Vrijdag 16/04/2021

Muscadet is ambivalent

Als er geen onverwachte minitornado's, mistbanken of kapers opdoken is normaliter gisteren in Brugge de muscadet sur lie-vloot aangemeerd. Een op 17 april vanuit Nantes vertrokken kluitje traditionele zeilschepen ('gabares'), volgestouwd met vaten piepjonge muscadet, feesttenten, een balorkest, vatenrollers en dansgrage bootsmaatjes in traditionele klederdracht, die de lokale bevolking tot feesten moeten aanzetten. Maar hoe staat het nu met de wijn achter deze folklorefaçade?

Deze 'gabares' propvol Muscadet sur Lie willen eigenlijk een oude folkore een frisse adem inblazen. Begin vorige eeuw werden in en rond Nantes - zenuwcentrum van de muscadethandel - immers al de zogeheten barrique de noces (huwelijksvaatjes) opzijgezet, waarbij het zogenaamd beste vat wijn van de oogst gereserveerd bleef voor een familiale hoog- en schransdag. De moderne armada die nu langs kanaaltjes, rivieren en uiteindelijk de Noordzee wordt gestuurd, wil blijkbaar de huwelijksband met de consument vernieuwen. Het hele gebeuren bulkt natuurlijk van ambiance en de-tijd-van-toen-nostalgie, er zal na de tocht van vier maanden een aardig hectolitertje muscadet in Franse, Belgische en Britse kelen verdwenen zijn, maar toch blijf ik - zoals de meeste proevers - met een wat tegenstrijdig gevoel achter. Niet tegenover het initiatief (een potje heimatgevoel is altijd welkom in deze postmodernistische tijden), maar tegenover het product zelf. Want muscadet is op zijn minst een ambivalent product.

Muscadet heeft weliswaar twee grote troeven: zijn prijs en zijn populariteit. Op enkele experimenten met houtgelagerde cuvées na zitten de meeste muscadets in de prijsschijf van 170 à 225 frank. Vandaar dat dit wijngamma - waarvan de wingerds vooral in het zuiden van het departement van de Loire Atlantique gesitueerd liggen, in enkele dorpen oostelijk van de Maine en de Loire en zuidelijk van de Vendée - de derde meest verkochte witte wijn ter wereld is geworden. De circa 13.000 ha aanplant produceren jaarlijks immers zo'n 650.000 hl of 90 miljoen flessen. Zeventig procent daarvan wordt meteen in Frankrijk worden ontkurkt, de export vloeit vooral naar het Verenigd Koninkrijk (circa de helft van alle uitgevoerde muscadet), Nederland, België en Canada.

Aan de minzijde staat dan weer de onzekerheid over de kwaliteit van de doorsnee-muscadet. De wetgever heeft nochtans reeds in de jaren dertig deze AOC ondergebracht in een algemene appellatie, muscadet, en in drie regionale herkomstbenamingen, waarvande 'Muscadet Sèvre et Maine' (vooral zuidoostelijk van Nantes) zowat 85 procent van de totale productie vertegenwoordigt. De 'Muscadet Coteaux de la Loire' (vooral de noordelijke oever van de Loire) en de 'Muscadet Côtes de Grandlieu' ontwaren we inderdaad zelden in onze winkelrekken. Het addertje schuilt echter in de toevoeging sur lie die in 1977 werd vastgelegd. In theorie verwijst ze naar het technisch procédé waarbij de jonge wijn een hele winter lang op zijn droesem (=lie) mag sluimeren en zonder klaren uit de kuip komt, waardoor het eindproduct doorgaans méér boeket ontwikkelt, meer body en impressies van (vaak gedroogd) fruit. Voor wijnen waarvoor het predikaat sur lie wordt nagestreefd, moeten ook 'lagere' rendementen worden nageleefd (51 hl/ha in 1997) en dienen de bottelperiodes strikt in acht te worden genomen (tussen 1 maart en 30 juni of 15 oktober tot 30 november). De kwaliteit wordt ook in degustaties getoetst. Maar nogmaals: dat is papier. Menige muscadet sur lie smaakt even banaal als een gros plant, dat andere Atlantische wijnproduct uit de Nantes-regio.

