Woensdag 21/08/2019

Moet er nog verf zijn? Bushwick, New York: de graffitihemel

In Manhattan is graffiti haast volledig uit het straatbeeld verdwenen. Door het strenge beleid is de lol er helemaal af voor street artists. Gelukkig is er nu Bushwick, ooit de criminele vergaarbak van Brooklyn, nu een spuitbussenmekka.

Wet paint!' Wie in New York in de metro rondloopt, zou kunnen geloven dat New Yorkers houden van 'the smell of paint in the morning'. Haast overal zie je de witte plakkaten met rode letters hangen. In werkelijkheid bedekt het natte goedje nog een ander soort verf - het soort waar ordehandhavers nooit echt tuk op zijn geweest, en waar de Big Apple in de jaren 70 en 80 vol van hing. Je weet wel: het soort verf waarmee Jean-Michel Basquiat en Keith Haring wereldberoemd zijn geworden.

Nu is het een feit dat niet iedereen in die jaren 70 en 80 evenveel talent had als Basquiat en Haring. En wellicht begreep het gros van de New Yorkers niet eens wat er überhaupt zo bijzonder was aan díe twee, laat staan aan een leger andere graffitikunstenaars als Fab 5 Freddy, Zephyr en Futura 2000 - pioniers die op de golven van punk en hiphop surften om de kunstvorm een schijnbaar permanente plek in het straatbeeld van New York te geven. Vooral stations, maar ook metrostellen waren ooit gegeerde canvassen van de 'vandalen'.

Wit canvas

Want dat is precies hoe New Yorkse politici over graffitikunstenaars dachten. Soms niet zonder reden: hoe strenger ertegen opgetreden werd, hoe schaarser de graffitiplekken werden, hoe harder er om gevochten werd. Letterlijk. Al waren het doorgaans niet zozeer die territoriale schermutselingen die een resem burgemeesters in de City Hall kopzorgen bezorgden - van de Democraat John Lindsay begin jaren 70 tot de Republikein Rudy Giulliani in de jaren 90. Het was hen eerder te doen om het feit dat graffiti de indruk gaf dat je in New York overal mee weg kon geraken, wat in zekere zin ook zo was. In 1990 vonden in de New Yorkse metro 26 moorden plaats. Geen daarvan had iets met graffiti te maken, maar de burger had een signaal nodig, en graffitikunst verwijder je sneller uit de metro dan criminele elementen uit de maatschappij.

Na een rist vaak hilarische pogingen - zoals die keer dat de stad geloofde witte verf te hebben gevonden die tegen andere verf bestand was, om er amper een dag later achter te komen dat ze graffitikunstenaars gewoon een wit canvas cadeau hadden gedaan - verdween graffiti geleidelijk aan uit de New Yorkse underground. Treinstellen die nu 's nachts nog door lefgozers onder handen genomen worden, gaan onmiddellijk uit roulatie en worden opgekuist - ook al heeft dat vertragingen tot gevolg - en telkens als er in een metrostation zelfs maar een simpele tag wordt gezet, trekt een brigade eropuit om die van een merkelijk saaiere lik verf en zo'n plakkaat 'wet paint' te voorzien.

En toen kwam Queens

Dat heeft er mee voor gezorgd dat graffitikunst in de jaren 90 de East River overstak, richting Queens, waar in 1993 de Phun Phactory de deuren opengooide en - belangrijker - zijn muren beschikbaar stelde voor graffitikunstenaars. Al was bezieler Pat DiLillo er als de dood voor om het woord 'graffiti' in de mond te nemen. Kwestie van vooral niet op de radar van politici te verschijnen. De Phun Phactory, in 2002 omgedoopt tot 5 Pointz, was een leegstaande watermeterfabriek. Van over heel de wereld kwamen kunstenaars er hun technieken etaleren, en al naargelang steeds meer toeristen Boring Manhattan inruilden voor Booming Williamsburg, vonden er ook steeds meer hun weg naar 5 Pointz, niet ver daarvandaan.

In 2013 waren ook de rijkere New Yorkers klaar om de East River over te steken, en zag het ernaar uit dat 5 Pointz plaats zou moeten ruimen voor twee gigantische woontorens. Er volgde nog een poging om de boel tegen te houden door het pand als cultureel erfgoed te laten erkennen. Zelfs Banksy liet van zich horen en pleitte er samen met de New Yorkse kunstwereld voor om 5 Pointz te redden. Maar omdat geen enkel werk op de muren van het gebouw er al minstens dertig jaar stond - een klein technisch mankement als het over graffitikunst gaat - kon het pand niet als cultureel erfgoed worden bestempeld, en in de nacht van 19 november 2013 werden de muren wit geschilderd.

