Zondag 19/01/2020

NAPELS voor romantische zielen

Elena Ferrante. Onder dat mysterieuze pseudoniem verschenen vier wereldwijde bestsellers. Ze lokken een nieuw soort toerist naar het Italiaanse Napels, boekenwurmen die op zoek gaan naar het decor van cruciale passages. De Ferrante fever laait hoog op nu het slot verschenen is, en nu de identiteit van de schrijfster onthuld zou zijn. Tot grote woede van haar fans, die net het mysterie koesteren. Een literaire citytrip.

Raffaella Cerullo en Elena Greco, of kortweg Lila en Lenù, zoals de twee hoofdpersonages uit de Napolitaanse romans elkaar vier boeken lang noemen. Het zijn twee namen die door Ferrante-fans wereldwijd worden gekoesterd als waren ze de verpersoonlijkingen van de scheppende én verwoestende krachten die ze binnen in zichzelf voelen. Want dé literaire bestsellers van dit moment verhalen over vijftig jaar vriendschap tussen twee Napolitaanse vrouwen. Na De geniale vriendin, De nieuwe achternaam, Wie vlucht en wie blijft verscheen zopas het slot, Het verhaal van het verloren kind, in het Nederlands.

Met op de achtergrond een Italië dat in die vijf decennia op zijn grondvesten schudt - door misdaad, studentenprotesten, terreur, corruptie, en één enkele keer ook een aardbeving, die van 1980 in Napels. Nu ook de producers van Gomorrah de rechten hebben gekocht voor een 32-delige televisiereeks van Ferrantes kroniek, is het slechts een kwestie van tijd vooraleer nog meer vrouwen bevangen raken door de #ferrantefever en zichzelf in die twee meisjesnamen herkennen.

Lila: intuïtief, extravert, hoogst intelligent, maar ook agressief, hard, lichamelijk koud. Lenù: plichtsbewust, consciëntieus, eveneens hoogst intelligent, maar introvert, naïever, en misschien daardoor ook zoveel zinnelijker. Als kind delen ze een liefde voor boeken en dagdromen ze samen over schrijvend rijk worden, maar ze zijn ook elkaars tegenpolen. Hun vriendschap slingert van euforische piekmomenten van totale geestverwantschap naar ijzige diepten van meedogenloze rivaliteit, maar onderwijl worden ze evengoed met hun eigen tegenstrijdigheden geconfronteerd. In de volkswijk waar ze opgroeien en die wordt gedomineerd door de Camorra-broers de Solara's, moeten ze al vroeg kiezen tussen goed en kwaad. Als getrouwde vrouwen staan ze allebei voor de keuze: verzorgen of scheppen - onafhankelijkheid of overgave. Alleen Lenù heeft van de twee de ultieme keuze: in de bruisende helleput Napels blijven of verfijnder oorden opzoeken.

Want alleen Lenù mag verder leren: ze studeert af aan de universiteit van Pisa en vestigt zich in Firenze met haar echtgenoot, een jonge professor uit een vooraanstaand progressief geslacht. Lila moet in de schoenmakerij Cerullo van haar vader werken, en huwt al jong met een jongen uit de wijk: de kruidenier Stefano, zoon van de vermoorde woekeraar en fascist Don Achille. Lila moet blijven, Lenù kan weg - maar uiteindelijk, in het slotdeel Het verhaal van het verloren kind, vestigt ze zich toch weer in Napels. Wat maakt de stad aan de voet van de Vesuvius tegelijkertijd zo aantrekkelijk en afstotelijk?

Piazza dei Martiri

Napels, Piazza dei Martiri, september 2016. Wie de boeken van Elena Ferrante wil kopen, kan hier aan dit plein terecht in de grote boekenwinkel Feltrinelli, in dikke stapels liggen ze uitgestald. Van de schrijfster die haar identiteit zo angstvallig geheim houdt, is er weinig meer bekend dan dat ze geboren werd in Napels.

Ferrante-fans beschouwen die anonimiteit intussen als een relikwie: pas waren ze nog razend op de Italiaanse journalist Claudio Gatti, die schreef dat Anita Raja, een in Rome residerende vertaalster met een Napolitaanse vader, de vrouw zou zijn achter het pseudoniem. Via bankdocumenten was hij te weten gekomen dat Edizioni E/O, de uitgeverij van de Ferrante-boeken, deze vertaalster vanaf 2014 wel héél erg veel begon uit te betalen voor haar 'vertaalwerk'. Daarmee werd de these gelanceerd dat Raja en haar man, de schrijver Domenico Starnone, de boeken samen als koppel schrijven, à la Nicci French dus.

