Zaterdag 18/09/2021

'Natuurlijk is geen synoniem van goed'

De Orange Prize heeft ze dus, tegen de verwachtingen in, niet gewonnen, maar lees haar boek toch maar wèl. Witte tanden van Zadie Smith is in Groot-Brittannië vooralsnog de literaire sensatie van het jaar, en dat is terecht, billijk en rechtvaardig: na aftrek van alle hype eromheen hou je altijd nog een kloeke, levendige, amusante èn tot nadenken stemmende roman over; beslist geen zonde van uw tijd. Laat het dedaigneuze geneuzel van die enkele criticus die het aan zijn stand verplicht meende te zijn zich er minnetjes over uit te laten verwaaien op de wind - Salman Rushdie heeft gelijk: 'een verbluffend trefzeker debuut, grappig èn ernstig, met een geheel eigen schrijversstem. Ik was verrukt van Witte tanden, en vaak onder de indruk.' Zadie Smith is, begrijpelijkerwijze, gevleid door zoveel lof, maar blijft er nuchter onder: 'Iedereen noemt Witte tanden voortdurend ambitieus, maar ik zou niet weten wat er zo ambitieus aan is. Ik wilde gewoon een onderhoudend boek schrijven.'

door Herman Jacobs

Zadie Smith

Uit het Engels vertaald door Sophie Brinkman, Prometheus, Amsterdam, 407 p., 665 frank.

Wat ik maar oversla, als u het niet erg vindt, is de gebruikelijke flauwekul over hoe ze eruitziet (heel leuk, zie hiernaast - als dat misschien toch niet helemaal zo overkomt, heeft dat niets te maken met de kunde van de eminente portrettist die haar heeft vereeuwigd, maar moet het geweten worden aan de slapeloze nacht die ze zegt achter de rug te hebben als wij haar ontmoeten). Het is zo al moeilijk genoeg om niet in clichés te vervallen als het over Zadie Smith gaat. Want, ja, ze is piepjong (24), niet blank (Jamaicaanse moeder, Engelse vader) en slim (gediplomeerd aan King's College, Cambridge), en haar entree in de letteren mag komeetgelijk genoemd worden: ze heeft een riant contract getekend (250.000 pond, goed 16 miljoen frank, is het bedrag dat in de pers circuleert, voor twee romans), haast louter enthousiaste tot zeer enthousiaste kritieken gekregen en de BBC heeft eind vorige maand de rechten op haar boek gekocht voor een tv-serie. Aan potentieel qua humane interesse voor meerwaardezoekers geen gebrek.

Maar het boek is interessanter. Breed opgezet (462 pagina's in de Engelse editie), en door de schrijfster behendig en intelligent gecomponeerd zodat het nooit met zichzelf op de loop gaat - "Oorspronkelijk was het manuscript nog veel dikker, meer dan 700 bladzijden, maar zo'n omvang betekent alleen dat je als auteur geen greep meer hebt op je materiaal, vind ik" - vertelt het een geschiedenis van het naoorlogse Engeland waarin scherp wordt gesteld op enkele van de belangrijkste kwesties aan het einde van dit millennium: multi-etniciteit, religie in de moderne seculiere samenleving, de impact van technologie en wetenschap op ons aller leven.

Geen particuliere zieleroerseltjes dus, geen gekneusde ego-documentaire uit de emotioneel-erotische arena - verbazingwekkend genoeg voor iemand die zo jong is. Nee, fictie, èchte fictie. Zij het niet zo bedacht en gemaakt dat alleen academische tekstontleders er het water bij in de mond loopt: Witte tanden is een van leven bruisend boek, waarin bijna alle onderling zo verschillende personages zeer overtuigend tot een eigen leven worden gewekt.

