Zaterdag 26/11/2022

EssayEmma Curvers

Na de controverse over de ‘tietencover’ van ‘Linda’: ‘Preutsheid is, op een bepaalde manier, wél de nieuwe vijand van de vrouw’

null Beeld Zeloot
Beeld Zeloot

De recente mediarel in Nederland over de ‘tietencover’ van het blad Linda legt een diepere onvrede met het populaire feminisme bloot. En terecht, vindt journalist Emma Curvers: de obsessie met het lichaam helpt vrouwen niet vooruit.

Emma Curvers

Er werd gehoopt op discussie, en die kwam er, alleen niet in de gewenste vorm. Vrouwenblad Linda bracht op de cover van het septembernummer negen stralende bekende vrouwen die hun blote borsten eigenhandig bedekten. Het blad “vierde de tiet”, en dat bleek, al bladerend, te mogen worden opgevat als een licht-feministisch statement: “Aangejaagd door sociale media als Instagram, dat vrouwentepels censureert maar mannentepels ongemoeid laat, waait er een nieuwe, preutse wind door de maatschappij”, stond in het redactioneel artikel.

Er is al een boel gezegd over Linda’s ‘tettencover’, vooral over de smalle selectie van overwegend witte, fitte vrouwen met pronte borsten. “Schijnfeminisme”, noemde Janneke de Bijl het bij De Nieuws BV. Presentatrice Geraldine Kemper, in het blad halfbloot op de foto, bood zelfs haar excuses aan voor haar deelname aan het nummer. En toch is er reden om er nog eens op terug te komen. Want onder de ophef om Linda’s tietenparade broeit een diepere onvrede over de staat van het Nederlandse feminisme.

Een feminisme dat in de mainstream, meer dan een strijd voor gendergelijkheid, een beweging van mantra’s is geworden. Mantra’s als #freethenipple, in het geval van Linda – maar wel pas ín het blad, want anders kon de cover niet op Instagram worden gepromoot. Vandaar de handbeha’s, de sensuele censuur die je ook op Instagram zelf veel tegenkomt. De fotografie voelde intussen niet anders dan dertig jaar terug: sexy vrouwen werden gevierd om hun ‘sexyheid’.

Welke onzichtbare vijand werd er in Linda nu bevochten? De preutsheid, schijnbaar. Het woord ‘preuts’ (of preutsheid) valt in de editie maar liefst achttien keer: “Weg met die preutsheid”, staat bij het begeleidende interview met Lauren Verster, waar Romy Monteiro en Joy Delima zich bij aansluiten. Een groot gemis, volgens Linda: dat ‘we’ niet meer topless zonnen. Maar wacht even: de vijand van het feminisme was toch niet de preutsheid, maar het patriarchaat? En wie zijn toch die ‘we’ die steeds preutser worden?

Kreten als free the nipple, viva la vulva of every body is a bikini body voelen niet meer zo fris als pakweg vijf jaar terug, en ook niet meer bevrijdend. Ze voelen tandeloos, zelfs wanneer je, zoals ik, eigenlijk pro vieringen van tiet en vulva bent. De Linda en de reacties erop wijzen op een feministische golf die op een zandbank is geslagen. En het erge is: veel feministen hebben dat vol goede bedoelingen in de hand gewerkt, ikzelf ook.

Instagramfeminisme

Goed, Linda even in de papierbak. Hoe zijn we hier beland? De vierde golf in Nederland, die opkwam rond 2012, is er een van vele feminismen: feminisme werd intersectioneel (wat wil zeggen dat onderdrukking van vrouwen, van mensen van kleur en van lhbti’ers samenhangt en dus ook samen moet worden bestreden). Tegelijk kwam het keuzefeminisme op, wat wil zeggen dat de keuzes van vrouwen vanzelf feministisch zijn zolang het maar háár keuzes zijn: je tieten nooit laten zien, je tieten voortdurend laten zien, tachtig uur per week op een kantoor zitten of thuis brood in dierenvormpjes snijden voor de koters. Journalist Hannah Mudge omschreef het ook wel als: “Ik ik ik, whatever ik goed vind.”

