Maandag 24/01/2022

Muziek als spiegel van de Braziliaanse ziel

Mika Kaurism�ki: 'Choro is een kneedbare vorm die moeiteloos walsen, polka's of samba's integreert. Het is ooit mainstreammuziek geweest en dat kan het opnieuw worden'

Film l Mika Kaurismäki maakt brasileirinho, een documentaire over de Choro HHH

Dirk Steenhaut

De Finse cineast Mika Kaurismäki heeft iets met Brazilië. Sinds de oudere broer van Aki (regisseur van The Man Without a Past) er in 1988 een van zijn films ging promoten, werd hij dermate verliefd op het land en zijn cultuur dat hij besloot er te blijven. "Ik raakte onder de indruk van de rijkdom en diversiteit van de Braziliaanse muziek", legt hij uit. "Het is meer dan entertainment: in Brazilië weerspiegelt muziek de ziel en de identiteit van het volk."

In het Amazonegebied draaide Kaurismäki, met Samuel Fuller en Jim Jarmusch, de documentaire Tigrero, waarmee hij in 1994 de Prijs van de Kritiek wegkaapte tijdens het filmfestival van Berlijn. Later werd hij eigenaar van een muziekclub in Rio de Janeiro en maakte hij de sambafilm Moro no Brasil. Vandaag zet hij zijn exploratie voort met Brasileirinho ('Braziliaantje), een film over de choro, een in onbruik geraakte muziekstijl die momenteel een revival beleeft. De overwegend instrumentale vorm ontstond halverwege de negentiende eeuw uit een combinatie van Europese salondansen, Afrikaanse ritmen en indiaanse rituelen en was zeer in trek bij de danslustigen in de bars van Rio, tot hij in de jaren dertig qua populariteit werd verdrongen door de samba. "Dat genre was nu eenmaal toegankelijker, omdat er ook bij werd gezongen", zegt Kaurismäki. "Choro kwam in de vergeethoek terecht en werd enkel nog in leven gehouden door specialisten en fanatici. Het is gecompliceerde muziek, die van de muzikant veel technische bagage vergt. Daardoor is ze elitairder dan de samba. Het is een soort jazz waarin veel wordt geïmproviseerd en gevarieerd. Choro steunt op een dialoog tussen muzikanten: de ene speelt iets, de andere reageert, en zo ontstaat een goedmoedige competitie waarin de spelers elkaar voortdurend trachten te overtroeven. Maar ook het gemeenschapsgevoel is belangrijk. In de cafés van Rio zie je de allerbeste choromuzikanten vaak jammen met leergierige jongeren aan wie ze hun expertise doorgeven. In Brazilië luisteren tieners namelijk naar dezelfde muziek als hun grootouders. Ze zetten zich helemaal niet af tegen het verleden. Zelfs als ze rap of hiphop maken, hoor je in hun werk altijd respect voor de traditie. Die situatie is tamelijk uniek."

In Brasileirinho is vaak sprake van choropioniers als Pixinguinha, Ernesto Nazaré en Jacob do Bandolim. Maar als de film al één ding duidelijk maakt, is het wel dat choro nauwelijks te definiëren valt, omdat het zoveel dingen tegelijk kan zijn: instrumentaal of vocaal, gespeeld door kleine ensembles of big bands. De muziek gedijt zowel op straat als in theaters. Kaurismäki: "Zelfs nu mijn film af is, heb ik meer vragen dan antwoorden. Choro is veeleer een geestesgesteldheid of een manier van spelen dan een specifieke muziekstijl. Het is een kneedbare vorm die moeiteloos walsen, polka's of samba's integreert. Het is ooit mainstreammuziek geweest en dat kan het volgens mij opnieuw worden. Maar mijn film is geen historisch document: het is een momentopname, een snapshot."

In het begin van de documentaire stelt een muzikant dat het niet volstaat een klassiek geschoolde virtuoos te zijn om choro te kunnen spelen. Je moet hem aanvoelen, je zijn geest eigen maken. Kaurismäki: "Het gaat om een gedeelde ervaring, om een proces van geven en nemen. De Afrikaanse en indiaanse invloeden zijn essentieel. Zowat alle Brazilianen zijn van gemengde afkomst: multiculturaliteit zit hen in de genen en juist die mix maakt hen tot een volk met een sterk ontwikkelde spiritualiteit. Als ik uit Europa naar Brazilië terugkeer, lijkt het alsof ik door een onzichtbare muur stap. Je ziet het verschil niet, maar je voelt het wel. Het is een overblijfsel van een orale cultuur. De inheemse volkeren of zwarte slaven schreven geen boeken. Alle belangrijke informatie werd mondeling van de ene generatie op de andere doorgegeven, via verhalen en muziek."