Zadie Smith heeft een bewonderenswaardig vermogen zich in zeer uiteenlopende figuren in te leven. Neem Archie Jones, 47, Engelsman van joodse origine, die we op de openingspagina ontmoeten terwijl hij bezig is zichzelf op nieuwjaarsdag 1975 (Smiths geboortejaar) ergens in Londen te vergassen in zijn auto. Deze nobody, een voormalig mislukt baanrenner (op de Olympische Spelen in Londen van 1948 was hij ex aequo dertiende met een Zweedse gynaecoloog) die oorlogscorrespondent had willen worden, is uiteindelijk beland in een drukkerij, waar hij manieren bedenkt om papier te vouwen. Na zijn echtscheiding ziet hij er geen gat meer in - maar ook zijn zelfmoord wordt geen succes. Sterker: zes weken later is hij getrouwd met de zeer veel jongere, beeldschone Jamaicaanse Clara Bowden, dochter van de zeer godvrezende Hortense, lid van de kerk van Jehova's getuigen.

En dan is er Samad Miah Iqbal, een Bengaalse immigrant. Hij heeft gestudeerd, en voor Engeland gevochten in de Tweede Wereldoorlog (in hetzelfde "Kneuzenbataljon" als Archie Jones, trouwens, de grondslag voor hun latere onverbrekelijke vriendschap). Toch brengt hij het in Engeland, waar hij zich in de jaren zeventig heeft gevestigd (meer bepaald in Willesden, de Londense voorstad waar het grootste deel van Witte tanden speelt en waar ook Zadie Smith zelf woont), niet verder dan kelner in een Indiaas restaurant. Zijn (eveneens zeer veel jongere) vrouw Alsana heeft hij in zijn vaderland gezocht, in de hoop zijn leven te kunnen delen met iemand die niet door het Westen gecorrumpeerd is ("Mensen noemen het assimilatie, terwijl het niets anders is dan verwording. Verwording!"). Maar dat valt hem nog tegen: de vinnige Alsana, al is ze gesteld op fatsoen en decorum, is niet van plan het makke islamitische huisvrouwtje te spelen.

Steeds meer figuren bevolken gaandeweg het boek: Irie, dochter van Archie en Clara (die enige trekken deelt met haar maakster Zadie). De tweeling Millat en Magid van Samad en Alsana (van wie Magid door zijn vader op zijn tiende naar Bengalen wordt teruggestuurd om hem te redden van de Engelse 'verwording', en daar, ironie, jaren later Engelser dan David Niven uit terugkeert). Het links-liberale betere middenklasse-echtpaar Marcus en Joyce Chalfen, hij biogeneticus die aan zijn "ToekomstMuis©" werkt (een diertje dat totaal voorgeprogrammeerd verschillende vormen van kanker zal ontwikkelen, daarbij de kleur van zijn bruine vacht zal verliezen en in een albino veranderen, en dubbel zo lang zal leven als gewone muizen), zij schrijfster over tuinieren (Het gemoedsleven van kamerplanten). Hun zoon Joshua, die zich uitslooft om Irie tot de zijne te maken, terwijl zij het stevig te pakken heeft van Millat Iqbal. Die haar niet ziet staan en zich, na een periode van flink blowen en zoveel mogelijk meisjes naaien, in de armen stort van de integristische organisatie Keepers of the Eternal and Victorious Islamic Nation (KEVIN - "We zijn ons ervan bewust dat we een acroniemprobleem hebben"). Dan heb je ook de activisten van FATE nog (Fighting Animal Torture and Exploitation), die het niet zo begrepen hebben op Marcus Chalfens onderneming; en voorts, en verder, en, en, en - onmogelijk dit tragikomische universum helemaal te schetsen. Kortom: wat je noemt een ambitieus boek.

'Ja, dat zegt iedereen voortdurend," zegt Zadie Smith met een lachje, "maar ik zou niet weten wat er zo ambitieus aan is." Wel, het is in ieder geval niet het geijkte jongen-ontmoet-meisjeverhaal, om maar eens iets te noemen.

"Nee, oké. Het soort romans dat daar wel over gaat is overigens een heel recente ontwikkeling in de literaire geschiedenis.

"Witte tanden is een heel Engels boek, denk ik," gaat ze voort. "Het wil vooral gewoon een verhaal vertellen. Ik vind dat mensen die het ambitieus noemen erg lage verwachtingen hebben van wat een roman hoort te zijn. En ik wou een onderhoudend boek schrijven, niet dat zwaarwichtige. Over het Engeland van de afgelopen vijftig jaar, dat interesseert me erg, en over ras, en over genetica en de wetenschap, en over godsdienstige mensen die in een seculiere maatschappij leven. Dat allemaal samen kwam me als een zinnig geheel voor. Maar de beste uitwerking van alle ideeën die ik over die dingen had is in het boek zelf te vinden. Anders was het wel een verhandeling geworden, begrijp je? Het gaat wel om thema's of argumenten, net zoals bij een essay, ik schrijf niet zomaar wat, maar het blijkt gewoon dat die zich bij mij in de vorm van verhalen aandienen."