Ferrante-fans reageerden woedend: 'Pluis rekeningen na van camorristi en Berlusconi, maar laat onze auteur met rust!' - die teneur. Ferrante-fans houden net van hun mysterie, het geeft hen de vrijgeleide om naar Napels trekken en zich aldus dichter bij hun ongrijpbare idool te voelen. Ferrante-fans kennen de Feltrinelli-boekenwinkel op het Piazza dei Martiri van Het verhaal van het verloren kind: het is hier dat Lenù, tegen dan een succesvolle auteur, een boekpresentatie geeft.

Vechtpartij

Heel de omgeving van de Piazza dei Martiri heeft voor Ferrante-fans een bijzondere betekenis: het is op dit plein, in de dure wijk Chiaia, dat er in het eerste boek De geniale vriendin een gigantische vechtpartij ontstaat. Op een avond in de jaren vijftig wil Lila als jong meisje het elegante Napels verkennen, dus trekt ze met Lenù en een troepje vrienden uit de wijk voor het eerst naar Chiaia.

Lenù herinnert zich deze eerste kennismaking met het andere Napels als vernederend: terwijl de meisjes uit de volkswijk zich blind staren op de zorgeloosheid van hun welstellende, modieus geklede stadsgenotes, lijken zijzelf onzichtbaar voor deze elegante Napolitanen. Tot er op het Piazza dei Martiri een vechtpartij ontstaat tussen 'hun' jongens en een bende rijke jongens 'van de Via dei Mille': de meisjes slaan in paniek, het zijn uiteindelijk de camorristi Michele en Marcello Solara die in hun Fiat komen aangesnord om de jongens van 'hun' wijk te redden. Piazza dei Martiri is natuurlijk ook de plek waar Lila, eens ze getrouwd is, een schoenenwinkel uitbaat waar ze schoenen verkoopt die ze als klein vindingrijk meisje al ontwierp.

Vandaag is Chiaia nog steeds dé wijk in Napels waar je moet zijn om te (window)shoppen, het loopt er vol elegante Napolitanen én toeristen en qua schoenenwinkels heb je er ruime keuze. Elena Ferrante speelt in dat verband trouwens een subtiel spelletje met de lezer in Het verhaal van het verloren kind: ergens laat Lila, tegen dan een vrouw van middelbare leeftijd, vallen dat haar broer Rino, intussen aan lager wal geraakt, een even grote schoenenontwerper had kunnen worden als Salvatore Ferragamo. Op de Piazza dei Martiri kun je er vandaag niet naast kijken: de grote boetiek van, jawel, Salvatore Ferragamo.

Kids on scooters

Het is alsof mijn gps er helemaal radeloos van wordt, van die smalle hobbelige straten tussen die metershoge gevels vol drogend wasgoed. Continu raakt het toestel de weg kwijt en moet het zich heroriënteren. Mijn gehuurde Toyota is piepklein, maar er is geen centimeter over aan weerszijden van de auto. Wanneer ik moet 'uitwijken' voor een tegenligger, een scooter met daarop drie kinderen zonder helm, krijg ik haast een hartstilstand. De bestuurster daarentegen, die niet ouder is dan twaalf, alsook haar twee passagiers, een kale knikkebollende peuter vooraan en een breed lachende kleuter achterop, lijken zich alleen maar te amuseren.

Ik bevind me in de Rione Sanità: kinderen crossen hier onbekommerd rond terwijl ze eigenlijk op school zouden moeten zitten. Het is precies onderwijs, boeken en geleerdheid die Lenù en Lila als kinderen in de jaren vijftig als de grote ontsnappingsroute uit hun wijk beschouwen. Maar zoals gezegd: alleen Lenù mag verder studeren, Lila wordt verplicht om te gaan werken in de schoenmakerij van haar vader.

Spijbelend naar zee

Dat onderwijs nog steeds geen vanzelfsprekendheid is in de volkswijken van Napels, bewijzen de tientallen kinderen op scooters die tijdens de schooluren in Sanità rondtuffen. Maar dit kwartier, dat wereldberoemd werd door de film Ieri, Oggi, Domani van Vittorio de Sica uit 1963, met Sophia Loren in de hoofdrol, is nog niet de wijk waar Lila en Lenù hun jeugdjaren slijten. Daarvoor moet ik nog wat verder rijden, eerst richting het station, via de Corso Umberto - in de boeken de 'Rettifilo' genoemd, en eens ik aan het station op de Piazza Garibaldi ben, moet ik de Via Taddeo da Sessa op, die in de boeken de 'stradone' wordt genoemd.