Cubaanse son werd, dankzij de film van Wim Wenders, overal ter wereld razend populair. Hoopt Mika Kaurismäki op een soortgelijk effect voor de choro?

"Met een tiende van het succes van Buena Vista Social Club zou ik al tevreden zijn", lacht de Fin. "Maar choro is overwegend instrumentaal en dat maakt het commerciële potentieel van die muziek aanzienlijk kleiner. Niettemin hoop ik dat mijn film het genre wat extra bekendheid zal geven. Daarom koppel ik elke Europese première aan een concert: een middel om de muzikanten meer internationale speelkansen te bezorgen."

Dat de choro onlangs een verjongingskuur heeft ondergaan, merk je enkel in het livecircuit. Kaurismäki: "Ik ken geen enkel radiostation dat er oren naar heeft. In Brazilië kom je alleen op de radio als je ervoor betaalt en 95 procent van de zendtijd wordt sowieso ingenomen door commerciële muziek. Het grote verschil met vroeger is dat het klassieke repertoire niet langer wordt herkauwd, maar dat artiesten zoals het Trio Madeira of Yamandú Costa, een virtuoos op de zevensnarige gitaar, nu nieuw materiaal schrijven. Bovendien hebben, naast traditionele instrumenten als gitaar, mandoline, klarinet, trombone en tamboerijn, nu ook viool, cello, accordeon en contrabas hun intrede gedaan. Eigenlijk is het genre zo open dat, met uitzondering van een modern drumstel, zowat alles kan. Onlangs is er met de samba-choro trouwens een nieuw, gezongen subgenre ontstaan. Eerst waren choromuzikanten er niet over te spreken dat er op bestaande melodieën teksten werden geplakt. Ze vonden die ontwikkeling melig en geforceerd, ook al bleek ze soms prima te werken. Denk maar aan het klassieke 'Tico-Tico no Fubá' (dat in 1947 werd gezongen door Carmen Miranda in de film Copacabana, DS) Tegenwoordig worden choro's wél gecomponeerd om gezongen te worden."

De muzikanten die in de film ten tonele worden gevoerd, onder wie gitarist Yamandú, klarinettist Paulo Moura en percussionist Jorginho do Pandeiro, zijn een voor een acrobaten op hun instrument. "Maar veel topmuzikanten hebben de film niet gehaald. Het was bijzonder moeilijk kiezen."

In Brasileirinho zit een opmerkelijke scène waarin Yamandú op een theaterpodium een instrumentale versie van 'Carinhoso' speelt en de toeschouwers spontaan de woorden zingen. "Een magisch moment", vindt Kaurismäki. "Ik hoopte stilletjes dat het zou gebeuren, omdat het voor Brazilianen een speciaal lied is. Iedereen kent het, het is zowat de tweede nationale hymne. Ik ben dol op dat soort publieksparticipatie."

De heropleving van het genre laat zich ook aflezen aan het succes van de choro-workshops. "Sambascholen zijn commerciële instellingen die gericht zijn op het carnaval en waar je niet echt iets leert", aldus de regisseur. "Maar de Oficina do choro biedt leerlingen van 6 tot 17 jaar een volwaardige opleiding. In Rio hebben ze dit jaar al 400 geïnteresseerden moeten weigeren."

Momenteel werkt Mika Kaurismäki aan een portret van jazzdrummer Billy Cobham en heeft hij een project over Finse tango in de steigers staan. Maar de Braziliaanse muziek laat hem niet los. "Misschien maak ik nog wel eens een documentaire over forró, mangue beat of het muziekleven in Bahia", mijmert hij luidop. "Het land is groot, de diversiteit enorm. Na vijftien jaar moet ik mijn beeld van Brazilië nog voortdurend bijstellen. Iedere dag ontdek ik iets nieuws. Alle clichés over de mulatas en het carnaval zijn waar, hoor. Alleen besef ik nu dat er ook nog een andere waarheid achter zit."

REGIE Mika Kaurismäki LAND Brazilië / Finland / Zwitserland speelDUUR 90 minuten

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234