Zaterdag 15/08/2020

Reconstructie

Nederlandse met ondraaglijke oorsuizen geëuthanaseerd

Beeld THINKSTOCK

De herrie hoorde ze altijd, het werd erger, geen behandeling hielp. Gaby Olthuis liet na tien jaar vechten haar leven beëindigen. "Mensen worden gemarteld met geluid", zegt haar vriend.

Ze is er klaar voor. Klaar om met haar auto tegen een boom te rijden. Het is zomer 2011 als Gaby Olthuis in paniek met haar vrienden belt. Het is een noodoproep. "Ik kan niet meer", zegt ze. "Binnen een uur stonden er zes mensen voor haar deur", vertelt haar vriend Patrick Obels.

Iedereen weet waarover het gaat. Gaby hoort al tien jaar lang gekmakende geluiden in haar hoofd. Het klinkt, zo omschrijft ze, als een voorbijrijdende trein met piepende remmen. Altijd geluid. Vierentwintig uur per dag. Nooit komt het tot stilstand. Het klopt, snerpt, piept, schuurt, bonkt. En in de loop van de tijd is het alleen maar harder geworden.

Het begint met een ruisje.

"Mam, ik hoor steeds een geluid in mijn oor", zegt ze vlak na de geboorte van haar tweede kind, een zoon, in 2001.

"Ach", zegt haar moeder. "Dat heb ik ook weleens, het gaat wel over."

Maar het stopt niet. Het ruisje blijft en wordt erger. Gaby gaat naar de dokter, die een scan van haar hoofd laat maken.

De kno-arts vertelt dat het tinnitus is: een erkende aandoening waardoor mensen geluiden horen die er niet zijn. Bijna altijd wordt het veroorzaakt door een gehoorbeschadiging; de hersenen "compenseren" de tonen die niet meer binnenkomen.

"Je moet ermee leren leven", zegt de arts.

Op een dag vraagt ze zich af waarom de koelkast zoveel lawaai maakt. Het blijkt een nieuw geluid in haar hoofd: een brom. In de loop der tijd verzamelt ze er steeds meer: een ratel, een hoog snerpend geluid, een pulserend geluid.

Gaby werkt dan al jaren als therapeut voor mensen met een burn-out. Ze schrijft boeken. Hiervoor heeft ze aan het conservatorium gestudeerd: klarinet. De mensen om haar heen omschrijven haar als zeer intelligent. Sterk. Sensitief. Humoristisch. Direct. Een doorzetter met een groot hart.

Ze probeert alles om de kakofonie in haar hoofd te stoppen of ermee te leven. Ze slikt medicijnen, antidepressiva, krijgt cognitieve gedragstherapie, loopt met muziek in haar oren, ondergaat magnetische stimulatie van de hersenen, ondergaat een behandeling in Israël, krijgt apparaten aangemeten die tegengeluid produceren, zet een geluiddichte koptelefoon op haar hoofd.

"Niets hielp", zegt haar vriend. "Het werd alleen maar erger."

"Sommige patiënten lukt het om het geluid naar de achtergrond te krijgen", zegt haar moeder. "Bij Gaby was het zo hard dat ze dat niet meer redde."

"Er moet toch iets zijn", zegt Gaby vaak. Een tijdlang overweegt ze zichzelf in een kunstmatig coma te laten brengen. Of om haar gehoorzenuwen door te laten snijden.

Artsen raden dit af, omdat dit vaak de tinnitus verergert. In een e-mail stelt Pim van Dijk, hoogleraar audiologie en deskundige op het gebied van tinnitus, dat ze niet meer zal genezen, gezien alles wat ze heeft geprobeerd.

De geluiden breken haar af. "Mensen worden gemarteld met geluid", zegt Patrick.

Na een paar jaar moet ze haar baan opzeggen en raakt ze steeds verder geïsoleerd. Ze is inmiddels gescheiden; Patrick ontmoet ze pas later. Haar wereld is teruggebracht tot "leven op een postzegel". Haar huis zit potdicht om zo veel mogelijk geluid buiten de deur te houden.

