Vrijdag 24/05/2019

Auteursfraude

Moet de goegemeente weten wat een professor mispeutert?

Beeld BELGAIMAGE

Politicoloog Marc Hooghe kreeg ‘een zware sanctie’ voor auteursfraude. Maar welke precies, dat krijgt bijna niemand te horen. Moet een universiteit, die met veel publiek geld werkt, de details vrijgeven van fraudezaken of blijft een en ander beter binnenskamers?

“We komen uit een tijd waarin zo af en toe nogal vergoelijkend en erg begripvol gesproken werd over inbreuken op de integriteit. Indien dat aanvoelen klopt, is het tijd voor een kentering.” Met die woorden opende de Leuvense rector Luc Sels in september het academiejaar. Hij besloot zijn jaarlijkse openingsrede dit keer te wijden aan wetenschappelijk integriteit.

In de speech gooit de rector met bloemetjes naar de Leuvense Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit (CWI), die zich over mogelijke inbreuken buigt. “Ik wil met deze rede het geduldige werk van de commissie (…) eren”, zegt Sels.

Al wil hij ook verder gaan. “Vorig academiejaar hebben we beslist om met meer openheid te rapporteren over inbreuken en de gevolgen daarvan. Dat is nodig om van de KU Leuven een lerende organisatie te maken. Transparantie is cruciaal, de vrees voor imagoschade mag dit niet in de weg staan.” 

Meer lezen

‘Op den duur reed ik huilend naar de universiteit’: hoe een sterrenprof weer tegen de lamp liep

Sels verwijst in zijn reactie op de zaak Hooghe zelf naar die speech. Maar net dit dossier toont dat universiteiten geen volledige transparantie kunnen bieden in zaken van wetenschapsfraude. Waar moet de grens tussen vertrouwen en transparantie getrokken worden? Daar worstelt elke rector mee.

Uit documenten waar De Morgen over berichtte, bleek dat nog meer (ex-)medewerkers van de Leuvense professor Hooghe klachten hadden ingediend bij de Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit (CWI) over auteursfraude. Eerder al had Apache bericht over soortgelijke klachten. In een reactie laat de KU Leuven weten dat het volgens haar geen nieuwe feiten betreft. De rapporten die De Morgen kon inkijken, tonen echter dat minstens één nieuwe inbreuk plaatsvond nadat Hooghe al wist dat eerdere klachten over de schending van wetenschappelijke integriteit gegrond waren.

‘Ernstige feiten’

De universiteit benadrukt dat de procedures telkens correct gevolgd zijn. Dat betekent dat de integriteitscommissie een onafhankelijk onderzoek uitvoerde, tot een conclusie kwam en enkele sancties voorstelde.

Doordat het om “ernstig problematische” feiten ging, belandde het dossier op het bureau van de rector. In een reactie zei die dat de feiten te zwaar wogen om het te houden bij de sancties die een rector zelf kan uitspreken, namelijk een al dan niet schriftelijke blaam of schorsing.

Voor de zwaardere sancties, terugzetting in graad of ontslag, moet de rector een voorstel van sanctie doen aan de Tuchtcommissie. Sels: “Dat deed ik en er is ook een sanctie uitgesproken. We hebben dit niet licht opgenomen. Maar welke de sanctie precies is, maken we niet publiek.”

Rector Luc Sels van de KU Leuven: ‘Transparantie is cruciaal, de vrees voor imagoschade mag dit niet in de weg staan.’ Beeld BELGA

Door die communicatie ontstaat echter de perceptie dat er geen actie is ondernomen. Van ontslag is voorlopig geen sprake en ook de optie ‘terugzetting in graad’ lijkt niet te zijn toegepast: de politicoloog staat nog altijd als gewoon hoogleraar (de hoogste graad) op de website van de faculteit Politieke Wetenschappen. Zeker is ook dat hij nog altijd actief is als wetenschapper. Navraag bij verschillende collega’s zowel aan de KU Leuven als elders leert dat niemand weet hoe het zit.

Misschien is daar, tot op een bepaalde hoogte, ook niets mis mee. Want de vraag over hoever een universiteit zou kunnen gaan in transparante communicatie over fraude valt eigenlijk uiteen in twee stukken: is het problematisch dat de interne onderzoeksprocedures in alle stilte en discretie gebeuren en is het problematisch dat uiteindelijke sancties even geheim blijven?

