Vrijdag 24/01/2020

Na Diana

Weer liggen er bloemen voor de goudkleurige hekken van Kensington Palace, maar drie op vier rouwenden zijn buitenlandse toeristen. Een herdenkingswandeling in Londen twee weekends geleden lokte slechts tweehonderd mensen, terwijl de organisatoren er tienduizend hadden verwacht. Een jaar na de onverwachte dood van prinses Diana lijkt Groot-Brittannië in de greep van een zogenaamde 'Diana fatigue'. Was de massale uitbarsting van verdriet vorige zomer alleen maar een tijdelijke relaps van de Britse 'stiff upper lip' of kent Albion ondertussen toch een genereuzer, meevoelender soort samenleving? En hoe staat het met de twee instellingen die vlak na de dood van de prinses het meest onder vuur kwamen te liggen: de monarchie en de pers?

Volgens een opiniepeiling georganiseerd door de Britse krant The Guardian is een meerderheid van de Britten het eens met de uitspraak van Tony Blair op de Labourconferentie dat zij na de dood van Diana in een 'genereuzer' tijdperk leven. Vrouwen (56 procent) zijn het daar meer mee eens dan mannen (48 procent).

"Allemaal goed en wel, maar hoe meet je zoiets?", vraagt socioloog Anthony Barnett zich af. "Als wij inderdaad meer met elkaar meeleven, wordt dat in elk geval niet vertaald in de bedragen die we bijvoorbeeld aan liefdadigheid uitgeven. Geen enkele liefdadigheidsinstelling meldt meer inkomsten sedert de dood van de prinses. Ook op politiek vlak is er niet echt een doorbraak van het grote sociale initiatief te bespeuren, ondanks het feit dat Blair steeds vaker in hemdsmouwen voor de camera verschijnt. Iets aannemelijker, hoewel evenmin meet- of tastbaar vind ik de vaststelling dat Britten sedert augustus vorig jaar minder moeite hebben met het uiten van emoties. Men is toleranter geworden tegenover wat vroeger nogal eens laatdunkend als 'psycho-babble' werd afgedaan. Maar om ernstige conclusies te trekken omtrent 'the mood of the nation' is het na een jaar veel te vroeg. Ik verwacht dat we pas over een vijftiental jaar kunnen zeggen of Diana's dood inderdaad een keerpunt is geweest in de evolutie van onze nationale psyche."

Op andere vlakken is de invloed van Diana's dood makkelijker te onderzoeken. De twee instellingen die in de weken na haar dood het meest kritiek kregen, de media en de koninklijke familie, deden ondertussen wel degelijk aan restyling. "Elke uitgever, elke journalist die ooit foto' s van paparazzi bestelde, heeft bloed aan zijn handen", donderde Diana's broer Charles Spencer op de begrafenis vanaf het spreekgestoelte in Westminster Abbey. Drie weken later beloofden de krantenuitgevers tijdens een ontmoeting met Lord Wakeham, voorzitter van de Press Complaints Commission, om een einde te maken aan sommige 'verwerpelijke praktijken'. Hebben ze ook woord gehouden?

"In zeker zin wel", antwoordt Peter Cole, professor journalistiek aan de universiteit van Central Lancashire. "Zelfs de tabloids publiceren niet langer paparazzi-foto's van de royals, en zeker wat William en Harry betreft is er geen sprake meer van media-intrusie."

Phil Hall, de uitgever van 'News of the World', beschreef onlangs in The Guardian hoe hij van gewone burgers, geen paparazzi, twee foto's aangeboden kreeg. De ene toonde prins William met zijn armen om een mooi meisje, de andere prins Harry die zonder veiligheidshelm langs een touw een steile helling afdaalde. "De beslissing over welke we zouden publiceren en welke niet, was niet makkelijk. De prinsen moeten de kans krijgen om op te groeien zonder dat ze elk moment bespied worden. Maar prins Harry werd aan risico's blootgesteld door volwassenen die beter moesten weten. Dan is het gerechtvaardigd voor een krant om die fouten aan te klagen."

Van stalkers tot beschermers van de koninklijke familie: hoe geloofwaardig is deze metamorfose? "Geloofwaardig in die zin dat ze gedreven wordt door commerciële motieven", oordeelt Cole: "De Britten stellen zich heel beschermend op ten opzichte van William en Harry en zouden niet dulden dat hun privacy geschonden wordt. Maar er zijn nog genoeg ontsporingen: het uitlekken van de ontmoeting tussen William en Camilla Parker-Bowles bijvoorbeeld."