De wijk waar de meisjes opgroeien, wordt in geen enkele van de vier delen bij naam genoemd. Maar hier en daar worden er wat geografische hints gegeven, nog het meest van alles in De geniale vriendin, in de passage waarin Lenù en Lila als schoolmeisjes een spijbeldag inplannen om met z'n tweeën naar zee te wandelen. Want de zee, die hebben ze nog nooit gezien. Het is een van de meest beklijvende scènes uit de boeken: de meisjes lopen de wijk uit door een tunnel, waarna een lange, rechte, troosteloze weg door een industriegebied hen naar de kust moet leiden. Maar onderweg begint het te regenen en wordt de normaliter zo stoere Lila - anders zelfs niet te beroerd om haar schoenmakersmes in de keel van cammorist Marcello Solara te duwen - bang, terwijl de zo beduchte Lenù nu net door wil stappen. Nog voor de kustlijn zelfs nog maar in zicht is, keren ze weer naar huis. Missie mislukt.

Als die tunnel de spoorwegtunnel is op de via Emanuele Gianturco, en als die straat de lange rechte weg naar zee is, dan is de plek waar Lila en Lenù opgroeien de Rione Luzzatti.

Case popolari

Anno 2016 zie ik nog steeds een verlopen volkswijk van gele appartementsblokken, zogenaamde case popolari die er in de jaren twintig werden neergepoot. Het is in deze straten dat de criminele Solora's in de boeken hun café hebben, waar de bakker dan ook maar zijn taartjes gaat verkopen. Waar ook schoenmakerij Cerullo is, die eveneens zwicht voor de intimidatie van de Solara's. Waar Stefano zijn kruidenierszaak heeft, uiteindelijk ook 'in financieel overleg' met de broers-cammoristi. Waar Lila en Lenù hun hele leven lang, elk op hun manier, blijven vechten tegen de wurggreep van de Camorra.

Ik rij langs het kerkje van Luzzatti, waarnaast het dode lichaam van Gigliola Spagnuolo wordt gevonden in boek vier. En het binnenplein, waar de gekke weduwe Melina haar hele huisraad aan diggelen gooit wanneer ze haar minnaar Donato met zijn gezin uit de wijk ziet verhuizen. Vandaag hangen jongeren in trainingspak rond op het pleintje, leunen opvallend veel bejaarden uit het raam van hun flat, zijn er weinig of geen winkels.

Blijven altijd in zicht in deze wijk: de Vesuvius aan de ene kant, die oude stille reus, en de wolkenkrabbers van het Centro Direzionale aan de andere kant, het businesscentrum van Napels dat ooit de vooruitgang moest symboliseren. Voor ik het goed en wel besef, ben ik Luzzatti alweer uitgereden en ben ik op weg naar de wijk Poggioreale, waar de gelijknamige gevangenis is uit de boeken en waar timmerman Alfredo Peluso levenslang wordt opgesloten voor de moord op de fascist Don Achille. In een tunnel richting Poggioreale zie ik een prostituee wachtend op klanten, het blijkt een man in vrouwenkleren te zijn. Wat Luzzatti vooral bij me achterlaat, is een indruk van totale troosteloosheid.

Afrekeningen

De huidige burgemeester van Napels, Luigi de Magistris, doet er alles aan om zijn stad toeristvriendelijk te maken. Zo wordt er in het centrum beduidend meer vuilnis opgehaald in de winkelstraten dan tot voor kort het geval was. Maar Napels mag dan na de antireclame van Roberto Saviano's Gomorrah dankbare postergirls hebben gevonden in Lila en Lenù, er valt nog heel wat meer op te ruimen dan vuilnis om van de stad een literair bedevaartsoord te maken.

Lokale gidsen raden Ferrante-adepten ten stelligste af om zich 's avonds te begeven in de Rione Luzzatti: er sterven geregeld Camorraleden op straat in afrekeningen. "Hier heeft de staat niks te zeggen", schreef de krant Il Fatto Quotidiano nog niet zo lang geleden over de wijk, en ook: "Luzzatti is als een chronische ziekte."

De Rione Luzzatti is vandaag in handen van de clan rond Vincenzo Mazzarella, bijgenaamd ''O Pazzo', 'De Gek'. Hij houdt zich schuil in een villa pal in het midden van de wijk, met kogelvrije ramen en een metaaldetector aan de deur. Een tijdlang hield 'O Pazzo' zelfs een luipaard geketend in zijn tuin, en de beste restaurants van Napels komen hem maaltijden leveren aan huis. Kortom: de Rione Luzzatti is anno 2016 een bolwerk van de camorra.

"Als de liefde ontbreekt, verdort niet alleen het leven van de mensen, maar ook dat van de steden." Een uitspraak van de jonge Lila uit De geniale vriendin, die ook vandaag nog van toepassing blijkt op haar wijk.

Op bloed gebouwd

Als volwassen, eerder verbitterde vrouw in het vierde boek vergelijkt ze Napels, de hele wereld zelfs, met de kerk van San Giovanni a Carbonara in Napels. Die werd gebouwd op een vuilnisbelt, de Fosso Carbonario: ooit een dampende blubberput vol slachtafval en uitwerpselen waar werd gevochten en gemoord. Een mooie kerk op een bloederige vuilnisbelt: geen treffender beeld om het dubieuze karakter van Napels, een stad die evenzeer aantrekt als afstoot, te vatten.

