Vrijdag 29/05/2020
Eva Van Den Eynde met haar zonen Emile (10, links) en Mats (12, rechts).

CoronacrisisOnderwijs

Na vakantie komt 'preteaching': zo gaan leraars, kinderen én ouders met de nieuwe leerstof om

Eva Van Den Eynde met haar zonen Emile (10, links) en Mats (12, rechts). Beeld Wouter Maeckelberghe

De eerste dag na de paasvakantie bracht een nieuw modewoord naar de lagere en secundaire scholen: ‘preteaching’. Hoe verteerden leerkrachten, leerlingen en ouders de nieuwe leerstof?

Eva Van den Eynde (41): ‘Knotsgekke preteaching voormiddag’

“De communicatie vanuit de scholen verliep eigenlijk vrij vlot, het zijn vooral al die verschillende platformen die het vandaag erg ingewikkeld maakten”, vertelt freelance journalist en copywriter Eva Van den Eynde (41) over de eerste dag na de paasvakantie. Terwijl haar jongste zoon Emile (10) in de voormiddag een Teams-meeting had met de juf, volgde haar oudste zoon Mats (12) een live les Frans via het platform Smartschool, dat diezelfde voormiddag door overbelasting geteisterd werd. “En dat terwijl ik zelf een aantal meetings gepland had. Nog een geluk dat we hier genoeg computers hebben, dat is niet bij iedereen het geval.”

Een “knotsgekke preteaching voormiddag”, beschrijft ze het op sociale media. “Mijn oudste zoon kan ik gelukkig al goed alleen laten. Als er iets niet duidelijk is, komt hij het wel vragen. Mijn jongste heeft echter nog een-op-een-begeleiding nodig. Wat uitleg over de negatieve getallen van wiskunde bijvoorbeeld, maar ook om die klasmeeting op gang te trekken. Dat moet allemaal terwijl ik eigenlijk zelf aan het werk zou moeten zijn.” In de namiddag lijkt de chaos al niet veel beter. Om te bellen moet Mats zijn muzikale opdracht – een eigen compositie op, jawel, potten en pannen – even op pauze zetten. “Muziekles lijkt me nochtans niet zo essentieel op dit moment.”

“Als alleenstaande moeder ben ik wel wat gewend, maar de situatie lijkt me op dit moment niet zo realistisch. Het is puzzelen ‘waar’ en ‘hoe’, maar voor mijn zoon in het middelbaar liggen die lesuren wel vast natuurlijk”, zegt Van den Eynde.

“Ik heb mijn kinderen wat moeten klaarstomen: ‘Het is vanaf maandag geen vakantie meer.’ Voordien voelden die takenbundels toch een beetje aan als een vakantieblaadje, maar nu gaat het over nieuwe leerstof. Ik hoop vooral dat leerkrachten, wanneer de scholen weer open zouden gaan, niet zomaar de draad oppikken waar ze die zelf hebben neergelegd. Er moet echtmarge zijn voor de kinderen die niet op dat gewenste punt zijn geraakt.”

Mieke Van Hyfte, leerkracht Frans, samen met haar zoon: ‘Ik was vooraf best zenuwachtig voor mijn eerste liveles met preteaching, maar die liep vrij vlekkeloos.’Beeld Wouter Van Vooren

Mieke Van Hyfte (47) en haar zoon Brent (11): ‘We hebben vanochtend al even ruzie gemaakt’

“We hebben vanochtend al even ruzie gemaakt. Ik was nogal moe, had weinig zin en gaf gewoon wat random antwoorden”, vertelt Brent over het op gang komen van de eerste lesdag. Zijn moeder Mieke Van Hyfte, leerkracht Frans in de eerste graad van het VTI Eeklo, noemt het beroepsmisvorming. “We werken samen in de woonkamer en ik kan het moeilijk laten om hem in de gaten te houden, dat ben ik nu eenmaal gewend. Al zal het af en toe gebeuren dat mijn lessen met zijn opdrachten overlappen”, zegt ze. “Ik ervaar het eigenlijk als een luxesituatie dat we vaak samen zitten. Mijn zus en haar man moeten zowat zeven op zeven werken, hun kind zit erg vaak alleen en dat bezorgt hen veel stress.”