"Het kostte haar veel kracht om alleen maar de dag door te komen", zegt Patrick. Ook ontwikkelt ze hyperacusis, een overgevoeligheid voor geluid van buitenaf. Zelfs het ruisen van de bomen of knisperen van een boterhamzakje kan ze niet meer verdragen. Het doet pijn.

"Nergens was een plek waar het stil was voor haar", zegt haar moeder Joan van Baarle.

Alleen haar kinderen probeert ze zo veel mogelijk om zich heen te hebben. Dat komt neer op een dag per week. "Maar die konden geen kind meer zijn", zegt haar moeder. "Als ze herrie maakten, zag ik haar ineen schrompelen."

Lange tijd probeert Gaby nog om haar dochter, die viool speelt op hoog niveau, te begeleiden, uiteindelijk doet het te veel pijn.

Soms, zegt haar moeder, raakte ze in paniek. "Dan zei ze: hoe moet dit nou verder? Kijk, als je iets aan je been hebt, dan kun je daar afstand van nemen. Maar dit zat in haar brein. Het werd onderdeel van haar zijn. Daar kon ze wel somber van zijn."

Dan komen de eerste gedachten aan de dood. "Ze wilde niet dood", zegt haar vriend. "Maar ze kon niet meer. Ze was op. Het was gekmakend."

Er zijn gevallen bekend van patiënten die zelfmoord plegen om de geluiden in hun hoofd tot zwijgen te brengen. Aan haar huisarts vraagt Gaby of die haar wil helpen als ze echt niet meer kan.

"Die wilde daar niet eens over praten", zegt Patrick. "Het was een no go. Hij vroeg niet verder, het werd niet uitgediept."

"Soms zei ze tegen me: had ik maar kanker, dat begrijpen mensen tenminste."

Haar vriendengroep weet haar van zelfmoord te weerhouden. Dan horen ze over de Levenseindekliniek, die euthanasiepatiënten helpt die overal nul op het rekest krijgen.

"Ze ging naast me zitten en legde haar hand op mijn been", zegt haar moeder. "Ze zei: mam, ik heb me aangemeld bij de Levenseindekliniek. Ik schrok. De tranen stonden in mijn ogen. Ik zei: wat vreselijk en wat goed. Ik was zo bang geweest dat ze er zelf een eind aan zou maken."

In de zomer van 2013 spreekt Gaby met een psychiater van de kliniek. Die constateert dat er geen aanwijzingen zijn voor een depressieve-, angst- of persoonlijkheidsstoornis en dat haar verzoek voortkomt uit een lichamelijke aandoening.

In haar verleden zijn er problemen geweest. Op haar zestiende heeft ze anorexia gehad. "Daaraan heeft ze zich ontworsteld", zegt haar moeder. Verder is sprake geweest van ptss, nadat ze tijdens een verblijf in Jemen met haar man een bomaanslag heeft meemaakt, maar ook daarvoor is ze behandeld, stelt Patrick.

Haar naasten herinneren zich geen diagnoses van depressie of angst. "De huisarts heeft dit wel een paar keer gedacht, maar twee verschillende psychiaters hebben geconstateerd dat er geen sprake was van een depressie ", zegt Patrick. "En angst is nooit onderzocht."

Ze mag op gesprek bij de arts van de Levenseindekliniek. Die is sceptisch.

"No way: zo'n jonge vrouw met jonge kinderen", zegt ze voordat ze haar heeft gezien. Als ze met Gaby praat, verandert haar houding. Binnen vijf minuten is ze "om". Ze raakt overtuigd van de ondraaglijkheid van haar lijden.

Na het gesprek laat Gaby weten dat ze voor 80 procent achter haar wens staat. "Gelukkig", denkt de arts onwillekeurig. "Ze zet vast niet door."