En het antwoord op beide vragen verschilt duidelijk. Dat ombudsdiensten, een interne waakhond en andere universitaire organen eerst uitspitten wat er nu precies is misgelopen en dat ze dat binnenskamers houden, daar heeft niemand een probleem mee. “Je wil een eerste signaal van malversaties natuurlijk niet meteen aan de grote klok hangen”, zegt een Leuvens academicus die ook een onderzoeksgroep leidt. “Want vergeet niet dat er in dit wereldje veel jaloezie is, zeker tegenover mensen die, zoals Marc Hooghe, uitzonderlijk grote bedragen aan onderzoeksgeld binnenhalen. Dan is het noodzakelijk om in de grootste discretie na te trekken of er iets aan de hand is en wat dan precies. Doe je dat niet, dan schaad je onnodig mensen.”

Eigen waakhonden

Ook Liliane Schoofs, vicerector onder vorig rector Rik Torfs, zegt: “Soms klinkt de kritiek dat zulke interne procedures beter door een extern panel zouden gebeuren. Wel, ik kan u verzekeren dat niemand zijn mond nog zou willen opendoen mocht dat het geval zijn. Vergis je ook niet: wetenschappers zijn hard voor elkaar. Niemand van hen wil dat de wetenschap beschadigd geraakt.”

Daarom is het geen probleem dat universiteiten dit soort klachten aanvankelijk binnenshuis proberen op te lossen, via hun eigen waakhonden. “In de meeste gevallen werken die commissies ook gewoon goed”, zegt wetenschapsfilosoof Gustaaf Cornelis, gespecialiseerd in wetenschappelijke integriteit.

Maar wat op het moment dat er dan uiteindelijk is besloten dat het ernstige feiten zijn waar de rector zelf en ook de tuchtcommissie zwaar aan tillen, zoals bijvoorbeeld in het dossier Hooghe? Blijft het ook dan best op alle niveaus doods stil?

Daar stellen verschillende mensen zich vragen bij. Ze vinden dat ook die sanctie geheim moet blijven omdat wetenschappers op een bepaalde manier kwetsbaar zijn. Omdat ze met publiek geld werken, kan het bij het minste vuiltje aan de lucht volledig gedaan zijn met hun onberispelijke reputatie en dus met hun carrière. “Slachtoffers of benadeelden hebben uiteraard wel recht op informatie over de conclusies en eventuele sancties”, zegt Schoofs. “Maar als iemand in een kmo iets zwaar mispeutert, staat dat niet altijd in de krant. Waarom dan wel bij een academicus?”

Daarom moet zo’n academicus, als die een sanctie aanvaardt en zich eraan houdt, een tweede kans krijgen, zo luidt de redenering. Zeker als het gaat om een eenmalige misstap. En dat lukt niet als de zaak in de media wordt uitgesmeerd.

Hoogleraar Marc Hooghe wordt genoemd in een zaak van wetenschapsfraude. Beeld ID Emy Elleboog

Andere insiders zijn het daar om een verschillende redenen hartsgrondig mee oneens. Zo zegt een gewoon hoogleraar: “Traag recht is geen recht. Dit duurt echt veel te lang. Want ondertussen zijn benadeelden gekraakt, zijn carrière gefnuikt of toch minstens aangetast. En ook heimelijk recht is geen recht. De bedoeling van de zo bewierookte transparantie is net dat minstens de benadeelden maar eigenlijk ook het publiek weet dat er iets heel erg misliep en het nu is rechtgezet.”

De belangrijkste reden waarom stilte over de sanctie niet opportuun is, zijn de benadeelden zelf: de ex-medewerkers van Hooghe die onder andere hun auteursnaam geschrapt zagen en die, ondanks grote angst voor represailles, naar ombudsdiensten en integriteitscommissies stapten.

De procedures voorzien niet dat zij worden ingelicht over een strafmaatregel. Maar Sels zelf liet in een reactie op het dossier-Hooghe weten ‘dat dat misschien anders moet.’

