Woensdag 12/08/2020
Beeld Pexels

lust&liefde

"Nancy, in het Ierse café op dat Spaanse eiland, gaf me voor het eerst het gevoel dat ik een kerel was"

Een ontmoeting als een vulkaanuitbarsting. De vonk die Louis (69) voelde voor Nancy, dertig jaar geleden, was zo vurig dat ze nog altijd niet is uitgedoofd. Zijn vrouw – niet Nancy – legt zich er maar bij neer.

Mijn vrouw vraagt weleens, als ik over de Ierse Nancy praat: was je niet liever met haar getrouwd? Een vreemde opmerking, want wij zijn heel gelukkig samen en dertig jaar geleden was ik natuurlijk een andere man dan nu. 

En toch, als ik eerlijk ben, luidt het antwoord: ja, misschien wel. Ik heb ooit een gedicht geschreven over waarom tornado’s altijd vrouwennamen hebben: Nancy kwam als een tornado op en ik zat er meteen middenin. Het was in een Iers café op Mallorca in 1986. Ik was 38 en net gescheiden van mijn eerste echtgenote. Nancy zat aan de bar, ik keek haar aan en wist: deze vrouw heb ik mijn leven lang gemist. Een verschijning die mij van op afstand raakte. Ze kwam bij me zitten en ik vroeg haar: ‘Waarom zie ik je nu pas?’ Het klinkt als een
pick up line, maar ik meende het en kon niks anders uitbrengen. Onder haar blik veranderde ik in een man die ik nooit eerder was geweest. Ze aarzelde niet om mij haar leven en lot in handen te geven. Het was alsof ze ter plekke besloot dat wij voor elkaar bestemd waren en alsof alle bestaande kaders, grenzen, oplosten. Kleuren werden feller, de Ierse muziek opzwepender.

“Een meter zeventig was ze, met blond krullend haar en een vrolijkheid die alle kanten opspatte. De manier waarop ze de ruimte vulde met haar lichte danspassen, liet mij van het ene op het andere moment talloze mogelijkheden en schakeringen zien, die ik nooit eerder gewaar was geworden. Tot dan toe had ik me erbij neergelegd dat ik van vrouwen niet veel kon verwachten. Mijn moeder had er nooit een geheim van gemaakt dat ze eigenlijk geen zoon had willen hebben en de vrouw met wie ik trouwde toen ik 20 was, was niet meer dan een vlucht uit het ouderlijk gezin. En nu stond Nancy daar in het Ierse café op dat Spaanse eiland en ze gaf me voor het eerst het gevoel dat ik een kerel was.

“We deden die avond niks bijzonders, gaven elkaar een kus, en gingen naar het strand waar we hand in hand langs de zee liepen. Maar in mijn hart brandde het. Tijdens de jaren daarvoor was ik langzaam in het leven gegroeid, en nu ineens was er sprake van een enorme vulkanische eruptie, die alles, alles in een ander perspectief zette. Ter vergelijking: de kennismaking met mijn ­huidige vrouw zou, jaren later, heel anders lopen. Wij vonden elkaar aardig, zochten elkaars gezelschap, en langzaam werd het liefde. En misschien is dat wel veel beter dan met een dolle kop ergens in hollen. Maar mijn god, hoe overweldigend was de Ierse Nancy. Ze kwam al vrij snel bij me wonen, ook al had ze een man en twee kinderen van 16 en 18. De eerste maand was geweldig, toen begon haar vrolijkheid te verbleken. Ze miste het sociale leven van Dublin. Ze zat hier de hele dag thuis, met uitzondering van de uren die ze in de cursus Nederlands doorbracht.

“Na vier maanden is ze teruggegaan en ze zei: als je een vrouw vindt, laat haar dan goed voor je zorgen. Dat was dat. De breuk was radicaal, ik heb al haar brieven verbrand. Ik hield zo extreem veel van haar dat ik haar niet met een overzeese wurggreep vol vage beloften aan me wilde binden. Zij had nog altijd iets uit te vechten met die man, haar kinderen misten haar. Het afscheid was zo al ingewikkeld genoeg. Ja, wij waren voor elkaar bestemd, dat vonden we beiden. En ja, later zouden we elkaar zeker nog eens ontmoeten en hopelijk onze liefde kunnen voortzetten met een gedeeld dagelijks leven. Maar nu moest ik haar een kans geven gelukkig te worden in haar eigen omgeving.

“Ik weet niet of spijt het goede woord is als ik terugdenk aan die beslissing. Ik denk oprecht dat er geen andere keuze was. Ik gunde mezelf een aantal jaren om bij te komen van deze intense liefde en tegen de tijd dat ik mijn huidige vrouw twintig jaar geleden leerde kennen, kon ik mij opnieuw voluit geven. Maar ook toen bleef er die rimpeling, een onderstroom in mijn gevoelsleven, die weliswaar de liefde voor mijn vrouw niet in de weg stond, al was het maar omdat zij en Nancy zo verschillend waren, maar die onmiskenbaar sterk was en bepaald werd door mijn gevoel voor Nancy. Het gebeurde dat ik met mijn vrouw op reis was, en op een ver strand ineens hevig aan Nancy moest denken. Alsof ze sinds Mallorca een kracht was gebleven die altijd zou blijven bestaan. Zij hield zo van muziek en van mij, ze was zo aanstekelijk levendig en liefdevol. In haar ogen kon ik eenvoudig niks fout doen. Dat veroorzaakte geen hoogmoed, maar vrijheid. Wij waren verbonden door gebrek aan schaamte. Misschien, denk ik met het analytisch vermogen van een oude man, had ik wel een moeder als zij willen hebben. Zij was de eerste vrouw bij wie ik me geborgen voelde. Nancy sprak me aan op, nee, ontwaakte mijn mannelijkheid.

“Kort geleden is ze overleden. Het bericht bereikte me via haar zus. Sinds een tijdje waren we, met respect voor elkaars levens en huwelijken, voorzichtig een briefwisseling begonnen; eens in de paar maanden schreven we elkaar. Zij had wonderlijk genoeg in de jaren dat we geen contact hadden, eenzelfde ontwikkeling doorgemaakt als ik. Net als ik bleek ze te schilderen en dichten, we hadden elkaar zoveel te vertellen. En ik wist wel dat ze borstkanker had gehad, maar toch kwam haar dood als een pijnlijke en wezenloze verrassing. Ik was altijd blijven geloven in een zekere weg terug. Om mezelf van haar dood te overtuigen, bezocht ik haar graf in Dublin. Daar heb ik een brief neergelegd, waarin ik schreef dat ik het intens betreurde haar te hebben laten gaan. Ik denk nog vaak aan haar, hoe kan het anders. Zij was de eerste vrouw die mij heeft verzoend met mijzelf.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234