En dat bleven ze ook, tot ze ongeveer een jaar later tegen de vlakte gingen. Samen met de gele politietape die de kunstenaars van 5 Pointz rond het gebouw hadden gedrapeerd. In plaats van 'crime scene do not cross' stond er 'gentrification in progress' op. Het einde van een tijdperk.

En zo kwam het dat New Yorkse graffitikunstenaars vier jaar geleden alweer op zoek moesten naar een nieuw mekka. Sommigen trokken naar The Bronx, anderen belandden in - godbetert - Jersey City in New Jersey. Maar een aanzienlijk aantal zocht het beduidend minder ver en streek een paar kilometer verderop neer in Bushwick, een wijk in Brooklyn waar je begin deze eeuw - ja, de 21ste - nog geen suïcidale hond door kon jagen. Als je toch wou sterven, waren er ruim honderd aangenamere manieren te bedenken dan in Bushwick achtereenvolgens verkracht en vermoord te worden - of omgekeerd.

Het hoofdstuk Brooklyn

Bushwick had tot in de jaren 90 de bijnaam The Well voor zijn schijnbaar onuitputtelijke bron van drugs, en ook op het aantal moorden en verkrachtingen stond geen maat. Nochtans was Bushwick - midden de 17de eeuw gaf Peter Stuyvesant er de naam Boswijck aan - nog tot begin vorige eeuw een eerder gegoede buurt met een tiental grote brouwerijen. Maar geleidelijk aan trokken die weg uit de stad, en toen New York in de zomer van '77 een dag zonder elektriciteit kwam te zitten, werd Bushwick het toneel van de ergste plunderingen en brandstichtingen in de stad. Had je in de jaren 80 en 90 gezegd dat Bushwick ooit opnieuw hot and happening zou worden, werd je waarschijnlijk onmiddellijk opgepakt voor overmatig crackgebruik.

Vandaag is het zeker nog altijd niet de properste buurt van New York, maar de huurprijzen schreeuwen inmiddels 'blank', koffiehuizen schieten er als paddenstoelen - niet het soort dat er vroeger werd verhandeld - uit de grond, de lokale pizzakeet Roberta's is, terecht, een toeristenattractie geworden, en om de gentrificatie van de buurt helemaal af te maken, kun je er sinds kort zowaar graffiti- and streetart-tours doen. Te voet of - niet zozeer om drugdealers te snel af te zijn, maar om alle uit Williamsburg overgewaaide hipsters na te apen - met de fiets.

Hip met een vuil kantje

Zodra er tours (en hipsters) aan te pas komen, weet je dat je een jaar of twee te laat komt om jezelf het etiket 'trendsetter' op te kleven. Bushwick is niet langer het best bewaarde geheim van Brooklyn, en ook in de aanpalende buurt Bedford-Stuyvesant, waar Spike Lee Do the Right Thing draaide en waar je als blanke amper tien jaar geleden niet om elf uur 's avonds wou rondlopen, is het stilaan struikelen over de brunchspots met toast avocado op het menu. Maar zowel Bushwick als - doe op zijn minst een poging om niet als een verdwaalde toerist te klinken en kort het af - Bed-Stuy hebben nog ruige, zelfs effenaf vuile kantjes.

Er wonen bovendien ook nog altijd redelijk wat 'originele buurtbewoners', zoals Joseph Ficalora, gangmaker van The Bushwick Collective ze omschrijft. The Bushwick Collective is een graffiticollectief dat toestemming kreeg van de stad om de muren in onder meer Jefferson Street en Troutman Street voor zijn rekening te nemen. Inclusief die van het ijzerwarenbedrijf GCM Steel, dat de vader van Ficalora in 1971 boven de doopvont hield. De man is er vandaag niet meer: hij werd in 1991 neergestoken om de hoek van zijn bedrijf - de dader ging aan de haal met zijn ketting en een paar dollar. Op die plek is nu een natuurwinkel.

Joseph erfde het bedrijf, zij het dik tegen zijn goesting. Overal waar hij keek, zag hij jarenlang niets anders dan misdaad, prostitutie en spuuglelijke graffiti, waar hij met de regelmaat van de klok een pot witte verf tegenaan gooide. Maar tegen de volgende ochtend stond die verf in de regel alweer vol ongeïnspireerde tags.