In al haar vormen werd de vierde golf gevierd op het internet: daar verdiepten feministen zich op feministische websites als Jezebel of Feministing, groeide #MeToo uit tot wereldwijde beweging en werden Women’s Marches aangekondigd. Feministische plannen werden gedeeld, beleefd en besproken via Instagram, dat voor miljoenen jonge feministen diende als een soort clubhuis. Het platform was (en is) van ongekende invloed op recente feministische successen, maar werd tegelijk een grote beperking ervan.

Instagram baarde namelijk een eigen variant van feminisme: een individueel gevierd, aaibaar feminisme met een hyperfocus op het lichaam. Een onderzoek uit 2020 van de universiteiten van Helsinki, Amsterdam en Leiden liet zien hoe dat werkt. De ondervraagde feministen bleken zichzelf te filteren. Posts over empowerment bijvoorbeeld, of over bodypositivity en seks, oogsten op Instagram volop likes en bewonderende emoji’s: die postten ze graag. Maar ideologische spanningsvelden of conflicten binnen het feminisme lieten ze weg.

De geïnterviewde feministen wilden geen reputatieschade oplopen, schreven de onderzoekers. Ze namen een ‘you do you-houding’ aan tegenover andere vrouwen en hun feministische uitingen, “ook als ze die schadelijk of hol vonden”. En de feministen, die van oudsher strijden tegen een beperkt schoonheidsideaal, durfden zelf op Instagram maar een beetje van dat ideaal af te wijken.

null Beeld Zeloot
Beeld Zeloot

Applaus is lekker, dus voeren feministen het platform positieve, mooie plaatjes en statements die gegarandeerd applaus krijgen. Een cultuur van overleg en gezonde kritiek krijgt hierdoor op Instagram weinig kans. Daarnaast werd in de vierde golf sisterhood populair: vrouwen moeten elkaar steunen en aanmoedigen. Een goede en nuttige gedachte (het old boys network helpt elkaar immers ook), maar ook een die soms wordt gebruikt als stok om kritiek mee neer te slaan. Het keuzefeminisme kan daarbij dienen als argument voor het idee dat eigenlijk elke keuze even feministisch is. You do you.

Also my body

Een schoolvoorbeeld van de uithollende werking van Instagram is te zien in de bodypositivitybeweging. Al in de jaren zestig van de vorige eeuw organiseerden dikke mensen zich tegen het kapitalisme en de dieetindustrie. Dat strookt met de feministische strijd tegen het onderdrukkende schoonheidsideaal en daarom kreeg bodypositivity in de vierde golf opnieuw momentum. In de eerste jaren kaartten dikke bodypositivity-influencers kwesties aan als medische discriminatie en de beperkte maatvoering van grote modeketens. Ook postten ze trotse foto’s van hun lichaam.

Maar kijk je nu onder de hashtag #bodypositivity, dan zie je eindeloos veel vrouwen die zijn afgevallen, of beelden als de volgende: links een ‘perfecte’ foto van een vrouw met eronder “my body” en rechts een andere foto met “also my body”, waarop een heel klein beetje spek bolt rond haar middel. Niet zelden zijn deze vrouwen influencer, fitnesstrainer of voedingscoach, en hebben ze dus iets te verkopen. De Nederlandse beauty- en lifestyleblogger Vera Camilla, ooit aanhanger van bodypositivity, zei de beweging in 2021 vaarwel: “De hashtag is vervuild geraakt, de betekenis lijkt verloren. De vrouwen die de beweging startten, zijn verdrongen.”

