Vrijdag 23/07/2021

'Motivatie van jong veulen'

Dit interview had u zaterdag moeten lezen, als afsluiter van Parijs-Nice. Daar zou Tom Boonen (34) weer toegroeien naar zijn beste niveau in jaren. Klaar voor de Ronde en Roubaix. Nog één keer zou hij tonen dat hij in het kasseienwerk de beste renner van zijn generatie is. Helaas sloeg het noodlot toe.

Het seizoen begint pas echt in Parijs-Nice, wordt gezegd. Maar eigenlijk is het al lang begonnen. "Of het nu Qatar of Argentinië is, je gaat nergens naartoe zonder dat er hard wordt gekoerst", zegt Tom Boonen. "Vanaf deze periode telt de tijd natuurlijk af naar de wedstrijden die er echt toe doen. Ik zit zelf al wat meer in een cocon. Ik probeer zo weinig mogelijk fouten te maken en valpartijen te voorkomen."

Als het toch al menens is, leer je dan uit de voorbije weken?

Boonen: "Natuurlijk. Alle zaken die gebeuren, hebben een gevolg op de toekomst. Als er dan toch iets moest mislopen, was het beter in de Omloop. Nattevingerwerk zoals daar kan niet meer. We maken vanaf nu duidelijke afspraken en stellen duidelijke doelen voor elke koers."

Je sprong daar weg op vijf kilometer voor de streep en werd teruggepakt.

"Stannard heeft dat heel goed aangepakt. Hij liet me wegrijden, reed het gat niet meteen dicht en pakte me terug op de top van de brug. Hij kon de afdaling gebruiken om de volgende demarrage te beantwoorden. Toen we samen kwamen, was hij de meest frisse van de vier."

Is het oneerlijk om te vergelijken met Parijs-Roubaix 2012, toen je wegreed op vijftig kilometer van de streep en voorop bleef?

"Je kunt dat niet vergelijken. In Roubaix reed ik weg toen iedereen à bloc zat. Stannard heeft een uur niets moeten doen."

Denk je niet: het wordt nu echt wel tijd dat ik nog een keer een grote koers win?

"Helemaal niet. Ik heb heel mooie seizoenen gehad, enkele waren minder. Ik heb pech gehad in het voorjaar, pech in het najaar. Ik heb voldoende breuken gehad om een hele medische encyclopedie te vullen. En ik heb 21 koersen gewonnen in het voorjaar. Ik denk niet dat ik mag klagen.

"Als ik me zorgen moet maken over het feit dat ik een beetje pech heb gehad, dan zijn er andere renners die zich veel meer zorgen moeten maken. Het probleem met mij is dat het telkens hemelsbreed wordt uitgesmeerd wanneer ik iets aan de hand heb.

"Het is allemaal relatief. Ik probeer elk jaar mijn voorbereiding zo goed mogelijk af te werken. Dan sta je aan de start van de klassiekers en probeer je te scoren. Als dat niet lukt is er ofwel iemand beter, of je hebt pech gehad. Het enige is dat je voor jezelf moet weten dat je er alles aan hebt gedaan om te staan waar je moet staan. Dan kun je jezelf niets verwijten. Als het niet lukt moet je volgend jaar opnieuw proberen."

Wat moet 2015 worden?

"Er moet niets, alles mag. Mijn ambitie is om alle koersen te winnen. Maar dat lukt niet. Belangrijk is dat ik nog altijd aan de start sta met de motivatie van een jong veulen. Ik ben meer gemotiveerd dan ooit."

Is het de kick van het winnen?

"Als ik het daar nog voor zou doen, dan was ik misschien al gestopt. Ik vind het koersen nog altijd even leuk als vroeger. Het verandert wel wat. Vroeger startte ik in 80 procent van mijn koersen om te winnen, nu niet meer. Ik piek meer. Dat is het voordeel van ouder worden. Zeker met een brede ploeg, waarin ik mij kan sparen voor de koersen waar ik echt van houd. Ik hoef mezelf niet overal meer te bewijzen."

Waar zit de motivatie dan? In het proberen te verslaan van de tegenstander?

"De grootste tegenstander ben je zelf. Je probeert jezelf te kloppen. Dat is het geheim van sporten. Je moet je niet met anderen vergelijken, maar proberen om zelf elke dag beter te worden. En verder is mijn ambitie om gelukkig te blijven in de sport. Ik train nog altijd graag. Dat is het geheim."

Maken jonge renners jou beter?

"Het is andersom. Toen ik een jonge prof was, koerste ik tegen de renners naar wie ik altijd opgekeken heb. Dat zijn de mannen die je naar een hoger niveau tillen. Toen ik in Qatar de eerste keer Cipollini klopte in de sprint, heb ik daar twee nachten niet van geslapen. Ik klopte Petacchi in de Ruta del Sol. Dat was een van mijn mooiste sprints ooit."

Nu willen zij jou kloppen.

"Ik hoor dat als ik met Kwiatkowski of Kristoff of Sagan spreek, dat zij met open mond zaten te kijken naar het WK in Madrid. Kwiatkowski is mijn schoenen gaan kopen achteraf. Nu kopen jongeren de schoenen van Kwiatkowski."

Er is veel concurrentie in jouw ploeg.

"Ik ben goed opgevoed. Toen ik in de ploeg kwam, zaten we met Virenque, Museeuw, Bettini en Vandenbroucke. Ik heb altijd geleerd dat je nooit exclusief kopman bent. Ik heb daar geen moeite mee om die rol te delen."

Het is tien jaar geleden dat je wereldkampioen werd.

"Ik heb mijn twee grote kansen laten liggen in Geelong 2010 en Kopenhagen 2011. Ik was geblesseerd in WK's die mij op het lijf waren geschreven."

Richmond is jou op het lijf geschreven.

"Ik hoor dat het echt iets voor klassieke renners is. Ik zal me goed voorbereiden."

Wat betekent het voor jou, vier keer de Ronde van Vlaanderen en vijf keer Parijs-Roubaix winnen?

"Misschien is het een mooie afsluiter... De cijfers liegen niet: vier keer Roubaix, drie keer de Ronde, drie keer Gent-Wevelgem, vijf keer Harelbeke. Dat zijn al vijftien klassieke overwinningen. Dan weet je dat ik een heel grote stempel heb gedrukt op de koers."

Je zegt: een mooie afsluiter. Ga je stoppen?

"Neen. Maar als ik in 2016 niet win, zal 2015 een mooie afsluiter van de klassiekers zijn geweest. Ik moet natuurlijk nog bijtekenen."

Je liep voorop in het rennersprotest in Oman. Dat zijn we van jou niet gewoon.

"Ik heb me eerst afzijdig gehouden. Maar ik ben geen groentje meer. Ik vond het gevaarlijk. Ik heb dat ook gezegd aan Eddy Merckx. Een heel peloton is blijven staan. Daar moet geen tekening bij."

Veiligheid is zelden een punt in de koers.

"Ik heb al te veel mensen verloren in de sport. Wielrennen is volgens mij de gevaarlijkste sport. Veel gevaarlijker dan autosport. Als ik in mijn racewagen stap, rijd ik met een brandvrije overall, een helm met halsbescherming, ik zit in een kuipstoel, draag een vijfpuntsgordel, er is een kooi rond mij. Er kan niets gebeuren.

"Je kunt niet verwachten dat een wielrenner met bescherming gaat rijden. Dat gaat niet. De risico's pakken we er bij. Maar het moet wel binnen de perken blijven. Het grote gevaar zijn de onvoorziene verkeersomstandigheden. Renners koersen blind. We zien alleen het gat voor ons en twee man naast ons."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234