moet de assumptie dat informatie juist is vervangen worden door het besef dat de informatie op onderdelen hoogstwaarschijnlijk niet accuraat, verouderd en soms zelfs misbruikt en gemanipuleerd zal zijn."

10. Je kent toekomstige machthebbers niet

Tot slot is het belangrijk te beseffen dat bij het gebruik van gegevens altijd het gevaar van de glijdende schaal op de loer ligt: als bepaalde gegevens toch al voor functie A zijn verzameld, waarom zouden ze dan niet ook voor functie B kunnen worden gebruikt? En C en D? Kenners noemen dit function creep: technologieën die persoonsgegevens registreren worden voor een ander doel gebruikt dan het oorspronkelijke. En dat gebeurt niet soms, maar bijna altijd.

Een klassiek voorbeeld zijn de vingerafdrukken die in de EU verplicht geregistreerd staan in paspoorten. Oorspronkelijk verordonneerd door Brussel om identiteitsfraude te voorkomen, inmiddels ook bruikbaar voor opsporingsdoeleinden. Handig voor de politie, maar het probleem van function creep is dat je als burger of consument de nieuwe functies die jouw gegevens krijgen op geen enkele manier aan kunt zien komen. Je weet wat er met jouw gegevens gebeurt op moment X, maar het gebruik op moment Y laat zich niet voorspellen.

Al vertrouw je je gegevens toe aan de overheid van nu, je hebt geen garantie dat je je gegevens kunt toevertrouwen aan die van morgen.

Dus? Telkens als de discussie over privacy oplaait, zal ook het argument 'ik heb niks te verbergen' de revue passeren. Mocht je die woorden langs horen komen, dan zou je er dit achteraan kunnen denken:

IK (besta niet zonder privacy)

HEB (fouten gemaakt die anderen niet mogen weten)

NIKS (is veilig in handen van de overheid)

TE (vaak worden data voor andere doeleinden gebruikt)

VERBERGEN (is de enige manier om daaraan te ontkomen)

undefined

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234