Er zijn duizenden voorbeelden van de manier waarop lichaamspositieve beeldtaal verdund de mainstream in druppelde. Zo deelde zangeres en influencer Famke Louise (die zich ook feminist noemt) na haar zwangerschap een foto van haar iets minder strakke buik en haar been met een beetje striae. Ook de slanke momfluencer (moeder + influencer) Nina Pierson postte zo’n ‘perfect’ en ‘imperfect’ plaatje van haar buik, die ze in een andere post “soft en fluffy” noemde na de geboorte van haar zoon. Daarin maakte ze ook reclame voor selfcare: versoepelende olie van een van Piersons sponsors.

Nu is het lastig kritiek hebben op vrouwen die hun lichaam vieren. Waarom zou je überhaupt iets hebben tegen een vrouw die zoiets onschuldigs doet als haar buik of dij laten zien, zich goed wil voelen in haar lijf? Het individualisme van Instagram zorgt hier voor een paradox: hoewel posts als deze voor sommige vrouwen vast empowering zijn, bevestigen ze met duizenden tegelijk het oude, uitsluitende schoonheidsideaal.

Ondertussen deint de beauty- en dieetindustrie mee op die golven, alleen de marketing wordt aangepast: vrouwen moeten niet dun worden, maar ‘gezond’, gaan niet op dieet maar gaan ‘clean’ eten, horen niet dat ze make-up nodig hebben, maar dat ze hun ‘beste zelf’ moeten worden. Feministische (beeld)taal kan prima voor de commerciële kar worden gespannen. Ze is haar eigen tegenstander gaan dienen. Dat is waarom boodschappen als “everybody is a beach body” verdacht zijn gaan voelen: voor je het weet, is je een badpak verkocht.

Dit zou ons niet moeten verbazen: Instagram is gemaakt om zoveel mogelijk views te genereren om advertenties te verkopen. Het medium stimuleert mensen die zich voordoen als merk, en dicteert tot op zekere hoogte zijn eigen inhoud. Daardoor is feministisch taalgebruik steeds meer gaan voelen als een performance in plaats van als het echte werk. Het feminisme van Instagram produceerde een doel dat geschikt is voor Instagram: de individuele viering van het lichaam en zijn verschijning.

Exportklaar

Wat op Instagram gebeurt, blijft daar niet, want dit merkfeminisme was exportklaar voor de mainstream. Mensen vertellen dat ze zich goed moeten voelen in hun lijf is een fantastische boodschap, want iedereen heeft een lijf en wil zich er goed in voelen. Positieve mantra’s rondom lijf en seksualiteit, zoals “my body my choice” of “period positivity”, lenen zich voor merken, bladen en tv-programma’s, zonder de azijnachtige associaties die het feminisme met zich meedraagt. In feite leren media mede van algoritmes wat ze kijkers en lezers moeten voeren.

Ook ik heb geprofiteerd van deze ontwikkeling: zo publiceerde Volkskrant magazine in 2019 een stuk van mij over de orgasmekloof en de nieuwe aandacht voor de clitoris. Redacties die eerder weinig op hadden met de vrouwenzaak vroegen mij of ik “nog eens zoiets” kon schrijven, en ik werd op veel plaatsen uitgenodigd erover te praten. De clit heerste in medialand: vrouwenbladen, van &C, Linda en Glamour tot Libelle, maakten een clitorisstuk, vaginapodcast of vulva-editie, er kwamen boeken als Kom je ook?, Het vaginaboek, It’s all about the clit! en het thema kwam langs in programma’s als Emma’s peepshow en Tussen de Lakens met Geraldine – het gevoel bekroop je dat wie haar clit nu nog niet gevonden had, haar ook niet vinden wílde. Vaak werd als verantwoording een taboe verondersteld: taboes rondom de menstruatie, afscheiding, de vulva, schaamhaar, hoe vaak ze ook werden besproken, ze lieten zich maar niet doorbreken.

Vals eindstation

Hoewel het geweldig zou zijn als elke vrouw van haar lichaam zou houden of het gewoon zou tolereren, resteert het gevoel: is dit het nu? De obsessie met het lichaam in het mainstreamfeminisme wekt ergernis. Zo schrijft Tessa Sparreboom in De Groene Amsterdammer van 22 augustus, “dat het anno 2022 eigenlijk al niet meer zo interessant of op een grappige manier bevrijdend is om nog over iemands vaginale schimmelinfectie of ‘kutlucht’ in het algemeen te lezen. Die tomeloze openhartigheid is misschien niet meer zaligmakend, maar eerder een vals eindstation, iets wat de aandacht juist afleidt van de echte pijnpunten.”