“Ik probeer het positief te bekijken”, zegt Brent over de nieuwe leerstof. “Ik leer sowieso graag bij. De leerstof onder de knie krijgen is moeilijker dan in de klas, maar we kunnen de juf altijd bereiken met vragen. De opdrachten die ik vandaag moest doen, zijn alvast goed gelukt.” Voor wiskunde stond de oppervlakte van een ruit op het programma, voor Nederlands onderwerp en werkwoord en voor Frans een leesoefening. Volgens zijn juf Tania Bruggeman was het in de paasvakantie alvast een fulltimejob om alles online te krijgen. “Het was pokkeveel werk en je loopt tegen heel wat grenzen aan. Begrijpend lezen bijvoorbeeld, daar moet je echt voor kunnen praten en overleggen. Alles digitaal, daar geloof ik niet in.”

Volgens Brents moeder is het nochtans mede door de digitale visie van de juf – precorona was die klemtoon er al –  dat het vinden van de juiste platformen en applicaties zo vlot gaat voor de meeste klasgenoten. “Vlotter dan bij mijn studenten in het eerste middelbaar, heb ik de indruk”, zegt Van Hyfte. “Ik was vooraf best zenuwachtig voor mijn eerste liveles met preteaching, maar die liep vrij vlekkeloos. Voor mijn andere klas houd ik mijn hart vast. Een drietal leerlingen is voor de paasvakantie zo’n beetje van de aardbodem verdwenen, ik hoop dat ik ze voor die nieuwe leerstof te zien krijg.”

Julien Serryn, student houtbewerking. ‘Vooral het ontbreken van de praktijk is erg ambetant.’Beeld Eric de Mildt

Julien Serreyn (15): ‘Voor sommige zaken heb ik de machines op school nodig’

“Enkel voor wiskunde hebben we nu een soort filmpje doorgekregen waarbij de leerkracht uitleg geeft bij een powerpoint, verder blijft die nieuwe leerstof toch vooral beperkt bij taken”, zegt Julien Serreyn (15), die houtbewerking studeert aan het VTI Brugge. Het lijkt allemaal een beetje te traag te verlopen naar zijn zin. “Als ik een vraag heb, moet ik die mailen, waarna ik pas de volgende dag antwoord krijg en verder kan met die taak. In de klas steek je gewoon je vinger op. Voor wiskunde kan ik gelukkig bij mijn papa terecht, want hij werkt bij de bank.

“Voor een aantal leerlingen die al moeite hadden, zal het nu nog moeilijker worden. Vooral het ontbreken van de praktijk is erg ambetant.” De hele reden waarom hij voor houtbewerking koos, de praktijk die een kwart van de lessen inneemt, staat namelijk zo goed als on hold. “Volgend jaar krijgen we wellicht de rekening gepresenteerd.” Heel wat directeurs van technische of beroepsscholen waarschuwden al dat preteaching geen evidentie is voor de ‘werkers’ en ‘makers’ die er resideren.

“Het hele jaar staat in het teken van een bureau maken, dat is ons hoofdwerk. Maar ik betwijfel of dat nog af zal geraken”, zucht Julien. “Ik heb nog wel mijn werkkoffer mee naar huis, en kan dus wat kleine stukken afwerken, maar voor sommige zaken heb ik nu eenmaal de machines op school nodig. Ik begrijp wel ergens dat ze die ateliers niet kunnen openstellen, zelfs voor beperktere groepen. Je raakt van alles aan en tikt constant gegevens in op de schermen. Op een hele dag zou je wellicht maar een paar uurtjes kunnen werken omdat je zo veel moeite zou moeten doen om alles te ontsmetten.”

De schoollast blijft op die manier beperkt – net als de uitdaging. “Ik weet dat ik die taken, die op het einde van de week ingediend moeten worden, op een dag of twee zeker afgewerkt krijg. Die heb ik nu bijvoorbeeld op dinsdag en woensdag ingepland, de andere dagen ben ik aan de slag bij een tuinaannemer. Zo houd ik me tenminste bezig en ik verdien er een cent mee.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234