Er gaat even overheen voor ze opnieuw met de arts praat. "Ze wilde wel en ze wilde niet", zegt haar vriend Patrick. "Ze voelde zich zo verantwoordelijk voor haar kinderen. Dat was het moeilijkst voor haar."

Gaby voert nog twee gesprekken met deze arts, die ook haar kinderen ontmoet. Haar zoon en dochter zeggen tegen de arts dat ze begrijpen dat hun moeder zo niet verder kan leven.

Ook tegen hun moeder zeggen ze het zo. Patrick: "Dan zeiden ze: mama, als het echt niet meer gaat, dan moet je ermee stoppen hoor."

Telkens als er een horde is genomen, is ze blij. "Maar ze moest ook wennen", zegt Patrick. "Het moest indalen. Als je hoort dat je weer iets verder bent in het proces, stap je niet zomaar die deur door. Euthanasie is niet iets dat je zomaar doet. Een tijdlang wisselde ze tussen: ik kan niet meer, en: ik kan nog even."

"Het moet kloppen", zegt Gaby steeds.

Patrick: "Als je zo'n keuze maakt voor euthanasie, maak je hem nooit voor honderd procent - ook op het laatst niet. Er is altijd een levensvonk in je. Altijd een paar procent die niet wil. Pas toen ze van iemand hoorde dat dit gevoel heel normaal was, vond ze rust."

In de tussentijd heeft Gaby ook een dodelijk poeder in huis gehaald - voor het geval dat het toch nog afketst.

Dan komt het gesprek met de onafhankelijke SCEN-arts, die het euthanasieverzoek toetst. Die concludeert dat aan alle zorgvuldigheidseisen is voldaan en dat ze ondraaglijk lijdt. Het mag.

"Na het laatste gesprek was ze zo opgelucht dat het mocht. Ze zei: pfffff, nu hoeft niemand me meer te geloven", vertelt Patrick. "Specialisten geloofden allemaal wel dat ze hieraan leed, maar het was moeilijk voor buitenstaanders om in te voelen hoe groot het lijden was."

Moeder Joan: "Ze heeft me verteld dat ze door de Levenseindekliniek nog de moed heeft gehad om het te rekken. Het gaf haar de tijd om het einde zorgvuldig voor te bereiden samen met de kinderen."

Patrick: "Ze heeft hen helemaal meegenomen in het proces."

In de laatste weken geeft ze met veel pijn en moeite nog een interview aan het programma Altijd Wat. Ze vertelt over het verantwoordelijkheidsgevoel voor haar kinderen. "De keuze is onmenselijk", zegt ze.

Op 1 maart 2014 overlijdt Gaby Olthuis (47) door het drinken van een dodelijk drankje. "Ga maar mama", zeggen de kinderen. "Laat maar los."

"Als ze geen kinderen had gehad, was ze er al veel langer niet meer geweest", zegt Patrick.

Onlangs hoorde hij dat de toetsingscommissie de euthanasie als "onzorgvuldig" heeft beoordeeld. Dat doet pijn, zegt hij. "Het voelt onterecht. En ook onzorgvuldig. Haar lijden was zo helder. Ik heb van dichtbij gezien hoe Gaby hoopte, hoe ze wilde genezen en hoe ze niet meer kon. Daar was niks vaags of psychiatrisch aan. Ze kon zeer goed verwoorden wat ze wilde. Ik blijf dankbaar dat het zo is gegaan."

"Ik ben blij dat mijn dochter uit haar lijden is verlost", zegt haar moeder Joan. "Hoe erg ik haar ook mis, dit kon zo niet doorgaan. Ze redde het niet meer op haar wilskracht. Ze wist dat ze mijn zegen had. Ik kon niet tegen haar zeggen dat ze voor haar kinderen moest blijven leven. Ik kon haar niet lastigvallen met al mijn gevoelens, al mijn verdriet. Daar ging het niet om. Het ging om haar."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234