Waar een goede muscadet, zeker met sur lie-temperament, floraal en fruitig moet geuren, voldoende rond smaken, maar tegelijk lichtjes frizzante en levendig op de tong, worden we in de praktijk vaak met muscadet anonymous geconfronteerd: boeketarme producten (tenzij wat gele appel en gedroogd hooi), bittter weinig fruit in de smaak en gedomineerd door zuur, zelfs met een storend metalige afdronk. Van 'florale impressies', 'wit fruit', 'rondeur' of 'gedroogde perzik' geen spoor. Het sur lie-karakter wordt door weinig scrupuleuze producenten vaak artificieel gesuggereerd door kooldioxyde in te pompen, alvorens de jonge wijn te bottelen. Vandaar een goede tip: kijk naar het etiket of het product mise en bouteille au château of au domaine is. Géén waterdichte garantie, maar alvast een eerste kwaliteitshorde die u neemt. Eveneens frequent in onze hitparade 'Te mijden muscadets' zijn de sjappenezen, waarvan de smaak integraal wordt weggedrukt door zwarte drop en een te geprononceerde ziltheid. De Noordzee in een glas.

En toch bestaan ze, de échte sur lie's, met flink rijpe appel- en meloenaroma's, soms zelfs peer en witte bloemen, volmondig en soepel, delicaat parelend, maar vooral ook met een beendroge mineralige onderbouw. Maar ze maken misschien maar één van iedere drie muscadets uit die op onze tafels verschijnen. Persoonlijk heb ik in de voorbije oogsten goede ervaringen met domeinen als Château de la Ragotière 1er Cru (Manquoi, tel. 03/238.02.37, en Lelièvre, tel. 03/233.11.90), Domaine de la Louvetrie (Goeteyn-Houbraken, tel. 03/77.66.200), de Cuvée Harmonie van Michel Delhommeau (Vinea, tel. 02/532.52.01) en Domaine de la Foliette Vieilles Vignes (Vienne-Rammant, tel. 051/58.30.01). In onze Belgische handel zijn nog andere voorbeelden te vinden.

Het tweede chronische probleem van muscadet is de levensduur. Ook al emmeren sommige commentatoren nog altijd dat de sur lie tot drie jaar na de oogst kan worden bewaard en de grote millésimes zelfs langer, ik zou dit experiment niet wagen. Zelfs de beste muscadet is hooguit een one night stand en verdraagt géén jarenlang kelderverblijf. De oxydatieduivel ligt snel op de loer en als de jeugdige frisheid is verdwenen, is meestal de ziel integraal uit een muscadet, zelfs uit een sur lie met ambities. Drink een muscadet daarom zo jong mogelijk, bij voorkeur binnen het jaar na de oogst. Twee jaar is werkelijk de limiet voor de toppers. Willen de heren en dames restaurateurs/sommeliers dat a.u.b ook eens in hun geheugen knopen? Het aantal pisgele, fruitdemente producten die soms nog worden voorgeschoteld, moet drastisch naar beneden in onze horeca.

Een laatste klip waar de muscadetboot vaak op botst, is trouwens de keuken. Gastronomisch vind ik dit type wijn nu niet meteen een hoogvlieger. Als aperitief of drinkwijn lijkt véél muscadet te schraal en te weinig opwindend om méér dan één glas te nuttigen. Bij sommige schaal- en schelpdieren (let op de bereidingswijze), koude voorgerechten of borrelhapjes lukt het meestal wel, maar vergeet het betere viswerk met krachtige saus. Slechts de bodyrijkere muscadets sur lie uit sterke oogstjaren kunnen deze uitdaging aan, als ze tenminste op 10-11°C in het glas gaan. Vergeten we niet dat onze Nederlandse vrienden, die reeds eeuwen geleden hun gretige vingers in de wijnhandel staken, toen scheepsladingen muscadet importeerden voor verdere distillatie. Het idee dat muscadet ook een 'zelfstandige' droge witte wijn kan zijn, dateert slechts uit de jaren zeventig van deze eeuw.

Tot slot nog dit: het momenteel gecommercialiseerde millésime 1997 wordt door het INAO (de pitbull van de Franse appellaties) als fruitig, aromatisch zeer open en soepel getypeerd. Ongeveer 700.000 hectoliter muscadet belanden uiteindelijk in het verkoopcircuit. Benieuwd of daar ook een litertje naar uw hart tussen schuilt.

Over de kwaliteit van de doorsnee-muscadet blijft steeds onzekerheid heersen. (Foto EPA)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234