Uw boek heeft een erg vleiende aanbeveling gekregen van Salman Rushdie - ik veronderstel althans dat u ze flatterend vond.

"Zeker weten. Maar het was ook een heel bevreemdende ervaring. Ik kende Rushdie toen helemaal niet, ik bedoel, ik had hem nooit ontmoet, en ik had ook helemaal niets van hem gelezen, en plotseling vond ik een boodschap van hem op mijn antwoordapparaat. Die heb ik geloof ik wel vier weken op het bandje laten staan, tot het toestel ze wiste. Het was erg aardig van hem; hij weet ook wel dat een lovend stuk van hem pure reclame is voor een boek. En dat iemand die het zo druk heeft toch de moeite neemt om zo'n dik boek te gaan lezen - nee, ik vond het heel genereus van hem en ik was er heel verguld mee."

U bent ondertussen al vaak met hem vergeleken.

"Ja, maar ik geloof niet dat er werkelijk veel overeenkomsten zijn," zegt ze op een toon die verraadt dat ze hierover al meer verklaringen heeft moeten afleggen dan haar lief is. "Het is een slordige vergelijking, alleen gebaseerd op het feit dat ook ik Aziatische personages opvoer. Niet wat je noemt een bijzondere reden om twee boeken naast elkaar te zetten. Dat meen ik echt, ik vind de gelijkenis zelfs bijna onbestaande. Goed, Witte tanden heeft nogal wat gemeen met sommige boeken uit de jaren tachtig, en Rushdie is een van de schrijvers uit die periode, maar ik heb veel meer van Martin Amis gelezen, en ik denk dat er met zijn werk veel meer overeenkomsten te vinden zijn, als er dan toch per se vergeleken moet worden - ik heb er een hekel aan. 't Is trouwens ook een beledigende vergelijking, voor hem vanzelfsprekend, want laten we wel wezen, Rushdie is een buitengewoon bedreven schrijver, en ik kom nog maar net kijken.

"Oké, hij heeft het ook over het idee van integratie. Maar dat doet Caryl Phillips ook, en Naipaul, en nog zoveel andere Engelse schrijvers. Wat wel klopt is dat we, laten we zeggen, loten zijn van dezelfde stam. En we hebben allebei aan King's College gestudeerd. Anderzijds, Rushdie is een immigrant, en ik niet. Dat is een groot verschil."

Meer dan een recensent heeft erop gewezen dat u in de grond erg optimistisch bent over de multiculturele en multiraciale samenleving. In Witte tanden lijkt racisme een hinderlijk relict van fossiel denken - reëel en lastig, maar intellectueel een gepasseerd station. Vooral de jongere personages, welke oorsprong ze ook hebben, gaan volstrekt vanzelfsprekend met elkaar om.

"Wel, immigranten krijgen natuurlijk soms vijandige reacties. Maar ik heb me altijd erg thuis gevoeld in Willesden, en het is ook mijn thuis, daar hoef ik geen seconde over na te denken. Voor mijn jongste broer is het weer heel anders, die houdt er helemaal niet van, wil er weg - wat volgens mij niet per se iets te maken heeft met zijn culturele achtergrond, eerlijk gezegd. Dat kan dus heel verschillend uitpakken, zelfs binnen één gezin. Mij bevalt het uitstekend in Willesden, ik zou nergens anders willen wonen. Ik heb er nooit last gehad of zo. Het heeft een heel gemengde bevolking, sociaal gemengd dan, niet zozeer raciaal. Een heel klassieke Londense voorstad waar je heel rijke mensen hebt naast heel arme."

Kunt u mensen als Samad Iqbal begrijpen, of die jongens van KEVIN?