Eerder in zijn openingsspeech had hij het zelfs zo verwoord: “In ons tuchtregelement wordt ‘de graad van vertrouwelijkheid’ vrij absoluut en maximaal geïnterpreteerd. De behandelingsprocedure moet vertrouwelijk zijn, al was het maar omdat men onschuldig is tot het tegendeel bewezen is. Maar momenteel blijven zelfs de directe collega’s en mogelijk slachtoffers veelal in het ongewisse over de uiteindelijke uitspraak, het standpunt van de KU Leuven en de gevolgen die ze aan de inbreuk verbindt. Dat voedt gevoelens van onrechtvaardigheid en straffeloosheid.”

Zo wachten de medewerkers die klachten indienden nog op antwoord over de sanctie sinds de rapporten van de integriteitscommissies zijn afgewerkt, zo leert navraag door De Morgen.

En ondertussen is er, zoals Sels in zijn speech aangeeft, ook bij de collega’s frustratie ontstaan, zo blijkt uit een belronde. Enkelen geven dat ze ‘nu echt wel eens willen weten hoe het zit.’ Collega’s zeggen wel te begrijpen ‘dat het allemaal gevoelig ligt’, maar zijn tegelijkertijd verbaasd dat “alles zo strikt vertrouwelijk blijft dat werkelijk niemand weet of er nu een sanctie is genomen en wat die dan is”.

“Als het zo loopt, krijg je permanent een olifant in de kamer”, zegt nog een andere Leuvense professor met veel ervaring. “Dan is er van transparante communicatie geen sprake en het probleem daarmee is dat zoveel onduidelijkheid die lang aanhoudt alleen maar nog grotere doembeelden opwekt en onzekerheid en geroddel aanwakkert. Dat moet je volgens mij echt vermijden.”

Bovendien zijn er ook ‘indirect’ benadeelden, zegt nog een andere insider. “De medewerkers van Hooghe die met hem aan onderzoek werken waar helemaal niets mis mee is, ondervinden hier ook reputatieschade. Het is heel vervelend voor hen dat zij nu meegesleurd worden hierin zonder dat er een duidelijke maatregel wordt getroffen. Ook om die reden moet je daar helderheid in scheppen.”

Loepzuiver

En er is nog een reden voor meer transparantie tot bij het grote publiek: het feit dat onderzoekers met grotendeels publiek geld werken, zoals de fondsen van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek of de zeer rijkelijke grants van de European Research Council (ERC). “Als er echt sprake is van fraude met dat geld en van een patroon, dan is het alleen maar kies dat het publiek dat weet”, benadrukken verschillende academici in Leuven.

Anders krijg je een wel erg ongezond evenwicht waarbij topwetenschappers enerzijds flinke sommen kunnen ophalen maar daar anderzijds kunnen vals spelen zonder dat dat ooit het daglicht ziet.

“Dat is ethisch onaanvaardbaar”, zegt een professor. “Als ik een aanvraag indien voor zo’n prestigieuze ERC-grant, dan moet ik ongelooflijk veel formulieren over ethiek invullen. Want we doen onderzoek bij mensen en dan moet een ethisch loepzuivere aanpak natuurlijk centraal staan. Ook op dat punt eist ERC topkwaliteit. Maar van zodra het gaat over hoe je zelf intern met je eigen medewerkers omgaat, zou dan wel alles kunnen, inclusief intimidatie en fraude, zonder dat daarover iets naar buiten mag komen? Dat klopt gewoon niet.”

Hoe moet het dan wel? Want publieke schandpalen zijn natuurlijk ook niet wenselijk.

Eén duidelijk recept is er niet, want alle gevallen verschillen telkens en er lijkt er geen enkel perfect op een ander. Schandpaalscenario’s kun je volgens Cornelis wel vermijden door sneller driester in te grijpen.

“Het kan en mag allemaal wel binnen de academie blijven als er ook echt iets aan gedaan wordt”, zegt hij. “Maar als er zo’n grootschalig probleem wordt vastgesteld, kan iemand echt niet aan de universiteit blijven, ook al is het iemand die veel geld binnen brengt. Want de gevolgen van dat soort fraude kunnen omvangrijk zijn: assistenten kunnen hun vertrouwen verliezen in wetenschap, zelf foute dingen gaan doen, een depressie krijgen, of nog erger.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.