En dan is er natuurlijik de monarchie. De koningin is van plan om minister van Financiën Gordon Brown een extra 60 miljoen te vragen voor de financiering van een campagne in scholen en universiteiten. De bedoeling ervan is aantonen dat de monarchie een centrale rol blijft spelen in het openbare leven, met de koningin als een verzoenende invloed bovenaan de ongeschreven Britse grondwet. "De hele bedoeling van de huidige modernisering van de monarchie is niets anders dan restauratie", schrijft historicus A.N. Wilson. "Men wil koste wat het kost de verering terug die de monarchie vroeger ten deel viel. Je kunt veranderen om zoveel mogelijk van het verleden te behouden, en je kunt veranderen om de toekomst zoveel mogelijk zelf in handen te hebben. De royals kiezen voor het eerste."

De week voor de begrafenis van Diana bracht de koninklijke familie nooit eerder geziene vernederingen. Ze werd afgeschilderd als koud, formeel en 'out of touch' en de koningin moest via een televisietoespraak haar onderdanen ervan overtuigen dat ze wel degelijk verdriet had om Diana en nederig toegeven dat uit haar leven lessen moesten geleerd worden. Niet lang daarna installeerde Elizabeth in Buckingham Palace de 'Way Ahead Group', die de monarchie van haar gedateerde imago moet afhelpen, en stelde ze Simon Lewis aan als 'communications director' - en geen 'spin doctor', zoals Buckingham Palace liet corrigeren. In haar agenda is meer plaats ingeruimd voor informele bezoeken, en ze laat zich al eens fotograferen in gezelschap van een popzangeres. Maar echt ingrijpende veranderingen, zoals bijvoorbeeld het rationaliseren van de Civil List, laten op zich wachten, en het ziet ernaar uit dat de Britse publieke opinie zich niet voor de gek laat houden.

Maar liefst 69 procent van de Britten - in vergelijking tot 79 procent vorig jaar - vindt nog altijd dat de koninklijke familie niet op de golflengte zit van de 'gewone mensen '. Tien opeenvolgende jaren bleek uit de opiniepeilingen van The Guardian dat de steun voor de koninklijke familie 70 procent bedroeg, tot die in augustus afgelopen jaar drastisch daalde naar onder de 50 procent. Onmiddellijk na de begrafenis, die door velen werd beschouwd als een inhaalmaneuver van de royals, steeg het aantal verdedigers van de monarchie tot 55 procent. Dit aandeel is nu opnieuw geslonken naar 52 procent. Een groeiende aversie jegens de koninklijke familie valt vooral te bespeuren bij 18- tot 24- jarigen, van 36 procent afgelopen augustus tot 49 procent vandaag. Royals scoren het best in de leeftijdsgroep van 35- tot 64-jarigen.

Prins Charles is de grote uitzondering. Voor het eerst in vier jaar oordeelt de meerderheid van de Britten dat hij een goede koning zou zijn. Volgens dezelfde opiniepeiling in The Guardian antwoordde 54 procent van de ondervraagden bevestigend op de vraag of Charles een goede koning zou zijn. Vorig jaar in oktober was nog maar 40 procent daarvan overtuigd. Daarmee komt ook een einde aan de speculatie als zou Charles de troon overlaten aan zijn oudste zoon William.

De resultaten tonen aan dat de inspanningen van zijn staf om de prins vlotter, moderner en toegankelijker te laten overkomen wel vruchten afwerpen. Zijn buitenlandse reis naar Zuid-Afrika afgelopen najaar, waarbij hij tijd nam voor informele babbels met de pers en ook een praatje sloeg met de Spice Girls, is daarvan een voorbeeld, net als de trip naar een WK-voetbalwedstrijd met zijn jongste zoon Harry. De Britten appreciëren ook ten zeerste dat Charles zijn rol als vader steeds actiever is gaan invullen. Sedert het overlijden van hun moeder houdt hij zijn officiële agenda vrij tijdens de schoolvakanties van William en Harry.

Zijn naaste medewerkers ontkennen evenwel dat de prins een 'public-relationsoffensief' begonnen is. "De Charles die het publiek nu ziet, is dezelfde van vroeger", lieten zij weten, "maar de directe competitie met prinses Diana werkte altijd in zijn nadeel. Nu hij het voetlicht niet langer hoeft te delen, kan hij eindelijk zijn kwaliteiten tonen."Hilde Sabbe

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234