Het was pas toen Bushwick zo'n tien jaar geleden uit een diep dal begon te klimmen dat Joseph op een creatievere oplossing kwam om het probleem aan te pakken. In plaats van zichzelf op kosten te jagen met potten verf, vroeg (en kreeg) hij toestemming van de stad om bedreven graffitikunstenaars op de muren in zijn straat los te laten. Als daar dan toch iets op moest staan, konden het maar beter in het oog springende hoogstandjes zijn.

Ficalora kende niets van streetart, maar even googelen, et voilà! In geen tijd had hij het juiste volk gevonden en zag de straat van GCM Steel eruit als een openluchtgalerij. En hoe sneller het nieuws van de nieuwe graffitistek zich verspreidde, hoe bonter ook de andere straten in de buurt er gingen uitzien.

Het fijne aan het traject dat eigenaar Joseph Ficalora, die intussen zelf ook tours organiseert, wekelijks aflegt, is dat het er bijna altijd compleet anders uitziet. Elke muur wordt om de haverklap overschilderd, en in plaats van klassieke reclamebillboards op te trekken, zijn er intussen ook adverteerders die graffitikunstenaars betalen om advertenties voor hen te schilderen. En ja, dat staat allicht mijlenver van wat de pioniers in de jaren 70 voor ogen hadden, maar New York is de voorbije vijftig jaar flink veranderd, en Bushwick gelukkig ook. Alle kunstenaars die de huur in Williamsburg niet meer konden betalen, hebben intussen daar onderdak gevonden, en met de komst van de eerste fils à papa, die gewoon gaan naar waar trendblogs hen vertellen te gaan, zal ook dat onderdak al snel te duur worden. New York, it's a hard-knock life.

De eerste Apple Store

Maar schrijf de buurt niet af. Ruim de helft van de toeristen vindt Brooklyn niet eens op een kaart van New York, en het gros van wie in Williamsburg verzeild geraakt, denkt dat hij daarmee het volledige stadsdeel ten oosten van de East River heeft gezien. Bushwick mag dan intussen al op de radar van hipsters zijn verschenen, flink wat gebouwen staan er nog steeds leeg en het is écht niet moeilijk om je in te beelden hoe het er amper twintig jaar geleden nog aan toeging. Een pak onveiliger, een pak minder kleurrijk, maar verder is in Bushwick in wezen nog niet veel veranderd. Nee, echt, op de eerste Apple Store is het nog zeker zes jaar wachten.

Hoe geraak je er?

Om (op de juiste plekken) in Bushwick te geraken, neem je vanuit Manhattan of Williamsburg metrolijn L naar Morgan Avenue of Jefferson Street.

Waar eten?

De eerste metrohalte is vlakbij Roberta's, een pizzakeet die zó populair is dat je op piekmomenten twee uur moet wachten op een tafel. Neem het van ons aan: het is het wachten waard. Eveneens verborgen achter de indus-triële façade van Roberta's: Blanca, een tweesterrenrestaurant waar je soms twee maanden op voorhand moet reserveren.

Waar moet je zijn?

In Jefferson Street en Troutman Street dient intussen ook de stoep als canvas voor graffitikunstenaars. Op Troutman Street liggen bovendien wat fijne bars, zoals The Rookery, en in AP Cafe gaan alle hipsters hun caramel macchiato halen.

Hoe verplaats

je je?

Te voet! Stap om te beginnen eens van de ene metrohalte naar de andere. En sla tussendoor een paar straten in, zoals Seigel Street en Grattan Street. En wandel even de blok rond. En wie weet kom je dan wel vanzelf het alternatieve winkelcentrum Shops at the Loom (1087 Flushing Avenue) tegen, of de chocoladefabriek Fine and Raw Chocolate (288 Seigel Street). Bushwick is een beetje een speeltuin, dus plan je bezoek niet kapot.

De wijk Bushwick omarmt streetart, in plaats van ze keer op keer te overschilderen.

Het legendarische 5 Pointz in Queens was ooit het mekka van de streetart, maar in 2013 ging de oude fabriek tegen de vlakte.

De kruising van Jefferson Street met Wyckoff Avenue, hartje Bushwick.

Elke muur wordt om de haverklap overschilderd, waardoor de buurt er geen twee weken hetzelfde uitziet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden