Maandag 24/02/2020

Museum u 'het allermooiste uit het prentenkabinet' in antwerps museum voor schone kunsten

Het Antwerpse Museum bezit een omvangrijke prentenverzameling die ten onrechte weinig bekendheid geniet

Een greep uit een prachtige prentenverzameling

Met namen als Spilliaert, Chagall, Ensor, Appel, Degas en Redon zit je natuurlijk gebeiteld. Zeker als het ook mooi werk is dat van deze meesters wordt getoond. Lang zaten hun tekeningen, aquarellen en gouaches - het gaat om werk op papier - veilig opgeborgen in de donkere laden van het depot van het Antwerpse Koninklijk Museum voor Schone Kunsten (KMSKA). Daar komt nu verandering in.

Antwerpen

Van onze verslaggever

Eric Rinckhout

Sinds vorige week hangt een twintigtal prenten van diverse kunstenaars in een bescheiden prentenkabinet dat zich in de afdeling Ensor en de modernen bevindt. De werken zullen telkens drie maanden te zien zijn en dan vervangen worden door een andere, even gevarieerde selectie. Werk op papier is immers lichtgevoelig en elk stuk mag maar gedurende zes maanden in vijf jaar tijd getoond worden.

Het Antwerpse Museum voor Schone Kunsten bezit een omvangrijke prentenverzameling, die ten onrechte weinig bekendheid geniet. Het gaat om 3.600 stuks die voornamelijk door schenkingen zijn verkregen. Het KMSKA is in hoofdzaak een schilderijenmuseum. Daardoor zijn tekeningen nooit echt doelgericht aangekocht. Dat neemt niet weg dat het museum prat kan gaan op enkele schitterende deelcollecties. Zo bezit het meer dan vijfhonderd tekeningen van James Ensor - het heeft ook de grootste schilderijenverzameling van de Oostendse meester -, een tachtigtal tekeningen en aquarellen van Rik Wouters, honderden prenten naar Rubens, achthonderd tekeningen van Nicaise De Keyser, mooie ensembles van Henri De Braekeleer, Jakob Smits, Paul Joostens, Auguste Rodin en Xavier Mellery, en de zeldzame reeks Absurditeiten van Goya.

In het bezit bevindt zich ook de prachtige pentekening van Pieter Breugel de Oude, Landschap met pelgrims, die helaas door een vroegere onoordeelkundige restauratie (voordat het museum ze aankocht) in zo'n precaire staat verkeert dat ze niet meer getoond kan worden. Door blootstelling aan het licht wordt de inktvraat alleen maar erger.

Sinds enige tijd is men in het Antwerpse museum bezig met de conservatie en de inventarisatie van het bezit op papier. Vooral de verzuring van papier, drager en kartonnen lijst baart zorgen en moet grondig aangepakt worden. Bij het systematisch in kaart brengen van de collectie doet men regelmatig aangename ontdekkingen. Zo bleek op de achterkant van het werk van Edgard Tytgat dat nu op zaal hangt zich nog een aquarel te bevinden, terwijl men op de rug van een penseeltekening van Rik Wouters een zeilscheepje ontdekte.

De bedoeling van de huidige presentatie is om een zo gevarieerd mogelijk beeld te bieden van de prentencollectie. De keuze, gemaakt door conservator Leen De Jong, werd wel onderworpen aan restricties die het maximale 'lichtbudget' oplegt dat een tekening mag hebben. Enkele prenten bleven daardoor nog in de lade.

Wat er wel hangt, is een staalkaart van de negentiende en twintigste eeuw: van academicus Jan Antoon Verschaeren (1822) tot Zero-kunstenaar Oskar Holweck (1960). Een van de uitschieters is het geheimzinnige Zelfportret (1907) van Léon Spilliaert, waar hij met fragiele materialen als aquarel en pastel een etherische, bijna onstoffelijke sfeer creëert. Na het bad, een late pastel van Degas, was al lang niet meer tentoongesteld. Het werk liep schade op bij een diefstal enkele jaren geleden maar werd inmiddels hersteld.

Opvallend kleurrijk zijn de werken van Marc Chagall en Karel Appel. Bij het raam (1927-'28) is een bijzonder fris en ongewoon realistisch werk van Chagall. De Russische kunstenaar werkte op dat moment weer in Parijs en liet zich inspireren door het licht en de landschappen in en rond de Franse hoofdstad. In het bijzonder expressieve Dier en kind op blauwe achtergrond toont Appel zijn belangstelling voor de kunst van geesteszieken. Ook hij maakte dit werk in Parijs, waar hij rond 1950 onder de indruk was gekomen van de tentoonstelling Psychopathological Art.

Erg krachtig en sober is Zeeuws paar, een pastel van de weinig bekende Charles Mertens. Eind negentiende eeuw trok deze Antwerpse kunstenaar naar Zeeuws-Vlaanderen, op zoek naar de ongerepte, nog primitieve wereld van vissers en schippers. Voorts hangt er nog mooi werk van Alma-Tadema (een plafonddecoratie voor zijn eigen huis), Rik Wouters, Ensor, Evenepoel, Marthe Donas, Paul Joostens en Edgard Tytgat.

"Later kunnen we met deze wisselende opstellingen alle richtingen uit", zegt Leen De Jong. "We kunnen een monografische presentatie maken rond een figuur als Rik Wouters of James Ensor, een bepaald thema aansnijden of één techniek kiezen zoals pastel, krijt of aquarel." Over drie maanden wil De Jong nogmaals een ruime staalkaart uit de collectie bieden. De huidige presentatie is alvast een geslaagde, zij het dan bescheiden aanvulling op de permanente schilderijencollectie.

Het allermooiste uit het prentenkabinet tot 20 februari 2005 in het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten, Leopold Dewaelplaats, Antwerpen. Dinsdag-zaterdag: 10-17 uur, zondag: 10-18 uur, maandag gesloten. Tel. 03/242.04.16 en museum.antwerpen.be/kmska

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234