"Jazeker. Het probleem is dat veel mensen zich in zekere zin in tweeën delen en denken dat hun land van herkomst hun betere ik representeert, of de persoon die ze zouden willen zijn. Hun morele kant. En het land waar ze naar toe zijn gekomen associëren ze op een of andere manier met verval, corruptie. Dat is vragen om moeilijkheden natuurlijk.

"Al is het soms ook heel makkelijk om tot die overtuiging te komen. Als je om je heen kijkt in onze grote steden, dat is uit heel wat oogpunten niet zo'n opwekkend gezicht. En dan kan al licht de vraag bij je opkomen wat je hier in godsnaam bent komen zoeken, met alle drugs en geweld en verkrachtingen die je ziet. Nee, ik kan me die reactie wel voorstellen. Maar ik denk dat je, als je een beetje op je gemak wilt leven, afstand moet doen van zo'n geïdealiseerd droombeeld van jezelf.

"Samad probeert te leven in absoluut contrast met de gebruiken van de gemeenschap waar hij zich nu eenmaal in bevindt. Dat is iets waar seculiere staten mee zullen moeten leren om te gaan, dat er mensen zijn wier fundamentele overtuigingen in ieder opzicht haaks staan op die van zo'n seculiere omgeving. Ik heb daar ook een zekere bewondering voor. Ga d'r maar aan staan, als je zo wilt leven, dag na dag. De getuigen van Jehovah zijn daar het extreemste voorbeeld van. Verbazingwekkende mensen. En tegelijk volstrekt absurd, ik weet het, maar ik heb er wel een zekere sympathie voor. Het heeft geen zin om te doen of ze niet bestaan - je kunt zeggen wat je wilt, dat de getuigen van Jehovah getikt zijn, maar er zijn er wel zo'n 8 miljoen van."

Nou en?

"Je moet je op een of ander manier met zulke mensen verstaan, je kunt je er niet van afmaken door te zeggen dat ze krankzinnig zijn. Er is ook iets heel menselijks aan ze.

"Ik heb overigens zelf geen Jehovah-achtergrond, nee. Allemaal research. Ik ben compleet atheïstisch opgevoed. Het zou weleens kunnen dat daar mijn interesse voor godsdienst vandaan komt, trouwens. Van huis uit ken ik het helemaal niet, en dan word je nieuwsgierig. Ik althans wel."

Hebt u het gevoel dat u iets gemist hebt?

"Nee, nee, dat is het niet. Hoewel, dat is niet helemaal waar. Iederéén mist God, denk ik. De wereld mist God. Het is nogal deprimerend dat-Ie er niet is. Nou, dat is ook geen grote verrassing, wel?"

'Een van de kleine voorvallen die me op het idee brachten om Witte tanden te schrijven," vertelt ze na een pauze, "was op de bus in mijn buurt. Een aantal hindoevrouwen stond, ik weet niet, in het Punjabi of zo, met elkaar te praten, oude vrouwen, zestig, zeventig jaar. Aan één stuk door, heel luid en razend rap, wel een halfuur. Naast hen stond een blank meisje, en je kon zien dat die vrouwen haar woedend maakten. Zonder dat ze zelf wist waarom - omdat ze hen niet begreep misschien, of gewoon omdat ze er waren, of omdat ze zo luid praatten -, maar ze was me toch kwáád, de woede straalde van haar af. Wat mij nu in mijn boek interesseerde is dit: die reactie voelt soms haast natuurlijk aan, maar de vraag is of wat natuurlijk aanvoelt in feite ook juist is. En dat denk ik niet. Ik denk dat je soms al het mogelijke moet doen om wat spontaan in je opwelt tegen te gaan.

"Best mogelijk dat racisme een van de natuurlijkste dingen ter wereld is. Veel nationalisten van het slag van Jean-Marie Le Pen en dat soort mensen zullen je zeker ook vertellen dat dat zo is. Ik zal ze niet tegenspreken - maar dat is de kwestie niet. Het is evenmin onnatuurlijk om te sterven op je veertigste, of in het kraambed. Maar wat natuurlijk is hoeft daarom nog lang niet goed te zijn. Er is een enorm vooroordeel in de westerse cultuur dat de natuur altijd je ware is. Maar dat is onzin."

'Best mogelijk dat racisme een van de natuurlijkste dingen ter wereld is - maar dat is de kwestie niet'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234