Zaterdag 26/11/2022

Mythologie

Magda Szabó

Het ogenblik

Oorspronkelijke titel: A pillanat

Vertaald door Annikó Daróczi & Ellen Hennink

Houtekiet, Antwerpen, 312 p., 19,95 euro.

Troje staat in brand. Aeneas ontvlucht de stad. De goden hebben voorspeld dat hij over tien jaar in Latium zal landen en er trouwen met Lavinia, de dochter van de koning. Hun nazaten zullen ooit over Italië en de hele wereld heersen. Voor Magda Szabó (°1917) een uitgelezen gelegenheid om de draden van deze mythe uit elkaar te pluizen en er een nieuw verhaal mee te weven. Niet Aeneas, aldus Szabó, ontsnapte aan de Griekse vernietiging, maar wel zijn vrouw Crëusa. Ze trekt zijn harnas aan en geeft zich voortaan uit als Aeneas. De wereld op zijn kop. Een vrouw als man? Ineens veranderen alle standpunten en inzichten. List en bedrog lonen. Het ogenblik verwerkt de persoonlijke geschiedenis van de Hongaarse schrijfster in een verhaal dat verleden, heden en toekomst omhelst. "Het redden van het universum begint bij het verantwoordelijk zijn voor de microkosmos", aldus Crëusa. Een verwijzing naar het communisme. Szabó walgde zozeer van het regime dat ze besloot geen kinderen op de wereld te zetten, een beslissing die haar tot vandaag heeft achtervolgd. "Degene die niet wil conserveren en het leven doorgeven, verspeelt zijn recht om ooit nog gezond en evenwichtig te zijn." Woorden die in de poëtische en plechtstatige stijl als het grimmige oordeel van het orakel klinken. Szabó weet drommels goed dat heldendichten de onmenselijkheid van de mens verhullen. 'Het is ongelooflijk hoe weinig fantasie de literatuur heeft vergeleken bij de werkelijkheid,' zegt Crëusa. Waarom gelooft de mens het onmogelijke en onwaarschijnlijke, maar kan hij de waarheid niet accepteren? De mens en zijn geschiedenis, verpakt in een verblindend mooie doos. Wie haar openmaakt, laat alle onheil op de wereld los. Is er een alternatief?

Poëzie vs proza

"Anna Achmatova's gedichten zullen zo lang leven als de taal waarin ze geschreven zijn", zei de dichter en vertaler Michail Lozinski. Achmatova (1889-1966) citeert de lof in Herinneringen aan tijdgenoten, portretten van enkele van haar beste vrienden. Samen met andere autobiografische teksten hebben ze onderdak gevonden in De echte twintigste eeuw. Toch was Achmatova spaarzaam met eigen lof, niet omdat ze zozeer aan haar poëtische talent twijfelde, maar omdat ze vond dat over zichzelf schrijven zogoed als onmogelijk was. "Erin te slagen ook maar een klein deel op te schrijven van wat je denkt, zou geluk betekenen." Geluk heeft Achmatova in haar leven zelden gehad. Ofwel werd ze systematisch afgekraakt in de pers ofwel doodgezwegen. Haar leven speelde zich "onder de vleugel van de dood" af, een leven vol angst en verveling, leegte en doodse eenzaamheid. Ondanks de Terreur tijdens het stalinistische bewind slaagde ze erin om haar dichtkunst nooit aan compromissen te onderwerpen. Bij de verschijning van haar dichtbundel Rozenkrans in 1914 werd haar genialiteit meteen herkend. "Die regels van u zijn alleen via een chirurgische ingreep uit mijn hersens te verwijderen", zei de dichter Osip Mandelsjtam. Hij zou een van haar intiemste vrienden worden. 1914 was om een andere reden belangrijk. In dat jaar begon de Grote Oorlog. Het proza van Achmatova weerspiegelde de verbrokkeling en ontaarding. Hoewel ze haar best deed om orde te creëren, begreep ze dat haar verleden voortdurend valstrikken spande. En omdat de herinnering de grens van het toelaatbare overschreed, moesten de gedichten zorgvuldig tegen het geheugen worden beschermd. Dichtkunst was zuiverheid, proza de poging om een bezoedelde of halfvergane werkelijkheid tevoorschijn te toveren. Met uitleg en analyse had Achmatova weinig op. In haar Proza over het epos gaf ze toe dat hoe meer ze uitlegde, "hoe raadselachtiger en onbegrijpelijker" alles werd. Daarom liet ze anderen aan het woord. Epos zonder held, zeiden ze, was een tragedie van het geweten. Of een verklaring van de Revolutie. Of een Requiem voor heel Europa. De fragmenten uit haar Dagboeken (1958-1966) bevestigen haar wankele verhouding tot het proza. Ze schrijft op wat ze leest, welke muziek haar fascineert, ze mijmert, haalt citaten aan en bewaart haar ironie tot aan haar dood.

Familiekroniek

Na het einde van de Tweede Wereldoorlog waren er in Europa tientallen miljoenen mensen op de dool. Op de vlucht, verdreven, op zoek naar veiligheid of een betere toekomst. Onder hen de familie Eksteins uit Letland. Zij waren in de zomer van 1944 gekneld geraakt tussen het oprukkende Rode Leger en de Duitse troepen. Na een omzwerving door Oost-Europa emigreert het gezin in 1949 naar Canada. Vandaag is hun zoon Modris hoogleraar geschiedenis aan de universiteit van Toronto. Op de loop is de familiekroniek van zijn voorvaderen uit Letland. Alles begint en eindigt in 1945, de spil van de twintigste eeuw, "de as waar onze zin en betekenis om draaien". Een uitgelezen kans voor de auteur om over het wezen van de geschiedenis na te denken. De postmoderne historicus Eksteins beseft dat zijn vak een nieuwe plaats zoekt. Voor Michel Serres is geschiedenis de laatste ideologie. Eksteins gaat niet akkoord. Geschiedenis moet betekenis uitlokken, niet opleggen, vindt hij. Daarom wil Eksteins een andere aanpak. "Het thema is ineenstorting en teloorgang, maar in de queeste naar zin en betekenis is de essentie ervan natuurlijk hoop." Om die confrontatie te illustreren schroeft Eksteins de gebeurtenissen als onderdelen van een telescoop in elkaar. De microgeschiedenis van zijn familie wordt van achteren naar voren in elkaar gezet, de macrogeschiedenis krijgt een chronologisch verloop. Een aardige vondst, niet meer. Gelukkig is Eksteins een enthousiaste verteller. Uitmuntend is zijn beschrijving van de zeden en cultuur van de Letten in de negentiende eeuw, van de chaos tijdens en na de Grote Oorlog en van het interbellum in het Balticum. Zijn analyse van de stemming in Duitsland na de nederlaag daarentegen is bijzonder oppervlakkig. Ook maakt hij zich snel af van de schuld van vele Letten aan de vernietiging van de Joden. Het boek, aldus Eksteins, is "een mix van Agatha Christie en Luigi Pirandello, personages op zoek naar een schuldige, op zoek naar een plot". Een detective zoals Eksteins zal de schuldige nooit vinden.

Modris Eksteins

Op de loop

Oorspronkelijke titel: Walking Since Daybreak

Vertaald door Hans E. van Riemsdijk

Manteau/Antwerpen & Mets⪼hilt/Amsterdam, 262 p., 21,95 euro.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234