Het populaire feminisme kan de indruk wekken dat de emancipatie af is als we allemaal tweemaal per week klaarkomen, ons okselhaar teugelloos laten groeien en onze tepels vieren op Instagram. Het overschaduwt minder fotogenieke thema’s en twistpunten, zoals financiële onafhankelijkheid of de oplopende wachttijd bij zedenzaken. Of het gesprek over wat we moeten doen met mannen na #MeToo.

null Beeld Zeloot
Beeld Zeloot

Het feministische sentiment van het afgelopen decennium liet zich volgens The New Yorker samenvatten als “bewustwording van vrouwen”. Au. In de dit jaar verschenen essayserie What to do about feminism? viel het woord cringe (gênant) vaak en werd het feminisme een “opgeblazen lijk” genoemd. The future isn’t female anymore, kopte The New York Times in juni. Het kon zijn dat de mainstream het feminisme in een trend als alle andere had getransformeerd. En trends gaan voorbij.

Je zou bijna vergeten dat het mainstreamfeminisme, dat zo gezichtsbepalend is geworden, slechts één variant is: Women on Waves strijdt nog altijd internationaal voor veilige abortus, er zijn feministen die een rechtswinkel beginnen voor vrouwen, vechten voor gelijke beloning of strijden tegen genitale verminking. Die echte zaken afhandelen, kortom. Er is nog werk zat. Toch zijn enkele feministische initiatieven gestopt. The Wing, een feministische club voor vrouwen, werd dit jaar opgeheven, net als de website Bitch Media. Feministing hield er al in 2019 mee op. In Nederland is de feministische blog Vileine dit jaar ter ziele gegaan, eind 2021 stopte na vijf jaar de feministische actiegroep De Bovengrondse. Het lot van Opzij is intussen ongewis, met een oplage van nog maar 12.500 exemplaren per maand.

De leegte van het mainstreamfeminisme is zorgelijk. Want in conservatieve, radicaal-rechtse clubs als Forum voor Democratie, waarbij ook veel vrouwen aanhaken, is juist een opleving in de tegengestelde beweging zichtbaar. Denkbeelden waarbinnen de vrouw ‘nu eenmaal’ aangeboren talent voor een aan huis gekluisterd leven heeft, verspreiden zich mede dankzij internet snel. De inflatie van feministische taal maakt het moeilijker om daaraan tegenwicht te bieden. Die taal is zo rekbaar gebleken dat ook bewegingen die teruggrijpen op de ‘biologische roeping’ van de vrouw, zich kunnen hullen in de empowerment. Zie ook het beeld dat Roxane van Iperen in haar boek Eigen welzijn eerst schetst van het ‘draagzakfeminisme’, waarbij moeders stokoude, conservatieve waarden voorzien van een prijzig laagje lifestyle.

En daar heeft Linda’s tietennummer toch een punt. Preutsheid is, op een bepaalde manier, wél de nieuwe vijand van de vrouw. In het nieuwe rechts ligt een hevige nadruk op de moedercultus en de goede zeden. Zo predikt een deel van de nieuwrechtse mannen dat masturbatie en porno slecht voor je zijn. Hun ideale eega, de tradwife (traditional wife), is een kuis jarenvijftigmodel. Maar zolang de patriarchale norm buiten schot blijft, als de onzichtbare vijand niet langer wordt genoemd, als mainstreamfeminisme niet verder gaat dan ‘ik ik ik’ en de vraag of ik nog wel topless mag zonnen, dan zal die beweging niet snel worden gekeerd.

Emma Curvers Beeld Emma Curvers
Emma CurversBeeld Emma Curvers

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234