Tot slot nog deze anekdote, die bewijst hoezeer misdaad in Napels verweven is met het alledaagse leven. Vlak voor mijn terugvlucht wil ik in het kleine Feltrinelli-filiaal in luchthaven Capodichino nog een schriftje kopen. De Napolitaanse romans van Ferrante, maar ook Frantumaglia, een bundeling met onder andere zeldzame emailinterviews met de auteur, liggen in dikke stapels uitgestald naast de toonbank.

De verkoopster bekijkt en betast het briefje van 50 euro waarmee ik wil betalen. "Dit briefje is vals", zegt ze. Ik schrik. "Kan niet, het komt uit de muur", protesteer ik. "Oké," antwoordt ze, "dan bellen we de politie.'' En ik besef ineens waar het moet gebeurd zijn: een halfuur geleden, in het Esso-tankstation vlak naast de luchthaven, waar ik nog snel de tank van mijn huurauto liet vullen.

Een 'pompbediende' met een pak geldbriefjes in z'n handen stapte op me af en aanvaardde eerst een briefje van 50, om me dan te vragen of ik niet kon passen. Ik zocht braaf het gepaste geld bijeen, de 'pompbediende' gaf me 'mijn' briefje van 50 terug. Een vals briefje dus.

De Lila in mij wou prompt terugkeren naar het tankstation en de crimineel een schoenmakersmes op z'n keel zetten, de Lenù in mij nam het vliegtuig naar huis en schreef er een stuk over.

Het verhaal van het verloren kind, het vierde en laatste deel van de Napolitaanse romans, verscheen bij Wereldbibliotheek, 24,99 euro



Een ijsje, een Aperol Spritz of een sfogliatella - dé Napolitaanse specialiteit, een gebakje gevuld met ricotta - nergens in Napels smaakt het zo goed als op dit terras. Gesticht in 1860 is Gran Caffé Gambrinus een instituut: aan het begin van boek vier trakteert de imposante bakkersdochter/

Camorra-echtgenote Gigliola Spagnuolo Lenù en haar dochtertjes hier op zoetigheid. Via Chiaia, 1/2, Napels, grancaffegambrinus.com

Lenù bezoekt 'de pinacotheek van Capodimonte'. Dit museum herbergt werkt van o.a. El Greco, Titiaan en Bruegel. Lila weigert in boek drie de raad van de dokter om te gaan wandelen in het vorstelijke park rondom het museum, maar doe het vooral lekker wél: het is een oase van rust.

Via Miano, 2, Napels, +39 081 749 9111, museocapodimonte. beniculturali.it

Posillipo

Ergens tussen de wijken Posillipo en Mergellina bevindt zich Sea Garden, de strandclub waar Lenù een vakantiejob krijgt als kinderoppas, terwijl Lila zich er diezelfde zomer glamoureus vertoont in badpak à la Jackie Kennedy. Zoek echter niet naar deze beach club, hij bestaat alleen in de boeken. Let in het chique Posillipo wél op het 'Bagno Elena': het historische lido waaraan Ferrante misschien wel de naam van haar protagoniste (en zichzelf?) onttrok. Later in het kwartet zal Michele Solara, de kwaadaardigste van de twee broers-cammoristi, zich in het dure Posillipo een huis kopen, om zijn status te onderstrepen. Wie vandaag door Posillipo wandelt, kan er Dries Mertens tegen het lijf lopen, want het is ook hier dat de voetballer een huis con vista al mare betrekt.

Eén van de drie eilanden in de Golfo di Napoli. Het eiland waar Lila en Lenù in De Nieuwe Achternaam een even zinnenprikkelende als dramatische zomer meemaken. Wie wil kuren, is in Ischia aan het juiste adres: er zijn tal van (luxueuze) spahotels.

L'Albergo Della Regina Isabella (luxehotel en -spa), Piazza Santa Restituta, 1, 80076 Lacco Ameno, +39 081 994322, reginaisabella.com

Ook Vomero is een duurdere wijk van Napels. Het is hier dat Lenù naar een feestje gaat bij haar lerares thuis, waar ze haar platonische geliefde Nino terugziet en waar Lila zich buitengesloten voelt omdat ze - in tegenstelling tot de mooie welstellende jongens en meisjes in de kamer - niet meer studeert. Wanneer Lenù als volwassen vrouw terugkeert naar Napels, vestigt ze zich op de via Tasso in Vomero. Bezienswaardigheden in Vomero: art-decovillas en zeezichten.

ADRESJES

Piazza dei Martiri is een must voor Ferrante-fans, maar tal van adressen en buurten in en rond Napels refereren aan Het Napolitaanse Kwartet. Een zakgidsje.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234